Bekijk het origineel

Rotterdamse minima zitten beter bij kas

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Rotterdamse minima zitten beter bij kas

SP furieus over gemeentelijk rapport

2 minuten leestijd

ROTTERDAM - Door een succesvolle armoedebestrijding van het Rijk en de gemeente zijn de meeste inwoners van Rotterdam met een laag inkomen er de afgelopen jaren op vooruitgegaan. Dat blijkt uit een rapport van de Rotterdamse dienst Volkshuisvesting.

SP-fractievoorzitter C. van Heumen betitelde de gepresenteerde inkomensverbetering onmiddellijk als "een doekje voor het bloeden".

Wethouder H. Meijer (Volkshuisvesting) presenteerde het rapport vandaag aan de raadscommissie. De uitkomsten ervan zijn gebaseerd op berekeningen die aantonen dat de meeste lage inkomenensgroepen na afdracht van de woonlasten, erop vooruit zijn gegaan. De stijging van het inkomen varieert per groep van 3 procent tot ruim 20. De inkomensstijging is gemeten tussen 1 januari 1996 en 1 januari 1998.

De woonlasten zijn bijvoorbeeld gedaald door verruiming van de huursubsidie, maar ook omdat de gemeente extra voorlichting heeft gegeven over de mogelijkheden om bijzondere bijstand aan te vragen. Ook de volledige kwijtschelding van enkele gemeentelijke belastingen hebben geleid tot de inkomensverbetering.

Voorbeeldhuishoudens

Bekeken is wat deze maatregelen betekend hebben in de portemonnee van voorbeeldhuishoudens. Het gaat hierbij niet alleen om huurders met een minimuminkomen, maar ook om degenen met een iets hoger inkomen. Zij hebben minder geprofiteerd van verbeteringen in de Huursubsidiewet en komen niet in aanmerking voor kwijtschelding of het woonlastenfonds.

Bij al deze huishoudens is in voorbeeldsituaties uitgerekend hoeveel zij begin 1996 en begin 1998 overhielden voor huishoudelijke uitgaven. Na inflatiecorrectie blijkt in alle gevallen sprake te zijn van een gestegen "resterend" inkomen. Een huurder met een maandinkomen van een paar honderd gulden boven het minimumloon is er bijvoorbeeld, na aftrek van de woonlasten, 3,1 procent op vooruitgegaan. Bij deze berekening is uitgegaan van een huur van 526 gulden per maand. Eenpersoonshuishoudens met een inkomen op bijstandsniveau hielden van hun netto-inkomen 11,9 procent meer over in vergelijking met 1996. Voor een eenoudergezin met een bijstandsuitkering is dit percentage 8,7.

De Socialistische Partij in Rotterdam, die zich de afgelopen jaren sterk heeft ingezet voor de daling van de woonlasten, reageerde boos. "De grootste onzin die ik ooit in mijn leven gehoord heb", aldus fractievoorzitter Van Heumen.

Volgens hem zijn er nu dan wel maatregelen getroffen, maar die compenseren niet de grote achterstand die deze groepen de afgelopen tien jaar hebben opgelopen. Hij wijst erop dat voor 1996 de huren flink zijn gestegen en de lage inkomens relatief achterbleven. "De daling van de woonlasten de afgelopen twee jaar heeft de achterstand niet kunnen compenseren". De SP houdt wekelijks een spreekuur en elke keer weer komen er mensen klagen over de hoge woonlasten, aldus Van Heumen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 27 mei 1998

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Rotterdamse minima zitten beter bij kas

Bekijk de hele uitgave van woensdag 27 mei 1998

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken