Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Te braaf (I)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Te braaf (I)

6 minuten leestijd

Dat een bonafide bedrijf ten onder gaat aan criminele praktijken, kennen we vanuit het buitenland. In Rusland wordt het bedrijfsleven geteisterd door de maffia, in Zuid-Afrika door gangsters en in bananenrepublieken door corrupte ambtenaren. Maar dat in eigen land een bedrijf het moet afleggen tegen terreur, mag best bijzonder worden genoemd.

Garagehouder G. van Meent zit al 34 jaar in de autobranche. In Midden-Brabant bezit hij een tweetal garages. De autohandel heeft hem geen windeieren opgeleverd en lange tijd had hij veel lol in zijn vak. Maar nu is de aardigheid eraf.

Het begon met moeilijkheden met een vrouwelijk personeelslid. Die diende op zijn zachtst gezegd niet alleen zijn belangen. Daarom kaartte hij haar ontslag aan. Het leek een sterke zaak.

Kort voordat de zaak bij de kantonrechter zou dienen, werd hij benaderd door twee mannen die een boerderij wilden bezichtigen. Die was van Van Meent en had hij te koop staan. Op de plaats aangekomen bleek het niet om een bezichtiging te gaan maar om een afrekening. Van Meent werd volledig gemolesteerd. Hij wist hoe laat het was. Met een zak geld kocht hij het conflict met het personeelslid af.

Bij de politie deed hij aangifte wegens mishandeling. Ook gaf hij aan wie de vermoedelijke opdrachtgevers waren. Het spoor was naar zijn mening vrij gemakkelijk bloot te leggen. Maar toen hij een dag later informeerde of er werk was gemaakt van de aangifte, kreeg hij te horen dat de recherche het adres van de genoemde opdrachtgevers niet had kunnen vinden. "Terwijl mijn raadsman het binnen de minuut had opgezocht", schampert hij.

De aangifte is intussen al zes weken oud. Hij heeft er nooit meer over gehoord.

Te braaf (II)

Een van zijn bedrijven verkoopt een auto aan een Marokkaan. De auto wordt rijklaar gemaakt, gepoetst en overgedragen aan de koper. Enkele dagen later komt de man terug. De auto is te klein. Hij zegt vijftien kinderen te hebben en die blijken er niet in te passen. De garage zegt dat ze de auto terug kan nemen maar dat hij niet meer de aankoopprijs krijgt. Het bedrijf heeft immers werkzaamheden verricht en moet over de transactie BTW afdragen.

Dat pikt de koper niet. Hij eist het volledige bedrag terug. Maar daar zegt de garage niet op in te kunnen gaan. "Dan bekras ik jullie auto's", zegt de man. De garage neemt de bedreiging serieus en schakelt de politie in. Die denkt dat het allemaal niet zo'n vaart zal lopen en laat de melding voor wat ze is.

Een dag later komt aan het licht dat de affaire allerminst met een sisser afloopt. Er blijken in totaal twintig auto's te zijn bekrast. Ze stonden gereed om afgeleverd te worden. "Allemaal nog jonge auto's", zegt Van Meent. De schade is groot.

De politie neemt de aangifte op maar laat meteen weten dat Van Meent maar nergens op moet rekenen. "Ze zeiden het net niet maar het kwam erop neer dat ze weinig trek hadden in een zaak met buitenlanders." Een week later waren de banden lek gestoken van een aantal nieuwe vrachtwagens. Weer reageerde de politie tamelijk afhoudend. En toen knapte er iets bij Van Meent.

"Een garage is vrij kwetsbaar. Kwaadwilligen kunnen ons gemakkelijk duperen. Ik ga er vanuit dat de politie mij in zo'n geval volledig beschermt en de zaak tot de bodem uitzoekt. Zo moeilijk is dat niet in dit geval. Maar het tegendeel is het geval. Zo ga ik niet verder. Ik heb niets tegen buitenlanders. Ik ben protestants opgevoed en wil met iedereen netjes omgaan. Maar ik denk wel eens dat we iets te braaf zijn. Een buitenlander zei het eens zelf tegen me: Jullie zijn veel te soft."

Vorige week heeft Van Meent een makelaar ingeschakeld. "Wat mij betreft is het over en uit. Ik heb de laatste jaren al verschillende keren narigheid gehad. Ik ben het zat. En ik ben niet de enige. Van andere ondernemers hoor ik soortgelijke verhalen."

In een reactie zegt de politie dat ze weinig met de aangifte kan. "Dat iemand gezegd heeft auto's te zullen bekrassen, maakt hem nog niet tot verdachte. We zullen concrete aanwijzingen moeten hebben dat hij ook de dader is," zegt een woordvoerder. Maar hij zou toch op zijn minst op het bureau kunnen worden ontboden? "Ach, dat heeft toch geen zin", luidt het verweer.

Te braaf (III)

De Dordtse advocaat mr. L. P. Quist kent het dossier, omdat hij er zijdelings mee te maken heeft. Hij heeft zich over de gang van zaken zeer verbaasd, om niet te zeggen geërgerd. "Het is toch tamelijk ernstig wat deze man is overkomen. Je verwacht dat de politie voortvarend te werk gaat, temeer omdat de zaken niet echt gecompliceerd liggen. Maar ik kan helaas niet aan de indruk ontkomen dat er nauwelijks actie wordt ondernomen."

Het bevestigt zijn idee dat het politie- en justitieapparaat nogal eens de verkeerde prioriteiten stelt. Een duidelijk voorbeeld vond hij in dit verband de strafzaak tegen twee ambtsdragers uit Zwijndrecht. Als raadsman van beiden was Quist er nauw bij betrokken. De twee waren door enkele gemeenteleden ter verantwoording geroepen vanwege het beleid van de kerkenraad in een bepaalde zedenzaak. Ter verdediging hadden de ambtsdragers gewezen op een verklaring van een dochter die belastend was voor haar vader en broers.

Die enkele verwijzing naar de verklaring was voor justitie al voldoende om de ambtsdragers te vervolgen wegens smaad. Mr. Quist: "Het was juridisch gezien een zaak van niks. Justitie had geen been om op te staan. Mijn cliënten werden dan ook staande de zitting vrijgesproken. De rechter zag er helemaal niets in. Maar intussen waren wel allerlei getuigen gehoord en was er heel veel energie in gestoken. Het is toch moeilijk uit te leggen dat politie en justitie wel tijd hebben voor een dergelijke zaak terwijl een ondernemer die mishandeld, geïntimideerd en gedupeerd wordt, het zelf moet uitzoeken. Op verjaardagen wordt er wel eens geklaagd dat de politie wel alle tijd heeft om snelheidsbekeuringen uit te schrijven maar aan de echte misdaad niet toekomt. Als je de zaak van zo'n garagehouder van nabij meemaakt, begrijp je waar die verhalen vandaan komen."

Om veiligheidsredenen is de garagehouder aangeduid met een gefingeerde naam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 29 juli 2002

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Te braaf (I)

Bekijk de hele uitgave van maandag 29 juli 2002

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken