Bekijk het origineel

Christenen in Z-Korea op zoek naar de stilte

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Christenen in Z-Korea op zoek naar de stilte

Binnen de Samyang-gemeente vinden carrièrejagers hun gezinnen weer rond Bijbel

8 minuten leestijd

Zuid-Korea, daar kijken westerse christenen met jaloerse blik naar, vanwege de groei en bloei van de kerk. Maar, hoe terecht is dat? Akkoord, er zijn overvolle kerken, maar hoe is het christenleven van alledag? "We weten hoe we moeten leven, maar de samenleving zet ons klem en dwingt ons tot aanpassen."

Van beroep drukker. Vraag een doorsnee Nederlander naar zijn dagelijks werk en je krijgt standaard dít wachtwoord te horen. Niet wát we doen, of waarom, maar dát we het doen en hóe is belangrijk. Steeds maar weer drukker, dat willen we weten. Niet omdat de meesten nu zo arm zijn en dus van hot naar her moeten rennen voor een aanvullende schnabbel. Welnee. Werken voor de baas is 'lifestyle' geworden. Een vorm van levensvulling, zij het wél één met opdringerige trekjes. Want voor je er erg in hebt, slingert deze lifestyle zich om je heen en ben je verkocht. Is een lifestyle naar keuze de normaalste zaak van de wereld geworden.

Die kant gaan we in Nederland op, en dat komt omdat een drukke baan of studie tot gedragscode is opgewaardeerd. Weliswaar uitgeteld, maar door je omgeving meegeteld. En daar gaat het om. Volle agenda's, dat zijn de nieuwste serie Nikes voor volwassenen.

Kunnen christenen zulke voorthollende werkpaarden zijn? Gaan die twee 'lifestylen' wel samen? Kun je al voortjakkerend de stem van God nog horen? Overleeft het suizen van een zachte stilte het najagen van een stormachtige carrière? Waarschijnlijk niet. Sterker: Wie als christen niet te stoppen is, raakt langzaam maar zeker uitgehold.

Hoe is dat in landen waar dat gejakker al veel langer de norm is, opgelegd door autoritaire bazen en chefs? En hoe krijgt het christenleven daar gest alte? In Zuid-Korea bijvoorbeeld? Dat is toch het land waar zo veel voorbeeldige christenen wonen? Waarnaar wij westerse kerkmensen altijd wijzen als we de geestelijke neergang in eigen land willen relativeren: hier is het niks meer. Kijk naar Korea, want daar groeit en bloeit de kerk!

En inderdaad, wie de cijfers erbij pakt raakt onder de indruk: een kwart van de bevolking, zo'n 11 miljoen mensen, behoort er tot een van de vele christelijke kerken. Na de (rooms-katholieke) Filippijnen heeft Zuid-Korea het hoogste aantal christenen in Azië. En een bezoek aan een zondagse eredienst -die van de Presbyteriaanse Youngnak-kerk in Seoul bijvoorbeeld- is een indrukwekkende ervaring. Want of je nu de eerste, tweede of vijfde (!) dienst van de zondag bezoekt, het enorme kerkgebouw zit telkens stampvol!

Het stadsbeeld van Seoul is ook een getuigenis op zich: in welk deel van de stad je ook komt, overal tref je er kerken en kerkjes aan, allemaal met van die parmantige torens. Tussen de enorme wolkenkrabbers en woonflats ogen ze als speelse kaboutermutsen, maar toch. Zet een bijbels gekleurde bril op en je ziet in dat beton een eindeloze herhaling van de strijd tussen David en Goliath. Maar hoe zit het nu met het léven van Zuid-Koreaanse christenen?

Schoolsysteem

Ik leg die vraag op tafel, naast de schaaltjes rijst en noedelsoep waarover ds. Chanwon Shu zich gebogen heeft. Het is zondagmiddag en de predikant van de Samyang-gemeente, een presbyteriaanse gemeente (ruim 1000 leden) van behoudende signatuur, heeft zijn tweede dienst van die ochtend achter de rug. Tijd voor een stevige lunch, afgewisseld met enkele niet al te luchtige gespreksthema's.

"Het begint al met ons schoolsysteem", zegt Chanwon. "Zodra kinderen naar de middelbare school gaan, volgen de meesten extra lessen voor en na schooltijd. Om toegelaten te worden tot een vervolgstudie aan een universiteit moet er namelijk keihard geblokt worden. Ouders willen dat ook, ze vragen van hun kinderen optimale inzet. Maar het gevolg is wel dat van een gezinsleven nauwelijks meer iets terecht komt. Zo zijn er veel kinderen die pas tussen elf uur 's avonds en één uur 's nachts thuiskomen".

Overigens geldt voor de meeste vaders hetzelfde. "Vaders zijn doorgaans niet eerder dan tien of elf uur 's avonds terug van hun werk. 's Ochtends om zeven uur zijn ze alweer weg."

De predikant zegt zijn gemeenteleden voor te houden dat als ze als gezin 's avonds niet iets gezamelijks rondom de Bijbel kunnen doen, ze dan op zijn minst 's ochtends bijeen horen te komen om de dag te beginnen. Maar, voegt hij eraan toe, ook dat is lastig. Dat geldt ook voor zijn oproep om kinderen niet naar al die naschoolse lessen te sturen, en in plaats daarvan die tijd te vullen door zelf te onderwijzen in het christelijk geloof.

Chanwon aarzelt bij de vraag of Zuid-Koreaanse christenen bereid moeten zijn offers te brengen door met lagere maatschappelijke functies tevreden te zijn. "Ik denk dat ze inderdaad een prijs zullen moeten betalen. Door al die voor- en naschoolse activiteiten niet meer te volgen, kunnen ze immers toegang tot de beste vervolgopleidingen vergeten."

Vanwaar die aarzeling? Omdat hij uit eigen ervaring weet hoe weersbarstig de praktijk is. "Iedere ochtend ga ik om vijf uur naar ons kerkgebouw voor de dagelijke gebedsbijeenkomst. Om halfzes keer ik terug naar huis, maar als ik daar aankom, zijn mijn kinderen alweer op weg naar school (in verband met bijles vóór schooltijd). 's Avonds komen ze vaak laat thuis, twaalf uur is geen uitzondering, en dan lig ik alweer op bed, want ik moet de volgende dag weer vroeg uit de veren. We weten als christen best hoe we zouden moeten leven, maar de samenleving dwingt ons tot aanpassen. Koreaanse christenen zitten in feite klem tussen die twee plichten."

Om kinderen toch enige vastheid in de gezinnen te geven adviseert Chanwon de vrouwen in de gemeente om toch maar niet buitenshuis te gaan werken. "Blijf in je gezin", roep ik vaak vanaf de preekstoel, "en investeer in je kinderen als die (nog) thuis zijn."

Youngnak-kerk

De Amerikaanse predikant Bill Majors is al vele jaren verbonden aan de genoemde Youngnak-kerk. Ook hij ziet "carrièredrang" van de Zuid-Koreaanse jeugd als funest voor een christelijk leven, maar legt toch een ander accent dan ds. Changwon Shu. De slaven en slovers zijn volgens hem vooral de ouders. "Juist nu de Zuid-Koreaanse economie in het slop zit, moeten zij er flink aan trekken om geld in het laadje te krijgen. En waar gaat veel van dat geld naartoe? Naar hun kinderen!"

Majors typeert deze kinderen als "extreem verspilzuchtig", gewend aan een leven van uitgaan, luxe en overdaad. En dat willen ze graag zo houden. Vandaar dat ze hun hardwerkende ouders optimaal manipuleren om hun dure levensstijl te bekostigen. "De ouders hebben geen tijd voor de kerk, hun kinderen hebben er geen behoefte aan", vat Majors samen.

Intussen heeft de kerkenraad van de Samyang-gemeente enkele concrete maatregelen doorgevoerd om het leven als christen onder de gemeenteleden te bevorderen. Soms was met een simpele verschuiving al heel veel te verbeteren. De zondagschooldienst bijvoorbeeld. Ds. Chanwon Shu: "Als kerkenraad vonden we dat als de samenleving dan verwoestend werkt op de gezinnen, wij als kerk toch in ieder geval een plek moeten zijn waar het gezin wél als geheel kan samenkomen. Vroeger begon onze zondagschool om 9 uur 's ochtends. Op het moment dat de kinderen naar huis gingen, vertrokken de ouders naar de kerkdienst. Hun kinderen zaten dan alleen thuis, zonder dat iemand zicht had op wat ze daar allemaal uitspookten.

Dat hebben we dus veranderd. Nu start de zondagschool om elf uur, zodat de ouders met hun kinderen naar de kerk komen en na zondagschool weer gezamenlijk naar huis gaan. Sinds we dit hebben ingevoerd, komen er ook meer kinderen naar de zondagschool. God heeft het willen zegenen!"

En dan is er nog 's middags de bijbelstudiekring voor jonge echtparen. Steevast komen zo'n acht echtparen om 14.00 uur bij elkaar in een zaaltje van de kerk, om er onder leiding van dr. Eun Soo Choi een bijbelgedeelte te bestuderen. Dat ze op degelijke kost kunnen rekenen, is zeker: Choi is in het dagelijks leven hoogleraar aan de Westminster Theologische School in Seoul.

Maar het mooiste idee wacht nog op realisering, zegt Chanwon: "Vanuit de kerk een eigen christelijke school beginnen, zodat de kinderen van de gemeente op een natuurlijke manier -geïntegreerd in het vakkenpakket- worden opgevoed in het christelijk geloof."

In 2005 wil hij starten. Of dat ook gehaald wordt? "We bidden er vurig om", zegt Chanwon met priemende pretoogjes.

Binnen de Youngnak-kerk zijn vooralsnog weinig initiatieven tot vernieuwing te verwachten, zegt ds. Majors. Het houdt verband met "interne machtsstrubbelingen" onder de leiders, na het wegvallen van de grondlegger van de kerk in 2000 (de kerk dateert van 1946). "Als gevolg daarvan is er geen vernieuwing, geen aantrekkingskracht naar buiten toe, en: geen groei."

Maar als een probleem ervaren we dat nog niet, voegt hij eraan toe. "Zeg nu zelf: iedere week bezoeken tussen de 16.000 en 20.000 gemeenteleden de diensten. Dat is nog altijd een indrukwekkend aantal."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 2003

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Christenen in Z-Korea op zoek naar de stilte

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 2003

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken