Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

"De commerciëlen doen ons de das om"

Kledinginzameling steeds moeizamer voor charitatieve instellingen

5 minuten leestijd

Liefdadigheidsinstellingen die oude kleding ophalen voor goede doelen beleven moeilijke tijden. De concurrentie van commerciële inzamelaars neemt verder toe en dreigt hen de das om te doen. Bovendien vragen steeds meer gemeenten een financiële tegenprestatie.

Volgens de laatste berekeningen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) zamelden Nederlandse gemeenten twee jaar geleden in totaal 54 miljoen kilo textiel in. In 2000 was de opbrengst 52 miljoen kilo. Dat is gemiddeld 3,2 kilo textiel per inwoner. In 1999 was dit nog dit 2,8 kilo. De hoeveelheid ingezamelde kleding stijgt dus.

KledingInzameling ten behoeve van Charitatieve Instellingen (KICI) neemt ruim 6,5 miljoen kilo van de totale opbrengst voor zijn rekening. In eerdere jaren was de hoeveelheid volgens KICI-directeur F. Jakobs echter "beduidend hoger."

De inzameling staat onder druk, aldus Jakobs. "Het wordt duidelijk minder. Steeds meer gemeenten vragen ons tegenwoordig wat we kunnen en willen bieden voor het mogen plaatsen van kledingcontainers. Ze moeten bezuinigen nu ze het tij tegen hebben en willen geld aan ons verdienen. Omdat we geen vergoeding bieden voor het neerzetten van de bakken, kunnen we bij bepaalde gemeenten niet meer terecht."

De criteria die het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) hanteert voor toekenning van het CBF-keurmerk laat liefdadigheidsinstellingen geen ruimte om gemeenten geld te geven voor het plaatsen van kledingcontainers. Daardoor zou namelijk het minimaal te besteden percentage van 25 procent van de jaarlijkse marktprijs aan goede doelen zodanig onder druk komen dat de organisaties het erkende keurmerk zouden kunnen verliezen.

Kleine neveninkomsten

Sommige lagere overheden zwichten voor de aantrekkelijke aanbiedingen van commerciële kledinginzamelaars, zoals Coro, een dochter van energiebedrijf Essent. Op haar website schrijft deze organisatie dat Essent Milieu "gemeenten in de gelegenheid stelt het milieu te sparen en kleine neveninkomsten te genereren."

De door Coro beloofde "kleine neveninkomsten" bedragen volgens Jakobs 1100 euro per geplaatste container. "Als je bedenkt dat een middelgrote gemeente ruimte biedt aan twintig tot dertig bakken, gaat het om hoge totaalbedragen." Volgens woordvoerder L. Dirrix van Coro is het geboden bedrag per gemeente verschillend en afhankelijk van onder andere de grootte van de container.

Dirrix merkt niet dat nu opeens veel meer gemeenten geld willen verdienen aan kledinginzameling. "De hoeveelheid kleding die wij ophalen, blijft stabiel. Veel gemeenten kiezen toch principieel voor het steunen van goede doelen."

Liefdadigheidsinstelling KICI is niet van plan om, net als Coro, grote bedragen in de gemeentekassen te storten en riskeert daarmee dat commerciële inzamelaars haar plaats innemen. Jakobs probeert gemeenten erop te wijzen dat het de gulle burgers vooral om het goede doel gaat. "Mensen geven hun kleding weg voor de minderbedeelden, niet voor de harde commercie. Als gemeenten dan toch kiezen voor de commerciëlen, houden ze geen rekening met wat de burger wil."

Ronald McDonaldhuis

Commerciële kledinginzamelaars steunen ook goede doelen. "Op de containers van Coro zit bijvoorbeeld een sticker met de tekst: Wij steunen het Ronald McDonaldhuis. Ze geven er echter maar een verwaarloosbaar deel van hun omzet aan", meent Jakobs. "Op deze manier spelen ze verkeerd in op de wens van de burgers."

Volgens Dirrix is het bedrag dat naar het goede doel gaat afhankelijk gesteld van de jaarlijks gedraaide omzet. "We hebben de afgelopen maanden ook een actie gehad, waarbij we per geplaatste container een vast bedrag overmaakten aan het Ronald McDonaldhuis."

Dirrix vindt niet dat de commerciëlen de charitatieve instellingen, zoals KICI en het Leger des Heils, het brood uit de mond stoten. "De markt voor gebruikte kleding is voor beide partijen toegankelijk. Het is aan de gemeenten wie ze dan kiezen."

Ridderkerk kiest tot nu toe voor charitatieve instellingen. "In onze algemene plaatselijke verordening staat dat we commerciële instanties niet toestaan", zegt R. Dekker, verantwoordelijke voor de vergunningverlening in Ridderkerk. "In gemeenteland is over het algemeen de teneur dat organisaties slechts geld of goederen voor goede doelen mogen inzamelen, en dat doen commerciële instellingen niet."

Financiële vergoeding

Het Leger des Heils kampt met dezelfde problemen als KICI. De hoeveelheid kleding die de organisatie inzamelt, neemt af door de vele kledingcontainers die overal staan en doordat in steeds meer gezinnen zowel de man als de vrouw werkt. "Daardoor vergeten ze soms dat wij een inzamelingsactie houden en vullen ze de door ons uitgedeelde kledingzakken niet", zegt D. van Diepen, werkzaam bij het herbestemmingsdepot in Hattem.

"De commerciëlen doen ook ons de das om", stelt Van Diepen. "Alles wat zij wegpakken, hebben wij niet meer. En gemeenten geven soms elke maand een vergunning af voor een inzamelingsactie. Zo blijft er voor ons niet veel over."

Na de inzameling moet de afgedankte kleding worden gesorteerd in direct her te gebruiken textiel en textiel dat alleen nog maar kan worden verwerkt in poetskatoen en matrassenvulling. Deze sortering is een extra handeling en daardoor valt oude kleding volgens een uitspraak van de Raad van State onder huishoudelijk afval. Voor het ophalen hiervan is een vergunning van de gemeente vereist. Sinds enkele maanden vragen veel gemeenten hier een financiële vergoeding voor.

Dat gemeenten geld vragen voor het verlenen van vergunningen om inzamelingsacties te houden of containers te plaatsen, begrijpt juridisch medewerker van de gemeente Sliedrecht J. Hoeijenbos best. "Het afgeven van vergunningen kost ambtenaren werk en daarvoor moet je betalen. Verder krijgen organisaties daardoor het recht dingen te doen die anderen niet mogen. Ze huren een stuk gemeentegrond en dat kost geld. Aan de andere kant hebben gemeenten er ook baat bij als de organisaties kleding inzamelen. Het afval wordt zo apart ingenomen en dat past binnen de milieudoelstellingen die het Rijk heeft gesteld."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Saturday 8 March 2003

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van Saturday 8 March 2003

Reformatorisch Dagblad | 40 Pagina's

PDF Bekijken