Bekijk het origineel

„Bellijn mag geen kliklijn zijn”

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

„Bellijn mag geen kliklijn zijn”

Gedragscode moet begrip kweken bij automobilist en trucker

6 minuten leestijd

ZOETERMEER - Gebalde vuisten, gdieven middelviiers, snijden en toeteren zijn de middelen die veel automobilisten gebruiken in de communicatie met vrachtwagenbestuurders. Een werkgroep van Transport en Logistiek Nederland (TLN) denkt dat het goed is als er een middel aan die rij wordt toegevod. Een Nederiandse versie van de Britse Good Lorry Code, een gedragscode voor vrachtwagenchauffeurs. Voor het kweken van wederzyds brq

Een trucker gooit zijn combinatie naar de linkerrijbaan. De irritatie in de rij op de linkerstrook bereikt een hoogtepunt. Wat de inhalers niet zagen, was dat de voorganger van de truck bot op het rempedaal trapte, waardoor de vrachtwagen wel in het gaatje op de linkerbaan móést schieten. De chauffeur van de truck krijgt vervolgens door verschillende passanten aangereikt dat hij toch wel érg dom en gevaarlijk opereerde. De weg is doorgaans vol opvoeders.

„We doen het over het algemeen erg goed, maar toch blijft de branche een slecht imago houden”, zegt drs. Hans Koeleman van de. brancheorganisatie TLN in Zoetermeer, waarbij het merendeel van de transportbedrijven is aangesloten. De wegen worden steeds voller, het aantal files neemt gestadig toe. „We ervaren gewoon steeds meer hinder van elkaar. De branche is -terecht of onterechterg veel in the picture”. In Nederland rijden zo’n 85.000 vrachtwagens van meer dan 12 ton, schat hij.

Koeleman benadrukt dat er hier slechts plSnnen zijn voor het instellen van een gedragscode voor transportbedrijven. In Groot-Brittannië bestaat de code sinds anderhalf jaar, in de Verenigde Staten aanzienlijk langer, onder de noemer van “How do you like my driving?” Automobilisten kunnen op een centraal telefoonnummer klagen over het rijgedrag van chauffeurs die de code onderschrijven. In Engeland rijden inmiddels zo’n 7000 trucks rond met achterop een sticker met de tekst “Well driven? Call 0800 22 55 33”. Weggebruikers kunnen in positieve en in negatieve zin reageren op het weggedrag van chauffeurs.

Hoffelijker

Bij de Britten werd klein begonnen, met 1500 trucks. „Hun congestieproblemen verschillen niet wezenlijk van de onze, alleen is de Engelsman van nature wel veel hoffelijker dan wij doorgaans zijn”. Op de 7000 trucks-metsticker wordt op dit moment per dag zo’n veertig keer gereageerd, voor 60 procent in negatieve zin, 40 procent krijgt een pluimpje. „In 90 procent van de gevallen zijn het serieuze opmerkingen, bij 10 procent is het een klucht”.

Een codesticker met een centraal telefoonnummer op de auto; dat impliceert een kwetsbare opstelling in de verkeersjungle. Is dat het meest geëigende middel in ons land vol notoire mopperaars? „Het gaat om het geven van uiüeg, om het kweken van begrip. Je bent professional, je bent goed, en je mag daarop aangesproken worden”. Koeleman is ongelukkig met het woord “kliklijn” dat al in de media opdook. „Het is geen kliklijn. De klacht of opmerking wordt alleen behandeld als de beller naam en adres opgeeft. Hij is dus niet- anoniem”. Er wórden al heel wat ondernemers gebeld, zeker als het tele foonnummer van het bedrijf goed zichtbaar op de wagen staat, „maar het is beter die opmerkingen te structureren en op te slaan in een database. „Dan heeft de hele branche er wat aan”. „De kracht van de actie is dat de sector een dialoog aangaat met de andere weggebruikers”, zegt Koeleman. „Mensen worden in staat gesteld hun woede te uiten en dat lost gelijk al een groot probleem op”. De vergelijking met de ingezondenstukken-rubriek bij een krant gaat volgens hem wel op.

Cowboys

Als de code wordt ingesteld -ook hier zal dat eerst op proef op kleine schaal gebeuren- zou het ervan kunnen komen dat klanten van vervoerders gaan zeggen: „Hé, waarom heb jij niet zo’n sticker op je auto?”. „Verplichtend zal het voeren van de code nooit worden, maar als veel bedrijven meedoen, komen de ‘cowboys’ onder de truckers vanzelf bovendrijven. De code is bestemd voor bedrijven die zich willen onderscheiden. Hij betreft niet alleen het rijgedrag, maar ook zaken zoals de omgang met het milieu en met het wagenpark”. Koeleman erkent dat voor het grote publiek vooral het rijgedrag van belang is.

Het doorbréken van de anonimiteit op de weg is essentieel, meent de TLN’er. „De chauffeur geeft aan dat hij zich aan de regels houdt, dat hij professioneel bezig is en dat hij als voorbeeld durft te dienen voor zijn collega’s. Hij staat voor wat hij doet. Alleen de mededeling “Ik rijd goed” is te weinig, dan heeft geen interactie, geen dialoog plaats”.

De vergelijking met het veelgeplakte Ichthus-teken gaat misschien niet helemaal op, maar als daar een telefoonnummer aan zou zijn gekoppeld, kon degene met een ‘visje’ die toch 140 rijdt op zijn of haar rijgedrag worden aangesproken. „Dan kan de overtreder zelf uiüeggen dat het écht nodig was, omdat hij naar zijn doodzieke schoonmoeder op weg was, óf hij kan zijn fout toegeven”.

Uitnodiging

De code is er nog niet een-twee-drie.. In oktober spreekt het TLN-bestuur, zich uit over het initiatief, daarna moeten nog de nodige organisatorische en financiële hobbels worden genomen... „In Engeland is het werk uitbesteed. Omdat het call-centre zeven keer 24 uur per week open moet zijn, is dat.wellicht de beste keuze. Bij de Britten’worden namen en adressen van bellers jin een computer gestopt. De Freight,Transport Association (FTA) schrijft debeller binnen twee dagen een brief of „belt hem op. Het betrokken bedrijf ver--plicht zich binnen drie weken te reage- ren. „We stellen ons voor dat een bedrijf een beller uitnodigt en zegt: Rijdt, u eens een stukje mee, dan ziet u beter hoe het werkt. Zo’n dialoog moet mo-j gelijk zijn”.

De vervoersbond CNV heeft bij fmonde van bestuurder Bot al laten we-; ten niet gelukkig te zijn met de eventu-;i ele gedragscode. „De verantwoordelijk-! heid wordt afgeschoven op de chauf-i feurs, terwijl die vaak onmogelijke op-drachten krijgen van hun baas. Ze moe-ï ten hun lading op tijd leveren en daar-door moeten ze regels overtreden . kunnen ze onvoldoende rusten”.

Koeleman: „Zulke publiciteit is voor-f barig. Er is nog niets concreet. De dis-cussie tussen de bonden en ons moet, nog beginnen, net als het overleg met; de leden. Ook gaan we eerst nog in Engeland kijken, dan kunnen we de daar: gemaakte fouten hier voorkomen”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

„Bellijn mag geen kliklijn zijn”

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken