Bekijk het origineel

De Joods-christelijke religie en de EU-grondwet

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De Joods-christelijke religie en de EU-grondwet

6 minuten leestijd

Helaas kan ik niet schrijven: de Joods-christelijke religie in de EU-grondwet. Er is wel gepleit voor de opname van de Joods-christelijke religie in de preambule van de Europese grondwet.

Er staat nu: het cultureel, religieus en humanistisch erfgoed. Er wordt alleen verwezen naar humanistische waarden. Wat onder religieus erfgoed verstaan moet (mag) worden, moet ieder zelf maar uitmaken.

In elk geval heeft men de kans voorbij laten gaan om naar het christendom als mede een wortel van Europa's geschiedenis te verwijzen. Ik moet het nog scherper formuleren: men heeft niet alleen de kans voorbij laten gaan, men heeft de Joods-christelijke religie met opzet genegeerd.

Dat is een kwalijke zaak. Ik zeg het maar direct en heel duidelijk: dat is een vorm van geschiedvervalsing. Men kan de geschiedenis van Europa beschrijven noch verstaan buiten de betekenis van het christendom om. Het christelijk geloof wortelt in de Joodse religie.

Wie weigert deze wortel als essentieel voor de geschiedenis van Europa te noemen, begaat een historische blunder. Waar je ook komt in Europa, je ziet er oude kerkgebouwen. Waar je ook in de geschiedenisboeken van Europa duikt of neust, je komt er het christendom tegen, in welke variant ook, rooms-katholiek of protestant.

Ik heb er geen moeite mee dat in de opsomming van de historische factoren ook het humanisme wordt genoemd. Dat is een reële factor in de geschiedenis van Europa. Je kunt die geschiedenis niet verstaan buiten het humanisme om, maar evenmin buiten het christendom om. Het christendom hoort erbij in de geschiedenis van Europa. Hier wordt de hand gelicht met een wezenlijke factor in de Europese geschiedenis, zowel in zijn ontstaan als in zijn voortbestaan.

Verblinding

Hoe komt het toch dat men zichzelf voor de betekenis van het christelijk geloof in de Europese geschiedenis afschermt, ja blind betoont?

In politieke discussies is gewezen op de scheiding van kerk en staat als reden om het christendom ongenoemd te laten. Dat is volstrekt ten onrechte. Het gaat niet om de betekenis en de invloed van de kerk. Het gaat om de betekenis van het christendom als culturele en politieke vormende factor in de ontwikkeling van Europa. Ook al is ons werelddeel nu in belangrijke mate geseculariseerd, daarmee is de betekenis van het christendom als religieuze, culturele en politieke factor in het verleden nog niet uitgewist.

En om de verworteling in dat verleden gaat het in de preambule van de grondwet van Europa.

Wat zit er toch achter deze negatie van het christelijk geloof als essentiële factor in het ontstaan van het huidige Europa?

Ik kan het hier niet anders zien dan een stukje weerzin, ja afkeer en hier en daar zelfs haat tegen het christendom. Dat moet vooral niet in zijn specifieke vorm genoemd worden. Religieus mag dan nog. Daar kun je alle religies onder verstaan die op het moment in ons land te vinden zijn; ook al hebben ze aan de vorming van Europa niets bijgedragen.

Wat mij vooral steekt is de verblinding die spreekt uit de negatie van het christendom. Wie onbevooroordeeld de geschiedenis van Europa onderzoekt en beschrijft, kan om het christendom niet heen, en toch - de vermelding ervan wordt onnodig en overbodig gevonden. Men sluit bewust de ogen voor de wording van Europa's geestesgeschiedenis. Daarachter zie ik -het zij nogmaals gezegd- afkeer en afweer van het christendom.

Er verschijnen tegenwoordig tal van boeken waarin het heidendom wordt aangeprezen. Ik noem nu "Nederland seculier. Tegen religieuze privileges en wetten, regels, praktijken, gewoonten en attitudes" van August Hans den Boef. O zeker, deze auteur zou zelfs de religies niet genoemd willen hebben in de preambule. Het weglaten van het christendom is in elk geval geheel in de lijn van deze auteur.

Ik herinner ook aan "Leven zonder God. Elf interviews over ongeloof", afgenomen door Harm Visser (2003). De hier geïnterviewden verheugen zich over hun atheïstische levensbeschouwing. Een leven zonder God. Vanuit dit standpunt wordt de geschiedenis van Europa dan bijgekleurd!

Haat

Ik gebruikte het woord haat. Die is niet bij iedere ongelovige aanwezig. Het valt mij op dat deze haat wel steeds duidelijk beleden en gepropageerd wordt. De beide genoemde boeken zijn daarvoor het bewijs.

Het is goed dat we ons als christenen bewust zijn van deze vertekening van het verleden. Er wordt christenen wel eens voor de voeten geworpen dat ze zich zo stil houden als er onjuiste voorstellingen van het verleden worden gegeven. Een dergelijke houding van zwijgzaamheid en verzwijgen doet mij pijn. Ik vind het volstrekt ten onrechte om het verleden vanuit het heden te laten bijkleuren. Dit komt neer op een verkleuren van ons nationaal verleden.

Hoe moeten christenen zich dan in deze samenleving opstellen? In elk geval niet zwijgzaam. Zij hebben evenzeer als de andere medeburgers recht van spreken. Ze moeten niet schreeuwen en zeker niet zichzelf overschreeuwen.

Zij moeten en mogen rustig, overtuigd en beleefd getuigenis afleggen van hun overtuiging. Zij hoeven door te zwijgen niet het verleden te laten bijkleuren. Dat komt neer op een verkleuren van het verleden. Dat gebeurt in beide genoemde boeken.

Bovendien is het onze roeping getuigenis af te leggen van ons geloof, in de directe zin van het geloof in de drie-enige God en van Zijn recht op en van Zijn heerschappij over ons leven.

God beware ons ervoor daarover te zwijgen. Al wordt het aantal stemmen misschien minder, het getuigenis moge des te krachtiger en met des te meer overtuiging klinken.

Ten slotte, het tot zwijgen brengen van het getuigenis van christenen in het verleden en in het heden zullen we aanvaarden als een vorm van verdrukking. Dat is een groot woord. Toch kan ik niet nalaten het te gebruiken. Wie de media op dit punt volgt, komt onder de indruk van onchristelijke, om niet te zeggen antichristelijke tendensen. Laten we ons daarover niet beklagen. We merken het wel op en benoemen het ook. Onze stem mag evenzeer klinken als die van tegenovergestelde, ja hier en daar aan kerk en christendom vijandige opvattingen.

Het ontbreken van de verwijzing naar het christendom als wortel van de Europese cultuur en samenleving is een bewijs van deze negatie. Zij wortelt in een het christendom vijandige houding.

Laat mij volstaan met te zeggen: Wee een samenleving die zich van haar wortels lossnijdt. Dat is de leegte in de nieuwe Europese grondwet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 2 augustus 2003

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

De Joods-christelijke religie en de EU-grondwet

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 2 augustus 2003

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken