Bekijk het origineel

Sporen ‘Tsjernobil’ snel uit rendiervlees

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Sporen ‘Tsjernobil’ snel uit rendiervlees

Stralingsresten verdwijnen eerder dan verwacht

2 minuten leestijd

UPPSALA - De radioactiviteit van rendiervlees neemt in Lapland na de ramp in Tsjernobil veel sneller af dan verwacht. Dat stelt de Zweedse landbouwuniversiteit (SLU) in Uppsala vast.

„Het cesiumgehalte in de begrazingsgewassen is minder geworden en de rendierhouders hebben geleerd om te gaan met het probleem door cesiumvrij bij te voederen en door planmatig te slachten”, meldt geneticus Öje Danell, hoogleraar rendierhouderij aan de SLU.

Een jaar na de ramp met de kerncentrale in Tsjernobil, die zich afspeelde in 1986, moest 80 procent (ruim 73.000 stuks) van de rendieren worden vernietigd. Dit jaar zou volgens de berekeningen nog ruim 30 procent van de dieren uit de handel moeten worden gehouden, maar in werkelijkheid gaat het nu nog slechts om 1 procent.

In een SLU-rapport voor de rijkskeuringsdienst levensmiddelen (Livsmedelsverket) wordt nu uitgegaan van een halveringstijd voor cesium van vier jaar. Aanvankelijk was dat tien jaar. Daarbij baseerde men zich op ervaringsgegevens uit de jaren vijftig en zestig met neerslag na atmosferische kernwapenproeven.

Een mogelijke oorzaak voor het snellere verloop dat zich na de ramp in Tsjernobil blijkt voor te doen, is onder meer dat de neerslag in april en mei 1986 zeer geconcentreerd is gevallen. Professor Danell is blij met de gunstige ontwikkeling en hoopt dat de rendierhouderij zich na elf zware jaren weer geheel zal herstellen. Volgens de krant Dagens Nyheter zit de vraag naar rendiervlees inmiddels weer in de’ lift. Vleesgroothandel Aldenlöv in het noor delijk gelegen Lulea meent dat het probleem dit seizoen niet de radioactiviteit is, maar een te klein aanbod als gevolg van de sneeuwrijke winter. Hierdoor hebben de dieren niet voldoende kunnen grazen.

Schadevergoeding

De schade die de rendierhouderij in Zweden heeft geleden na de brand in de kerncentrale van Tsjernobil is gecompenseerd door de overheid. De kosten worden tot nu gerajimd op 130 miljoen gulden. Dit jaar zijn de kosten voor ruim 730 te vernietigen rendieren circa 3 miljoen. Afgezien van compensatie voor de veehouders draait het daarbij ook om de betaling van onderzoek, monsterneming en voorhchting. De opzet is om nog zeker tien jaar door te gaan met het analyseren van rendiervlees op cesium. Overigens gebruiken de ondernemers daarvoor zelf in veel gevallen handapparatuur. In Zweden zijn bij elkaar rond de duizend rendierhouders actief met een veestapel van 270.000 stuks.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 juli 1997

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Sporen ‘Tsjernobil’ snel uit rendiervlees

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 juli 1997

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken