Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Arme landen eisen betere toegang tot markten

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Arme landen eisen betere toegang tot markten

4 minuten leestijd

ROME (AP) - Onder leiding van Cuba hebben verscheidene ontwikkelingslanden gisteren op de VN-voedseltop in Rome betere toegang tot internationale markten en beëindiging van exportsubsidies geëist. De landen oefenden kritiek uit op subsidies die rijke landen aan hun boeren geven en noemden eerlijke, vrije handel de enige manier om een einde te maken aan de honger in de wereld.

Leiders van de armste landen in de wereld riepen de Verenigde Staten, de Europese Unie en andere exportlanden op hun boeren een eerlijke kans te geven om hun producten op de wereldmarkt te brengen. "Wij zijn arm, jullie zijn rijk. Zorg voor meer gelijkheid op het speelveld", aldus de Filipijnse minister van Buitenlandse Zaken, Teofisto Guingona. "Geef geen subsidies aan exportproducten. Dump geen producten, waardoor onze boeren en vissers worden gedood. Ontzeg ons niet in de naam van vrije handel de tijd onze producten te integreren, en ontzeg ons niet, als ze geïntegreerd zijn, de toegang tot jullie rijke markten."

De kwestie van de toegankelijkheid van de wereldmarkt voor arme landen staat centraal op de vierdaagse topontmoeting, die is belegd om nieuwe impulsen te geven aan het streven het aantal hongerlijdende mensen op de wereld tegen 2015 terug te brengen van 800 miljoen tot 400 miljoen.

Leiders aanvaardden maandag een resolutie waarin wordt beloofd harder te werken om de doelstelling te bereiken. Ook is toegezegd om op vrijwillige basis in twee jaar een aantal richtlijnen te formuleren die uitgaan van het recht op voedsel van de 6 miljard wereldbewoners. De VS, die zich in het verleden tegen bekrachtiging van dat principe verzetten, zullen waarschijnlijk een voorbehoud kenbaar maken of in het geheel niet tekenen, zeggen organisaties voor de mensenrechten.

De EU is wél voorstander van het document. Verscheidene EU-leiders hebben ervoor geijverd het recht op voedsel als een mensenrecht te beschouwen. Ook erkent de EU dat hoge exportsubsidies, zoals die van de Unie, verantwoordelijk zijn voor een groot deel van de honger in de wereld.

De Cubaanse minister van Buitenlandse Zaken, Félipe Perez Roque, zei dat er nooit een einde aan de honger in de wereld zal komen als de rijke landen vasthouden aan een economisch systeem dat 800 miljoen mensen het dagelijks brood ontzegt. Perez Roque sprak in dit verband van "een systeem van internationale relaties dat in toenemende mate onrechtvaardig en marginaliserend werkt, en dat in wezen onhoudbaar is."

De Nederlandse minister van Landbouw, Brinkhorst, pleitte gisteren in Rome voor concrete actie om het aantal mensen dat honger lijdt fors terug te dringen.

Het doel van de wereldvoedseltop om het aantal hongerenden voor 2015 terug te brengen met de helft is "niet haalbaar", meent Brinkhorst. De frustratie bij de ontwikkelingslanden is groot, omdat er te langzaam resultaat wordt geboekt, aldus de bewindsman.

De kritiek dat de rijke landen, die schitteren door afwezigheid van staatshoofden en premiers, geen prioriteit geven aan hongerbestrijding, bestrijdt Brinkhorst. "Het is te eenzijdig om de schuld te geven aan het protectionisme. Natuurlijk hebben rijke landen een verantwoordelijkheid, maar de strategie moet globaal bepaald worden. Nederland is voor een verdere liberalisering van de landbouw en een grotere toegang van de internationale markt voor ontwikkelingslanden. Dit moet een van de prioriteiten zijn."

De hulp moet meer gericht worden op de ontwikkeling van de agrarische gebieden en de landbouw zelf. Daarin is de Wereldvoedselorganisatie (FAO) van de Verenigde Naties tekortgeschoten: "De FAO moet dat inzicht bijstellen en meer investeren in de plattelandsgebieden, waar 70 tot 80 procent van de arme bevolking woont."

Als derde prioriteit stelt Brinkhorst dat de voedselverdeling beter moet verlopen. "Er is genoeg voedsel, maar het probleem is de distributie. Vaak in de ontwikkelingslanden zelf. Om de verdeling beter te laten verlopen, moeten de structuren in de ontwikkelingslanden versterkt worden."

Brinkhorst heeft ook kritiek op de VN-organisatie: "De FAO moet een multilateraal platform zijn voor zowel rijke als arme landen en zich niet alleen richten op ontwikkelingslanden. De strategie moet samen bepaald worden om een duurzame ontwikkeling te garanderen."

Extra geld, zoals de FAO vraagt, komt er voorlopig niet van Nederland: "Nederland is met een bijdrage van 0,8 procent van het bruto nationaal product aan ontwikkelingshulp al een van de grootste donoren."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 12 juni 2002

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Arme landen eisen betere toegang tot markten

Bekijk de hele uitgave van woensdag 12 juni 2002

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken