Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Nabijheid

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Nabijheid

2 minuten leestijd

„Ik ben zeer vrolijk in de Heere, mijn ziel verheugt zich in mijn God, want Hij heeft mij bekleed met de klederen des heils, de mantel der gerechtigheid heeft Hij mij omgedaan”.

Jesaja 61:10

Aan de andere kant kan deze geestelijke vreugde des geloofs in God ook in de ziel bestaan en zelfs het meest gesmaakt en ondervonden worden, dan wanneer Gods kinderen in tijden van druk, droefheid en zware tegenspoeden naar de wereld zijn.

Wanneer zij van de wereldse mensen gesmaad, gelasterd en vervolgd worden, dan kunnen zij zich nochtans, in de liefelijke nabijheid des Heeren en In het gelovig beschouwen en genieten van Hem zo verlustigen, en zich zo innig, geestelijken hartelijk verheugen en vermaken, dat zij al hun leed en droefheid zeer gemakkelijk verliezen en vergeten, en uitroepen met Gods volk (Habakuk 3:17): „Al hoewel de vijgeboom niet bloeien zal, en er geen vrucht aan de wijnstok zal zijn, dat het werk des olijfbooms liegen zal, en de velden geen spijze voortbrengen, dat men de kudde uit de kooien afscheuren zal, en dat er geen rund in de stalling wezen zal, zo zal ik nochtans van vreugde opspringen in de Heere; ik zal mij verheugen in de God mijns heils”.

Ja het kan dan zijn dat Gods kinderen de grootste smaadheden, vervolgingen en overlast van de wereld kunnen uitstaan, en zichzelf nochtans des te meer in de Heere mogen verblijden en verheugen, gelijk wij zo opgetekend vinden door de Apostelen (Handelingen 5:4): „Dat zij heengingen van het aangezicht van de raad, verblijd zijnde, dat zij waren waardig geacht geweest, om Zijns Naams wil smaadheid te lijden.

Theodorus van der Groe

(Uit: De waarachtige bekering)

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 oktober 1995

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Nabijheid

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 oktober 1995

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

PDF Bekijken