Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De nieuwe weg naar rijkdom

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De nieuwe weg naar rijkdom

Nederlander kan volgens financiële wereld niet zonder persoonlijk geldplan

9 minuten leestijd

Nederland telt meer dan 115.000 miljonairs. Het worden er steeds meer. De nieuwe rijken zoeken wegen om hun persoonlijk vermogen te vergroten. Zij zijn niet de enigen. Ook de minder gefortuneerde Nederlander wil de waarde van zijn bezit behouden of vergroten. De wegen daartoe zijn vele. Een groeiende stroom van adviseurs staat klaar om de tobbende consument te voorzien van een persoonlijk financieel advies.

Het is negen uur in de avond. De elefoon gaat. De beller meldt zich als een vertegenwoordiger van een pensioenadviesbureau. „Bent u de hoofdbewoner van het huis?”. „Ja”. „Wij zijn bezig met het in kaart brengen van de pensioenvoorzieningen van mensen tussen de 30 en 45, behoort u tot die groep?” Het antwoord luidt wederom: „Ja”. „Zullen wij uw pensioenaanspraken voor u in kaart brengen?” „Heel aardig dat u dat doet, maar ik ben er niet in geïnteresseerd”. Na een: „Prettige avond verder”, hangt de beller op.

Pensioenadviesbureaus zijn niet de enige die de afgelopen tijd de consument hun diensten aangeboden hebben. De financiële wereld heeft een nieuwe missie. Heel Nederland kan in haar optiek niet zonder persoonlijke financiële planning. Degene voor wie deze term Spaans is, valt waarschijnlijk niet in de doelgroep. Hoewel het lijkt dat niemand kan ontsnappen aan de ijver van de raadgevers over geldzaken.

Folder

Een andere mogelijkheid is dat hij of zij een rekening heeft bij de Postbank, de enige bank in Nederland die niet aan persoonlijke financiële planning doet. Het onderwerp hoort volgens een woordvoerder „niet bij de filosofie van de thuisbank. Wij sturen mensen folders met informatie over onze producten. Als zij daarvoor belangstellling hebben of vragen erover willen stellen, kunnen ze bellen met een informatielijn of een voice response”.

In het laatste geval tikt de beller wat gegevens in, waarna een computer berekent hoeveel hij bijvoorbeeld kan lenen. Alleen mensen die een hypotheek willen afsluiten, nodigt de thuisbank uit voor een gesprek op een van de grotere postkantoren. Voor het overige is de thuisbankier aangewezen op eigen initiatief bij het uitbreiden van zijn bezit.

De term persoonlijke financiële planning doet veel vermoeden. Het komt meestal neer op het aan de man brengen van allerlei diensten als hypotheken, spaarrekeningen, beleggingsfondsen, koopsompolissen en andere verzekeringen. In de meeste gevallen gebeurt het niet via het simpel toesturen van een folder. De aspirant-afnemer van de deze diensten krijgt uitnodigingen om zijn geldzaken eens door een deskundige onder de loep te laten nemen.

Private bankingP

Deze aandacht is natuurlijk wel vleiend. Tot voor kort kwamen alleen de rijken onder ons in aanmerking voor een aparte behandeling door de banken. Onder de term vermogensbeheer helpen banken de weigestelden om hun welvaart in stand te houden dan wel te vermeerderen. Een bank als Van Lanschot Bankiers heeft zich daarin gespecialiseerd. Maar ook de gewone banken hebben de laatste jaren de gefortuneerde Nederlanders ontdekt. Zij hebben er speciale afdelingen met de fraaie benaming private banking voor in het leven geroepen.

Om voor deze speciale aandacht in aanmerking te komen, moet je wel over een lieve duit beschikken. Bij Staal Bankiers is een vermogen van een ton vereist. Mees Pierson gaat tot beleggingsadvisering over zodra de rekeninghouder 250.000 gulden bezit. Bij andere banken ligt de ondergrens voor private banking al snel bij een half miljoen gulden.

Ondanks het stijgende aantal vermogende Nederlanders is er nog altijd een grote groep die daar niet bij hoort. Van deze mensen houdt niettemin een behoorlijk aantal elke maand geld over Een luxeprobleem voor al die anderen die om de vier weken dik rood staan. Voor de mensen met geld te veel is er de persoonlijke financiële planning.

Belangstelling

De belangstelling voor deze tak van dienstverlening is groot. Zo kwamen in maart 19.000 mensen naar driedaagse beurs Geldzaken in de Utrechtse Jaarbeurs. Een recordaantal voor de beurs, die voor de derde keer werd gehouden en in het teken stond van, jawel, persoonlijke financiële planning.

Deze dienstverlening neemt, zo schrijven de organisatoren in de beurscatalogus, „uw geldzorgen weg. Want geldzorgen hebben we allemaal. Het beschermen en behouden van geld is voor de meeste mensen een belangrijke activiteit of preoccupatie geworden. Zo belangrijk dat het andere geneugten in het leven overschaduwt. Zo denkt, op een gemiddelde dag, 49 procent van de Nederlanders vaker aan geld dan aan seks. En 46 procent was het eens met de stelling dat in elke relatie geld uiteindelijk de belangrijkste bron van zorg wordt”.

Uit een enquête blijkt dat van de beursbezoekers 22,5 procent een vrij vermogen (aandelen, spaargeld en liquide middelen) heeft van tussen de 50.000 en 100.000 gulden. Verder heeft 14,7 procent tussen de 100.000 en een kwart miljoen gulden. Over een kwart tot een half miljoen gulden beschikt 15,7 procent. Nog geen 5 procent bezit 1 tot 2,5 miljoen gulden.

De bezoekers doen voor het overgrote deel aan financiële planning. Ze generen zich niet voor de reden daarvoor. „Ik wil alles uit mijn geld halen”, zegt 46,1 procent. De 43,2 procent die zegt het leuk te vinden, komt daarmee wel erg braafjes uit de hoek. De hebberigheid van een groot deel van de ondervraagden werd op de beurs zelf ook geenszins als een af te keuren eigenschap beschouwd.

De bezoeker met naast een salarisrekening een simpele spaarrekening, kreeg al snel het idee tot een uitstervend ras te behoren. Beleggen in onroerend goed, teakplantages, aandelen en opties schijnen voor de beursdeelnemers en bezoekers tot de dagelijkse bezigheden te horen. Om nog maar te zwijgen van de organisator van cursussen beleggen. Of het de gewoonste zaak van de wereld is praat hij over futures als middel om beleggingsrisico’s af te dekken. Een kritische omstander merkt tussen neus en lippen op dat, je daarvoor wel 140.000 gulden moet hebben”. Voor de cursusorganisator is dat zo te zien geen enkel probleem. Een echte belegger als hij vindt dat bedrag „peanuts”.

Uitkomst

Het is te goedkoop om de aandacht van mensen voor hun geldelijke wel en wee af te doen als hebben, hebben en nog eens hebben. Bijna iedere Nederlander denkt wel eens na over het huishoudboekje. Is de huidige hypotheek wel de juiste, kun je voor hetzelfde spaarbedrag bij een andere bank misschien meer rente krijgen? Zal het opgebouwde pensioen later inderdaad genoeg blijken te zijn of moet er nog een koopsompolis worden aangeschaft? Een financieel plan kan daarbij een uitkomst zijn.

Bij een nieuw product als persoonlijke financiële planning vissen veel mensen in dezelfde vijver. Belasting-, pensioenen hyptoheekadviseurs, bankmedewerkers, notarissen, tussenpersonen en vermogensbeheerders willen allemaal een graantje meepikken. Voor de leek op geldelijk gebied geen eenvoudige keuze. Wie zal hem of haar het beste advies geven? En tegen welke prijs. Eén ding is zo klaar als een klontje: voor niks gaat alleen de zon op. Sommige adviseurs vragen een uurtarief van 100 gulden of meer Als de hulpvrager bij de adviseur bijvoorbeeld een verzekering afsluit, kan de raad gratis verkregen worden.

Bedrijfsspaarregeling

De kwaliteit van de gegeven adviezen is soms ronduit mager. De Consumenten Geldgids toog langs acht persoonlijk financiële planners. Alle acht vergaten de medewerkster van de organisatie te wijzen op de mogelijkheid die een bedrijfsspaarregeling biedt om het bezit te vergroten. Voor deze in Nederland bijzonder populaire wijze van sparen gelden extra vrijstellingen voor wat betreft de fiscus. De meeste raadgevers gebruikten het advies vooral om hun producten aan de man te brengen.

Maar één advies kon in de ogen van de Consumentenbond genade vinden. Een onafhankelijke pensioenadviseur kwam er goed af. Hij raadde een nog jonge vrouw geen extra pensioenvoorzieningen aan. Zij heeft volgens hem genoeg aan het pensioen dat zij sinds een paar jaar opbouwt via haar werkgever. De pensioenadviseur verschilt daarmee lichtjaren van zijn mederaadgevers. Zij probeerden de vrouw onnodige koopsompolissen en levensverzekeringen aan te praten.

Federatie

Om het kaf van het koren te scheiden is vorig jaar de Federatie Financiële Planning (FFP) opgericht. De Rabobank, het blad Money en de Rotterdamse prof L. G. M. Stevens hebben het intiatief daarvoor genomen. Via certificering willen ze de totstandkoming bewerkstelligen van „een kwalitatief hoogwaardige en nieuwe beroepsgroep”. De consument die gebruikmaakt van een planner met het FFP-certificaat kan ervan overtuigd zijn dat zij aan de door de federatie gestelde eisen voldoen en de gedragsregels waarmaken.

De federatie noemt iemand financieel planner als hij weet van de hoed en de rand als het gaat om belastingen, huwelijksvermogensrecht en erfrecht, sociale zekerheid, sparen en beleggen, levensverzekeringen en pensioenen en financieringen. De planner moet twee jaar als zodanig werkzaam zijn en een opleiding op minimaal hbo-niveau te hebben.

Op 27 juni kunnen de eerste planners hun examen bij de federatie doen. De nieuw opgerichte club wilde de huidige planners de examenvrees besparen en bood hen daarom een dispensatieregeling aan. Dat heeft de FFP geweten. Zo’n 1700 planners dachten ook zonder examen voor erkenning in aanmerking te komen. Veel aanvragers hadden om de examencommissie te overtuigen van hun deskundigheid werkelijk alles toegezonden: van typediploma’s tot certificaten schoenveter strikken toe.

De commissie laat in een nieuwsbrief weten voor de verwerking van de aanvragen veel tijd nodig te hebben, zodat het nog wel enige tijd zal duren voordat de eerste erkende planner er is. Onafhankelijk hoeft de planner niet te zijn. Hij mag gewoon in dienst van bijvoorbeeld van een bank of verzekeraar zijn.

Consumentenorganisaties

Juist die onafhankelijkheid is voor de Consumentenbond een reden om in de toekomst ook haar leden van financieel advies te gaan voorzien. Voor de nieuwe dienstverlening moet het lid wel gaan betalen. De plannen van de bond verkeren nog in een pril stadium, benadrukt een woordvoerder „Wij zien bij de leden de behoefte aan dergelijke dienstveriening. Mensen gaan zich door het wegvallen van allerlei sociale zekerheden zorgen maken over hun financiële toekomst”. In het verleden heeft de bond ervaring opgedaan met betaalde raadgeving aan de leden. Zij konden door hun belangenvereniging laten onderzoeken welke ziektenkostenverzekering voor hun het voordeligst was.

De woordvoerder ontkent dat de Consumentenbond met de advisering begint om de Vereniging Consument & Geldzaken concurrentie aan te doen. „Wij verzamelen voor onze Geldgids al veel informatie. Op het gebied van geldzaken hebben wij de nodige kennis in huis. Die willen wij beter gaan benutten”.

Consument & Geldzaken ziet in de Consumentenbond geen echte mededinger. „Zij doen het er bij. Terwijl wij als categorale consumentenorganisatie ons concenteren op alles wat met financiële dienstverlening te maken heeft”, aldus een woordvoerder. De vereniging, die nog geen driejaar oud is, telt 6000 leden. Ter vergelijking: de Consumentenbond heeft er 600.000.

Voor haar leden kent Consument & Geldzaken vanaf het begin de mogelijkheid om een persoonlijk financieel plan op te laten stellen. Van deze mogelijkheid „wordt steeds meer gebruikgemaakt”. Per jaar laten een paar honderd leden hun geldelijk huishouding doorlichten. Zij moeten daarvoor betalen. Het tarief begint met 58,50 gulden per uur De teller kan flink oplopen als er naast de onafhankelijke medewerkers van de vereniging nog extern eveneens onafhankelijke adviseurs bij het opstellen van het plan betrokken moeten worden.

Ook benaderen veel leden de vereniging om een „second opinion”voordat zij een met een koopsompolis hun pensioenbreuk gaan helen. Geen gek idee, vindt de woordvoerder. „Wij kennen als consumentenorganisatie de hele markt. Zo heeft Nederland zo’n 90 levensverzekeraars. Een assurantieadviseur, ook al is hij onafhankelijk, kent er een paar. Wij kunnen daarom een veel beter advies geven”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 21 juni 1997

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

De nieuwe weg naar rijkdom

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 21 juni 1997

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

PDF Bekijken