Bekijk het origineel

KLANTTEKENINGEN

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

KLANTTEKENINGEN

6 minuten leestijd

Lucratief

Nederland staat bol van de spaarsystemen. Het heeft er zelfs veel van weg dat het aantal acties eerder toe- dan afneemt. Wie wil kan er aan ‘tig’ tegelijk meedoen.

De kassabonnen bij de bakker leveren na enige tijd een gratis taart op. De groenteboer doet mee aan een actie van de winkeliersvereniging. De slager heeft speciale prijzen voor klanten die voldoende zegeltjes hebben gespaard. De fotograaf deelt stickers uit waarmee een gratis vergroting kan worden verdiend. De supermarkt doet mee aan het air miles-programma en het pompstation geeft na vele getankte liters benzine een gratis badhanddoek.

Ieder zal voor zich de afweging moeten maken of de moeite van het sparen -zegeltjes plakken, punten uitknippen, boekjes bewaren- voldoende rendement oplevert om aan een actie mee te doen. Het meest lucratieve spaarprogramma uitzoeken is nog niet zo eenvoudig. De beloningen zijn niet alleen moeilijk met elkaar te vergelijken, ook de opbrengst per bestede gulden loopt nogal uiteen.

De Consumentenbond heeft vorig jaar een vergelijkend onderzoek naar een aantal van deze spaarsystemen gedaan. In opdracht van het seniorenblad Plus deed het bureau MoneyView onlangs iets soortgelijks. Een aardige aanleiding om de resultaten eens naast elkaar te zetten, al moetje er wel voor oppassen geen appels met peren te vergelijken.

Supermarkten en benzinestations grossieren het meest in spaarsystemen. Dat valt ook wel te begrijpen. Dergelijke ondernemers krijgen wekelijks honderden zeer prijsbewuste bezoekers over de vloer, die ze liefst zoveel mogelijk aan zich binden. Spaaracties bevorderen zonder twijfel de klantentrouw: wie eenmaal met een kaart op zak loopt, is sneller geneigd terug te komen dan iemand zonder.

Volgens het onderzoek in opdracht van Plus krijgen spaarders bij Texaco de minste waar voor hun geld. Tenminste, als ze zich contant laten uitbetalen. Per duizend liter spaart de klant tien gulden aan zegeltjes. Bij Shell en Fina is dat twintig gulden voor duizend liter.

Het sparen voor cadeaus duurt bij Texaco ook langer. Voor een zonnebril type Rayban Wayfarer 1, die in de winkel 186 gulden kost, heb je bij Texaco 6500 getankte liters benzine nodig. Bij Shell kun je na 5500 liter de bril in bezit krijgen. Ook bij het sparen voor handdoeken is een Texaco-spaarder onvoordelig uit. Het duurt -bij een gemiddeld verbruik van 25 gulden per week- vijftien weken voordat een stuk textiel met een winkelwaarde van 7,50 gulden bij elkaar is verzameld. Ter vergelijking: bij Shell krijgt een klant na elf weken een handdoek van 11 gulden. Total geeft vergelijkbare presentjes: automobilisten rijden hier in tien weken een baddoek van een tientje bij elkaar.

Volgens Plus klopt de bewering niet dat sparen voor cadeaus dubbel zoveel oplevert als een contante beloning. Het onderzoek van MoneyView wijst uit dat de cadeaus in een winkel vaak voor minder geld worden aangeboden dan ze in de catalogus staan. Het kan dus rendabel zijn om voor het maken van een keuze eens hier en daar rond te kijken.

Gecombineerde spaarsystemen zijn in opmars. MoneyView meent dat het air miles-programma meer oplevert dan het eveneens populaire Rocks. Voor 2750 gulden aan boodschappen kan de spaarder met air miles naar de Efteling. Voor een bezoekje aan Walibi Flevo met Rocks moet er voor 6000 gulden aan boodschappen gedaan worden. En dat terwijl een kaartje voor de Efteling een rijksdaalder duurder is dan een toegangsbewijs voor Walibi.

Van de gratis supermarktzegels leveren die van Bonimarkt volgens het onderzoek van de Consumentenbond het meeste op. Spaarders krijgen omgerekend voor elke bestede gulden 1,4 cent terug. Bij Edah, Komart en Poiesz is de opbrengst een cent. Wat koopzegels betreft scoren Konmar en Plusmarkt het hoogst: elke uitgegeven gulden levert eveneens een cent op.

Batterij

Na een moeizame start lijkt de gescheiden inzameling van lege batterijen nu toch van de grond te komen. Steeds minder lege exemplaren komen bij het gewone huishoudelijke afval terecht. Van de bevolking houdt 90 procent gebruikte batterijen apart met de bedoeling ze uiteindelijk op een apart inleverpunt af te geven.

De winkel en de gemeentelijke chemokar zijn de populairste inzamelpunten. Het NIPO ondervroeg mensen over hun batterij-weggooigedrag en registreerde dat eenderde van de Nederlanders er voor kiest om ze naar de winkel terug te brengen. Een vergelijkbare groep gaat naar de chemokar.

Het voornemen om ook dit afval gescheiden in te leveren, wordt niet altijd in daden omgezet. Twee van de drie Nederlanders hadden tijdens de enquête lege batterijen in huis met het voornemen die apart weg te gooien. Van deze groep blijkt uiteindelijk 20 procent de gebruikte energiedragers alsnog bij het gewone huisvuil te gooien.

Volgens cijfers van de Stichting Batterijen werd vorig jaar 54 procent van de verkochte batterijen ingezameld en afgevoerd voor recycling. Een jaar eerder was dat nog 38 procent. Het gescheiden inzamelen van batterijen lijkt dus meer ingeburgerd te raken. Daar zal de mogelijkheid om ze bij winkels in te leveren niet vreemd aan zijn: dat maakt het een stuk gemakkelijker om ze kwijt te raken.

Volgens Stibat gaan de ingezamelde batterijen naar het Afval Verwerkingsbedrijf Rijnmond in Rotterdam. Na sortering worden ze naar gespecialiseerde bedrijven gebracht, die ze uit elkaar halen en de grondstoffen zoveel mogelijk terugwinnen en hergebruiken. Daar worden producten als ijzerdraad, thermometers, dakgoten en fluitketels van gemaakt.

Opnieuw vernieuwd

Nieuw, vernieuwd, verbeterd, nieuwe formule: deze en vergelijkbare aanduidingen op een product beogen de kooplust en de nieuwsgierigheid van de consument te prikkelen. Soms is er inderdaad sprake van een vermeldenswaardige verandering, in andere gevallen krijg je het gevoel dat van het artikel alleen de verpakking maar is veranderd.

Het veelvuldig gebruik van dergelijke aanprijzende woorden leidt in ieder geval tot een devaluatie van de waarde die het publiek eraan hecht. Zou dat niet mede een verklaring zijn voor het grote aantal nieuwe producten dat flopt? Met bijna de helft van de nieuwkomers wordt het namelijk nooit wat.

Volgens E. J. Hultink, die maandag promoveert op een onderzoek naar de introductie van nieuwe producten, mislukt 45 procent van de innovatieve artikelen die bestemd zijn voor de consumentenmarkt. Een van de verklaringen die hij daarvoor heeft is dat ze te weinig toevoegen aan wat er al op de markt is. „Het is meer van hetzelfde. Dan ontbreekt de prikkel voor de consument en het bedrijfsleven om zo’n nieuw product te kopen”.

Niet alleen kwaliteit, ook vormgeving en reclame bepalen volgens de promovendus het succes van een product. Wezenlijk is ook dat verkoopkanalen het product accepteren. Supermarkten moeten bijvoorbeeld bereid zijn een nieuw wasmiddel prominent in de schappen te plaatsen.

Een andere reden waarom producten floppen kan zijn dat de introductie strategisch niet zo handig wordt aangepakt. Hulsink verklaart daarmee de mislukking van grote projecten als de Kermittelefoon van PTT Telecom, de interactieve cd van Philips en de foto-cd van Kodak. De introductie van overheidsproducten gaat vaak de mist in omdat er onvoldoende draagvlak voor is, meent hij. De carpoolstrook noemt Hulsink daarvan een voorbeeld.

Overigens vindt de promovendus dat in Nederland over het algemeen „verstandig” met productinnovatie wordt omgegaan. Amerikanen maken naar verhouding veel meer totaal nieuwe artikelen. Britten kiezen vaak voor een zeer bescheiden aanpassing van bestaande producten, om risico’s zoveel mogelijk te vermijden. Het Nederlandse bedrijfsleven zit zo’n beetje tussen deze twee polen in.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 26 april 1997

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

KLANTTEKENINGEN

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 26 april 1997

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

PDF Bekijken