Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Sterfscènes met hoog gruwelijkheidsgehalte

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Sterfscènes met hoog gruwelijkheidsgehalte

Fik Meijer beschrijft einde van 87 Romeinse keizers

3 minuten leestijd

In "Keizers sterven niet in bed" beschrijft de hoogleraar Fik Meijer de laatste levensdagen van alle Romeinse keizers tot aan de val van het West-Romeinse Rijk in 476 n. Chr. Dat hij daar naar eigen zeggen niet gek van geworden is, is verbazingwekkend. Het merendeel van de sterfscènes heeft een hoge graad van gruwelijkheid. Bovendien zou je haast cynisch worden door de gretigheid waarmee troonpretendenten, ondanks het stereotiepe lot van hun voorgangers, naar de keizerlijke macht grijpen. En dan is er nog het ontmoedigende aantal keizers dat de revue moet passeren: 87!

Toch is het Meijers boek een boeiend en samenhangend geheel geworden. De hoogleraar Oude Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam schreef het (uiteraard) op basis van antiek bronnenmateriaal. Hij hanteert een prettige schrijfstijl: sober, zeker niet archaïserend (een euvel onder classici) en is niet uit op sensatie. In de tweede plaats heeft Meijer gekozen voor een chronologische volgorde, waarbij hij van iedere keizer eerst enkele belangrijke gegevens uit diens privé- en openbare leven vermeldt, zodat "er een zekere samenhang tussen leven en dood ontstaat."

De juiste volgorde wordt problematisch bij jaren waarin verschillende keizers tegelijk aan het bewind zijn. Meijers keuze voor de sterfdata als criterium voor de volgorde is een logische, maar maakt het er voor de lezer niet gemakkelijker op. Het publiek is (door de opzet van het boek!) primair geïnteresseerd in de loop van de gebeurtenissen en die wordt nu af en toe doorbroken.

De grootste kracht van het boek ligt in het caleidoscopische historische overzicht waarvan de auteur blijk geeft in de inleiding en in verbindende tekstblokken op diverse plaatsen in het boek. Wanneer hij bijvoorbeeld de zogenaamde soldatenkeizers van de derde eeuw gaat bespreken, biedt hij in drie pagina's een stukje maatschappijgeschiedenis van de bovenste plank. Deze en vergelijkbare passages tillen de materie boven het specifieke van de individuele keizers uit en stellen de lezer in staat het brede historische kader te ontdekken waarin de keizers optraden.

Niet vrolijk

De omstandigheden waaronder de keizers aan hun einde kwamen, waren, zoals de titel van het boek wat plastisch uitdrukt, meestal niet gewoon. Van slechts weinig keizers is bekend dat zij een natuurlijke dood zijn gestorven. De meesten werden gedood, soms in de strijd, in de meeste gevallen door (zelf)moord. Opvallend vaak zijn keizers om het leven gebracht door officieren van de pretoriaanse garde, uitgerekend mannen die over het leven van de keizer moesten waken. Niet zelden schoof dan de pretoriaanse garde iemand uit eigen gelederen naar voren als nieuwe keizer, die vervolgens korte tijd later op zijn beurt uit de weg geruimd werd door lieden die hem in het zadel geholpen hadden.

Al met al word je er na tientallen dergelijke machtsgrepen niet vrolijk van. En als op een gegeven moment sterkere keizers, zoals Diocletianus en Constantijn, aan de macht komen en orde op zaken stellen, is het moorden helaas niet voorbij. In dat opzicht wordt het heersende beeld van een tot rust weergekeerd rijk behoorlijk genuanceerd. Ook de christelijke keizers hadden geen schone handen als het gaat om de middelen waarmee zij de macht verwierven en behielden. Het was allemaal wat minder rooskleurig dan christelijke auteurs zoals Lactantius en Eusebius het -in hun ijver het beleid van Constantijn te prijzen en de keizers die zich schuldig gemaakt hadden aan christenvervolgingen hardhandig aan te pakken- wilden doen voorkomen. Het doet ons beseffen dat het omgaan met macht een kunst is die door slechts weinigen wordt beheerst.

N.a.v. "Keizers sterven niet in bed. Van Caesar tot Romulus Augustulus", door Fik Meijer; uitg. Athenaeum - Polak & Van Gennep, Amsterdam, 2001; ISBN 90 253 3408 3; 237 blz.; 19,95.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 22 mei 2002

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Sterfscènes met hoog gruwelijkheidsgehalte

Bekijk de hele uitgave van woensdag 22 mei 2002

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken