Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Wetenschap stort zich op verldezingscampagne

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Wetenschap stort zich op verldezingscampagne

Liever geen Amerilcaanse toestanden, maar echte communicatie tussen de groepen kiezers en gekozenen

7 minuten leestijd

De wetenschap heeft zich als nooit tevoren gestort op de in 1994 gehouden campagne voor de kamerverkiezingen. De opgetreden verschuivingen (onder andere twintig zetels verlies voor liet CDA) zijn immers van historische betekenis. Dat is voer voor politicologen en communicatiedeskundigen. Het is de vraag of de kiezers en de politieke partijen uit de wetenschappelijke analyses hun lessen zullen leren.

In “Democratie op drift” brengt een team onderzoekers van de Vrije Universiteit en de Universiteit van Amsterdam verslag uit van hun systematisch onderzoek naar de gevoerde campagnes. De berichtgeving over deze campagnes is door de onderzoekers gedetailleerd in kaart gebracht. Daardoor krijgen de wetenschappers een beeld van de effecten die de berichtgeving op de kiezers heeft.

De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat de verkiezingsuitslag structureel sterk beïnvloed wordt doordat kiezers gevoelig zijn voor nieuwsgolven. De WD doet het in de verkiezingen voor Provinciale Staten in maart 1994 voortreffelijk. Die verkiezingen volgden op eeweek waarin politiek leider Bolkestein voortdurend in het centrum van de media-aandacht stond met uitspraken over asielzoekers die goed vielen bij een groot deel van de bevolking.

De democratie in Nederland lijkt op drift. Niet eerder in de Nederlandse geschiedenis is aangetoond dat een week nieuws zulke grote gevolgen kan hebben. De onderzoekers komen tot de conclusie dat kiezers niet langer bereid zijn op hegezag van hun kerk, vakbond of vereniging hun politieke keus te ma ken. Ook partijen hebben meer mogelijkheden om de kiezers te bereiken en beperken zich in hun werving niet meer tot hun eigen zuil.

Gevaar

De onderzoekers zien gevaar in de op drift geraakte democratie. Het gevaar is dat niet de voorafgaande vier jaren de uitslag van de verkiezingen bepalen, maar dat de vier maanden voor de verkiezingen beslissend worden. Dus worden partijen niet meer afgerekend op hun beleid in de achteriiggende jaren, maar op de mate waarin hun goed in de media overkomende politici goed in het gehoor liggende ‘issues’ de ether inslingeren.

In “Verkoop van de politiek” constateren wetenschappers van de Vrije Universiteit en de Universiteit van Amsterdam dat de politici zich in de verldezingscampagne in 1994 niet in amusementsprogramma’s stortten. Zij richtten zich veel meer op de informatieve tv-programma’s. Zelfs in de populaire talkshows gaven ze maar weinig acte de presence. Opvallend is dat het televisienieuws, ondanks de presentie van politici in informatieve programma’s, steeds minder aandacht besteedt aan de inhoudelijke standpunten van de politieke partijen. Het NOS-Joumaal bracht in 1994 slechts 35 procent inhoudelijk nieuws over de campagne. Dat was in 1986 nog 41 procent en in 1986 51 procent. De aandacht verschoof dus van de politieke inhoud naar de politieke presentatie, liever: naar de politici zelf.

Amerikaans

Die verschuiving in combinatie met de constatering van deze auteurs dat het tv-nieuws een steeds belangrijker rol speelt in verkiezingscampagnes, moet wel tot de conclusie leiden dat ons land in toenemende mate rijp wordt voor Amerikaans getinte campagnes; campagnes, zoals Clinton en Perrot tijdens de laatste presidentsverkiezingen in de Verenigde Staten hebben gevoerd.

Die campagnes stonden voor de PvdA model en de sociaal-democra ten hebben daarmee in 1994 succes geboekt, in die zin dat het zetelverlies aanzienlijk beperkter was dan in de peilingen was voorspeld. De PvdA had ook succes met het gebruik van de lokale media. De onderzoekers menen dat het belang van deze lokale zenders zal toenemen nu het mogelijk is om bij deze omroepen reclamezendtijd te kopen. Ook de WD liet zich door het Amerikaanse campagnemodel inspireren. Maar de liberalen voerden een veel minder personalistische campagne dan de PvdA (Kies Kok). De WD zocht het veel meer in uitgesproken standpunten, zoals over het ministelsel en de asielzoekers, waarmee ze veel kiezers op hun gevoel aanspraken.

Roddelpers

Daarnaast verschenen WD’ ers vaak in amusementsprogramma’s op tv, zelfs meer dan in het nieuws of in actualiteitenrubrieken. Ten slotte liet Bolkestein zich een aantal keren door de roddelpers interviewen en dat had een positief effect op de lezers van die bladen, zo constateer den de Amsterdamse wetenschappers.

De onderzoekers komen tot de opvallende conclusie dat de campagnes van PvdA en WD veel sterker beïnvloed zijn door het Amerikaanse voorbeeld dan de daarom zo verguisde CDA-campagne, waarin lijsttrekker Brinkman centraal stond. Het is onder andere de figuur van de lijsttrekker geweest die het CDA het grote zetelverlies in de Tweede Kamer heeft bezorgd. Terwijl Brinkman in de ogen van het publiek tussen januari en april 1994 steeds minder overkwam als sympathiek en als een echt leider, stegen Bolkestein en (vooral) Kok met sprongen op het gebied van deze kwalificaties.

De ‘veramerikanisering’ van de verkiezingscampagnes is op zichzelf een verontrustende trend. De onderzoekers hebben dat in dit boek aangetoond, zonder overigens tot voorstellen te komen die een ommekeer in deze trend kunnen bewerkstelligen. Het valt te vrezen dat zo’n terugkeer niet meer mogelijk is en dat de grote politieke partijen hierbij ook geen belang hebben. Het gevolg is dat de kleine(re) partijen, die veel meer werven op grond van politieke principes, in een verkiezingscampagne naar de marge zullen worden gedrongen door het theatraal geweld van de grote partijen.

Orde

Het boek “Politieke communicatie in Nederland” probeert enige orde te scheppen in de verwarring die in ons land tussen politieke partijen en kiezers is ontstaan. Door het grotendeels verdwijnen van de verzuiling kunnen de partijen en hun politici niet meer rekenen op een grote vaste achterban. Politici, wetenschappers en voorlichters komen in dit boek aan het woord. De Amsterdamse wetenschapper Scholten beveelt partijen aan permanent contact met de kiezers te onderhouden en dat contact dus niet te beperken tot een korte en meestentijds heftige periode, vlak voor de verkiezingen.

Na lezing van deze drie boeken rijst de vraag of alle politici, voorlichters, communicatiedeskundigen en politicologen wel in de gaten hebben dat er voor communicatie ten minste twee partijen nodig zijn. In de drie boeken komen de kiezers nauwelijks aan bod. Maar wat hebben we aan wetenschappelijke analyses van een verkiezingscampagne als daarin nagenoeg alleen maar het aanbod en nauwelijks de vraagkant aan bod komt. Politici moeten kiezers niet alleen de indruk geven dat ze kunnen luisteren, maar dat ook daadwerkelijk doen.

Dat is echter een gave die maar weinig politici van huis uit hebben. Ze blijken, volgens deze boeken, ook weinig moeite te doen om zich die kunst eigen te maken. Kennelijk zijn politici wel in de stem van kiezers geïnteresseerd, maar niet in hun mening. Niet dat politieke partijen hun uitgangspunten of beginselen moeten offeren op het altaar van de kiezersgunst. Maar het is wel zaak dat de partijen telkens maar weer, op grond van het luisteren naar de kiezers, hun beginselen vertalen in praktisch politiek handelen.

Wat zou het mooi zijn als Nederlandse politici nu eens niet Amerikaanse toestanden kopieerden, maar op een oer-Hollandse manier met hun kiezers in dialoog gingen. Dat betekent naar de mening van kiezers vragen, goed luisteren, en ook eerlijk vertellen waarom ze de opvattingen van kiezers wel of niet in hun beleid of hun. programma kunnen verdisconteren.

N.a.v. “Democratie op drift. Een evaluatie van de verkiezingscampagne 1994”, door J. Kleinnijenhuis e.a.; uitg. VU, Amsterdam, 1995. 228 blz.; ƒ 45,00; “Verkoop van de politiek. De verkie zingscampagne van 1994”, door K. Brants en P. van Praag (red.); uitg. Het Spinhuis, Amsterdam, 1995. 260 blz.; ƒ 37,50;

”Politieke communicatie in Nederland. Over campagnes, kandidaten en media”, door N. P. G. W. M. Kramer (red.); uitg. SDU, Den Haag, 1995. 202 blz.; ƒ 39,90.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Tuesday 9 July 1996

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Wetenschap stort zich op verldezingscampagne

Bekijk de hele uitgave van Tuesday 9 July 1996

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken