Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

"Woningcorporaties hebben een missie"

CWZ-directeur Riedijk: Identiteit van veel christelijke verhuurders is uitgehold

6 minuten leestijd

Na bijna 24 jaar in het onderwijs gezeten te hebben, werd A. J. Riedijk directeur van een woningbouwvereniging. Die opmerkelijke stap heeft hij al heel wat keren moeten uitleggen. Bij de christelijke corporaties signaleert hij ondertussen dezelfde innerlijke kaalslag als in het christelijk onderwijs. In Zoetermeer, een groot dorp waarin de secularisatie een stedelijke omvang heeft bereikt, probeert de Christelijke Woningstichting haar identiteit gestalte te blijven geven.

Andries J. Riedijk werd in 1988 directeur van wat toen nog de Christelijke Woningbouwvereniging Zoetermeer (CWZ) heette. De vereniging kwam in die tijd geheel op eigen benen te staan, toen de federatie van drie Zoetermeerse corporaties uit elkaar viel. De woningwereld was Riedijk nagenoeg vreemd, hoewel hij als directeur van een scholengemeenschap wel eens bij corporaties aanklopte als hij nieuwe leerkrachten onderdak moest brengen.

Christelijk

CWZ dateert van 1964. Hoewel Nederland aan de vooravond van de ontzuiling stond, bleek er naast de algemene en de rooms-katholieke woningbouwvereniging toch behoefte aan een protestants-christelijke corporatie.

Door de ontzuiling reikt de christelijke identiteit van nogal wat instellingen inmiddels niet verder meer dan het naamplaatje en een (vage) vermelding in de statuten. "Bij CWZ proberen we de grondslag inhoud te geven, maar bij veel andere christelijke corporaties zie je dat de bijbelse grondslagen nagenoeg worden losgelaten, zodat slechts een christelijk etiket overblijft. In het christelijk onderwijs zie je eenzelfde ontwikkeling.

"Onze identiteit komt in het bijzonder tot uitdrukking in de samenwerking met christelijke instellingen, bijvoorbeeld in de zorgsector, en door de affiniteit met de acties van kerken. De Zoetermeerse kerken zetten zich in voor de opvang van zwerfjongeren en ex-gedetineerden en wij hebben daaraan bijgedragen, zowel financieel als door het bouwen van aparte woningen.

We werken ook samen met vier christelijke corporaties in de regio Haaglanden. Dat samen delen en dragen van de lasten is iets waar een projectontwikkelaar niet over prakkiseert. Als christelijke corporatie bieden we bij elke verhuizing aan nieuwe bewoners de Bijbel aan in de vorm van Het Boek, en die wordt door 80 procent van de nieuwkomers geaccepteerd".

Inhoud

Riedijk is ervan overtuigd dat er nog altijd een taak voor christelijke woningbouwverenigingen is weggelegd. "Er zijn natuurlijk geen christelijke huizen of dakpannen. Als een huurder vindt dat hij onjuist bejegend wordt, gooit hij ons nogal eens voor de voeten: "Zijn jullie nou christelijk?"

Onze identiteit betekent echter niet dat we met geld smijten. We proberen wel rechtvaardig om te gaan met het verhuren van de woningvoorraad. Mensen met huurschulden worden geholpen, soms zelfs door gehele of gedeeltelijke kwijtschelding. Je identiteit bepaalt de gedrevenheid en betrokkenheid waarmee je je inzet voor de doelgroep. Als die diepere dimensie vervalt, ben je alleen nog maar woningbeheerder, in plaats van sociaal verhuurder. Een particuliere beheerder is meer met geld en goed bezig dan met de doelstelling die woningbouwverenigingen vanouds hebben: solidariteit met de onderkant van de samenleving".

Ondanks de innerlijke uitholling verwacht Riedijk niet dat de Nationale Woningraad (NWR), de algemene koepel van corporaties, zal samengaan met de christelijke koepel NCIV. Hij is er ook geen voorstander van. "Ik ben er niet op tegen om sommige dingen samen te doen, maar de christelijke identiteit moet landelijk herkenbaar blijven. Het christelijk-sociaal gedachtegoed mag in onze sector niet verloren gaan. Ik ga me de komende tijd stevig in die discussie mengen.

Er zijn trouwens ook grote verschillen tussen de landelijke koepels. De NCIV is een platte organisatie, waarin de corporaties veel invloed hebben. Dit in tegenstelling tot de NWR, die nogal van bovenaf bestuurd wordt".

Groot dorp

CWZ kwam van de grond in de tijd dat bekend werd dat Zoetermeer een satellietstad van Den Haag zou worden. Dertig jaar geleden had Zoetermeer 12.000 inwoners, nu spoedt men zich naar de 110.000.

In 1967 begon CWZ te bouwen. Inmiddels bezit de corporatie 5500 woningen. In de begintijd werden de huurders nog thuis bezocht. Er was een duidelijk plaatsingsbeleid, waarbij gekeken werd of bewoners in een complex pasten. "Huurders mochten niet op zondag verhuizen en we hadden ook liever niet dat ze op die dag met een boor aan de slag gingen. Zo ging dat toen in Zoetermeer, maar daar is nu geen beginnen meer aan. Overigens zie ik Zoetermeer nog steeds als een dorp, een groot dorp, waar veel mensen elkaar nog kennen, maar waar zich wel steeds meer grootstedelijke problemen voordoen".

Zelfstandig

"Corporaties waren in het verleden doorgeefluik van de centrale overheid. De toenmalige staatssecretaris drs. E. Heerma heeft echter de verzelfstandiging van de woningbouwverenigingen in gang gezet, waardoor alle koorden met de overheid zijn doorgesneden. Ook financieel is er geen band meer sinds door de bruteringswet anderhalf jaar geleden alle rijkslen ingen zijn weggestreept tegen de nog te ontvangen rijkssubsidies".

Riedijk waardeert de verzelfstandiging positief: "We blijven ons richten op het huisvesten van woningzoekenden met een smalle beurs. Dat is onze missie en dat is het grote verschil met projectontwikkelaars, die zich vooral op het financiële gewin richten. Door de verzelfstandiging zijn de corporaties creatiever en veelzijdiger geworden. We zijn ons niet minder (zoals gevreesd werd), maar juist nog nadrukkelijker gaan richten op groepen die echt in de knel zitten".

Duivesteijn

PvdA-kamerlid A. Duivesteijn vindt dat corporaties te veel vrijheid hebben gekregen en dat de politiek te weinig verantwoordelijkheid heeft overgehouden. Hij wil ook de huurders meer invloed geven. "Er wordt echter een schijnbare belangentegenstelling gecreëerd", vindt Riedijk. "Huurders willen maximaal woongenot tegen een zo laag mogelijke huur, maar de zaken moeten wel betaald worden. Huurders hebben er belang bij dat een corporatie gezond blijft en zich tot in lengte van jaren kan inzetten voor de sociale volkshuisvesting".

De bewoners hebben volgens Riedijk nog steeds een behoorlijke invloed op het corporatiebeleid, "niet meer zozeer door het lidmaatschap ervan, maar door de bewonersraden die gevormd zijn. Duivesteijn heeft het bij het verkeerde eind als hij denkt dat de verzelfstandiging voor de bewoners nadelig is geweest. Jarenlang dicteerde de overheid de huurstijging, die ondertussen opliep van 3,5 naar 5,5 procent per jaar. Sinds de verzelfstandiging van de corporaties en de bijbehorende marktwerking bedraagt de huurstijging nauwelijks nog 3 procent, terwijl de investeringen in woningen juist toegenomen zijn. Corporaties kunnen nu hun eigen financiële slagkracht betrekken bij de mate waarin ze de huren verhogen. Corporaties zijn er niet om winst te maken, maar om een volkshuisvestelijk rendement te realiseren: nette woningen voor mensen met een smalle beurs, tegen een lage prijs. Dat is onze taak, onze missie. Als ik het daarover heb, kom ik op temperatuur.

Hoewel de huurverhogingen nog steeds aan een maximum gebonden zijn, treden door de marktwerking wel steeds grotere verschillen in huurprijzen en huurstijgingen tussen de corporaties op. Ook hier in Zoetermeer doet zich dat voor. Het platform van de plaatselijke bewonersraden heeft voor deze, voor huurders onverklaarbare, verschillen aandacht gevraagd. Huurders informeren nog veel te weinig naar de verschillen tussen woningeigenaren. Aan de hand van de jaarstukken kunnen ze zich op de hoogte stellen van de financiële toestand van een corporatie. Ook van de onderhoudstoestand zou men zich op de hoogte moeten stellen voordat men iets huurt".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 31 januari 1998

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 31 januari 1998

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

PDF Bekijken