Bekijk het origineel

Een vreemde snuiter in de vogelwereld

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een vreemde snuiter in de vogelwereld

Kuikenproject moet toekomst kiwi in Nieuw-Zeeland veiligstellen

12 minuten leestijd

Noem een Nieuw-Zeelander “kiwi” en je hebt er een vriend bij. Opmerkelijk, want de mollige snipstniis is bepaald geen schoonheid. Hij stinkt ook. Aan de andere kant heeft deze vreemde snuiter in de vogelwereld allerlei leuke, zoogdierachtige trekjes. Ondertussen blijft het de vraag hoelang het portret van ‘s lands nationale troetel nog blikjes schoensmeer, flesjes bier en postzegels blijft sieren. Want zolang er in het ftaaie land nog honden loslopen én bossen tegen de vlakte gaan...

Nieuw-Zeeland maakt het toeristen gemakkelijk. Willen ze een kiwi zien, dan kan dat. Een beetje stad van betekenis heeft een “nocturnal kiwi house”, waar het uitgesproken nachtdier op een kunstmatige manier overdag uit z’n slaap gehouden wordt. Zijn nacht valt dus samen met de dag van de bezoeker, die soms nog moeite moet doen om in het duistere verblijf een glimp van het beest op te vangen. Op zich een bijzondere ervaring, want nergens anders ter wereld zul je een kiwi aanschouwen.

In de vrije natuur komen kiwi’s op normale tijden - na zonsondergang- tot leven, wat de kans om ze te zien bijster klein maakt. Met een beetje geluk hoor je ze schreeuwen. Mannetjes roepen als een kind; hun “ki-wi” of “ki-ki” klinkt soms drie kilometer ver. Bij vrouwtjes komt een schor “kur-kur” uit de keel. Een kikker zou het hen niet kunnen verbeteren.

Op Stewart Island is de situatie anders. Daar zijn de vogels minder schuw en niet uitsluitend ‘s nachts actief Bravo Adventure Cruises zag daar wel brood in en brengt toeristen met een bootje naar Mason’s Bay. Om de andere dag, want anders zouden de dieren die aandacht gauw beu zijn. Tot nu toe leent deze kustlocatie zich in de schemering en zelfs bij daglicht uitstekend voor “kiwi spotting”. Uiteraad zijn rust en stilte tijdens het observeren absoluut geboden; de vogels hebben een fenomenaal gehoor en zijn gesteld op hun privacy. Die moeite wordt soms dubbel en dwars beloond. Eens stak een kiwi zelfs spontaan z’n snavel naast iemands schoen in het zand! Het zal je maar gebeuren...

Asociaal

Op het zuidelijkste eiland van Nieuw-Zeeland heten deze kiwi’s tokoeka. Ze leven in familiegroepen, zoeken gezamenlijk voedsel en kruipen bij elkaar in een hol. Bij onraad slaakt het leidende mannetje een schrille kreet, waarna de anderen zich uit de voeten maken.

Dat gedrag wijkt nogal af van de drie andere kiwisoorten die het land telt: de bruine kiwi (Apteryx australis), die in grote bospercelen op het Noordereiland leeft, de grijze kiwi (Apteryx haastii), bewoner van de ruige berggebieden, en de kleine grijze kiwi (Apteryx owenii), die alleen op Kapiti Island voorkomt.

Deze soorten zijn meer asociaal en snel geprikkeld. Mannetje en vrouvnje vormen een paar, maar slapen gescheiden in gecamoufleerde, zelfgegraven holen of holle boomstammen. Soms liggen ze als een hond koddig op hun rug, met hun geschubde poten in de lucht. Worden ze gestoord, dan klepperen ze met hun snavel en laten ze een grommetje horen.

De loopvogels markeren met sterk geurende uitwerpselen hun leefgebied. Soortgenoten moeten het niet wagen het territorium, soms zestig voetbalvelden groot, binnen te komen. Met hun korte, sterke poten delen de lichtgeraakte dieren flinke meppen uit, waarbij de scherpe klauwen behoorlijke schrammen kunnen achterlaten.

Snorhafen

In kiwihuizen is meestal de bruine variant te zien. Rainbow Springs vormt daarop geen uitzondering. De jungleachtige attractie in Rotorua toont typische planten en dieren van Nieuw-Zeeland, variërend van hoge kauribomen en enorme forellen tot de tuatare, een eigenaardig soort reptiel, en de kea, de hondsbrutale bergpapegaai. Het in 1975 gebouwde kiwihuis is een van de hoogtepunten van deze “wildlife experience”. In deze ruimte worden de condities van licht en lucht natuurgetrouw nagebootst. Geluiden van buitenaf dringen niet binnen. En andersom. Rainbow Springs ontving voor die dierenvei’blijf een toeristische onderscheiding, ook omdat het een uitstekende faciliteit is om de vogels de kweken.

Het mollige dier -formaat flinke ki p- oogt stevig, maar is niet bepaald moeders mooiste. Bovendien produceert het een onfris geurtje, maar dat gaat in een kiwihuis je neus voorbij. Z’ n lijf heeft de vorm van een rugbybal en is bedekt met een warrige bos haarachtige veren. Ik krijg spontaan de neiging er een kam door te halen. In ieder geval camoufleert het pak uitstekend. Een kiwi vertrouwt dan ook op z’n schutkleur en zal zich in tijden van nood soms ‘bevriezen’; doodstil blijft hij zitten, totdat het gevaar geweken is.

Over haren gesproken, aan de bovenkant van de snavel zitten snorharen, die het staartloze dier in het pikdonker van dienst zijn. Met zijn waterige oogjes vindt hij overigens rap een weg in de duistere leefomgeving. Zonder ergens over te struikelen gebruikt hij een vast stratenpatroon, looppaadjes van zo’n 25 centimeter breed.

Neusgaten

In Rotorua scharrelt achter glas een kiwi. Het dier loopt wat parmantig, voorovergebogen. Als enige vogel ter wereld heeft hij neusgaten aan de snavelpunt. Die gaan rakelings langs de grond. Hier en daar tikt het dier zachtjes tegen wat kluitjes. Door aan de aarde te ruiken, lokaliseert de kiwi z’n voedsel: wormen, slakken, duizendpoten, larven, bessen en zaden.

In het wild waadt hij als een ibis ook door bosbeekjes, wordt me verteld, steekt dan z’n twintig centimeter lange snavel in het water, blaast de neusgaten leeg voor een andere peiling en vangt daarna misschien een rivierkreeftje. De kiwi pakt ook kikkers en aaltjes. De beheerder van het kiwihuis in Napier weet te vertellen dat het dier ook best een muisje lust. Geen wonder dat het steentjes doorslikt om de spijsvertering te stimuleren.

Voor vogelbegrippen is z’n reukvermogen werkelijk abnormaal. Zo weet de kiwi uit 192 verschillende soorten wormen zijn favoriete smaak te kiezen. Ruikt hij er een, dan worden wat bladeren opzijgeschoven en priemt z’n lange snavel in de aarde. Om het vuil te verwijderen, snuit de kiwi regelmatig. Hij heeft er ook een handje van om z’n neus zo nu en dan eens flink op te halen. Een gewoonte die ik m’n kinderen juist probeer af te leren.

Capriolen

Niet aUeen zijn ruikzin maakt de kiwi tot een vreemde snuiter in de vogelwereld. Ook rond de voortplanting zijn eigenaardigheden te melden. Kiwi’s kunnen het hele jaar aan een legsel beginnen. Tussen juni en september -wintertijd in Nieuw-Zeeland- is het echter hoogseizoen. Er is dan genoeg voedsel te vinden. Mannetjes vechten om een vrouwtje. Met hun snavels hakken ze op elkaar in en balancerend op één poot delen ze trappen uit. Veertjes vliegen in het rond.

De winnaar heeft geen fraai gekleurd kostuum om het toch al grotere vrouwtje te imponeren. Om haar gunst te winnen, haalt hij de vreemdste capriolen uit. Knorrend volgt hij haar op de voet. Als ze hem negeert,

danst en springt hij in het rond. Koprollen en achterwaardse buitelingen zijn hem zelfs niet te dol.

En dan nog bestaat de mogelijkheid dar de dame in kwestie niet gediend is van deze overdreven avances...

Superei

Komt het wél tot paren, dan ligt er drie weken later een wit ei in het nest. Dat is overigens een zware bevalling. Het vrouwtje eet drie keer zo vee! als normaal om dat ei te kunnen produceren. Uiteindelijk neemt het een derde van het lichaam in beslag. In verhouding tot haar gewicht legt de kiwi het zwaarste en grootste ei ter wereld. Vier kiwi’s, in dit geval de bekende Nieuw-21eelandse vruchten, passen er met gemak in.

De bolle buik blijft als een zwembandje drijven. Het vrouwtje stapt dan ook vaak in een poeltje. Het water verlicht de last en verkoelt de strakgespannen huid. In haar maag is nog nauwelijks ruimte voor een hapje eten. Het superei is er in een mum van tijd, zeggen deskundigen. Een kwestie van “floep”.

Bij de bruine kiwi is het rriannetje met de broedzorg belast. Bijna drie maanden neemt deze klus in beslag. Waarschijnlijk hebben de vogels een te lage lichaamstemperatuur om het proces sneller te laten verlopen. De kiwi probeert dat te ondervangen door de ingang van de broedtunnel met bladeren af te sluiten. Dat scheelt weer enkele graden. Het vrouwtje houdt buiten ondertussen een oogje in het zeil. Het mannetje, dat eenvijfde van z’n gewicht kwijtraakt, krijgt elke dag een poosje vrijaf om voedsel te zoeken. Voor ei-eters is dat een geschikt moment om toe te slaan. Of het vrouwtje wipt snel op het nest om daarin een rweede superei te deponeren...

Dooierzak

Uiteindelijk komt er actie in het ei. Het rolt een stukje. Twintig minuten later opnieuw. In de schaal ontstaat een gaatje, waardoor de kiwibaby zijn roze snavelpunt priemt. Verse lucht! Vervolgens gaat het kuiken twaalf uur onder zeil. Daarna begint het ei zo te bewegen dat duidelijk is dat het wezentje binnen vecht om eruit te komen. Het miauwende diertje schopt zich als het ware naar buiten. Dan barst de bom en glijdt er een minikiwi uit. De kraalogen wijd open. Het verschil tussen een hij of een zij is pas na drie maanden duidelijk. Na drie etmalen zwoegen is het jong uitgeput. Het kan ook niet op z’n poten staan, omdat in z’n gezwoUen buikje een dooierzak zit. Dit inwendig infiaus voorziet het diertje de komende vier, vijf dagen van voedsel. Daarna pikt het naar kiezelsteentjes, die in de maag de spijsvertering op gang moet brengen. Pas dan kan het -ook op eigen houtje- z’n kostje bij elkaar scharrelen. De eerste vier weken gebeurt dat ook overdag, wat de nodige risico’s met zich meebrengt. Gelukkig houdt vader een oogje in het zeil. Bij gevaar leidt hij het jong op een drafje naar het hol. Moeder, die weinig interesse in haar kind toont, gaat wel elke indringer furieus te lijf

De eerste drie maanden zijn het spannends. Een roofdier als de hermelijn kan een kiwi het leven knap zuur maken. Het gros van de kuikens - 95 procent!- legt dan ook het loodje. Met een halfjaar zijn ze pas echt in staat om zich te verdedigen.

Sombere toekomst

Duizend jaar geleden. De Maori’s kiezen Nieuw-Zeeland als nieuwe woonbestemming. Op dat moment struinen 12 miljoen kiwi’s in de bossen. Alleen stamhoofden mogen het vlees eten en een mantel van zachte kiwiveertjes (”kahukiwi”) dragen. Ze geloven dat het dier speciale bescherming geniet van Tane, de god van het bos. Daarom noemen ze de kiwi ook “Te manu a Tane”, de vogel die Tane verbergt.

De komst van de Europeanen -met in hun kielzog scheepsratten, wezels en fretten, katten en honden, varkens en opossums- betekent een /ware ramp voor de nier-vliegende vogel. In 1896 krijgt hij de status van beschermde soort, maar die maatregel heeft weinig om het lijf

Vandaag de dag telt de populatie naar schatting 20.000 tot 50.000 exemplaren. De alarmerende daling wijst op een sombere toekomst. Overal trekt de vogel zich terug. In z’n oorspronkelijke leefgebied, waar eens de jammerende roep klonk, is het nu muisstil. Het kappen en verbranden van bossen en een formidabele rij vijanden doen het dier de das om. De kiwi is pas echt veilig op een eilandje zonder vleeseters. Het volgende voorval uit 1987 illustreert een deel van het probleem. Michael en Barbara Taborsky, twee onderzoekers die de ongeveer duizend kiwi’s in een productiebos bij Waitangi op de voet volgen, ontdekken op een dag dat een loslopende hond vijfhonderd kiwi’s heeft doodgebeten.

Bescherming

De overheid is zich bewust dat er iets moet gebeuren om het nationale symbool van de onder gang te redden. Het ministerie van natuurbehoud lanceerde in 1991 het Kiwi Recovery Programma, een ambitieus, landelijk beschermingsplan waarbij verschillende natuurorganisaties actief betrokken zij n.

Behalve dat de nestplaatsen worden beschermd, worden bevruchte eieren van in het wild levende kiwi’s verzameld. Dat laatste gebeurt in het kader van Operation Nest Egg. De eieren kwamen ook in de broedmachine van Rainbow Springs in Rotorua terecht. „Het was de eerste keer dat een particulier park kiwi-eieren uit het wild onder haar hoede kreeg”, vertelt Tracy Johnson, beheerder van het kiwihuis. „Dat hebben we te danken aan onze goede fapiliteiten. Bovendien ligt Rainbow Springs dicht bij het Tongariro National Park, waar de eieren vandaan komen en waar zo’n 7000 bruine kiwi’s

Nadat de jongen uit het ei zijn gekropen, blijven ze gevangen tot ze anderhalve kilo wegen. Daarna worden ze in het wild uitgezet. De kiwi’s zijn dan ook oud genoeg om zich beter tegen vijanden te kunnen verdedigen. De vogels krijgen een zendertje om de poten. Daardoor kunnen biologen al hun gangen nagaan. Mevrouw Johnson, die al dertien jaar met kiwi’s werkt en tevens toezicht op het internationale stamboek van de bedreigde diersoort houdt, laat weten dat de eerste resultaten succesvol lijken. „Een paar maanden geleden zijn we met het uitzetten van de eerste drie kuikens begonnen, en die leven nog*.

Rtist en ruimte

Ook uit Auckland Zoo, waar op dit moment vijftien kuikens verzorgd worden, komen hoop gevende berichten. De dierentuin gaf het afgelopen jaar twaalf kiwikuikens de vrijheid, die alle nog in leven zijn. Eind april gingen opnieuw zes dieren terug naar de natuur. Eenzelfde aantal volgde eind vorige maand.

Ondertussen roept het ministerie van natuurbehoud alle Nieuw-Zeelanders op het de kiwi zo gemakkelijk mogelijk te maken. De aanbevelingen variëren van honden aan de riem houden tot stoppen met bomen kappen. Streven is dat de kiwi weer rust en ruimte krijgt in de bossen, graslanden met struiken en dikbegroeide bermen, waar het dier zich het liefste ophoudt.

John Galilee wil daar graag z’n steentje aan bijdragen. De boer vertrouwt al jaren op de kiwi, die op zijn uitgestrekte landerijen een stil plekje heeft gevonden. „De vogel voorspelt me altijd het einde van een droge periode. Ik kan me niet heugen dat het dier er een keer naast zat. Als je de kiwi ‘s nachts hoort roepen, regent het binnen twee dagen”.

De juistheid van zijn woorden kan ik niet controleren. Tijdens m’ n trip door het prachtige land springt er nergens een wilde kiwi uit de, struiken, laat staan dat ik het beestje in de verte hoor roepen. De zon blijft dus op mijn bolletje schijnen.

Kiwi’s zijn onder meer te bezichtigen in Willowbank Wildlife Reserve net buiten Christchurch, Rainbow Springs in Rotorua, hét Kiwihouse van Napier en de dierentuinen van Wellington en Auckland. De New Zealand Tourism Board kan informatie geven over kiwi-excursies: 0049-699712110 (fax: 0049-6997121113).

Dit is het eerste artikel in een serie over de opvallende fauna van Nieuw-Zeeland.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juli 1997

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Een vreemde snuiter in de vogelwereld

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juli 1997

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken