Bekijk het origineel

Thuiszorg: samenwerking is cruciaal, maar met wie?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Thuiszorg: samenwerking is cruciaal, maar met wie?

Overhevelen van christelijk personeel naar algemene organisatie brengt grote schade aan

8 minuten leestijd

„Personeelskrapte thuiszorg door slecht image”, zo kopte het Utrechts Nieuwsblad op 29 juli Juist in de achterliggende vakantieperiode is de krapte voor veel organisaties pijnlijker geweest dan ooit. De pijn is nog groter bij christelijke organisaties, die omwille van de zorgvisie nauwelijks terechtkunnen bij uitzendbureaus.

Zeker als we ons realiseren dat we nog maar aan het begin staan van de groeiende kloof tussen het toenemende aantal hulpbehoevenden en het afnemende aantal zorgverleners, vervult ons dit met zorg: hoe moet dat wel niet gaan in de vakantie van (pakweg) 2012? Die zorg wordt niet minder door een andere ontwikkeling, waarop vooral in dit artikel nader wordt ingegaan.

Op 19 juni besloot het parlement namelijk de marktwerking in de thuiszorg te stoppen. Tot het jaar 2001 worden geen nieuwe organisaties voor thuiszorg toegelaten. Bestaande organisaties dienen hqt totale awbz-pakket thuiszorg te leveren. In dit artikel een pleidooi om de activiteiten voort te zetten, met een verwante partner, onder andere vanwege de groeiende personeelskrapte.

PSMD’s

De Protestantse Stichtingen voor Maatschappelijke Dienstverlening (PSMD) staan voor een dilemma. Per 1998 moeten ze verpleging en verzorging aanbieden, boven op het huidige aanbod van gezinsverzorging. Als ze dit niet bewerkstelligen, houden ze op te bestaan. Hoe kunnen ze dit voor elkaar krijgen? Samenwerking lijkt het antwoord, maar met wie en tot welk niveau?

Besturen van gezinsverzorgingsorganisaties hebben hierover al veel vergaderd. Het resultaat is vaak dat er concrete afspraken komen tussen organisaties. Ook fusies komen veel voor. Fusies bieden het voordeel dat de overhead van één bedrijf over diverse organisaties kan worden verdeeld en de omzet van al die organisaties bij elkaar kan worden opgeteld.

Dit is een voordeel, volgens het voorstel van de bewindslieden van volksgezondheid. Daarin wordt op korte termijn gestart met een systeem van benchmarking: per organisatie mag maximaal een X percentage aan indirecte kosten worden besteed. De sanctie op het overschrijden van de norm zal ongetwijfeld worden vertaald in een neerwaartse budgetaanpassing.

Spanningsveld

Gefuseerde organisaties zijn dan vaak in het voordeel, vanwege een gezamenlijk grote omzet en een over de diverse organisaties gedeelde overhead, waardoor het percentage indirecte kosten laag is.

Het dilemma van de PSMD’s is nu het spanningsveld: omzetvergroting, reductie van indirecte kosten en handhaving van de christelijke identiteit. Samenwerking met verzorgings- en verpleeghuizen lijkt geen optie meer, omdat die tot 2001 zijn uitgesloten van het aanbieden van thuiszorg. Ook het lenen van ziekenverzorgenden en verpleegkundigen van verzorgingsen verpleeghuizen lijkt geen optie: de daarvoor vereiste uitzendvergunning ontbreekt en de administraties zijn onvoldoende toegerust om verschil te kunnen maken tussen btw-belaste activiteiten en activiteiten die vrijgesteld zijn van btw.

De meest logische weg die openstaat, is het zoeken van samenwerking met een bedrijf dat een vergelijkbare organisatie is, werkend vanuit dezelfde identiteit. In dat licht bezien is het merkwaardig dat er christelijke organisaties voor gezinszorg zijn die samenwerkingsbesprekingen voeren met grote thuiszorgorganisaties die alle vereiste producten leveren, maar niet christelijk zijn. De christelijke identiteit staat of valt met de persoon van de directe hulpverlener. die zich gesteund weet door de et christelijke zorgvisie van de werkorganisatie en die deze in egevende enpraktijk brengt.

Als wordt samengewerkt met een neutrale thuiszorgorganisatie, D is de kans groot dat binnen enkele jaren na tekening van de samenwerkingscontracten de identiteit verwordt tot eert holle frase. Bij samenwerking of fusie met een ook qua identiteit vergelijkbare organisatie is dit gevaar veel kleiner, omdat handhaving van de identiteit dan juist een belangrijk doel blijft.

Curadomi

Curadomi is een landelijk werkzame organisatie voor thuiszorg, opererend vanuit een christelijke (prolife-) zorgvisie. Tot voor kort was Curadomi actief binnen het particuliere segment van de thuiszorg. Vooral cliënten met een PersoonsGebonden Budget hadden gelegenheid bij Curadomi zorg in te kopen.

In 1997 zijn de activiteiten echter fors uitgebreid. In een deel van het land wordt nu ook awbz-zorg gegeven. Dit betekent dat Curadomi ook vanaf 1998 in aanmerking komt om haar activiteiten voort te zetten als volwaardige thuiszorgorganisatie. Als samenwerkingspartner zou Curadomi daarom in beeld kunnen komen, juist nu Curadomi recent in deze gunstige gelegenheid gekomen is.

In het recente verleden heeft een aantal verzoeken tot samenwerking Curadomi bereikt. Voor samenwerking geldt in elk geval een aantal randvoorwaarden. Zo dienen in de eerste plaats organisaties die met Curadomi wensen samen te werken de Curadomi-zorgvisie te onderschrijven. Deze zorgvisie houdt onder meer in dat het menselijk leven vanaf de conceptie tot en met het levenseinde beschermwaeurdig wordt geacht.

Juist voor gezinsverzorgingsorganisaties is dit belangrijk, omdat zij zich ook moeten gaan begeven op het betrekkelijk onbekende terrein van verpleging. Het is nodig dat dan een duidelijk beleid is vastgelegd op het gebied van ethisch gevoelige onderwerpen, zoals “levensbeëindiging-op-verzoek”.

In de tweede plaats dienen deze organisaties bereid te zijn zich te conformeren aan het kwaliteitssysteem dat Curadomi heeft opgezet. Dat kwaliteitssysteem is opgezet, naar analogie van de NEN ISO 9002-norm.

Neutraal

Zoals zojuist al werd gesteld, is ons gebleken dat identiteitsgebonden organisaties voor gezinszorg zelfs bereid zijn te fuseren met grote, neutrale thuiszorgbedrijven. Met andere woorden: ze zijn bereid zich op termijn op te heffen en de eigen medewerkers onder te brengen bij neutrale werkgevers. Nu is het opheffen van een christelijke organisatie een ontwikkeling die (zo mogelijk) moet worden voorkomen. Er kunnen redenen zijn om, na ampel beraad, te beslissen dat het niet anders kan.

Maar het overhevelen van christelijk personeel naar een algemene organisatie brengt grote schade aan bij de resterende christelijke bedrijven, die zelf juist verlegen zitten om christelijke medewerkers en graag deze medewerkers zouden aantrekken. Er zijn al relatief weinig werknemers te vinden die vanuit een christelijke overtuiging hun werk invullen. Dat personeelstekort verslechtert de komende twintig jaar ronduit dramatisch. Juist als dat’bekend is, dient alles in het werk gesteld te worden om deze medewerkers te behouden voor christelijke werkgevers.

Door een dergelijke fusie met een neutrale organisatie legt men deze algemene organisaties gemakkelijk de woorden in de mond: Wat Curadomi doet, kunnen wij ook. Ten onrechte: doorgaans dienen christelijke medewerkers, werkzaam bij een neutrale organisatie, te zwijgen over eigen geloofsovertuiging. Bij Curadomi mogen medewerkers indien de cliënten aangeven te willen praten over eigen geloofsproblematiek, hierin meegaan. De medewerkers weten zich daarbij gesteund door de werkgevende organisatie: er is daar ruimte voor een persoonlijke band met de cliënten die verder gaat dan alleen het directe sociale contact. Dat is juist de reden waarom veel cliënten een keuze hebben gemaakt voor een christelijke organisatie!

Dit is daarom een kardinaal verschil tussen een algemene en een christelijke organisatie. Werknemers en cliënten zien dat verschil; ook bestuurders zouden daarvoor oog kunnen hebben. Wij pleiten voor handhaving van de identiteitsgebonden thuiszorg. Vandaar dat we in dit artikel aandacht vragen voor een bestaande organisatie voor thuiszorg, Curadomi, waarmee wellicht ook kan worden samengewerkt. Graag zouden we zien dat in de afwegingen van de desbetreffende bestuurders ook de mogelijkheid van samenwerking met Curadomi wordt betrokken.

Ziekenhuizen

Ziekenhuizen krijgen van de bewindslieden van het ministerie de opdracht de ligduur van patiënten te verkorten. Daartoe krijgen ze minder bedden toegewezen en een budget speciaal voor thuiszorg.Door goede samenwerking met de thuiszorg zouden patiënten meteen na behandeling naar huis moeten. Het is daarbij denkbaar dat het ziekenhuis zelf meer specialistische vormen van thuiszorg (”ziekenhuisverplaatste zorg”) organiseert. Dit kan het ziekenhuis in eigen beheer doen, maar het kan de thuiszorg ook kopen bij een organisatie die hiermee al veel ervaring heeft opgedaan. Dit laatste heeft als voordeel dat het in zee gaat met een organisatie die haar administratie volledig op thuiszorg heeft ingericht, medewerkers heeft die gewend zijn in de thuiszorg te opereren, ervaring heeft met samenstelling van zorgteams en dergelijke: kortom, het bespaart de nodige opstartkosten en het leergeld hoeft niet te worden uitbetaald.

Voor ziekenhuizen is samenwerking met christelijke organisaties voor thuiszorg belangrijk als: - het ziekenhuis een doelgroep heeft die thuiszorg wenst door medewerkers met een christelijke achtergrond. Te denken valt aan ziekenhuizen in Zeeland, op de Zuid-Hollandse eilanden, in de Alblasserwaard, in de omgeving Zeist/Amersfoort en op de Veluwe. Oftewel: een groot gebied, waarin de ziekenhuizen zich extra aantrekkelijk kunnen maken door samenwerldng met zorgaanbieders die de taal van de doelgroep spreken.

- het ziekenhuis kan juist die patiëntengroep waarin Curadomi zich meer en meer specialiseert (”palliatieve zorg”) naar Curadomi verwijzen. Ook hierin doet zich een voor ziekenhuizen gunstige gelegenheid voor om in te spelen op de behoeften van een groot aantal patiënten uit het adhaerentiegebied.

Conclusie

Als conclusie van al het bovengenoemde willen we formuleren dat het wellicht de moeite waard is samenwerldng met een bestaande christelijke organisatie voor thuiszorg te overwegen. Dit geldt voor ziekenhuizen, maar niet het minst ook voor organisaties voor gezinszorg. Uiteraard zijn er hiervoor ook andere middelen dan een artikel in een dagblad, maar gezien het korte tijdsbestek dat rest, is dit wellicht een effectief middel.

De auteur is directeur van Curadomi, organisatie voor thuiszorg bv.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Thuiszorg: samenwerking is cruciaal, maar met wie?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken