Bekijk het origineel

„Daar gaat een van die gangsters”

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„Daar gaat een van die gangsters”

Bosnisch Servië zit aan de grond, maar de corrupte elite viert feest

4 minuten leestijd

PALE (AP) - Mooie auto’s, luxe dialets en een ravissant nachtleven liet gaat de Bosnisdi Senische elite goed in de wetteloze en economisdi aan de grond nttende RepubHka Srpslia. In Pale verrijst een nieuwe woonwijk van kapitale villa’s die door de plaatselijke bevolking al „ons Beveriy Hills” wordt genoemd. Het geld waarvan de’ s zijn gebouwd is verdiend met smokkel, zwarte handd en andere criminele activiteiten.

„We bouwen piramides voor onze farao’s”, zegt metselaar Mica Spasic, terwijl hij bezweet aan een enorm chalet voor Momcilo Krajisnik, het Servische lid van het driekoppige Bosnisch-Servische presidium, werkt. „De bedelaars verrichten slavenwerk voor de rijken”, zegt Spasic, die na een twaalfurige werkdag achttien gulden krijgt. Daarmee behoort hij nog tot de gelukkigen, want slechts een op de tien Bosnische Serviërs heeft werk. „Het is nauwelijks genoeg om mijn gezin van de hongerdood te redden”, aldus Spasic.

De nieuwe huiseigenaar, Krajisnik, is een bondgenoot van de politieke leider van de Bosnische Serviërs in oorlogstijd: Radovan Karadzic. Beide zijn door de Bosnisch-Servische president Biljana Plavsic beschulr’gd van smokkel en zwarte handel in hi it, alcohol, brandstof en sigaretten.

Karadzic is sinds een jaar ambteloos burger - in het vredesakkoord van Dayton staat dat verdachten van oorlogsmisdaden geen leidende functie mogen vervullen in het naoorlogse Bosnië. Maar hij blijkt vrijwel inmiuun voor de beschuldiging van de hoogste gezagsdraagster in de republiek. Karadzic bestiert achter de schermen nog steeds het politieapparaat en de gewone Serviërs hebben het te druk met hun, dagelijkse beslommeringen om iets tegen de corruptie van hun leiders te doen.

Maandsalaris

Terwijl leden van de elite hun avonden doorbrengen in restaurants met traditionele muziek en vrouwen in weinig verhullende kleding, lijken de meeste Bosnische Serviërs lijdzaam te berusten in hun lot. Al de bouwvakkers in Pale, even ten oosten van Sarajevo, zijn Serviërs die meer dan een jaar geleden uit Sarajevo vluchtten omdat de stad als uitvloeisel van het akkoord van Dayton in haar geheel onder moslim-Kroatisch bestuur Icwam. De tienduizenden Servische inwoners van Sarajevo werden tot hun vertrek aangezet door leiders zoals Krajisnik, die samenleven met de moslims als een hel voorstelden.

Zo’n 300 Servische vluchtelingen wonen nu in de tot ruïnes verworden skihotels op de berg Jahorina, op 20 kilometer ten oosten van Pale. De daken van de hotels lekken, de kamers stinken omdat er zo veel mensen op elkaar leven en de gebouwen zijn vergeven van de muizen. De telefoons werken er niet. „We leven als ratten, terwijl onze leiders als koningen leven”, zegt de zeventigjarige vluchtelinge Dragica Klacar in hotel Sator. Ze houdt haar dagelijkse voedselrantsoen omhoog: een mok bonensoep en twee dikke boterhammen.

De Bosnisch-Servische leiders hebben de helft van Bosnië die zij beheersen grote armoede gebracht. De meeste fabrieken liggen stil, ouderen krijgen geen pensioen en ambtenaren, artsen en onderwijzers krijgen hun maandsalaris van honderd gulden meestal een halfjaar te laat. Ongeveer eenderde deel van de 900.000 Bosnische Serviërs is nog steeds ontheemd als gevolg van de oorlog, die het land heeft verdeeld in een moslim-Kroatisch deel en een Servisch deel. De vluchtelingen wonen in onderkomens zoals de hotels op de Jahorina of in de verwoeste huizen waarin moslims woonden die uit het Servische gebied zijn verdreven.

Brandewijn

De misdaad tiert welig, mede doordat de nood zo hoog is en de goederen zo schaars zijn. Karadzic’ corrupte politie ziet veel door de vingers.

De Bosnisch-Servische republiek heeft slechts een fractie ontvangen van de 3,6 miljard gulden aan buitenlandse hulp die sinds het verdrag van Dayton van 1995 aan Bosnië is gegeven, vooral omdat de leiders zich niet aan de afspraken houden. Moslim- en Kroatische vluchtelingen mogen niet terugkeren naar de door Serviërs beheerste ge bieden en de Serviërs weigeren verdachten van oorl ogsmi sdaden zoals Karadzic uit te leveren aan het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag. „We verkopen onze identiteit niet voor een handvol dollars”, zegt de Bosnisch-Servische premi er Goj ko Klickovic.

Krajisnik erkent dat er mi sdaad is in Servisch Bosnië. Maar volgens hem speelt Plavsic „een doorzichtig spel”. Plavsic misbruikt de al gemene armoede voor eigen politieke doeleinden, zegt Krajisnik.

De bevolking is niet onder de indruk van de confrontatie Pl avsi c-Karadzi c. „Wi e er ook wint, wij zijn de dupe”, zegt Marija Katic, die sigaretten en goedkope brandewijn verkoopt in de hoofdstraat van Pale. „We zijn schapen die op de slachtbank wacht en”. Een zwarte Mercedes zoeft langs haar kartonnen tafel. Het opgewaai de stof doet Marija kuchen. „Daar gaat een van die gangsters”, zegt ze.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

„Daar gaat een van die gangsters”

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken