Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Goed imago

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Goed imago

4 minuten leestijd

De laatste decennia is de kloof tussen de (stadse) consument en de landbouw gegroeid. Veel mensen weten amper meer hoe hun voedsel wordt geproduceerd.

Het imago van boeren is bij het Nederlandse publiek evenwel niet echt slecht te noemen. De gemiddelde Nederlander vindt hen harde werkers die hun best doen. Maar veel mensen hebben een achterhaald of romantisch beeld van de agrarische sector. Ze beseffen niet dat de bedrijfstak een enorme technologische vernieuwing heeft doorgemaakt. Veel boeren zijn moderne ondernemers die een miljoenenbedrijf runnen.

Een probleem voor de land- en tuinbouw is ook dat de sector regelmatig op negatieve wijze in het nieuws komt. Recente voorbeelden: discussies over te veel mest, moeizame parlementaire debatten over de herstructurering van de varkenssector en treurige verhalen en beelden over het ruimen van vele varkenspestbedrijven en een enkel bse-bedrijf. Zeker de laatste affaires kunnen ook bij boeren een negatief (zelf)beeld creëren. Dat is niet goed voor het vertrouwen in ontwikkelingsperspectieven voor het bedrijf.

Goed ondernemerschap is juist kijken en besluiten nemen over bedrijfsontwikkeling. Als bij de boeren een mineurstemming ontstaat, kan de beschuldigende vinger snel naar anderen worden opgeheven, bijvoorbeeld de onbetrouwbare overheid of de politiek. De vraag is of dat in alle gevallen terecht is. Je moet ook kritisch zelf in de spiegel durven te kijken.

Recent heeft LTO-Nederland met een aantal andere organisaties besloten om een omvangrijke voorlichtingscampagne te starten voor de agrarische sector. Extern doel is het beeld van de Nederlandse boeren bij de burgers en belangengroeperingen te verbeteren. Er gebeurt veel in de bedrijven, dat nog onder de korenmaat blijft. Het interne doel is boeren en tuinders zelf weer trots te maken op hun vak en te inspireren tot milieu- en diervriendelijk ondernemen.

Het versterken van trots op het eigen vak is prima. Dat is een noodzakelijke ingrediënt voor goed ondernemerschap. Maar de inspiratie tot milieu- en diervriendelijk ondernemen is zeker ook noodzakelijk. Goed ondernemerschap houdt ook in dat actief wordt ingespeeld op ontwikkelingen in markt en maatschappij. Die open blik naar markt en maatschappij is heel essentieel om ook in de toekomst te kunnen overleven. De agrarische wereld leeft niet op een eiland.

Velen in de maatschappij hebben zeer zeker een verkeerd beeld van de boerenwereld, maar andersom kan dat ook wel eens in te grote mate aan de orde zijn. Vandaar die kritische zelfbespiegeling en de open blik naar de omgeving. Bedreigingen zijn juist kansen.

De genoemde voorlichtingscampagne moet daarom nadrukkelijk de wil tot aanpassing aan wensen van markt en maatschappij bij boeren versterken. In de achterliggende jaren is te veel vanuit een vanzelfsprekendheid van eigen opvattingen geredeneerd. De varkenssector heeft dat uiteindelijk op zijn brood gekregen in de vorm van de herstructureringswet. Een wet die alleen maar verliezers heeft opgeleverd.

Bedrijfstakvisie

Van belang is een bedrijfstakvisie te ontwikkelen met heldere doelstellingen; een visie die ook regelmatig moet worden bijgesteld. Hierbij gaat het niet alleen om dierwelzijn, diergezondheid of milieu. Het moet een integrale visie op de bedrijfsvoering en de te leveren producten zijn.

De tuinbouwsector heeft enige jaren geleden reeds de eigen verantwoordelijkheid voor zo'n aanpak gezien. De melkveehouderij is vorig jaar begonnen met het ontwikkelen van een bedrijfstakvisie en ook de pluimveesector is hard bezig. Inmiddels heeft de varkenssector geconcludeerd dat de vorig jaar in allerijl in elkaar gezette visie op de toekomst van de bedrijfstak aan vervanging toe is. De sector moet zich pro-actief (blijven) ontwikkelen om aan te sluiten bij de steeds in beweging zijnde en blijvende markt en maatschappij. Dit is essentieel om vertrouwen in de omgeving te winnen. Bij de politiek, die de landbouw toch al laag op haar prioriteitenlijst heeft staan, bij banken en toeleverende en verwerkende industrie en handel.

Een goede voorlichtingscampagne is goed, maar er moet dus meer gebeuren. Voorlichting is geen tovermiddel om een goed imago af te dwingen of aan te smeren. Uiteindelijk zal de agrarische ondernemer die alleen kunnen verwerven door goed te zijn en daarvoor zondermeer ook uit te komen.

Ing. J. den Hartog MBA, secretaris Productschap Diervoeder

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 27 mei 1998

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Goed imago

Bekijk de hele uitgave van woensdag 27 mei 1998

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken