Bekijk het origineel

Moboetoe of de chaos

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Moboetoe of de chaos

Westen lijkt machteloos bij geweld in Centraal-Afrika

10 minuten leestijd

DEN HAAG - „L’état c’est moi” (de Staat ben ik). Deze woorden van de Franse koning Lodewijk XIV maakte de Zaïrese president, Moboetoe, tot de zijne. Het lijkt dan ook symbolisch dat terwijl de president een ernstig zieke en uitgeputte indruk maakt, de Zaïrese staat eveneens een zware crisis doormaakt: Oost-Zaü* staat in brand, bijna een müjoen mensen is op de vlucht Buurlanden zoals Roeanda, Boeroendi en Oeganda hebben er baat bij als de “luipaard” van het toneel verdwijnt

Ruim dertig jaar geleden trok maarschalk Moboetoe Sese Seko alle macht naar zicht toe in Zaïre. Tegenstanders werden een voor een opgeruimd of naar het buitenland gejaagd. Andere opposanten lieten zich tegen een forse betaling monddood maken. Enkele jaren geleden zei Moboetoe tegen een interviewer:

„Gedurende mijn periode als president heb ik hard gewerkt om vrede, eenheid en veiligheid te creëren. In welk Afrikaans land worden de mensenrechten beter nageleefd dan in Zaïre? Toen ik in 1965 aan de macht kwam, erfde ik het Belgische politieke systeem: een systeem dat totaal corrupt was”.

Het Amerikaanse zakenblad Fortune schat Moboetoes vermogen op 1,5 miljard gulden. Overigens wel verklaarbaar omdat in Zaïre sinds de nationalisering van de economie in de jaren zeventig de belangrijkste industrieën aan “de gids” toebehoren. Het gaat echter niet goed met Moboetoe sinds hij op 15 augustus richting Zwitserland vertrok voor een behandeling vanwege prostaatkanker.

Strijd

Moboetoes vertrek naar Zwitserland valt samen met een intensivering van de militaire acties vanaf Zaïrese bodem van Hoetoe-extremisten tegen het bewind in buurland Roeanda.

Midden 1994 vluchten bijna twee rhiljoen Hoetoes richting Zaïre. In een uiterste poging een machtsovername door het rebellenleger van het Roeandees Patriottisch Front (RPF) te voorkomen, creëert de zittende regering een hetze tegen de Toetsi’s. Deze bevolkingsgroep vertegenwoordigt circa 15 procent van het Roeandese volk, maar vertolkt een meerderheid binnen het RPF. Het resultaat: massale gekte.

In een paar weken tijd wordt circa één miljoen Roeandezen vermoord, voornamelijk Toetsi’s. De goed gedisciplineerde rebellen van het RPF weten in de ontstane chaos de macht te grijpen. Het oude regime, of wat daarvan over is, vlucht naar buurlanden zoals Tanzania en Zaïre, een deel vèn het volk met zich meenemend.

Vooral in Zaïre slagen de Hoetoeextremisten erin de vluchtelingenkampen in hun macht te krijgen.

Daar worden onder het toeziend oog van westerse hulpverleners Hoetoes getraind voor de gewapende strijd tegen het nieuwe regime in Roeanda. Het RPF weigert met de Hoetoeleiders te onderhandelen over machtsdeling. „We praten niet met de leiders van een genocide”, is de vaste reactie. Zo ontstaat een patsteUing: een tijdbom tikt.

Opsplitsing

Vanaf de achttiende eeuw regeerden Roeandese koningen in Centraal-Afrika een gebied met de omvang van het huidige Roeanda, Boeroendi en delen van Zaïre en Oeganda. Begin deze eeuw besloten de westerse kolonisatoren dat rijk op te splitsen. Op die manier kwamen Toetsi’s te wonen in Oeganda en Zaïre, waar ze Banyamulenge worden genoemd. De Belgen haalden vanaf 1910 nog eens tienduizenden Toetsi’s naar Zaïre omdat ze doorgaans ondernemender en succesvoller het land verbouwden dan de oorspronkelijke bevolking. Zij kregen de naam Banyarwanda.

Richting Oeganda vluchtten vooral in de jaren zestig honderdduizenden Toetsi’s omdat ze na de onafhankelijkheid werden vervolgd door de Hoetoe-meerderheid. Tot die onafhankelijkheid domineerden de Toetsi’s juist altijd de Hoetoes, maar de Belgen vonden het kort voor de machtsoverdracht noodzakelijk deze machtsongelijkheid te corrigeren. In drie jaar tijd worden de rollen vervolgens met Belgische steun omgedraaid.

Boeroendi

Buurland Boeroendi blijft vooralsnog verstoken van zo’n radicale ommezwaai. Daar bhjven de Toetsi’s ondanks hun numerieke minderheid politiek dominant. Totdat de Toetsi-president, Pierre Buyoya, in 1993 de door hemzelf georganiseerde verkiezingen verliest tegen de Hoetoe Ndadaya. Deze begint ras aan een hervormingsproces om de Hoetoes beter in het leger en het ambtelijke apparaat vertegenwoordigd te krijgen.

Het door Toetsi’s gedomineerde leger sputtert tegen: Ndadaya wordt vermoord. Zijn opvolger mist voldoend leiderschap om het land bijeen te houden. Hoetoe-extremisten starten een guerrilla en eisen alle macht op. De Toetsi’s voelen zich meer en meer in het nauw gedreven. Afgelopen juli pleegt het leger een coup en komt Buyoya weer aan de macht.

Naar het voorbeeld van de voormalige Zuid-Afrikaanse president De Klerk wil hij in zijn land verzoening realiseren. Een haast onmogelijke opgave, zo lijkt het: de wereld weigert zijn regime te erkennen en wil de gekozen president terug. De oppositie sluit zich voor een deel aan bij de Hoetoe-rebellen en Toetsi-extremisten vinden Buyoya een “verrader”.

Leider

In Roeanda is twee jaar terug weliswaar de Toetsi-macht voor een deel hersteld, maar ook daar heerst onzekerheid. Aanhangers van de voormalige machthebbers veroorzaken continu onrust met militaire acties vanuit buurland Zaïre. Enkele prominente Hoetoes nemen afstand van het RPF-bewind en sluiten zich aan bij de oppositie. En hoewel een Hoetoe president is, lijkt de werkelijke macht te berusten bij vice-president en minister van defensie Paul Kagama.

Deze arriveerde in de jaren zestig met een massale exodus van Roeandese Toetsi’s in Oeganda. Op jeugdige leeftijd sluit hij zich aan bij het rebellenleger van de huidige Oegandese president, Museveni, dat in 1986 de macht grijpt. Vier jaar later start een groep Toetsi’s onder leiding van de voormalige Oegandese legerleider Rwigyema, eveneens een Toetsi, een gewapende strijd tegen de machthebbers in Roeanda.

Rwigyema wordt op de tweede dag van de aanval gedood. Een enorme slag voor de Oegandese Banyarwanda. Kagama, net voor militaire bijscholing in Amerika, neemt de leiding van de RPF-rebellen over. Acht jaar later wordt hij de facto de leider van Roeanda.

Moeilijker

Intussen krijgen de Toetsi’s in Zaïre het steeds zwaarder te verduren. Continu worden ze aangevallen door de in hetzelfde gebied verblijvende Hoetoe-extremisten en soldaten van het Zaïrese leger. Twee maanden geleden vluchtten enkele tienduizenden Toetsi’s richting Roeanda. Daar krijgt de intelligente en mediaschuwe Kagama zo langzamerhand schoon genoeg van de continue aanvallen vanaf Zaïrees grondgebied en zegt: „J3e architecten van de volkerenmoord. De milities die de genocide uitvoerden en de resten van het voormalige regeringsleger blijven ons bedreigen vanuit Zaïre. Daar moet een eind aan komen”.

Ook westerse hulpverleners beschouwen het als hinderlijk dat de „Roeandese Goebbels en Himmlers” open en bloot de leiding over de vluchtelingenkampen naar zich toetrekken. Frankrijk, toch altijd al nauw verbonden geweest met de vroegere machthebbers, zou de Hoetoe-milities zelfs in het geheim militair onderricht geven. Roeanda traint ondertussen Zaïrese Toetsi’s in de guerrilla-oorlogvoering.

De voortdurende afwezigheid van Moboetoe, de daardoor toenemende onzekerheid in het land, gevoegd bij de escalerende militaire operaties vanuit de vluchtelingenkampen richting Roeanda, doen Kagama blijkbaar de knoop doorhakken: actie is gewenst.

Aanvallen

In nauwelijks twee weken tijd boeken de Toetsi-rebellen militair succes op succes. Het Zaïrese leger lijkt zich meer bezig te houden met plunderingen dan met het verdedigen van het grondgebied en slaat op de vlucht. Het grootste verzet lijkt geleverd te worden door de Hoetoeextremisten uit de vluchtelingenkampen.

Voor hen staat dan ook veel op het spel. De gevolgen van de gevechten zijn desastreus: honderdduizenden vluchtelingen geraken op drift. De wereld kijkt toe: president Clinton is op verkiezingscampagne en de Franse president, Chirac, heeft het tegenwoordig te druk met de Palestijnse zaak om zich nog te bemoeien met Afrika. Ook de landen op het continent zelf laten het zoals gebruikelijk afweten: mooie woorden, geen actie.

De vraag is wat de rebellen in Zaïre precies willen bereiken. Sommige waarnemers houden het op het creëren van een soort bufferzone voor Roeanda en Boeroendi, zodat het is afgelopen met de ‘hinderlijke’ militiare aanvallen van de Hoetoegroeperingen. Andere waarnemers zien een groter plan: het omverwerpen van Moboetoe zelf. Dat zou niet alleen bij de huidige machthebbers in Roeanda en Boeroendi goed vallen, maar dat zou ook de Oegandese president Museveni goed doen. Hij is het namelijk nog niet vergeten hoe Moboetoe eind jaren tachtig opposanten tegen zijn regime ondersteunde.

Machtswisseling

Maar staat Zaïre op het punt van een machtswisseling? En vooral: door wie? Onder Afrika-kenners spelen een aantal scenario’s. Het eerste is: als de gevechten langs de Roeandese grens wat wegebben, keert Moboetoe terug als de grote redder van de natie. Niet geheel onwaarschijnlijk. Aan de andere kant blijft Moboetoe wel erg lang weg en de berichten die over zijn ziekte naar buiten komen, zijn niet erg gunstig: uitzaaiingen naar de keel.

Een tweede scenario is een mili taire coup. De’ vraag is dan: Door wie? Want Zaïre heeft de beschikking over drie militaire krachten: het leger, de civiele garde en de presidentiële garde. Het leger is ongemotiveerd en slecht gedisciplineerd. De civiele garde mist krachtige wapens en is vooral geschikt om vreedzame demonstraties neer te slaan. De presidentiële bestaat daarentegen uit goed gemotiveerde en getrainde soldaten. Hun leider is generaal Nzimbi, familie van Moboetoe.

Het is opvallend dat Nzimbi vorige week weigerde zijn eenheden naar het Roeandese grensgebied te sturen. Waarschijnlijk heeft hij zijn beste soldaten liever in de buurt voor als er iets in hoofdstad Kinsjasa mocht gebeuren.

Een slachtoffer van de onrust lijkt premier Kengo wa Dondo te worden. Deze wordt verweten slap op te treden tegen de „militaire inval door buurland Roeanda”. Tevens heeft de premier een Toetsi-moeder, momenteel geen voordeel in Zaïre. Een mogelijkheid is zelfs dat het leger een overeenkomst sluit met oppositieleider Etienne Tshisekedi om zo de steun van het volk voor een succesvolle militaire operatie tegen de “Toetsi-rebellen” te winnen.

Rebellen

Het derde scenario is dat de opstandeUngen, door de huidige successen en door een mogelijk massale desertie van het regeringsleger, op kunnen stomen naar Kinsjasa. Deze week riep plotsehng Laurant Kabila zich uit tot leider van de opstand. Kabila leidde in 1965 een van de diverse groepjes die zich gewapenderhand verzette tegen de machtsovername door Moboetoe.

De meesten waren slecht voorbereid en gaven al snel op. Alleen de groep van Kabila, de Revolutionaire Volkspartij, wist te overleven in het bergachtige gebied nabij het meer van Tanganika.

Af en toe werd van zijn groep een teken van leven vernomen, m3ar de laatste jaren was het opmerkelijk stil. De Belgische Afrika-expert en journalist van De Standaard Axel Buyse, zegt: „Kabila was ideologisch niet makkelijk te vatten. Het was meer een soort Afrikaans nationahsme”. Nu beweert Kabila leider te zijn van de Alliantie van de Democratische Krachten voor de Bevrijding van Congo-Zaïre. „JEr is niet langer sprake van een rebellie van de Banyamulenge”, zegt hij, „we vechten voor de bevrijding van heel Zaïre. Ons doel is niet Kinsjasa, maar Gbadolite (waar president Moboetoes presidentiële paleis staat)”.

Buyse verwacht niet dat Kabila’s rebellen erin zullen slagen in Zaïre de macht te grijpen: „Wel vree ik dat de strijd een lont heeft aangestoken die wellicht uitmondt in een nieuwe genocide”.

Interventie

Wat kan het Westen doen, zo luidt de vraag. Volgens Richard Dowden, redacteur van het gerenommeerde Engelse weekblad “TheEconomist”, is dat weinig: „Alleen een goed georganiseerde en goed bewapende multinationale legermacht kan met succes interveniëren en voor de vluchtelingen veilige havens creëren. Maar die zal daar lang aanwezig moeten zijn en veel geld kosten. En het redt alleen mensenlevens. Het zal geen vrede opleveren. Een snelle oplossing van buitenaf is onmogelijk en zal zelfs desastreus blijken te zijn. De fouten gemaakt in Roeanda, waar vluchtelingen en hulporganisaties pionnen werden van lokale politici, mogen niet worden herhaald”.

Dowden vraagt zich zelfs af of de buitenwereld de ontwikkelingen zal kunnen beïnvloeden: „JEen goed geïnformeerd en goed ondersteund internationaal team van onderhandelaars is op een dag wellicht succesvol. Maar anderen moeten beseffen dat er geen directe oplossingen zijn en moeten vooral niet proberen die op te leggen”.

Het zou een somber scenario zijn. Een wereld die machteloos toekijkt terwijl Zaïre uit elkaar valt, met het gevaar dat de oorlog als een soort kettingreactie overslaat naar buurland Angola, dat net na jarenlange strijd lijkt te genieten van een adempauze. Alleen Roeanda en Boeroendi spinnen garen bij zo’n scenario.

Want daar krijgen de machthebbers in zo’n geval een militaire stabiliteit, waardoor ze hun momenteel wankele politieke machtsbasis kunnen versterken.

Zaïre is intussen zonder de “gids” stuurloos. Daarmee lijkt op bizarte wijze Moboetoes lijfspreuk werkelijkheid te worden: „Ik of de chaos!” I i

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 november 1996

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Moboetoe of de chaos

Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 november 1996

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken