Bekijk het origineel

KLANTTEKENINGEN

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

KLANTTEKENINGEN

6 minuten leestijd

Prima (I)

Wat Shell, V & D en Albert Heijn niet voor elkaar kregen, lijkt bij Esso, Edah, Hema en C & A wél te lukken. De drie eerstgenoemde bedrijven kondigden aan een gezamenlijke klantenkaart te ontwikkelen, maar zagen daar bij nader inzien toch van af. Een woordvoerder van Albert Heijn motiveerde dat onlangs op een congres door te stellen dat de ondernemingen verschillend aankijken tegen de relaties met hun klanten. Dat zou een succesvolle gezamenlijke klantenkaart, eventueel gekoppeld aan een spaarprogramma, in de weg staan. Esso, Edah, Hema en C & A denken dat het wel gaat lukken. Afgelopen maandag startte in Zwolle een gezamenlijke proef met de Prima-card.

Edah-directeur W. T. A. Brugman denkt dat de kaart een succes kan worden, omdat de klanten van de vier ketens veel op elkaar lijken. „Het profiel komt sterk overeen”, denkt hij. „Onze klanten zijn gevoelig voor een scherpe prijs/kwaliteits-verhouding”. Hij vindt ook dat de bedrijven veel overeenkomsten hebben. „We werken alle vier landelijk. We leveren ook allemaal kwaliteit zonder poespas. Gezamenlijk kan het publiek bij ons terecht voor een compleet pakket dagelijkse benodigdheden”. Of een Edahklant er ook voor voelt om door zijn spaarkaart min of meer richting Esso, C & A en Hema gedreven te worden, zal nog moeten blijken.

Het is de verwachting dat 20.000 Zwollenaren de komende tijd gratis gebruik zullen maken van de Prima-card. Ze kunnen met dit plastic pasje punten sparen, die uiteindelijk korting opleveren. De bedrijven willen de chip waarvan de kaarten zijn voorzien ook gebruiken voor op het koopgedrag afgestemde acties.

Bij Edah kunnen houders van een klantenkaart bijvoorbeeld 5 procent korting krijgen op artikelen van het huismerk van de supermarktketen. Brugman noemde afgelopen week als mogelijkheden ook een gratis bewaar- of thuisbezorgservice voor mensen die een Primacard hebben. Ook zouden er speciale informatieavonden of modeshows kunnen worden georganiseerd. „We zullen met een aantal mogelijkheden in Zwolle experimenteren”, aldus Brugman.

Hij wees er nadrukkelijk op dat de vier deelnemende bedrijven geen toegang hebben tot elkaars klantgegevens. „We werken volgens de voorwaarden die zijn overeengekomen met de Registratiekamer”.

De proef loopt tot oktober. Als hij succesvol is, wordt nog dit jaar gestart met de landelijke introductie van de kaart. De Edah-kaart en de vorig jaar oktober gelanceerde Golden Tiger-pas van Esso zullen dan door de Prima-card worden vervangen.

Voor de deelnemende bedrijven is een chipkaart aantrekkelijker dan een spaarsysteem met zegeltjes. „Bij zegels kom je niets te weten over het koopgedrag van een klant. Bovendien is onduidelijk wat het spaarsaldo is. Met een chipkaart identificeert een klant zich bij de kassa: je herkent hem of haar en je kunt iedereen persoonlijk aanspreken, op grond van de klantgegevens. Bovendien schrijf je spaarpunten meteen bij”.

Prima (II)

De Prima-card is, net als bijvoorbeeld Rocks, een initiatief dat tot stand is gekomen als gevolg van het succes van Air Miles. Gezamenlijke spaarprogramma’s voorzien kennelijk in een behoefte. Brugman denkt dat een voorwaarde voor succes wel is dat er snel resultaat wordt geboekt, dat bovendien liefst in direct voordeel moet worden omgezet.

Houders van een Prima-card krijgen bij elk tientje bestedingen een spaarpunt bijgeschreven. Bij Esso levert elke vijf liter brandstof een punt op. Tweehonderd punten zijn goed voor vier „elektronische waardebonnen” van een tientje, één voor elk van de deelnemende bedrijven. Klanten kunnen dat aan de kassa omzetten in directe korting.

J. N. Scheffers van Esso verwacht dat vele kaarthouders in twee tot drie maanden tweehonderd punten bij elkaar zullen sprokkelen. „Een Edah-klant besteedt per week gemiddeld 125 gulden. Als zo iemand een auto heeft en bij ons tankt, is het heel goed haalbaar om die vier kortingsbonnen in twee tot drie maanden bij elkaar te sparen”.

Of er sprake is van een irritatie over het toenemende aantal spaarkaarten? Scheffers denkt dat het wel meevalt, zolang de beloning groot genoeg is. „Veertig gulden korting in een paar maanden lijkt ons voldoende aantrekkelijk”.

Volgens Brugman is de Prima-card een van de eerste spaarprogramma’s in ons land die gebruikmaken van een chip. Hij denkt dat het publiek tegen deze nog betrekkelijk onbekende kaarten weinig weerstanden zal hebben. „Ouderen hebben er de meeste moeite mee, jongeren vinden het juist wel interessant. Zulke kaarten hebben in ieder geval een moderne uitstraling”.

Ecolabel

Deze week is in ons land voor het eerst het Europese ecolabel uitgereikt. De eer viel te beurt aan twee wasmachinemerken: Nordland en Edy. De apparaten die van het label zijn voorzien voldoen aan de milieueisen die de Europese Unie voor dergelijke producten stelt. Die hebben betrekking op zuinig gebruik van water en energie, het voorkomen van watervervuiling en een goede wasprestatie met een minimale milieubelasting. Ook zijn er voorschriften voor hergebruik van materialen.

Producten die in aanmerking komen voor het Europese ecolabel zijn -grofweg gesproken- binnen de categorie waar ze thuishoren minder milieubelastend dan andere. Wasmachines vormen de eerste groep waarvoor eisen zijn geformuleerd en door alle lidstaten geaccepteerd.

In ons land is de stichting Milieukeur de instantie die het ecolabel begeleidt. Deze stichting werkt al een paar jaar aan een nationale variant van het Europese keurmerk, het Milieukeur.

Aardappel

„EKO-groente kan toch in Nederland”. Deze uitroep, waarin enige opluchting doorklinkt, is afkomstig van de Biologica, de organisatie die verantwoordelijk is voor de bevordering van biologische landbouw en handel in ons land. Aanleiding voor de kreet is de deze week door minister Van Aartsen van landbouw uitgereikte trofee ”De gouden eco aardappel”. C1000 kreeg deze onderscheiding, omdat deze supermarktketen de afgelopen twee jaar de verkopen van aardappelen en groenten met EKO-keur heeft verdrievoudigd, terwijl in z’n algemeenheid de afzet van dergelijke producten stagneerde. Vandaar de opluchting van Biologica.

Volgens Biologica is de afwachtende houding van de winkels er een verklaring van dat biologische groente en aardappelen in ons land niet echt doorbreken. Met name in Oostenrijk en Denemarken is er sprake van een „stormachtige” groei. „In beide landen was dit te danken aan een actieve inzet van supermarkten op het gebied van promotie en presentatie”, aldus Biologica. Volgens de organisatie maakt C1000 duidelijk dat de Nederlandse consument niet werkelijk verschilt van een Deen of een Oostenrijker. „Wanneer een supermarkt biologische producten promoot en goed presenteert, koopt de consument het”.

”De gouden eco aardappel” is vorig jaar uitgereikt aan Albert Heijn, vanwege het besluit om bij biologische producten de winstmarge niet in procenten van de verkoopprijs maar in centen vast te stellen. Nutricia was in 1995 de eerste die voor de ‘aardappel’ in aanmerking kwam. Reden daarvoor was de grootschalige introductie van biologische kindervoeding.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 8 maart 1997

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

KLANTTEKENINGEN

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 8 maart 1997

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

PDF Bekijken