Bekijk het origineel

Vroom en pastoraal bewogen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vroom en pastoraal bewogen

Brieven van Samuel Rutherford ademen christocentrische spiritualiteit

10 minuten leestijd

Terecht wordt wel opgemerkt dat het Schotse en Engelse puritanisme uit de zeventiende eeuw „een devotionele beweging was, geworteld in godsdienstige bevinding”. Een diepe geloofsbeleving spreekt uit veel geschriften van deze mannen van de “praxis pietatis”. De scala van egodocumenten uit die tijd bevestigt dat hun theologisch denken bevrucht werd door een diepe persoonlijke vroomheid. Tot de klassieken van getuigenissen van deze vorm van devotie behoren de brieven van de bekende Schotse theoloog Samuel Rutherford (1600-1661). Deze brieven vormen het onderwerp van een recent verschenen studie.

Rutherford wordt gerekend tot de grote theologen van Schotland uit de tijd van de zogenaamde Second Reformation (Tweede Reformatie). Deze reformatie omhelsde niet zozeer de bevordering van de vroomheid als wel de vernieuwing van politieke en kerkelijke structuren. Rutherford verdedigde de theocratiegedachte en brak een lans voor het presbyteriaanse karakter van de kerk; zulks in tegenstelling tot de autocratische politiek van de Stuarts en de opgelegde episcopale kerkvorm. Hij behoorde tot de vooraanstaande “Covenanters”, die op de basis van John BCnox (met de zijnen) wilde voortbouwen.

De machtsstrijd tussen kerk en staat, die hiervan het gevolg was, bepaalde grotendeels het gezicht van de eeuw waarin hij leefde. Als predikant van het gehuchtje Anwoth in het zuiden van het land en later als hoogleraar aan de Universiteit van St. Andrews had hij alle gelegenheid om zijn pastorale en theologische talenten in praktijk te brengen.

Tweemens

Rutherford wordt wel een tweemens genoemd. Aan de ene kant de schólasticus die zijn tegenstanders met de logica van Aristoteles om de oren weet te slaan, en aan de andere kant de mysticus, die zijn innerlijke ervaringen als een open boek weet te verwoorden. Wij zien hierin nog geen tegenstelling. Zowel zijn mystieke ontboezemingen als zijn filosofische uitweidingen zijn gestoeld op een bijbels onderbouwde theologie. In zijn polemische geschriften en in zijn brieven komen we dezelfde uitgangspunten tegen, al zijn de benaderingen wel verschillend. Ook in de brieven ontbreekt de logica niet, al wordt deze wel gevoed door een warme intonatie, die rechtstreeks uit het hart komt. Terecht noemt Adam Philip zijn “Letters” „het gouden boek van de liefde”.

Rutherfords spiritualiteit moeten wij plaatsen in de Schotse gereformeerde traditie. Zij is uniek vanwege het allegorisch taalgebruik, maar niet uitzonderlijk. Zij is niet meer dan een intensivering van de beleving van de drie Sola’s van de Reformatie. Het is niet juist deze vorm van vroomheid als een verlengstuk of beïnvloeding te beschouwing van de roomse middeleeuwse mystiek. Zeker, er zijn parallellen aan te geven met de bruidsmystiek van Bernard van Clairveaux, als het gaat om het christocentrische karakter van Rutherfords brieven. Vooral het taalgebruik van zijn brieven is mystiek gekleurd en doet denken aan de grote middeleeuwers.

Het grote verschil met de middeleeuwse mystici is dat de vroomheidsbeleving van Rutherford via het kanaal van de Schrift wordt bepaald en niet gevoed wordt door bijzondere innerlijke openbaringen buiten het Woord van God om. Trouwens, zijn bestrijding van de “Theologica Germanica” en van andere spirituele geschriften is een bewijs dat Rutherford zich met hen niet verwant voelde.

Pen en tong

De spiritualiteit van de brieven van Rutherford is in de eerste plaats christocentrisch getoonzet. De persoon en het werk van Christus staan centraal. Uitspraken zoals de volgende komen we veelvuldig tegen: „Ik durf te zeggen dat pen en tong van engelen, ja vele werelden van engelen bij elkaar, als er druppels water in al de zeeën zijn en fonteinen en rivieren der aarde, dat deze alle Hem niet kunnen uitschilderen”. In allerlei toonaarden bezingt hij de schoonheid van de Middelaar. „Christus, Christus, niets dan Christus kan de brandende koorts van onze liefde verkoelen. O dorstige liefde! Wilt u Christus, de fontein des levens, aan uw hoofd zetten en tot uw gezondheid drinken? Drink en wees niet karig; drink liefde en word dronken van Christus!” „Ach, hoe lang zal het nog duren, voordat de dag aanbreekt, waarop ik een vrije wereld van de liefde van Christus zal genieten! O, wat voor een vooruitzicht, om daar boven in de hemel te zijn, in die schone hof van het nieuwe paradijs, en Hem te zien, te ruiken, te tasten en te kussen”.

Bij de uitbeelding van de liefde van Christus maakt Rutherford veel gebruik van aanhalingen uit het Hooglied van Salomo. Juist de verwoording van de liefde tussen de bruid en de bruidegom, zoals die in het Hooglied wordt geschilderd, sluit aan bij het spraakgebruik dat hij in zijn brieven bezigt. Hij is een geboren allegorist, die op deze wijze de snaren van de ziel haarfijn weet te bespelen. In dezelfde trant beschrijft Robert MacWard, die de eerste uitgave van zijn brieven in 1664 verzorgde: „Terwijl hij, als komende uit het wijnhuis van de Koning om u te overreden om dichterbij te komen en uw ziel in dezelfde zuivere vreugden er blijvende genoegens, waarmee hij zich gevoed heeft, te doen baden en te verlustigen...”

Galloway

De brieven zijn meest gericht aan vrienden in Galloway, de streek waarin hij van 1627 tot 1636 werkzaam was. Ze zijn pastoraal en geven blijk van een groot meeleven met hun problemen. Vooral met Lady Kenmure en Marion Macnaught blijkt hij een hechte band te hebben. Vanuit eigen ervaring weet hij raad te geven bij geestelijke en natuurlijke beproevingen. Het kruis dat hijzelf moest dragen in het volgen van Jezus, verschafte hem veel nieuwe ervaringen die hij tot bemoediging doorgeeft. Als hij de gevoelige nabijheid van de Heere ondervond, was deze last niet zwaar. Maar ook als hij de verberging van de Heere gewaar werd, leerde hij diepe lessen. De roede is nodig om hem meer aan zijn Heiland te verbinden. Steeds maant hij tot onderwerping aan Gods wil. Hij schrijft: „Ik ben nu enigermate onderworpen en tot rust gebracht en heb besloten om te wachten totdat ik zie wat mijn Heere Jezus met mij doen wil”. Het geoefend zijn in de beproeving is voor hem een zaak van het grootste belang geworden. Deze strijd bepaalde zijn leven, ook als hij de waarheid in woord en geschrift, in het openbaar moest verdedigen.

Toen Lady Kenmure ziek was, probeerde Rutherford haar moed in te spreken: „Tot mijn droefheid heb ik van uw zwakte en ziekte vernomen. Nochtans vertrouw ik dat u geleerd hebt te zeggen: Hij is de Heere; Hij doe wat goed is in Zijn ogen”. En even verder schrijft hij: „Mevrouw, uw Heere wil dat u in alle omstandigheden van het leven zult zeggen: “Uw wil geschiede op de aarde gelijk als in de hemel”. Hierin zult u troost hebben dat Hij, Die volkomen door al uw kwalen heen ziet elke beker van verdrukking met Zijn eigen genadige hand aan uw mond houdt”. Rutherfords raad in moeilijke wegen is soms radicaal, vanuit de bedoeling om Gods wil in alles te erkennen en zich ermee te verenigen.

Zekerheid

Een ander aspect dat wij regelmatig in zijn correspondentie tegenkomen, is dat van de heilszekerheid. Vooral in zijn tijd was dit een gevoelig onderwerp geworden. De geestelijke polsslag van veel gelovigen was niet alleen onregelmatig, maar soms haast niet waar te nemen.’ Er was grote behoefte aan pastoraal onderwijs voor hen die niet verzekerd waren van hun aandeel in Christus.

In een brief aan James Wilson onderwijst hoe met twijfel moet worden omgegaan. Hij houdt hem voor dat zijn zorg of hij wel een kind van God is „geen vrucht kan zijn van de natuur”. „Durft u uw Eigenaar afzweren en koelbloedig zeggen: “Ik ben de Zijne niet?” Het is alsof Rutherford het verstorven leven in het gemoed van zijn correspondent wil opwekken. Hij roert juist gevoelige plaatsen aan om hem uit zijn twijfels te lokken. En, alsof hij nog niet genoeg argumenten heeft aangevoerd, vraagt hij: „Ach, zegt u, mijn hart is zo hard en ik word aangevallen door verwarde en droefgeestige gedachten”. Hierop antwoord ik: Wel, lieve broeder, wat wilt u hieruit besluiten? Dat u niet weet wie u toebehoort? Ga voort om uw hardheid te gevoelen en te beklagen, want zijn hardheid te gevoelen is een bewijs van weekheid”.

Hij wekt Wilson ten slotte op om, ondanks zijn moedeloosheid, Gods lof te zingen:. „Ik beveel u, zing Christus lof met psalmen, omdat Hij het werk van Zijn genade in u is begonnen. Laat Christus uw muziek en zang wezen, want het klagen en gevoel hebben van gebrek, verslindt vaak uw lofzeggingen”.

Politiek

Meermalen drukt Rutherford zich in zijn brieven apocalyptisch uit. Dit heeft vooral te maken met de politieke situatie van het Britse rijk. Het grote conflict tussen het volk en de koning over reikwijdte van het gezag van de overheid bracht veel pennen in beweging. De Schotse Covenanters zagen zich voor een grote uitdaging geplaatst om het ideaal van de theocratie gestalte te geven. De “Second Reformation” ‘moest in hun ogen het begin zijn van het vrederijk. De koninklijke tirannie en de bisschoppelijke willekeur dienden uiteindelijk te zwichten voor het godsrijk, waarin Christus als Hoofd van de volken Zijn gezag zou tonen.

Reikhalzend zag Rutherford uit naar de vervulling van dit ideaal. In het heetst van de strijd schrijft hij: „Ik vertrouw erop dat het Sion wel zal gaan. Het braambos zal branden en niet verteerd worden, vanwege de goedwilligheid van Hem Die in het braambos woont”. Christus is de uiteindelijke Overwinnaar over het rijk van de roomse antichrist, die het bijzonder heeft voorzien op Schotland en Engeland. Bij het apocalyptisch perspectief dat Rutherford voor ogen had, paste ook zijn kijk op Israël. In een zekere extase schrijft hij: „Wat zullen we met onze oudste zuster, de joden doen? Dat zou een vrolijke dag zijn ons en hen tezamen aan één tafel te zien zitten en Christus aan het hoofd van de maaltijd”. De nationale bekering van het joodse volk koni n zijn ogen niet ver meer weg zijn!

Bitterheid

De optimistische toonaard van Rutherfords brieven verandert als hij na verloop van tijd geconfronteerd wordt met bittere teleurstellingen. Wanneer blijkt dat zijn verlangens aan het einde van zijn leven niet zijn gehonoreerd en dat zijn vaderland in een grotere chaos vervalt dan toen hij jong was, ziet hij meer op het oordeelsaspect dan op het gloren van een nieuwe dag. Toch houdt hij staande dat de trouw van de getuigen voor de waarheid zal beloond worden!

De recent verschenen studie van John Coffey over Rutherford noemt zijn brieven een „zeldzaam voorbeeld van een paradoxaal fenomeen, de presbyteriaanse mystiek”. Toch is het de vraag of het woord mystiek de vroomheid van Rutherford volledig dekt. Zijn spiritualiteit en die van zijn geestverwanten was niet gericht op extatische ervaringen, maar op een voortdurende gemeenschap met God in Christus. Hoewel het voorkomen van contemplatieve ervaringen hierbij niet moet worden onderschat, dient hun godservaring niet los te worden gezien van hun leven. Het ging ten diepste om een algehele overgave aan God, met name in het bestuur van, het leven en handelen met landen en volken. Rutherfords zielservaring was geen “zich verloren en verslonden weten” in de gods- ervaring, maar een oefening in het “Uw wil geschiede” en najagen van Zijn eer. Zijn devotie was daarom zowel smal als breed; smal in de verborgen omgang met Christus en breed in het verlangen naar Zijn godsrijk en openbaring van Zijn koningschap in de wereld.

Geheim

Wie de brieven van Rutherford heeft begrepen, verstaat ook de bedoeling van een latere geestverwant, Donald Cargill. Deze martelaar werd eens gevraagd waarom hij zich toch zo druk maakte in zijn leven, daar hij uiteindelijk toch naar de hemel ging. „Ja”, zei Cargill, „wij willen meer ontvangen. Wij willen dat God op aarde verheerlijkt wordt, wat meer is dan de hemel”.

Hierin lag het geheim van Rutherford en zijn brieven verklaard!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Vroom en pastoraal bewogen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken