Bekijk het origineel

Door het onderste puntje van Nederland

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Door het onderste puntje van Nederland

Een dikzak in Kerkrade en glorieuze tongwerken in Maastricht

6 minuten leestijd

De provincie Limburg kent een grote verscheidenheid aan orgels. Die variatie is het gevolg van allerlei kerkelijke en politieke veranderingen. Bouwers van Belgische, Duitse en Nederlandse bodem hebben er hun kunnen getoond. Hoe krijg je dat allemaal bij elkaar?

Met de cd-box “Historische orgels in Limburg” is daartoe een poging ondernomen. Maar liefst zestien representatieve instrumenten passeren in vogelvlucht de revue. Twaalf musici, voornamelijk van Limburgse bodem, hebben hun muzikale krachten aan de zaak gegeven. Peter van Dijk is eigenlijk de enige niet-Limburger. Hij is als muziekregisseur wel nauw bij de opnames en montages betrokken geweest en het is daarom begrijpelijk dat hij ook een muzikale bijdrage levert. Met composities van Roberday en Daquin toont hij zich een enthousiaste speler. Een tikkeltje spontane flair kan hem niet worden ontzegd in Daquins muziek. Met name het Grand Orgue van het orgel in de St. Gerlachuskerk te Houthem-St. Gerlach inspireert tot luisteren.

Gronsveld

De opname in Gronsveld, met Peter Gelissen aan de klavieren, overtuigt bijzonder. Het rank klinkende orgel uit de St Martinuskerk is een wonder van schoonheid en wordt onder vertrouwde handen bespeeld in onbekende composities van Dumont, Babou en Fétis. De tongwerken krijgen in het registratiebeleid van Gelissen een ruime plaats toebedeeld. Dit is een bevallig orgel, dat direct in het hart wordt gesloten.

Anja Hendrikx staat haar mannetje in de Phantasie-Capriccio (Sonate no. 18) van Rheinberger op het orgel van de St. Augustinuskerk te Elsloo. Het is een van de weinige orgels waarbij de eenheid in klank niet verloren is gegaan als gevolg van wijzigingen in dispositie. Rheinberger luistert prettig in deze bescheiden uitvoering, maar een aanstekelijker vonkje was wat ons betreft niet erg geweest.

Wie de O.L.Vr.-basiliek te Maastricht bezoekt, treft een orgel aan met een fantastische klank. Naar onze overtuiging is de organist van de basiliek, Hans Leenders, iemand die de goede smaak en timing weet aan te brengen in muziek van Marchand en De Grigny. Hoewel hij de expressiviteit hier en daar wat uit zou kunnen buiten, mag het geheel niet saai worden genoemd.

Academisch

Dat gevaar komt wel een beetje om de hoek kijken bij het spel van Fons van der Linden. Wellicht is het de academische inslag die een wat gewone uitwerking op zijn verrichtingen heeft. Zowel in Beek (hervormde kerk) als in Geulle (St. Martinuskerk) is zijn techniek vooral in virtuoze passages nogal wisselend. Wel speelt hij goed in op de ruimte zonder dat zijn spel ritmisch onbetrouwbaar wordt.

Op het Teschemacher-oreel in de akoestisch arme hervormde Kerk te Vaals klinken twee werken van de grote Bach. In deze benepen ruimte ligt een extra zwaar accent op arriculatie en frasering en daar is collega Jo Louppen respectvol doorheen gekomen. Qua dispositie is ook het orgel in Missiehuis St. Jozef te Helden-Panningen bescheiden van omvang. Jean-Pierre Steyvers heeft hier muziek uitgekozen van de twee tegenpolen Franck en Lefébure- Wely. Direct al in Francks Grand Choeur en Ut majeur komen we onder de indruk van de allure die het instrument bezit, voornamelijk veroorzaakt door tongwerken. Steyvers voelt de muziek van Franck wel aan, hoewel hij zich geen overdreven vrijheden veroorlooft. Bolero de concert van Lefébure-Wely is voor een keer een leuk stuk, maar dan moet de buit wel in één keer binnen zijn.

Noorbeek

Wat een contrast levert dat CavaiUé- Coll/Mutin-orgel op met het Koulen-orgel in de St. Brigidakerk te Noorbeek. Hier wordt Francks Sortie en Ré majeur gespeeld door Sjef Streukens. Waarschijnlijk is de ruimte debet aan de glansloze klank van het orgel. Het meest valt nog te genieten van Kirchners milde Arioso. Toch willen we er begrip voor opbrengen dat het enige Koulen-orgel in dit project niet is overgeslagen.

Remy Syriër neemt zowel het orgel van de lutherse kerk als het orgel van de Nederlands gereformeerde kerk onder zijn hoede in werken van respectievelijk Cabanilles, Couperin en Pachelbel, Rossi en Buxtehude. Syriër is-een doordacht, vakkundig spelende musicus. We hoeven alleen maar te wijzen op de Fantasia in g van Pachelbel en de vier Correntes van Rossi om het verschil tussen orgelspelen en vertolken aan te tonen. Beide orgels hebben een frisse klank.

Daarentegen is het orgel in de St. Lambertuskerk te Kerkrade kortweg een dikzak. Sonate VI van F. Mendelssohn- Bartholdy geeft mooie mogelijkheden om het wel en wee van de klank naar voren te halen. Vooral de virtuoze passages hebben spanning bij de uitvoeringvan Marcel Verheggen. Zijn bijdrage in de St. Servaasbasiliek te Maastricht overtuigt ons echter meer. Met een duidelijke antenne voor Franse muziek is Verheggen als organist van de basiliek goed thuis in het klankenstelsel. Zijn symfonische inborst weet van de fragmentarische Fantaisie opus 101 van Saint-Saëns een verrassende eenheid te scheppen. Het orgel kent een penetrant maar ook een glorieus tongwerkenensemble.

In de St. Catharinakerk te Grevenbricht komt Rob Waltmans met een vrolijke Moretti. Hij past de juiste intentie toe bij het benaderen van instrument en compositie en gaat daar bezield mee om. Ten slotte komt Tjeu Zeijen serieus en zonder poeha met een mooi programma vanuit de St. Augustinuskerk te Geleen en het St. Salviuskerkje te Limbricht met werken van Boely, Saint-Saëns, Pachelbel, Bach(?) en Travers.

Tjeu Zeijen heeft in zijn spel ook iets eigens. Vooral de Fantaisie opus 157 is best een fraaie klankschildering. Ondanks de correcte uitvoering moet eveneens worden vermeld dat Zeijen nu en dan erg lang wacht voordat hij verder gaat met een volgende passage. Het onderlinge verband wordt zo enigszins verstoord. Pachelbels Toccata wordt kittig vertolkt.

Orgeltocht

Het zal inmiddels duidelijk zijn dat we een complete orgeltocht hebben gemaakt door Limburg. Niveauverschillen zijn in zo’n uitgebreide vorm onvermijdelijk. De waardering neemt echter stap voor stap toe wanneer er tijd voor beluisteren en verdieping wordt uitgetrokken. Dit wordt nog eens kracht bijgezet als er muziek wordt gekozen die in verreweg de meeste gevallen de klank van het inscrument dient. Dat is de sterke kant van dit produkt. Bovendien geeft het tekstboekje ruime informatie, met een foto van elk orgel. Het zou overigens niet hebben misstaan als er een apart boekje zou zijn uitgegeven met een samenbundeling van die artikelen die als bron hebben gefungeerd ter beschrijving van elk instrument. De ze opmerking mag vooral worden gezien als een spontane wens die het waarderingsproces vergezelde.

Een andere wens is dat luisteraars uit hun stoel worden getrokken en -aangezet door dit document- Limburg gaan bezoeken, want dat verdienen onze Limburgse orgelvrienden. Als finale nog een flinke duim omhoog in de richting van dê opnametechnici.

N.a.v. ”Historische orgels in Limburg”; TSJ CD 9503/9504/9505; DDD.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 oktober 1995

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Door het onderste puntje van Nederland

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 oktober 1995

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

PDF Bekijken