Bekijk het origineel

Minister Borst-Eilers in opspraak door falende reorganisatie van departement

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Minister Borst-Eilers in opspraak door falende reorganisatie van departement

CDA-kamerlid Lansink: Bewindsvrouw mist politieke antenne

7 minuten leestijd

Het gaat niet goed met de ambtelijke organisatie van het ministerie van welzijn, voliisgezondheid en sport. Minister Borst, die op het departement de scepter zwaait, moet het ene negatieve bericht over de reorganisatie na het andere naar de Kamer sturen. Het CDA-liamerlid Lansinic houdt als geen ander de vinger aan de pols. Aanstaande dinsdag debatteert de Kamer op zijn initiatief over de kwestie. Vooruitlopend daarop geeft de christen-democraat zijn verrassende analyse van de situatie in de Rijswijkse ambtenarenmolen.

Afgelopen maandag stuurde minister Borst een vernietigend rapport van het organisatiebureau Twijnstra Gudde naar de Tweede Kamer. Het rapport evalueert de laatste -nog lopende- reorganisatie. Enkele citaten:

•„Slagvaardige (interne) sturing door de ambtelijke leiding ontbreekt”.

•„Een duidelijke externe strategie, uitgaande van de maatschappelijke ontwikkelingen en gewenste positionering van het ministerie, ontbreekt”.

•„De politiek-bestuurlijke oriëntatie van de medewerkers van het ministerie behoeft versterking”.

•„Het ministerie is onvoldoende vaardig in het werken in flexibele tijdelijke structuren”.

Lansink noemt het rapport „scherp”. Het komt overeen met zijn ervaringen van de laatste maanden. Hij signaleerde dat de moeilijke projecten door het ministerie steeds naar achteren zijn geschoven. Het rapport is naar zijn oordeel in de analyse echter onvoldoende onderbouwd.

Niettemin kan hij zich vinden in de aanbevelingen. Twijnstra Gudde vindt dat de minister de huidige reorganisatie langs drie lijnen met kracht moet voortzetten:

•Een herbezinning op de topstructuur en de mensen die daar nu zitten.

•Het ministerie moet niet op zichzelf zijn gericht, maar meer letten op hetgeen extern aan de orde is.

•De ambtenaren moeten beter presteren richting bewindslieden, politiek en doelgroepen.

Het rapport toont volgens Lansink aan dat de huidige reorganisatie, die door Borst in gang is gezet, simpelweg is mislukt. „Anders was het organisatiebureau niet met dergelijke grondige aanbevelingen gekomen”.

Verantwoordelijk

De christen-democraat vindt dat minister Borst drie dingen moet doen. In de eerste plaats moet zé de politieke verantwoordelijkheid op zich nemen voor de periode vanaf 1994 tot nu toe wat betreft de reorganisatie. Zij heeft het initiatief genomen voor een reorganisatie met als een van de kernen dat er een bestuursraad moest komen. Daarin zit een aantal topambtenaren die de actuele (poUtieke) gebeurtenissen tot zich nemen en er sturing aan geven. De bewindsvrouw heeft besloten dat deze bestuursraad ook weer opgeheven moest worden omdat deze niet goed functioneerde.

Het gaat volgens Lansink niet aan om te zeggen dat het een interne aangelegen-. heid van het ministerie betreft. De politiek en ook de samenleving hebben er last van dat het ministerie de afspraken niet nakomt. De CDA’er zal zich er echter voor hoeden om de ambtenaren hierover aan te spreken en verantwoordelijk te stellen. „De minister is politiek verantwoordelijk voor het doen en laten van haar ambtenaren”.

Analyse delen

Minister Borst-Eilers zegt in de ogen van Lansink net iets te snel dat ze de aanbevelingen van het rapport overneemt en de secretaris-generaal ad interim, J. Jessurun, de opdracht heeft gegeven om voor half oktober met een concreet plan van aanpak te komen.

„Als je de aanbevelingen overneemt, moet je ook de kritische analyse van Twijnstra Gudde delen. Daarover schrijft de minister echter niets. Hoe kan het zijn dat een minister na drie jaar functioneren, en dan nog door een externe rapportage, tot de conclusie moet komen dat er van de organisatie zo weinig deugt?” zo vraagt het kamerlid zich af.

In de tweede plaats, betoogt Lansink, moet de minister toegeven dat ze enkele maanden geleden wel erg laconiek heeft gezegd dat de organisatieproblemen in juli tot het verleden zouden behoren. De kwestie van de zwakke departementale organisatie kwam in maart jongstleden op de politieke agenda te staan nadat was gebleken dat de invoering van de eigen bijdragen in de thuiszorg op grote problemen stuitte. De Volkskrant bracht de malaise voor het eerst via een voorpa ginaverhaal voor het voetlicht.

Minister Borst beloofde toen dat ze de situatie in vier maanden onder controle zou hebben. „Dat is niet gelukt, zo blijkt overduidelijk uit het rapport”, aldus Lansink. Achteraf bezien was die toezegging dus „te laconiek”.

In de derde plaats, stelt de CDA’er, moet de bewindsvrouw toezeggen dat de voortzetting van de reorganisatie wel tot het gewenste resultaat zal leiden. Overigens heeft Lansink wat dat betreft voor deze kabinetsperiode niet veel verwachting meer. Half oktober komt er een concreet voorstel. Voordat zoiets in werking treedt en de geschikte personen op de juiste posten zitten, is er zo een halfjaar verloren. En dan zijn de verkiezingen al aanstaande, zo berekent de CDA’er.

Diepere oorzaken

Lansink twijfelt aan het nut van de reorganisatie op het departement. „In 1994 -bij het aantreden van dit kabinet- had ik niet de indruk dat de zaken op het departement niet liepen. Er waren natuurlijk wel problemen, want de herziening van het ziektekostenstelsel was mislukt. Maar dat was in feite een politiek probleem”.

De christen-democraat ziet twee belangrijke oorzaken voor de huidige ontreddering op het ministerie van volkgezondheid, welzijn en sport. Deze oorzaken vormen ook de verzachtende omstandigheden waardoor het nu lopende reorganisatieproces niet tot een goed einde kon komen. In de eerste plaats bestaat er inhoudelijk geen overeenstemming tussen de huidige coalitiepartners, PvdA, VVD en D66, over de te volgen koers op het teiTein van volksgezondheid op langere termijn.

„Dat werkt natuurlijk demotiverend voor de ambtenaren. Als je op een ministerie werkt waar alles goed gaat, bijvoorbeeld Financiën, dan loopt dat vanzelf. De onderUnge tegenstellingen tussen coaUtiepartners op het terrein van volksgezondheid werken verlammend. Zo hadden de regeringspartijen met elkaar afgesproken dat ziekenfondsen en de particuliere ziektekostenverzekering naar elkaar zouden toegroeien. Daar komt niets van terecht”.

„Ook heeft minister Borst gezegd dat ze geen wijziging wil op de grote lijnen, maar alleen met kleine stapjes de gezondheidszorg wil veranderen. Ook dat heeft bij ambtenaren natuurlijk niet de uitwerking dat ze zeggen: de beuk erin”.

Politieke antenne

De tweede -en laatste- oorzaak van de problemen ziet Lansink in de persoon van mevrouw Borst-Eilers. „Haar politieke antenne is onvoldoende ontwikkeld en zij kan in haar organisatie en binnen het kabinet onvoldoende motivatie overdragen”, zo luidt kort samengevat de kritiek van de christen-democraat.

„Minister Borst is een deskundige en bescheiden bewindsvrouw die weet wat ze wil en waar ze over praat. Ze heeft echter onvoldoende politiek gevoel of kracht om zich boven de partijen te verheffen. De politieke aansturing naar het departement en ook de overtuigingskracht binnen het kabinet laten echt te wensen over. Ik noem als voorbeeld het afgesproken groeipercentage van 1,3 procent voor de zorg als geheel. Vanaf het begin was duidelijk dat dit onvoldoende was. Uiteindelijk is er elk jaar incidenteel geld bijgekomen vanuit Sociale Zaken, maar ten diepste is dat niet de manier. Minister Borst heeft dat te veel over zich heen laten gaan. Als een minister een heldere lijn heeft en uitdraagt, dan trekt het hele ministerie zich daaraan op”.

„Deze kritiek neemt mijn waardering voor de bewindsvrouw overigens niet weg. Voor haar wijze van omgang met de Kamer heb ik diep respect. Als het gaat over de toekomst van de zorgsector en over de orgaandonatie, hebben we goede debatten gehad met elkaar, waarbij de bewindsvrouw ook echt luisterde naar de inbreng van de Kamer”, aldus Lansink.

Lijsttrekker

Maar vanwege het gebrek aan een politieke antenne was de CDA’er toch uitermate verrast dat D66 juist haarils lijsttrekker heeft aangewezen: „Laat ik vooropstellen dat ik daar niet over ga. Je ziet echter dat het in de politiek steeds meer over vorm en steeds minder over inhoud gaat. Het CDA maakt daarop geen uitzondering. Let maar op de manier waarop Heerma zijn positie als fractievoorzitter kwijtraakte. Hij kwam gewoon niet over, zegt men dan”.

„Borst zou dat wel kunnen. Ze heeft de naam deskundig te zijn. Ze heeft een goede babbel. Het is ook een teken van lef om een vrouw aan te wijzen. Het is echter wel een waagstuk, lettend op het gebrek aan politiek gevoel. Maar nogmaals: daar ga ik niet over”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 30 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

Minister Borst-Eilers in opspraak door falende reorganisatie van departement

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 30 augustus 1997

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

PDF Bekijken