Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Werken aan een stabiel bekken

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Werken aan een stabiel bekken

Zoeken naar oplossingen voor zwangeren succesvol, maar toename problemen zorgelijk

10 minuten leestijd

Vrouwen die aan hun zwangerschap een instabiel bekken hebben overgehouden, zijn niet te benijden. Vierentwintig uur per dag pijn lijden valt niet mee. Maar gelukkig wordt er door artsen hard gewerkt aan mogelijke oplossingen.

Zo ontwierp gynaecoloog dr. P. W. J. van Dongen uit het Academisch Ziekenhuis Nijmegen St.- Radboud een test voor het stellen van de juiste diagnose. Revalidatiearts drs. J. Mens van het Spine & Joint Centre in Rotterdam ontwikkelde een spiertraining met bemoedigende resultaten. En in het Academisch Ziekenhuis Leiden heeft traumachimrg dr. A. B. van Vugt met succes een aantal vrouwen voorzien van enig inwendig ijzerwerk zodat ze weer stabiel en pijnvrij op hun benen kunnen staan.

Mieke Terpstra (de naam is gefingeerd - WvH) was zeer gelukkig toen ze voor de vierde keer zwanger raakte. Na de bekende ongemakken in de eerste maanden ging het al snel beter. Mieke voelde zich prima en alles leek goed te gaan. Totdat ze in de tweede helft van haar zwangerschap steeds meer pijn kreeg in het onderste deel van haar rug. Soms voelde ze ook een hevige pijnscheut ter hoogte van haar schaambeen. Een vreemde gewaarwording was ook het wankele gevoel in haar benen. Tijdens eerdere zwangerschappen had ze er nooit last van gehad.

Ze meldde de klachten bij de verloskundige, die haar verwees naar de gynaecoloog. De vrouwenarts stelde vast dat Mieke last had van een instabiel bekken. Ze moest haar leven aanpassen. Alleen in huis mocht ze nog voorzichtig lopen. Buiten wandelen, boodschappen doen en tillen waren voorlopig verboden. Traplopen mocht niet meer. Mieke moest zich voortaan ruggelings zittend op een traprede omhoogwerken en zich met handen en voeten tegelijk opdrukken. Dagelijks hield ze enkele uren bedrust om de bekkenbanden te laten rusten.

Miekes gynaecoloog adviseerde om per keizersnee te bevallen. Het bekken zou dan minder worden belast. Zo gebeurde het ook. De ingreep verliep gelukkig voorspoedig. Mieke en haar man mochten er een gezonde zoon bij krijgen. Na de bevalling hield Mieke zich nog enkele maanden aan de leefvoorschriften, waarna de pijnklachten langzamerhand afnamen en ten slotte helemaal verdwenen.

Minder gelukkig

Helaas zijn niet alle vrouwen met bekkeninstabiliteit zo gelukkig, weet Adelheid den Hollander, voorzitster van de Vereniging voor bekkenproblemen in relatie tot symfysiolyse. De vereniging organiseert in samenwerking met de Erasmus Universiteit komende zaterdag in het Congresgebouw in Den Haag een symposium over de problemen rond bekkeninstabiliteit. Sprekers zijn onder meer arts-onderzoeker drs. J. Mens, verbonden aan het Spine & Joint Centre in Rotterdam, de anatoom dr. A. Vleeming (Erasmus Universiteit en directeur van het Spine & Joint Centre), gynaecoloog dr. P. W. J. van Dongen (Academisch Ziekenhuis Nijmegen St.- Radboud), traumachirurg dr. A. B. van Vugt (Academisch Ziekenhuis Leiden) en communicatiedeskundige mevrouw L Bouwman.

Voorkomen

Bekkeninstabiliteit komt volgens mevrouw Den Hollander in lichte of ernstige mate voor bij ongeveer een kwart van de 200.000 jaarlijkse zwangerschappen in Nederland. Zo’n duizend vrouwen herstellen na de bevalling niet of onvoldoende. Ze houden pijn in rug, bekken en benen. In ernstige gevallen slepen ze zich voort op krukken of zitten in een rolstoel en moeten dagelijks urenlang liggen om eventjes vooruit te kunnen. De deur komen ze vrijwel niet meer uit.

Over de oorzaken van bekkeninstabiliteit is nog weinig bekend, zegt mevrouw Den Hollander. Zie noemt wel een aantal risicofactoren die afzonderlijk of in combinatie met elkaar mogelijk een rol spelen: zwaar werk, intensieve sportbeoefening en hypermobiliteit van de gewrichten, gebruik van hormonen ter voorkoming van zwangerschap of juist om zwanger te worden, het bevallen op oudere leeftijd (een maatschappelijke trend) en bevallen met behulp van een tang of vacuümextractie.

Er is volgens de voorzister van de vereniging voor vrouwen met een instabiel bekken echter nog veel onderzoek nodig, voordat er met meer zekerheid iets over de oorzaken van bekkeninstabiliteit kan worden gezegd.

Vanuit de praktijk is echter wel een aantal opvallende zaken te melden. Mevrouw Den Hollander: „Onze vereniging telt zo’n drieduizend leden en daarnaast nog vele honderden donateurs. Daaronder zijn opvallend veel vrouwen met zware beroepen. Ze hebben gewerkt als verpleegkundige, politieagente, advocate (sjouwen met dossiers), in het leger of deden intensief aan sportbeoefening. De ken bijvoorbeeld een echte carrièrevrouw die de veertig inmiddels gepasseerd is. Op een gegeven moment wilde ze graag een kind. Ze kon echter alleen nog zwanger worden met behulp van hormonen. Vervolgens kreeg ze een instabiel bekken met alle daaraan verbonden problemen”.

Persoonlijk heeft mevrouw Den Hollander het niet erg op hormonen. „Ik ben er huiverig voor, maar wil tegelijk voorzichtig zijn. Er zijn echter vermoedens dat jarenlang pilgebruik een negatieve invloed heeft op de gewrichtsbanden van het bekken. Het probleem is: we slikken zo veel, maar we weten nog onvoldoende wat dit op langere termijn voor uitwerking heeft. Er wordt nu een literatuuronderzoek gedaan door de vakgroepen farmacie aan de universiteiten van Utrecht en Groningen. Wellicht levert dit concrete aanknopingspunten op”.

Vanuit de diergeneeskunde is in ieder geval al wel meer bekend. Koeien krijgen tegenwoordig ook hormonen omdat boeren het moment van kalven zelf willen bepalen. Inmiddels is vastgesteld dat dit leidt tot een slechtere kwaliteit van het bindweefsel van de moederkoe. Den Hollander: „Ook onder koeien komt bekkeninstabiliteit meer voor dan vroeger. Boeren zeggen dan na het kalven: het bekken is gebroken. Vervolgens wordt het met klemmen vastgezet. Geneest de zaak niet goed, dan verhuist de koe naar het slachthuis”.

Relaxine

Tijdens de zwangerschap produceert de vrouw het hormoon relaxine. Dit zorgt ervoor dat de banden waarmee de bekkendelen via kraakbeen aan elkaar zijn verbonden, soepel worden en het bekken beweeglijker, waardoor het kind makkelijker ter wereld komt.

De drie belangrijke bekkengewrichten zijn de symfyse (de verbinding aan de voorkant tussen de beide schaambeenderen) en de twee sacro-ileacale gewrichten aan de achterzijde van het bekken boven het heupgevwicht. Vooral de symfyse wordt tijdens de bevalling opgerekt doordat het hoofdje van het kind door de verhoudingsgewijs nauwe bekkenuitgang naar buiten moet.

Als echter het verwekingsproces van het kraakbeen en de gewrichtsbanden te ver doorschiet, ontstaan er vaak al tijdens de zwangerschap problemen en is goede voorlichting en medische begeleiding nodig. Helaas ontbreekt het daar nogal eens aan, zo blijkt uit onderzoek dat in Nijmegen werd gedaan door Ingeborg Bouwman. Zij studeerde communicatiewetenschappen aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Ongeveer de helft van de vrouwen met bekkeninstabiliteit werd niet goed behandeld. De klachten werden door huisartsen en gynaecologen onvoldoende onderkend, het verwijsbeleid deugde niet en/of er werd een verkeerde therapie gegeven. Den Hollander: „Een onjuiste aanpak kan tot onherstelbare beschadigingen leiden van de banden van de bekkengewrichten, waardoor vrouwen zelfs gehandicapt kunnen raken”.

Diagnose

De behandeling van bekkeninstabiliteit staat of valt met een goede diagnose. Gynaecoloog dr. P. W. J. van Dongen, die inmiddels vele honderden vrouwen met bekkeninstabiliteit heeft gezien, ontwikkelde daarvoor een aantal tests in combinatie met een ingenieus puntensysteem waarmee vrouwenartsen in de praktijk kunnen werken. Zo kunnen zij vaststellen welke maatregelen genomen moeten worden om erger te voorkomen en of een keizersnee geadviseerd moet worden. Van Dongen: „Een keizersnee bij vrouwen met ernstig invaliderende klachten kan een oplossing bieden. Het kind schiet dan tenminste niet als een kanonskogel door het bekken”.

De Nijmeegse vrouwenarts waarschuwt voor een verlossing met behulp van tangen of vacuümextractie, omdat er dan meer kracht komt te staan op de symfyse en deze verder uit elkaar wordt gedrukt, een effect dat juist bij vrouwen met een instabiel bekken veel extra schade kan veroorzaken.

Rond de keizersnede signaleert mevrouw Den Hollander nog wel een knelpunt. „Een gynaecoloog mag maar een bepaald aantal keizersneden per jaar verrichten. Als hij boven zijn budget uitkomt, ontstaan er financiële problemen. Dat heeft er in een aantal gevallen toe geleid dat artsen te terughoudend zijn op dit punt. De ken vrouwen die naar Engeland zijn gegaan om daar een sectio te ondergaan. Ze moesten de ingreep dan natuurlijk wel zelf betalen”.

In het Rotterdamse Spine & Joint Centre is inmiddels veel ervaring opgedaan met de behandeling van vrouwen met een instabiel bekken. Tijdens de zwangerschap kan een bekkenband een belangrijk hulpmiddel zijn, in combinatie met leefregels. Een spiertraining, ontwikkeld door arts-onderzoeker J. Mens, werpt bij een aantal vrouwen eveneens goede resultaten af. De bekkenspieren worden na de bevalling getraind om de functies van de bekkenbanden over te nemen. Zo’n stevige spiermanchet geeft een verbetering van de stabiliteit en een vermindering van de klachten.

Een probleem is nog dat lang niet alle zorgverzekeraars de behandeling vergoeden, ondanks goed onderbouwde pogingen daartoe. Door de behandeling voor een deel uit te besteden aan speciaal opgeleide fysiotherapeuten elders in het land kan hier soms voor een deel aan worden tegemoetgekomen.

Operatie

Bemoedigend zijn ook de eerste resultaten van bekkenoperaties uitgevoerd door de Leidse traumatoloog dr. A. B. van Vugt. Een goede vriendin van de Van Vugts had na een tweede zwangerschap problemen met haar bekken. Het drukte hem indringend op de feiten. „Ik had er zelf nooit mee te maken gehad, want de verloskunde is mijn vak niet. Maar ik dook erin omdat ik in de ongevalsheelkunde veel bekkenfracturen heb behandeld. Uit literatuuronderzoek bleek me vervolgens dat de mislukkingen met verstevingsoperaties te wijten waren aan verkeerde combinaties of technisch minder optimale constructies”.

Intern overleg met orthopeden en gynaecologen leidde er vervolgens toe dat Van Vugt niet lang daarna de eerste patiënte met een instabiel bekken onder het mes kreeg. Hij stabiliseerde haar drie bekeengewrichten met een plaatje en pennen. Later volgden nog vier andere vrouwen, die evenals de eerste geen baat hadden gehad bij de niet-chirurgische behandeling zoals die in het Rotterdamse Spine & Joint Centre wordt toegepast.

Hoopvol

Van Vugt benadrukt dat de eerste resultaten van de operatie hem hoopvol stemmen, maar dat de tijd zal leren in hoeverre zijn platen en pennen een blijvende oplossing bieden. „Bij één vrouw moesten we het plaatje al snel opnieuw bevestigen omdat het los ging zitten. Vier maanden later ging het heel goed met haar. Bij één patiënte werden de schroeven vervangen door wat kortere exemplaren. Evenals de overige patiënten doen zij het nu goed tot zeer goed. Hun bekken is stabiel geworden. Eén mevrouw kampt nog wel met wat pijnklachten. Zij is ook nogal depressief. De resultaten bij haar vind ik nog onvoldoende. Drie patiënten met chronische klachten na een bekkenfractuur die ik volgens dezelfde techniek behandelde, doen het ook uitstekend. Dus ik ben gematigd optimistisch over de ingreep bij een groep vrouwen (en mannen) die geheel aan de rolstoel waren gebonden en die nu weer voor een groot deel pijnvrij en lopend door het leven kunnen”.

Meer onderzoek is volgens Van Vugt wel nodig. „Wat we graag willen is een gedegen vervolgonderzoek in de toekomst aan de hand van een gestandaardiseerd behandelingsprotocol waarbij eerst maximaal conservatief wordt behandeld en vervolgens, als dat onvoldoende resultaat heeft, een operatie in beeld komt. Uiteraard in nauwe samenwerking met het Spine & Joint Centre in Rotterdam en de afdeling gynaecologie van het St.-Radboud. Een belangrijke vraag is bijvoorbeeld hoe de geopereerde vrouwen zich over enkele jaren voelen. Als het allemaal goed blijft gaan, is het denkbaar dat je ook patiënten operatief gaat behandelen die er minder ernstig aan toe zijn, maar bij wie een chirurgische ingreep eveneens heilzaam kan werken”.

Meer informatie over bekkenproblemen en liet komende congres is te verkrijgen bij de Vereniging voor beklienproblemen in relatie tot symfysiolyse, postbus 38,6610 AA Overasselt Td.: 024 - 6 2213 52.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 5 maart 1997

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Werken aan een stabiel bekken

Bekijk de hele uitgave van woensdag 5 maart 1997

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken