Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een vernederde Koning

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een vernederde Koning

5 minuten leestijd

"Toen nam Pilatus dan Jezus, en geselde Hem. En de krijgsknechten, een kroon van doornen gevlochten hebbende, zetten die op Zijn hoofd, en wierpen Hem een purperen kleed om; en zeiden: Wees gegroet, Gij Koning der Joden! En zij gaven Hem kinnebakslagen."

Johannes 19:1-3.

Voor het rechthuis van Pilatus staat het joelende volk. In het rechthuis is Jezus. Zijn weg heeft alles met het recht te maken. De aardse rechter moest hem onschuldig verklaren. Onder het recht van de hemelse Rechter zal Christus buigen. Als Schuldenaar, vanwege de zonde van Zijn volk.

Pilatus ondervraagt Jezus in de stilte van de rechtszaal. Het gaat over Zijn Koningschap. "Zijt Gij de Koning der Joden?" Christus antwoordt: "Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld. Indien Mijn Koninkrijk van deze wereld was, zo zouden Mijn dienaars gestreden hebben, opdat Ik de Joden niet ware overgeleverd; maar nu is Mijn Koninkrijk niet van hier."

Pilatus moet weten dat Christus' Koninkrijk een geestelijk Koninkrijk is. Maar Pilatus ziet het niet en buiten wacht het volk. Dat volk moet vooral gerustgesteld worden. Pilatus hinkt op twee gedachten. Hij kan een onschuldige niet doden. Aan de andere kant kan hij een oproer niet toestaan. Pilatus kan niet onvoorwaardelijk buigen voor deze Koning.

Pilatus is het beeld van ons allen van nature. We willen zelf regeren. We staan vanwege onze vijandschap niet toe dat een Ander de troon van ons leven beklimt. Heeft u daar door de werking van de Heilige Geest al eens iets van gezien? Dat is nodig, want in die weg wordt plaatsgemaakt voor het werk van Koning Jezus.

Hinken op twee gedachten. De kerk of de wereld? Mensen behagen of God behagen? Mensenvrees of Godsvreze? Pilatus kiest uiteindelijk voor het volk. "Toen nam Pilatus dan Jezus." Dat betekent een keuze tegen Jezus. Hinken op twee gedachten loopt uit op de kruisiging van Christus. Wat een schuld! Wie dat door genade mag zien, komt van zijn hoogmoedige troon af. Dan worden in beginsel ook de wapens van vijandschap ingeleverd. Schuldbeleving doet diep buigen voor de Heere.

Hinken kinderen van God ook nog op twee gedachten? Enerzijds niet. De hartelijke keuze voor de Heere en Zijn dienst mag er door genade zijn. Anderzijds wel. Paulus schrijft erover in Romeinen 7. De twee-mens. De strijd tussen vlees en geest. Tussen de zonde en Gods gunst. Wie zal mij verlossen? Voor zulke strijders heeft Christus gestreden. In een weg van vernedering.

"Toen nam Pilatus dan Jezus en geselde Hem." Toen werd Psalm 129 waar: "Ploegers hebben op Mijn rug geploegd, zij hebben hun voren lang getogen." Jesaja schrijft: "Hij is om onze overtredingen verwond () en door Zijn striemen is ons genezing geworden."

Dat is het wonder! Gods Kerk heeft eeuwige slagen verdiend. Christus liet Zich geselen, om schuldigen van eeuwige slagen te verlossen. Om dat te zien hebben we geloofsogen nodig. Dat is ook het uitzien van de kinderen des Heeren in de lijdenstijd. Een begeerte om in een rechte weg nader onderwijs te krijgen uit het Borgwerk van Christus. Dan krijgt de eisende gerechtigheid van God een plaats in het leven. Dat leert alle vroomheid verliezen. Dan blijft er een doodschuldige bedelaar over. Maar zo'n bedelaar wordt op Gods tijd bediend uit de rijkdom van het borgwerk van Christus, naar de mate die God behaagt.

De soldaten hebben over Christus' Koningschap gehoord. Ook hebben ze de beslissing van Pilatus begrepen: Hij zal gekruisigd worden. Nu kunnen ze met Jezus doen wat ze willen. Het moet een Spotkoning zijn! Hij, Die met eer en heerlijkheid was gekroond, krijgt een doornenkroon. Hij, Wiens klederen zijn als mirre, aloƫ en kassie, krijgt een purperen spotkleed. Hij, Die de scepter van rechtmatigheid draagt, krijgt een rietstaf in de handen geduwd. "En zeiden: Wees gegroet, Gij Koning der Joden! En zij gaven Hem kinnebakslagen."

De soldaten spotten met het geestelijk Koninkrijk van Christus. Wat is Hij toch een gewillige Zaligmaker! Zo wilde Hij het als Borg. Op deze wijze wilde Hij de deugden van de Vader verheerlijken. Zo wilde Hij schuldigen verlossen. Daarom draagt Hij met de doornenkroon de vloek der aarde. God heeft immers gezegd in Genesis 3: "De aarde is om uwentwil vervloekt () het zal doornen en distelen voortbrengen." Christus draagt de vloek weg. Hij zal Zijn volk met goedheid en barmhartigheid kronen (Psalm 103). Christus draagt een spotkleed, een vuile soldatenjas. Om onreine zondaren de klederen des heils te kunnen geven. Hij leed smaadheden, werd bespot, om een volk dat vreest eeuwig schande te zullen hebben, te verlossen. Hij heeft een rietstaf in Zijn hand, het beeld van het verloren koningschap in het paradijs. Om verlorenen als koningen op de aarde te kunnen stellen.

Heeft u Hem zo al eens gezien met een oog des geloofs? Dat is herstel in gebrokenheid. Verzoening voor schulden. Leven in de dood.

Ds. C. Neele, Aagtekerke

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 april 2000

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Een vernederde Koning

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 april 2000

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken