Bekijk het origineel

Waarom de Europese kerken leegliepen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Waarom de Europese kerken leegliepen

Amerikaan Collin Hansen vergelijkt godsdienstige situatie avondland en Amerika

5 minuten leestijd

NEW YORK - Terwijl elders op de wereld de kerken als paddestoelen uit de grond rezen, verlieten Europeanen en masse het christelijk geloof. In het tijdschrift Christianity Today vraagt de Amerikaanse historicus-journalist Collin Hansen zich af hoe dit komt.

In Europa, het werelddeel dat een Thomas van Aquino, een Luther, een Calvijn en andere geestelijke lichten voortbracht, lijdt het christendom aan ernstig verval. Kijk alleen eens, schrijft Hansen, naar de huidige spanningen in de Anglicaanse Kerk - tussen liberale theologen in de stagnerende Britse moederkerk enerzijds en hun conservatieve broeders in de (snelgroeiende) Afrikaanse en Aziatische kerkprovincies anderzijds.

Tot voor kort geloofden veel westerse academici in de zogeheten secularisatiethese. Volgens deze opvatting leidt intellectuele en economische ontwikkeling ertoe dat mensen het geloof niet meer nodig hebben. Godsdienst is dan een reliek uit het verleden, passend bij een minder ontwikkeld stadium van de mensheid. Rationeel denken heeft het geloof in God en bovennatuurlijke zaken uit het wereldbeeld verdreven.

Het belangrijkste bewijs van de secularisatiethese is de toestand in Europa: hier verlieten mensen massaal de kerk en werd de georganiseerde godsdienst naar de rand van de samenleving gedrongen. De snelle groei van kerken in China en Nigeria is vanuit deze visie een blokkade op de weg naar een 'verlichte' maatschappij, zonder God.

Waarschijnlijk illustreert geen land de secularisatie beter dan Frankrijk, hetzelfde land dat ruim 1200 jaar geleden een kerkhistorische mijlpaal zette met de kroning van Karel de Grote tot heilige roomse keizer, in het jaar 800. Anno 2003 is Frankrijk een seculiere staat en verzet het zich zelfs tegen de kleinste verwijzing naar de christelijke wortels van Europa in de -recent ontworpen- Europese grondwet.

Hoe waarschijnlijk de secularisatiethese voor de Europese situatie moge lijken (ook in dat werelddeel is ze overigens achterhaald, sinds de laatste jaren allerlei vormen van buitenkerkelijk religieus leven opbloeie n), alleen al het bestaan van Amerika vormt een krachtig argument tégen.

Het Amerikaanse christendom heeft dezelfde factoren die in Europa problematisch bleken te zijn, overleefd. Ook hier werden enorme wetenschappelijke vooruitgangen geboekt, ook hier kent men de moderne techniek, de verstedelijking en niet te vergeten het als een bosbrand om zich heen grijpende consumentisme. Ook in dit land zijn er de antichristelijke critici van de seculiere media en het academisch establishment. Desondanks slaagde Amerika erin zich aan het christendom vast te grijpen en de verwoestende ideologieën die zulke diepe sporen door het twintigste-eeuwse Europa trokken, te weerstaan.

De conservatieve denker Alexis de Tocqueville, een van de beroemdste schakels tussen Frankrijk en de VS, gaf een rake typering van de culturele kracht van het Amerikaanse christendom. Tijdens zijn trip naar de VS, in 1831, trof hij er levende en bloeiende denominaties en kerken aan. "Deze", betoogde Tocqueville, "komen allemaal met elkaar overeen, behalve in de details. Alle zijn ze het erover eens dat de belangrijkste reden voor de rustige verspreiding van de christelijke godsdienst over Amerika de complete scheiding van kerk en staat is." De filosoof beweerde dat hij tijdens z'n verblijf in Amerika "niemand, leek noch geestelijke, was tegengekomen die het hier niet mee eens was."

Collin Hansen beseft dat geen enkele factor de sterke verschillen tussen beide westerse werelddelen uitputtend kan verklaren. Niettemin meent hij dat het contrast tussen Europa's eeuwenoude erfenis van een door de staat begunstigde religie met Amerika's tamelijk recente en unieke scheiding van kerk en staat meer zicht geeft op het verval van het Europese christendom.

De bekering van keizer Constantijn, in 312, markeert volgens Hansen een belangrijk punt in de verhouding kerk en staat in Europa. Had de kerkvader Tertullianus opgemerkt dat het bloed van martelaren een zaad van de kerk is, met Constantijn begon een nieuwe fase. "Het keizerrijk begon haar veroveringen nu onder de banier van het kruis. Plotseling werd christenzijn een opstapje voor werelds succes en een goede positie. Degenen die werkelijk discipel van Christus wilden zijn, meenden dat dit alleen kon door de steden die halfwerelds-halfchristelijk waren te ontvluchten en zich in verlaten kloosters op te sluiten."

Hoewel hij de verdiensten van Constantijn erkent in het tegengaan van barbarij, benadrukt de Amerikaanse historicus dat de keizer met zijn politieke invloed op kerkzaken een precedent schiep voor later eeuwen. Talloze Europese leiders na hem misbruikten zijn politieke praktijk om de soevereiniteit van de kerk te schenden. Andersom werden politieke beslissingen van een godsdienstig aureool voorzien.

Hansen concludeert: "Vanaf Constantijn heeft het Europese christelijk geloof geleden onder de intieme band van kerk en staat. Terwijl de Amerikaanse protestantse groepen zich in een sfeer van open competitie vermenigvuldigden en opbloeiden, gingen de Europese disputen vaak gepaard met bloed en tranen." Hij wijst dan op de kruistochten, vervolgingen, godsdienstoorlogen en inquisities en stelt: "De kerk die leeft van de macht van de staat, sterft door diezelfde macht."

In Europa wordt het christelijk geloof, vooral sinds de Verlichting, aangevallen door sceptische intellectuele elites. De kerken verliezen, door onder meer industrialisatie en urbanisatie, steeds meer hun grip op de massa. Na de Eerste Wereldoorlog keren mensen zich massaal tot andere ideologieën. Vooral het socialisme lijkt beter te voldoen aan de noden van alledag dan een schijnbaar irrelevant geworden staatskerk.

De meest dramatische voorbeelden van deze verschuiving zijn het Russische communisme, het nazisme in Duitsland en het fascisme in Italië. Terwijl de wereld om hen heen snel verandert, rebelleren Europeanen tegen statische instituties, die ze ervan beschuldigen niet te voldoen aan hun behoeften en noden. In de meeste gevallen richten ze zich tot de seculiere regeringen, die vaak nauw verbonden zijn met de gevestigde landskerk.

Terwijl veel van Europa's vijanden van de kerk -van rationalisme tot socialisme- hun aantrekkingskracht alweer hebben verloren, tonen Europese burgers weinig belangstelling voor een terugkeer naar de kerk. Ondertussen werpen Amerikanen een blik over de oceaan en vragen ze zich af wat ze van Europa's ontwikkeling kunnen leren. Hansen: "De Amerikanen mogen God wel danken dat hun kerken onafhankelijk bleven van de staat."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 28 juli 2003

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

Waarom de Europese kerken leegliepen

Bekijk de hele uitgave van maandag 28 juli 2003

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

PDF Bekijken