Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Van Gogh te gast in Rijksmuseum

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Van Gogh te gast in Rijksmuseum

Verbouwing brengt zonnebloemschilder "thuis" bij oude meesters

6 minuten leestijd

Voor de Amsterdam visiterende toerist, vastberaden niet te vertrekken dan na de vermaarde Van Goghs te hebben gezien, is het even slikken. Het Van Gogh Museum verbouwt en is leeg. De oplossing ligt echter een steenworp verder. Het Rijksmuseum heeft Van Gogh te gast.

De beroemde zonnebloemen, zelfportretten en boomgaarden moesten weg. Zelfs de aardappeleters konden niet blijven. Het Van Gogh Museum in Amsterdam werkt hard aan de verdubbeling van het oude oppervlak en houdt daarom de deuren tot 1 mei dicht. Vanaf die dag kunnen bezoekers via het oude pand de nieuwe ellipsvormige vleugel van drie etages betreden.

De kostbare museumcollectie is begin deze maand op diverse plaatsen ondergebracht. In depots op geheime plaatsen, maar vooral in andere musea. Het is het grootste transport van Van Goghs dat ooit heeft plaatsgehad. Twintig schilderijen gingen naar het Rijksmuseum Twente. Zo'n zeventig kunststukken zorgen inmiddels in Amerika voor veel genot. De National Gallery in Washington mag nu de "Aardappeleters" exposeren. Het leeuwendeel, 130 topwerken, is weer opgedoken in de zuidvleugel van het Rijksmuseum.

Van Gogh thuis

Dat bevalt het Rijksmuseum wel. "Van Gogh is thuis", klinkt het trots. Tussen Van Gogh (1853-1890) en het Rijksmuseum bestaat namelijk een "mooie, lange relatie". Aan het begin van deze eeuw, nog voor de bouw van het Van Gogh Museum, sierden Van Goghs -ze waren toen nog ultramodern- de wanden van het Rijksmuseum.

Maar al voordat zijn eigen handen de schilderskwast hanteerden, trad hij er zelf heel regelmatig binnen. Vincent, toen nog werkzaam in een kunsthandel, was fervent liefhebber van de klassieke Hollandse meesters. Hij bestudeerde de werken van de zeventiende-eeuwers en liet zich tegen zijn broer Theo lyrisch uit over Rembrandt. Zijn bewondering komt in vele brieven ter sprake. Over Rembrandts "Joodse bruidje" zou hij hebben gezegd: "Wil je wel geloven dat ik tien jaar van mijn leven wilde geven als ik hier voor dit schilderij veertien dagen kon blijven zitten met een korst droog brood als voedsel".

Een van Van Goghs nu zichtbare werken, de "Opwekking van Lazarus", getuigt van zijn fascinatie voor Rembrandt. Net als deze grootmeester verbeeldde hij het wonder. Het is een van Van Goghs zeldzame bijbelse taferelen. Hoewel, bijbels? Lazarus lijkt verdacht veel op de kunstenaar zelf. Wonderlijk genoeg schildert hij bovendien alleen Martha en Maria; een zon neemt de plaats in waar Rembrandt Christus tekende. Had Hij Van Gogh niets te zeggen?

Een stuk dat nu is meeverhuisd naar het Rijksmuseum geeft blijk van Vincents bewondering voor de kracht van de donkere kleuren bij de oude meesters. In zijn stilleven van een open -dus gebroken witte- Bijbel in leer gebonden tegen een zwart fond met geelbruine voorgrond, met nog een noot citroengeel, bestudeerde hij heel bewust zwart en wit in combinatie met een beetje kleur. Net als bij Van Goghs "Opwekking van Lazarus", is het stilleven wellicht meer dan alleen een kleurenstudie. Naast de Bijbel ligt Emile Zola's "La joie de vivre", een werk dat lijkt te vertolken hoe Vincent in die periode in het leven stond. Het contrast is niet zonder betekenis. Het christelijk verleden, dat nauw samenhing met het geloof van zijn kort tevoren overleden vader (de man was predikant), heeft afgedaan -de kaars naast de Bijbel is uitgeblazen- en de toekomst is onzeker. Zola was zijn inspiratiebron en diens nuchtere analyse had Vincent wellicht meer te zeggen dan de ouderwetse vroomheid van de kerk.

Goed overzicht

Het Rijksmuseum heeft de gehele bovenverdieping van de zuidvleugel ingeruimd voor negentig Van Goghs plus dertig stukken van tijdgenoten. Een interne verbouwing ging aan Vincents bezoek vooraf. Weliswaar verbeeldt "Van Gogh te gast" niet een speciaal thema of concept van het Rijksmuseum, de eigen chronologische rangschikking is prettig eenvoudig. Van Goghs zonnebloemen, zelfportretten, Gauguins stoel, stilleven met irissen, ze geven een goed overzicht van de ontwikkeling in zijn indrukwekkende carrière. Overigens duurde zijn artistieke loopbaan slechts tien jaar. Pas in 1880 besloot hij tot het kunstenaarschap. Voordien werkte hij in een kunsthandel en vervolgens als onderwijzer en evangelist.

Zijn eerste voortbrengsels zijn de donkere, wat onhandige werken die hij in Nederland fabriceerde. De Bijbel met Zola hoort daarbij. Een zaal verder transformeert de bezoeker mee naar de Parijse tijd (vanaf 1886). Vincent viert er zijn interesse voor de nieuwste technieken van het impressionisme bot. Zijn gebruik van kleur en verf verandert; hij maakt veel korte, regelmatige penseelstreken. De artistieke neerslag van zijn uitstapjes naar het platteland laat dat zien. De stukken zijn simpel, meer getekend dan geverfd, maar de vitaliteit maakt het doek welhaast levend. De leeuwerik lijkt zelfs geluid te produceren.

Intussen blijkt hij een toenemende behoefte te hebben zich serieus met portretkunst bezig te houden - hij had altijd de ambitie portretschilder te worden. De zonnebloemwerken -Vincent vervaardigde ze om de wanden van zijn atelier wat op te fleuren- zijn bedrieglijk eenvoudig. Zijn metgezel Paul Gauguin karakteriseerde: "Een perfect voorbeeld van een stijl die helemaal Vincent is".

Meeschuifelend met de stroom toeristen die Van Gogh ook in het Rijksmuseum vindt -slechts een enkeling is zo wijs te kiezen voor een zogenaamde audio tour- kom je uiteindelijk bij zijn expressieve werk uit Saint-Rémy en Arles. Bekend uit die tijd is de pot irissen. Het werk mag dan een zelfverzekerde uitstraling hebben, Van Gogh maakte het in een periode van zenuwinzinkingen. De kunstenaar bracht zijn laatste zeventig dagen door in een inrichting. Het Rijksmuseum mag zijn laatste werk exposeren. Het is een helder, krachtig korenveld onder een stormachtige lucht, met een wat vertekend perspectief. "Ik weet bijna zeker dat ik in die doeken datgene heb verwoord wat ik niet in woorden kan uitdrukken, namelijk hoe gezond en hartversterkend ik het platteland vind", schrijft hij. Niettemin beëindigde hij zijn leven met een schotwond in de borst.

Realist

De stukken laten zien dat Van Gogh een overtuigd realist was. Hij bekende zelf: "Ik kan geen abstracte werken schilderen". Hij durfde zich niet te verwijderen van wat mogelijk en wat echt is en zette zijn handtekening onder Gustave Courbets gedachte dat je geen engelen kunt schilderen, omdat je ze nooit hebt gezien.

Vincents liefde ging uit naar het 'echte' leven, naar het simpele platteland, de armen, de alledaagse dingen. Hij bewonderde kunstenaars die onderwerpen dicht bij huis zochten. Landschappen waren interessanter dan geïdealiseerde sfeerbeelden. Zeker de eenvoudige stillevens, geschilderd naar de natuur, waren voor Van Gogh "het begin van alles". Hij maakte er zelf allerlei: met bloemen, vogelnesten, mosselen en garnalen, een paar schoenen en citroenen.

Zo'n dertig stukken van door hem bewonderde tijdgenoten flankeren hem in de Rijksmuseumzalen, onder wie Courbet, François Bouvin en Théodore Rousseau, maar vooral Paul Gauguin. Zijn bewondering voor de landschappen, boeren en vissers van de Haagse School wordt concreet. Jozef Israels' "Boerengezin" was onmiskenbaar een aanzet tot Vincents beroemde "Aardappeleters". Toch heeft Van Gogh een geheel eigen stijl. Hij blijft de boerenschilder.

De tentoonstelling "Van Gogh te gast" is dagelijks tussen 10.00 en 17.00 uur te bezichtigen in de zuidvleugel van het Rijksmuseum Amsterdam. De expositie duurt tot 5 april.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 28 september 1998

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Van Gogh te gast in Rijksmuseum

Bekijk de hele uitgave van maandag 28 september 1998

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken