Bekijk het origineel

Kerk betrekken Bij lokale omroep

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Kerk betrekken Bij lokale omroep

Wanverhouding tussen aantal christenen en uitgezonden programma’s

6 minuten leestijd

Er zijn in Nederland 367 lokale omroepen. Dit betekent dat het overgrote deel van Nederland, 14.164.000 inwoners, een lokale uitzending kan ontvangen. Alle lokale omroepen hebben de wettelijke verplichting om de diverse bevolkingsgroepen uit hun woonplaats via de lokale omroep aan het woord te laten. Tot een van die bevolkingsgroepen behoren u en ik, christenen. Vullen wij de ons toegestane zendtijd in?

Een onderzoek onder 37 omroepen in Friesland, Groningen, Drenthe en Flevoland toont aan dat bij 16 procent van de omroepen geen christelijke programma’ s worden uitgezonden. Daar waar dat wel gebeurt, praten we meestal over één of een paar uur per week. Veel lokale omroepen zenden 24 uur per dag uit. Per week zijn dit 168 uitzenduren. Het aandeel van de christelijke uitzendingen ligt bij één uur per week onder de 1 procent. Het gemiddelde van de protestantse christenen in Nederland is ongeveer 28 procent. Er zit dus een behoorlijke wanverhouding tussen het gemiddeld aantal christenen in een plaats en de hoeveelheid uitgezonden christelijke programma’ s.

Mijn vraag is: Kunnen we aan de ene kant kritiek leveren op de media en aan de andere kant de door God gegeven mogelijkheden ongebruikt laten?

Wanneer wij als christenen zelf de liefde van Christus in ons meedragen, zullen we die liefde ook aan anderen bekend willen maken. Voor de lokale omroep is er landelijk een goede luisterdichtheid van 11 procent. Om u een indruk te geven van de reikwijdte: dit is een score net achter Radio 3 en voor Radio 1 en 2. Daardoor kunnen velen op deze wijze voor het eerst of opnieuw met het Woord van God in aanraking worden gebracht, Het voordeel is dat het Evangelie achter de voordeur wordt gebracht en niet ervoor. Het hoeft geen drempel over en dat hoeven de luisteraars en kijkers ook niet.

Via de lokale omroep ligt er een breed scala aan mogelijkheden. Nu hoor ik al iemand zeggen, ja, maar ik ben daar niet geschikt voor. Ik kan geen radio of televisie maken. Zoiets zei Mozes ook toen hij bij de brandende braamstmik stond. Maar wij kennen het einde van het verhaal: Mozes ging. Zijn uw redenen goed genoeg om te blijven zitten?

Mogelijkheden

Als u iets wilt doen via de lokale omroep, hoe gaat u dan te werk? Allereerst is het goed bij uw kerkenraad (of broederraad) te informeren of uw gemeente al bij het lokale omroep werk betrokken is. Het is niet denkbeeldig dat uw gemeente er niet bij betrokken is. In dat geval is het goed om uw kerkenraad of evangelisatiecommissie aan te sporen.

Er zal dan wel eerst een aanvraag voor zendtijd moeten worden ingediend bij de algemene lokale omroep. Is dat verzoek gehonoreerd, dan kunt u programma’ s gaan maken. De aard van het programma dat u gaat maken hangt sterk af van de uitzendtijd. Als u het tijdstip en de tijdsduur weet, gaat u uw doelgroep en invulling vaststellen.

Uit onderzoek is gebleken dat het grootste deel van de christelijke zendtijd ingevuld wordt door het uitzenden van de plaatselijke kerkdiensten. Dit blijkt heel zinvol te zijn voor randkerkelijken die nog steeds een herinnering hebben aan hoe het in de kerk toeging. Daarmee bereikt u over het algemeen niet degenen die niet met de kerk in aanraking zijn geweest. Daarvoor zult u programma’ s moeten maken die op hen zijn afgestemd. Het uitzenden van evangeliserende programma’ s dient nadrukkelijk gekoppeld te worden aan speciale doelgroepen, zoals etc. Het is absoluut onmogelijk ie kinderen, jeugd, ouderen, vrouwen dereen gelijktijdig te bereiken. Er moet dus een zo logisch mogelijke keuze gemaakt worden.

Om goede programma’ s te maken is natuurlijk wel kennis nodig. Daarvoor leunt u terecht bij diverse organisaties in Nederland, waarvan Stichting Christelijke Media Projecten - 3xM er een is.

Samenwerking

Iedere week weer goede programma’ s maken is geen kleinigheid. Ik besef dat ik nu op een wat netelig probleem kom in Nederland. Het is de vraag is of je dit wel als individuele gemeente moet aanpakken. Naar mijn overtuiging is het beter om hierin samen te werken met andere gemeenten. Samenwerking geeft een krach tig getuigenis naar de wereld toe. Daarnaast staan we sterker in onze onderhandelingen naar de lokcile omroep, zodat er meer en betere uitzendtijd besproken kan worden.

Praktisch zijn er verschillende manieren waarop evangeliserende programma’ s kunnen worden gerealiseerd, hetzij via een werkgroep binnen de algemene lokale omroep, hetzij in de vorm van een stichting of vereniging die programma’ s aanlevert aan de algemene omroep.

Los van deze organisatievormen kijk ik liever naar de wijze waarop de verschillende kerken en gemeenten samen programma’ s maken. Daarvoor kunnen diverse modellen worden gekozen.

Federatiemodel

Binnen het federatiemodel is er wel samenwerking, maar blijft iedere gemeente verantwoordelijk voor de eigen uitzendingen. Het bestuur functioneert in dit model als een koepel. Indien uitbreiding van zendtijd nodig is omdat een van de deelnemers dit wenst, zal dat via de koepel worden aangevraagd.

Deze werkwijze wordt onder andere door de Stichting Mens en Bijbel in Rotterdam gevolgd. Het bestuur maakt geen beleid ten aanzien van de uit te zenden programma’ s en de leden van de gemeenten dragen individueel verantwoor delijkheid voor hun eigen programma. Wel maakt men in een dergelijke opzet vaak gebruik van de diensten van één studio, waar van de kosten gedeeld worden.

In het samenwerkingsmodel functioneert een bestuur dat is samengesteld uit de verschillende kerken en gemeenten die meedoen. Door het bestuur worden het aantal en de soorten programma’ s bepaald en dit bestuur is ook verantwoordelijk voor de diverse uitzendingen.

Programma’ s worden uitgedacht en geselecteerd om op de beste tijdstippen uitgezonden te worden, waarna medewerkers geselecteerd worden uit een of uit meer participerende gemeenten. Deze werkwijze wordt onder andere gevolgd door Radio Logos in Hengelo.

In Eindhoven werken bijvoorbeeld dertien gemeenten samen bij het maken van programma’ s. Sommige gemeenten passen echter een individuele aanpak toe. Zij blijven zelf verantwoordelijk voor de uitzendingen en de eventueel daaruit voortvloeiende nazorg.

Voor- en nadelen

Al deze modellen hebben hun voor- en nadelen. Het samenwerkingsmodel heeft mijn persoonlijke voorkeur, omdat daarin duidelijk naar buiten komt dat we samen het Woord van God willen verkondigen, ook al zijn we van verschillende gemeenten. Verder is het in die stmctuur mogelijk verschillende programma’ s in te vullen met de beste medewerkers uit de samenwerkende gemeenten. Dat zal de kwaliteit van de programma’ s zeker ten goede konten. Een voorkeur dus voor getuigenis en effectiviteit. Voorop blijft echter staan dat Gods Woord gehoord moet worden!

De auteur is directeur van Stichting Christelijke Media Projecten - 3xM te Hilversum. Enkele kranten hebben er veel aandacht aan besteed. Het dagblad Trouw heeft een preekwedstrijd uitgeschreven: Wie van de Nederlandse predikanten houdt de beste preek.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 juli 1997

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Kerk betrekken Bij lokale omroep

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 juli 1997

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken