Bekijk het origineel

Een Rotterdams pand vol hout, koper en kunststof

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een Rotterdams pand vol hout, koper en kunststof

„De meeste mensen hebben blijkbaar een voorbeeldfiguur bij de keuze van een instrument”

8 minuten leestijd

Rotterdam heeft de laatste jaren erg z’ n best gedaan om ‘Manhattan aan de Maas’ te worden. Drukke verkeersaders lopenlangs indrukwekkende kant oorkol ossen. Een bruisende stad, waar all een economi sche activitei ten lijken te gel den. Maar dan is daar, in de schaduw van een donkergekl eurde, glazen toren, de wi nkel van Muzi ek Hakkert. Aan de buit enkant is niet te zi en dat de firmaal dik honderd jaar bestaat: het gebouw past hel emaal bij de moderne, zakelijke stijl van de omgeving. Maar de contrabassen die in de etal age staan te glimmen, vallen wel op. Binnen kan het gebeuren dat je plot seling door een fraai blokfl uitduet of een trompet solo wordt verrast.

Muziek Hakkert, de naam hoort bij de stad: rechttoe, rechtaan. Een andere naam zou ook moelijk kunnen, want elke specifisering zal een van de muzikale activiteiten tekort doen. „Vanouds zijn we een blaashuis”, zegt bedrijfsleider Hans van der Spek. „De firma begon ooit als reparatieatelier voor blaasinstrumenten en nog steeds verkopen we het meest dwarsfluiten en blokfluiten”.

In het gesprek staan de blaasinstrumenten centraal, want daar ligt het hart van de bedrijfsleider. Maar op de begane grond rijgen de gitaren zich aaneen, naast de contrabassen en een enkele harp. Daar is ook het Orff-instrumentarium te vinden in de afdeling schoolmuziek. Door de hele winkel vind je talloze accessoires: noodzakelijke hulpmiddelen als plectrums, rieten, snaren, dempers, maar evengoed hebbedingetjes als speldjes, oorbelletjes en bedeltjes in de vorm van een muziekinstrument.

Computer

Beneden in de kelder staan de elektrische gitaren in het gelid. De versterkers ontbreken uiteraard niet. Achter de gitaren huist de percussieafdeling. Alles wat bonkt, klikt en klingelt lijkt er te zijn.

In de kelder staat ook een computer met mengpaneel en bijbehorende apparatuur. Je kunt erover twisten of het nog wel om echte muziek gaat, maar de computer speelt inmiddels een steeds grotere rol in het muziekleven. Bij componeren en arrangeren zijn er met behulp van de computer ongekende mogelijkheden. Van der Spek geeft eerlijk toe dat hij er geen verstand van heeft; dit is het terrein van zijn collega. Hij weet wel dat er een groeiende vraag naar dit soort muzikale mogelijkheden is.

Zelf heeft Hans van der Spek z’n domein op de eerste verdieping. Kastenvol met blokfluiten in alle soorten, maten en uitvoeringen. Saxofoons in fel glimmend koper. Een fagot. Rijen met hobo- en klarinetkoffers. De dwarsfluiten staan achter slot en grendel: zo’n doosje gaat te gemakkelijk in de binnenzak, weten ze inmiddels bij Muziek Hakkert.

Met de dwarsfluit heeft de firma rond 1970 naam gemaakt. Het was een tijd van economische hoogconjunctuur. Er werden volop platenspelers en grammofoonplaten verkocht. De muziekverenigingen bloeiden. De ster van Thijs van Leer begon te rijzen. „Als Thijs van Leer op een vrijdagavond op tv geweest was, hadden we hier de volgende dag de winkel vol met mensen die een dwarsfluit wilden kopen. Meestal waren het meisjes, die met een verheerlijkt gezicht vroegen: „Hebt u gisteravond ook Thijs van Leer gezien?” Die dachten dan in een week ook zo te kunnen fluiten. Ik waarschuwde ze natuurlijk dat een dwarsfluit geen eenvoudig instrument is dat je binnen een week onder de knie hebt. Zelfs binnen een jaar lukt je dat niet. Toch kwamen er maar weinig instrumenten terug: blijkbaar hadden ze echt iets met die fluit”.

In de tijd van Berdien Stenberg heeft zich dat een beetje herhaald en enkele jaren later kreeg je hetzelfde met de saxofoons. Toen was Candy Dulfer het idool dat veel meisjes inspireerde om saxofoon te gaan spelen. De meeste mensen moeten blijkbaar toch een voorbeeldfiguur hebben bij de keuze van een instrument”.

Blokfluit

„Van der Spek praat niet alleen enthousiast over de dwarsfluit, ook over de blokfluit raakt hij niet uitgepraat. De meeste mensen kennen natuurlijk alleen het blokfluitje waar dochterlief op school wat op leert blazen. Geen gunstige omstandigheden voor een kennismaking met het instrument. Zo blijft de blokfluit ondergewaardeerd. „Er komen hier nog steeds ouders die zeggen: „Jantje heeft: nu twee jaar blokfluitles gehad. Hij is uitgestudeerd. Nu mag hij een echt instrument kiezen”.

Laatst was hier weer zo’n rnoeder in de winkel, terwijl twee jongedames een blokfluit aan het uitkiezen waren. Die zochten heel duidelijk een instrument van de betere soort. Ze speelden samen een duet om de klank’ te beoordelen. Vol verbazing riep die moeder haar familieleden erbij: „Kom nu toch eens kijken, dat zijn twee blokfluiten die je hoort!” De mensen weten gewoon niet hoeveel schitterende blokfluitmuziek er geschreven is”.

Het feit dat de blokfluit op de pabo wordt gebruikt, doet volgens Van der Spek al evenmin goed aan de reputatie van het instrument. Pabo-studenten vragen bij Muziek Hakkert alleen maar naar de prijs: ze willen gewoon de goedkoopste. Ze schaffen het instrument aan omdat het verplicht is, maar verder interesseert het ze niet. Dat worden later uiteraard slechte promotors van de blokfluit.

Supermarkt

Wie verder kijkt dan het beginnersmodel, komt er al snel achter dat er op blokfluitgebied heel wat meer te doen is. Lopend langs de kasten verbaas je je over de keus. De bedrijfsleider vertelt dat een, fabrikant als Moeck vijf verschillende mo dellen maakt, waarbij in elk model de hele fluitenfamilie te verkrijgen is, van bas tot sopranino. Bovendien is een van die modellen dan nog leverbaar in verschillende houtsoorten. De hardheid van het hout heeft: namelijk invloed op de klank: harder hout geeft een helderder klank en een sterkere toon. Overigens heeft de hardheid van het hout ook invloed op de prijs. Je koopt voor vijftig gulden een redelijke blokfluit, maar er zijn er ook van ver boven de duizend.

Ooit kwam Van der Spek ergens in een supermarkt een houten blokfluit tegen voor nog geen negen gulden. „Het zag er uit als een blokfluit, maar dat was dan ook alles. De kernspleet was niet glad, het labium niet goed gesneden, de toongaten niet goed geboord, zodat de rafels er inhingen”. Voor veel mensen maakt het allemaal niets uit, ze horen het verschil alleen bij vergelijking met een beter instrument. Slechts de prijs telt. Misschien zou een kunststof instrument een oplossing zijn: een beter afgewerkt instrument voor een lagere prijs. Zo’ n oplossing breng je voorzichtig ter sprake, tenslotte moet je met veel pianisten niet over een digitale piano beginnen of met een organist over een elektronisch orgel. Dat valt hier echter mee”.

Kunststof

Van der Spek is tamelijk enthousiast over de kunststof instruiiienten. Zolang je niet naar een plastic fluit vraagt, heeft hij geen enkele moeite om een kunststof blokfluit te verkopen. De hele familie is in kunststof leverbaar, evenals een klarinet, fagot en hobo. „De klank van een houten fluit is levendiger en rijker van kleur. Maar als u met uw dochter van zes, zeven jaar hier komt, verkoop ik u een kunststof fluit. Kinderen produceren nu eenmaal te veel vocht, zodat een houten blokfluit binnen een halfjaar vals is. Wij hebben ons assortiment kunststof blokfluiten samengesteld in overleg met een docent van het Rotterdams conservatorium. We hebben de fluiten beoordeeld op zuiverheid en klank en er is overleg gevoerd met de fabrikant.

Een kunststof instrument is bepaald niet minderwaardig meer. Als een huis dat al generaties lang hobo’s fabriceert zich permitteert nu ook een kunststof hobo te maken, dan hebben ze daarmee een naam te verliezen. Het voordeel van zo’n hobo is dat het klanklichaam niet meer van structuur verandert. Hout werkt. Dat kan ten goede, maar ook ten kwade zijn. Daar heb je bij kunststof geen last van. We hebben ook wel kunststof fagotten gehad, maar daar is het klankverschil met hout veel duidelijker te horen dan bij de andere instrumenten. Mijn verstand zegt dan: koop een kunststof fagot, maar m’ n hart kiest toch voor hout”.

Offensief

In het geheel genomen worden er tegenwoordig minder instrumenten verkocht dan in de jaren zeventig. Met name bij de koperblazers is de teruggang groot geweest. Blijkbaar hebben de computer, de computerspelletjes en andere moderne vormen van vrijetijdsbesteding het actief musiceren een beetje verdrongen.

Van der Spek voelt wel wat voor een groot offensief van media en platenmaatschappijen. „Ik zou met name pleiten voor „een goede blokfluitist met een goede arrangeur, die samen de blokfluit kunnen promoten. Ik heb dat al eens besproken met een cd-producent, maar die vraagt meteen hoeveel cd’s ik denk af te nemen. Als dat te weinig is, willen de maatschappijen er geen geld in steken”.

Ook op muziekgebied maken de economische wetten blijkbaar voor een flink deel de dienst uit en dat niet alleen in Rotterdam.

Volgende week deel 4: Stolk Orgels, Nieuwerkerk aan den IJssel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Een Rotterdams pand vol hout, koper en kunststof

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken