Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Groeien

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Groeien

4 minuten leestijd

Een opvallende beweging in ondernemersland is de hernieuwde roep om duurzaam ondernemerschap. De jaren negentig hebben een sterke groei laten zien van de economie in de ontwikkelde landen. Groei die voor een aanzienlijk gedeelte bij bedrijven terechtkwam.

Degenen die de ontwikkelingen op de beurs volgen, weten dat er bedrijven zijn die in tien jaar hun waarde hebben verveelvoudigd. Waardegroei die in sommige gevallen in de miljarden loopt. Deze waardevermeerdering kwam terecht bij de aandeelhouders en, via optie- en participatieregelingen, voor een beperkt gedeelte ook bij medewerkers. Er dringen zich bij die groei fundamentele vragen op: hoe moeten we groei waarderen, in hoeverre en in welke mate mag groei worden nagestreefd en hoe moeten de effecten van groei worden verdeeld?

Ommezwaai

Begin jaren negentig zagen we in Europa een ommezwaai van het Rijnlandse naar het Angelsaksische businessmodel. Het Rijnlandse, traditioneel Europese model kenmerkt zich door een gematigde invloed van de financiële belangen van aandeelhouders. In het Rijnlandse model bestaat relatief veel aandacht voor andere belanghebbenden: personeel, overheid, de maatschappij.

Behalve financiële doelstellingen zoals rendement en groei, stelt een bedrijf ook doelen van niet-financiële aard. Voorbeelden zijn het bieden van werkgelegenheid en zorg voor het milieu. Langetermijndoelstellingen kunnen voor kortetermijndoelstellingen gaan en niet-financiële doelstellingen kunnen prevaleren boven financiële. In het Rijnlandse model is sprake van financiële maximalisatie met een aantal duidelijke beperkingen. Het voordeel van dit model is dat alle belangen goed in balans zijn, het nadeel kan zijn dat de bedrijfscontinuïteit onder druk komt te staan.

Het Angelsaksische model maximeert het belang van de aandeelhouder. Het bedrijf dient dat doel en is daaraan ondergeschikt. Financiële doelstellingen zijn het belangrijkst, andere doelstellingen kunnen wel worden nagestreefd maar alleen met lagere prioriteit. In het model is wel plaats voor andere betrokkenen, maar beslissingen die de prestatie van het bedrijf raken, baseert het model op de maximalisatie van de aandeelhoudersbelangen.

Het creëren van "shareholders value", aandeelhouderswaarde, is in dit model het doel. En waarde creëer je alleen door groei. Groei van de winst, groei van de omzet, groei van de marge en vaak dus ook groei van een onderneming. Het voordeel van dit model is de duidelijkheid en het financiële belang van aandeelhouders. Nadeel kan zijn dat andere belangen uit het oog worden verloren.

Doorgeschoten

Veel Europese bedrijven omarmden het Angelsaksische model, soms in afgezwakte vorm. Dat gebeurde in de fase dat veel landen afstand namen van de verzorgingsstaatgedachte, die uiteraard ver was doorgeschoten. Die omslag heeft gewerkt. Dat is duidelijk als we kijken naar de waardeontwikkeling op de beurs. De laatste tijd echter horen we steeds meer geluiden die erop wijzen dat het eenzijdig najagen van "shareholders value" zijn langste tijd heeft gehad, althans in Europa. Er komt weer meer aandacht voor het feit dat groei slechts één economische dimensie is.

Thema's zoals betekenis, zingeving, werkgelegenheid, het milieu, welbevinden, ontplooiing en gezondheid van medewerkers komen weer terug in het beleid van ondernemingen. Meer en meer onderkent men dat met een langdurige en eenzijdige nadruk op "shareholders value" het tegendeel wordt bereikt van wat men wil. Er komt binnen bedrijven een zoektocht op gang naar een nieuwe mix van financiële en niet-financiële doelstellingen.

Als we de opdracht uit Gods Woord serieus nemen, is duidelijk dat we altijd rekening hebben te houden met anderen met wie we samenleven, in welke verband dan ook. Dat geldt ook voor het omgaan met onze medemens in een zakelijke verhouding. De toenemende aandacht voor duurzaam ondernemen en voor een breder perspectief bij het ondernemen moeten we daarom toejuichen. Het is niet toevallig dat in de discussie over duurzaam ondernemen in Nederland christenen een belangrijke rol spelen. Daarbij is het niet nodig alle antwoorden te hebben. Wel moeten we de moed hebben de vragen te stellen. Het is een gelegenheid bij uitstek om iets naar voren te brengen van de diepere noties die ons -als het goed is- drijven, ook bij ons ondernemerschap.

Drs. L. Jansen, directeur Jansen MI Consultants

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 22 juni 1999

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Groeien

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 22 juni 1999

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken