Bekijk het origineel

De magie van een flanellen, met paardenhaar gevulde speelgoedbeer

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De magie van een flanellen, met paardenhaar gevulde speelgoedbeer

11 minuten leestijd

De hei begint al te kleuren maar de grashalm om op te kauwen laat nog steeds met een vochtig piepje los. De lucht boven het zilvergrijze paadje trilt in de hitte. Een hommel cirkelt ongecoördineerd rond: het gezoem zwelt aan, zwakt af en zwelt weer aan als het geronk van een vliegtuigje dat zich op een noodlanding voorbereidt.

De straatweg de B 2026, een halve mijl terug waar de ijsauto van Mr. Whippy staat, is alleen nog maar aanwezig door een zacht achtergrondgedruis. Het paadje duikelt kronkelend over uitgesleten rotsen een steilte in. In de diepte glinstert het water van een bosven. In het zand aan de oever staan afdrukken van dierenpoten alsof er haastig handtekeningen zijn neergekrabbeld. Daarna loopt het pad, minder steil dit keer, omhoog, kruist een onverhard weggetje en verdwijnt in een decor van gaspeldoorn, boven op de richel. Erachter ligt het monumentje als een even onverwacht als bescheiden markeringspunt. De tekst op de plaquette luidt vrij vertaald:

"En o/doende kwamen ze bij een betoverde plek helemaal op de top van het Woud genaamd Galleons Lap Hier op Gills Lap worden herdacht A.A.Milne 1882-1956 en E. H. Shepard 1879-1976 die samen Winnie-the-Pooh creëerden en op die manier de magie van Ashdown Forest voor altijd vastlegden en aan de mensheid cadeau deden."

Herinneringen

Alan Alexander Milne leefde van zijn pen. In de jaren twintig was hij een gewaardeerd journalist-schrijver voor het blad Punch. Maar zijn ambitie reikte verder. Hij schreef toneelstukken yanuit het inspirerende optimisme dat zijn monoen dialogen op het theaterpodium blijvende waarde zouden hebben. De tijd is echter de meest genadeloze van alle critici. Milnes artikelen voor Punch zijn vergeeld en zijn toneelstukken zijn in het decor der vergetelheid verdwenen.

Milne zou de brede weg der onbekenden zijn opgegaan als hij zich als schrijver niet op een zijpad had bewogen. Gedichtjes, verhaaltjes, kinderverhaaltjes waarin zijn zoontje Christopher, diens speelgoedbeer Winnie de Poeh en nog een aantal levende dieren uit de menagerie van de Milnes een rol speelden, zette hij op schrift. Het waren Avonturen met een kleine “a". De invloed die ze hadden op de kinderlijke belevings- en denkwereld moet echter met een kapitale I worden geschreven en ligt in dezelfde orde als Alice in Wonderland.

Binnen de Angelsaksische cultuur hebben Christopher Robin en Winnie de Poeh richting gegeven aan het denken van talloze volwassenen. Diep ingebed in het ondoorgrondelijke deel van de hersenen waar het geheugen zetelt, leeft bij hele volksstammen een flanellen, met paardenhaar gevulde speelgoedbeer en is het stemmetje van Christopher Robin te horen. Ze zijn tot de wezenlijke herinneringen aan de eigen jeugd geworden en hebben,op die manier tot de persoonsvorming bijgedragen.

Jaap & Gerdientje

In de verte golven de heuvels wazig in de hete lucht. Onder de palm van de hand is de rotssteen van het gedenkteken verrassend koel. Het uitzicht, op de richel van Ashdown Forest, kan sinds Milne niet veel veranderd zijn. Misschien zijn er wat verspreide huizen bijgekomen en is er een weg verhard. Het is in elk geval een plekje gebleven dat tot overpeinzing aanzet. Bestaat in Nederland ook een kinderliteratuur waarmee we ons zo identificeren dat zij een deel van het leven zelf wordt?

Natuurlijk zijn er de bijbelvertellingen. Maar de vereenzelviging met die figuren valt voor een kind niet mee, hoewel Mozes me persoonlijk nogal aansprak. Als kind al kon ik me zijn woede en frustraties als weer eens niemand luisterde zo goed voorstellen, dat ik me zelf een beetje Mozes voelde. Het was een stil bondgenootschap, met het bijkomende voordeel dat ik me gerechtigd voelde om mezelf bij straatspelletjes als leider op te werpen.

Uit de seculiere kinderlectuur zou ik echter geen voorbeelden weten. In de eerste klas van de Christelijke Lagere School hadden we “Jaap en Gerdientje". Een boerenzoontje en de dochter van een zendeling. Hun leven speelde zich af in de wereld van het leesplankje: Zus, Jet, Teun, Vuur, Gijs, Kees, Bok, Weide, Does, Hok, Duif, Schapen. Nog herinner ik me hoe we als kinderen in de tweede klas afscheid van hen namen. Gerdientje vertrok met haar zendelingvader naar Indië, die daar bekeringswerk ging verrichten; Jaap bleef achter met Zus en Jet en al die anderen.

Toch zou ik geen van de avonturen die zij beleefden kunnen navertellen. Een paar jaar geleden kreeg ik een uitgave van “Jaap en Gerdientje” cadeau. Het boekwerkje kwam me bij herlezing totaal onbekend voor. Het enige citaat dat ik uit mijn kinderjaren uit het hoofd ken, komt uit Piggelmee. “In het land der blonde duinen en niet heel ver van de zee, woonde eens een dwergenpaartje en dat heette Piggelmee". Maar dat komt waarschijnlijk omdat ik het tweetal, zittend in oude Keulse Pot, haatte. Vrouwtje Piggelmee vanwege haar niet te stelpen ontevredenheid; het ventje Piggelmee omdat hij zich slap door zijn vrouw steeds maar weer naar het strand liet sturen om van “het visje, visje in de zee” nieuwe verbeteringen aan hun huis te eisen. Het heeft me een levenslange afkeer van overvraging en huursubidies bezorgd.

Successen

In de Winnie de Poeh-boeken ontbreekt elke moralistische grondslag. Dat is niet verbazingwekkend, want vaderschrijver A. A. Milne was een agnosticus; zijn zoon Christopher trouwens ook. Des te verwonderlijker is dat het eerste boekwerk waarmee vader en zoon beroemd zouden worden een gedichtenbundeltje was met daarin een versje over Christopher Robin, die geknield voor zijn bedje zijn avondgebed opzegt. “Hush! Hush! Whisper who dares! Christopher Robin is saying his prayers". (Sst, sst, houd je mond! Christopher Robin zegt zijn avondgebedje op).

Dit poëzieboekje -"When we were very young"- uit 1924 maakte Milnes goudgelokte zoon Christopher Robin niet alleen in Groot-Brittannië maar ook ver daarbuiten tot een “householdname". Hd door twee Poehbooh” uit 1926 en “rner” uit 1928) en njes, getiteld “Now we zes - 1927).

Het bleken delijke successen, etjes van Shepard. Te in 1931 een bezde Staten bracht, walleen maar geïnther Robin. “Parde hem een van de ban de wereld, samen met prinses Elizabeth van York, prins Michael van Roemenië en Yehudi Menuhin.

Winkelde

Iets verderop aan de B 2026, achter de richel van Ashdown Forest, ligt het lintdorpje Hartfield. Een kerk met een spits; een hoofdstraat met typisch Engelse vakwerkhuisjes, een paar pubs met bloembakken die feestelijk aan de gevels hangen. Op een splitsing van wegen staat een winkeltje met de naam Pooh Corner. Hoewel het huisje er in de dagen van Christopher Robin al moet zijn geweest, blijft de rol die het in de Poeh-boeken heeft gespeeld onduidelijk. In elk geval is het niet het woonhuis van Milne geweest die, welgesteld als hij was, in een groot buiten woonde.

Het winkeltje is volgestouwd met Pooh-parafernalia: beren in allerlei soorten en maten plus alle andere dierfiguren Uil (UU geheten omdat hij -hoewel heel knap en geleerd- zijn naam niet kan spellen). Biggetje, lejor, Kanga en haar baby’tje Roe), tekeningen van Shepard, oude foto’s van de echte Christopher en vader Milne. Het is het mini-Lourdes van de Poeh-bevlogenen, waar Poehboeken zelfs in het Latijn vertaald te verkrijgen zijn.

Vanuit het winkeltje beweegt zich een constante stroom van vaders en moeders met hun kinderen naar een klein parkeerterrein in het bos, een paar mijl verderop, waar een paadje naar de Poeh-brug loopt. Opgetogen kleuters met kleine takjes in de hand huppelen voor hun ouders uit, die er ook zelf een verwachtingsvolle pas in zetten. Het aantal Japanner(tje)s is opvallend groot. Het landschap is Engeland op zijn best: loofbos afgewisseld door golvende weiden, waarin met een dramatisch gevoel voor decorum paarden rondlopen en schapen staan te grazen.

Bloemen

Met de takjes .wordt “Pooh-sticks” gespeeld, net zoals Christopher Robin op dezelfde locatie in de jaren twintig deed. Het vermaak is om aan de ene kant van de brug een takje in het stromende water van het beekje te gooien en vervolgens hard naar de andere kant te rennen om te kijken welk stokje het eerst tevoorschijn komt. De simpelheid van dit genoegen is kenmerkend voor de Poeh-boeken. Het lijkt een raadsel dat Pooh-sticks het tijdperk van computerspelletjes heeft kunnen overleven.

Soms liggen bij de gedenksteen van Milne en Shepard bloemen. Niet een haastig bij elkaar uit het bos gegraaid boeketje, maar bloemen die vanaf huis moeten zijn meegenomen. Zouden kinderen in Nederland ooit bij het woonhuis van Annie M. G. Schmidt r eenzelfde gebaar maken? Is er ooit iemand op zoek gegaan naar de Trap van Dikkertje Dap om daar ‘s morgensvroeg ’ om kwart over zeven de giraf een kusje te geven? Zijn er ooit naspeuringen gedaan naar het plattelandsgehucht waar Jaap en Gerdientje hun avonturen beleefden? Is er ergens langs de lange Hollandse kustlijn een strandtent te vinden waar Keulse potten in de aanbieding zijn ter herinnering aan Pig“Pooh-sticks” sp gelmee en zijn onuitstaanbare vrouwtje? Zijn Engelsen sentimenteler dan Nederlanders? Of commerciëler? Of historisch bewuster? Maar wat doen dan die auto’s met Nederlandse kentekenplaten op de parkeerplaats in het bos? De snaar die Milne bij driejarigen weet te raken, blijkt -los van welke nationaliteit ook- levenslang na te trillen.

Identiteitscrisis

De vreugde die A. A. Milne via Winnie de Poeh generaties kleuters en ouderen bezorgde, was niet weggelegd voor zijn zoontje en hoofdrolspeler Christopher Robin. Het imago dat zijn vader en de tekenaar Shepard hem bezorgde, heeft hem tot aan zijn sterfdag op 20 april 1996 achtervolgd. Hij was toen 75 jaar oud. Zijn leven was, zeker tot aan zijn vijftigste, een constante identi- yteitscrisis ge- P? “weest. Pas toen hij zelf begon te schrijven, verkreeg hij zijn onafhankelijkheid, werd hij iemand die naar zijn eigen waarden werd beoordeeld.

Maar elke keer als hij voor “The Enchanted Places” (1974) achter zijn schrijfmachine ging zitten, was het „alsof ik een bezoek aan de psychiater bracht". Mijn vader, zo zei hij, is op mijn kinderlijke schouders gaan staan; hij heeft me mijn naam ontstolen en me daarvoor in de plaats de lege roem gegeven zijn zoon te zijn. „Eens op een dag zal ik versjes over hem schrijven en dan wil ik wel eens zien hoe hij dat vindt".

En na zijn vaders dood (1956) merkte hij op: „Bij het opgroeien ontstaat tussen ouders en kinderen een verwijdering en dat is goed. Ik had altijd een zeer nauwe band met mijn ouders, in het bijzonder met mijn vader en voor een langere periode dan gewoonlijk.

Misschien is dat de reden dat toen de verwijdering kwam deze dieper was dan normaal".

Wat hij zijn vader verweet was dat deze in zijn fantasie zijn zoontje tot een compagnon maakte met wie hij zijn eigen jeugd kon herbeleven. „Toen ik drie was, was mijn vader drie. Toen ik zes was, was hij zes. Hij had me nodig om aan zijn eigen leeftijd van vijftig jaar te ontsnappen".

Volwassenheid

Christophers grootste ergernis gold het gedichtje “Vespers” (St, st, houd je mond, Christopher Robin zegt zijn avondgebedje op). Het was zelfs -Christopher was toen pas zeven- op grammofoonplaat gezet, door hem zelf gezongen. Zijn medescholieren plachten uit pesterigheid het plaatje eindeloos te draaien. Toen hij het eindelijk in handen kreeg „brak ik het in honderd stukken en strooide die op een afgelegen veld uit". Geestelijk en lichamelijk was hij met Christopher-Pooh-Robin verbonden, onmachtig als een Siamese tweeling om zich van zijn wederhelft te ontdoen.

Het was tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen hij als pelotonscommandant in Italië gewond raakte, dat hij de last van Coor een deel van ziwentelen. Het ergstbin ooit was overkop zijn knie.

Deze odeur van volwas- serzaakt in een echte w roces van zijn eigeder gestalte tijdens zidge, waar hij een gralde. In 1951 verhFleming, niet ver vavon, waar hij een bde vage verwachtionder zijn verledeeen emigrant een ni. Maar ook daar acher Robin hem als eeerleden, wanneer Athe Pooh-enthousiasvoor een handtekenite Christopher Robichudden. Het zou eevoordat hij bereid wrium van 10 pond sting in een van zijn vatsen.

Het geld was -hvoor het Save the C ochter werd geborevraagd of zij naar eeit zijn vaders boekoemd, antwoordde hidachten is daarvan vog weer later, in 1op als een van de acte weer stelden tegish Petroleum om prn in Ashdown Forenga, Winnie, Uil, Bpher Robin hun aleefd. De verzoenijke alter ego leek pas toen definitief totstandgekomen.

Plotseling heeft een zomeronweer de luteken versomberd. Den als zoeklichten liijn. En omdat de pleen van de stralen drdoor de namen A. Aand E. H. Shepard 1De ruimte is volgenlijk zou er een den staan: Christopher Robin Milne 1920-1996. De mensen genieten nog altijd van Winnie the Pooh, maar het kostte Christopher de magie van zijn kinderjaren;

(Soms is Winnie the Pooh op Engelse wijze en soms als Poeh op Nederlandse wijze gespeld, afhankelijk van de relevantie in de tekst).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 16 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

De magie van een flanellen, met paardenhaar gevulde speelgoedbeer

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 16 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken