Bekijk het origineel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

"Het is een afgezonderde plaats"

Architecten in discussie over ontwerp en grenzen van kerkbouw

9 minuten leestijd

Is een kerkgebouw wezenlijk anders dan een seculier bouwwerk? In hoeverre kan een architect een meerwaarde aan een kerkgebouw geven? Moet hij streven naar soberheid? Over dit soort vragen gaan drie architecten -J. W. Evers (Heerenveen), D. Vroegindeweij (Middelharnis) en M. A. Ros (Nieuw-Beijerland)- met elkaar in gesprek, ter afronding van een zomerserie in deze krant over kerkarchitectuur. Over één ding zijn ze het in elk geval eens: een kerk behoort er als een kerk uit te zien. "Niet als een sporthal, niet als een cultureel centrum, en niet als een opgeblazen bungalow."

Waar gaat het nu eigenlijk om bij het ontwerpen van een kerk? In reactie op deze vraag verwijst Vroegindeweij naar Zondag 49 van de Heidelbergse Catechismus. "Dit antwoord wijst ons op onze primaire verantwoordelijkheid. Het beroep van architect is weliswaar vrij, maar bij het uitoefenen ervan zou Gods eer een centrale plaats moeten innemen."

Evers: "Het maakt terdege uit of je gelovig bent of niet. Als gelovige benader je het ontwerpen van een kerk anders dan iemand voor wie het geloof vreemd is."

Vroegindeweij: "Als je de basis van het geloof niet hebt, zie je het kerkgebouw slechts als een gewoon gebouw. In zekere zin ís het ook een gewoon gebouw. Maar het is ook het gebouw waar de gemeente samenkomt, waar een ontmoeting met God plaatsvindt. Je wilt toch laten uitkomen dat het gebouw die meerwaarde heeft. Iemand die de kerk binnenkomt, moet er iets van kunnen voelen dat dit een afgezonderde plaats is."

Ros: "Een kerkgebouw is allereerst bedoeld om de Kerk te dienen. Als architect moet je natuurlijk je werk goed doen en je vak gewetensvol uitoefenen. Verder moet je affiniteit met de opdrachtgever hebben. Vanuit die affiniteit moet je jezelf als architect verdiepen in de essentie van de opdracht. Iemand die niet begrijpt wat een kerk is, kan geen wezenlijk goede kerk maken."

Evers: "Sowieso kun je je werk als architect alleen goed doen als er een wisselwerking is jou en de opdrachtgever."

Ros: "Van belang is vooral dat een kerkgebouw past bij een gemeente."

Vroegindeweij: "Helemaal mee eens. Je moet als architect dóórdringen in de visie die een gemeente heeft op een kerkgebouw. Een kerk van een gereformeerde gemeente, of van een oud gereformeerde gemeente, zal er dus heel anders uitzien dan een kerk voor een pinkstergemeente."

Ros: "We hebben recent een vrijgemaakt gereformeerde kerk ontworpen. Deze gemeente heeft een andere gemeentebeleving dan een gereformeerde gemeente. Als architect moet je dat verschil kunnen peilen."

Mag een kerkgebouw liturgische en symbolische verwijzingen hebben? Of moet het zo sober mogelijk zijn?

Ros: "Ik gebruik liever het begrip stijlvolle eenvoud. Als kerkelijke gemeente heb je de morele plicht om eenvoud na te streven. Je dient zuinig om te gaan met je middelen. Ik heb moeite met allerlei verborgen symboliek. Wel vind ik het uitermate belangrijk dat de kansel letterlijk en figuurlijk centraal staat, omdat in de kerk het Woord in het middelpunt staat."

Vroegindeweij: "Ook in Werkendam hebben we het Woord centraal willen stellen. De kerk zou eerst weggedrongen worden naar de rand van het dorp, maar is na overleg met de burgerlijke gemeente en met de stedenbouwkundige nu midden in een nieuwbouwwijk gesitueerd. Vanuit de kansel is er recht door de entree een diagonaal te trekken die uitkomt in het centrum van Werkendam. Het gebouw zelf heeft met zijn bijgebouwen de vorm van een paar handen die zich uitstrekken naar het dorp.

Ik vind het altijd jammer dat er een parkeerplaats bij de kerk ligt die de hele week leegstaat en waar 's zondags alleen maar blik te zien is. Zo'n ruimte moet ook de andere zes dagen een functie hebben. Vandaar dat de parkeerplaats in Werkendam de functie van een plein heeft gekregen."

Evers: "De behoefte aan symboliek verschilt per kerkverband. Ik heb geen bezwaar tegen het opstellen van een kruis. Je mag echt wel laten zien dat het een kerkgebouw betreft. Dat mag er niet uitzien als een sporthal."

Waar ligt de grens van wat een architect tot uitdrukking kan brengen? En in hoeverre kan hij meegaan in de wensen van de kerkenraad?

Ros: "Ik zou bijvoorbeeld geen rooms-katholieke kerk kunnen en willen bouwen, laat staan een moskee. Als in een protestantse kerk vanuit een bepaalde kerkvisie symbolen gewenst zijn, zal ik met de betreffende gemeente nadenken over een verantwoorde manier om aan deze vraag te beantwoorden."

Culturele centra

Vroegindeweij vindt dat veel kerkgebouwen tegenwoordig lijken op culturele centra. Ros spreekt van "opgeblazen bungalows. In de kerk lijkt het net zo te moeten zijn als in ons huis. Dat heeft te maken met vervlakking."

Evers: "Kerkgebouwen hebben tegenwoordig wel een andere functie dan vroeger. Er gebeurt daarin veel meer dan alleen het vieren van de zondagse eredienst. Ook doordeweeks zijn er allerlei activiteiten en na de dienst is er vaak gelegenheid om koffie te drinken en elkaar te ontmoeten. Daar moet je bij het ontwerpen rekening mee houden."

Ros: "De essentie van een kerkgebouw wordt door architecten steeds minder verstaan. Dat vind ik geen positieve ontwikkeling. In de jaren zestig en zeventig zijn er in de protestantse kerkbouw prachtige dingen gemaakt."

Vroegindeweij: "Moet de kerk dan een architectonisch hoogstandje zijn?"

Ros: "Het moet niet per se, maar het mag wel. Een mooie kerk hoeft niet meer te kosten dan een lelijke kerk. Zelfs de meest eenvoudige, stijlvolle kerk kan architectonische betekenis en kwaliteit hebben. Eenvoud is ook in dit opzicht zeker een kenmerk van het ware."

Evers: "Of een kerk verantwoord is, heeft ook met de ruimtebeleving te maken, en met stilte. Het stiltecentrum van Hoog Catharijne in Utrecht is een ruimte waar je stil van wordt."

Vroegindeweij: "Erg belangrijk is dat je in de kerk een sfeer creëert die anders is dan erbuiten. Het is een afgezonderde plaats."

Hoe duur mag een kerk zijn? Is een duur kerkgebouw ethisch geoorloofd als zo veel christenen in de wereld in armoedige omstandigheden verkeren?

Evers: "Ik kies voor ingetogenheid. Gelet op de nood in de derde wereld kun je het kerkgebouw niet met goud behangen. De kerk moet iets uitnodigends hebben, iets laagdrempeligs. Aan de andere kant mag wel zichtbaar zijn dat hier iets gebeurt dat de moeite waard is."

Ros: "Elk gebouw kost geld. Als je vindt dat er een kerk moet komen, moet je daar iets voor over hebben. Op een verantwoorde manier mag en moet geïnvesteerd worden in de toekomst van de kerk."

Evers: "Je moet helder blijven en aan goede budgetraming doen."

Ros: "Wij zijn op het ogenblik bezig aan een kerk voor een kleine, jonge gemeente, waar een beperkt budget voorhanden is. Dan ontwerp je een gebouw dat teruggaat tot de essentie van de vraag, maar dat toch ook functioneel is."

En wat te doen met de gedachte dat je alles moet over hebben voor de dienst van God?

Ros: "Dat hoef je niet met een kerkgebouw van hout en steen te bewijzen."

Vroegindeweij: "Inderdaad, maar er kan ook sprake zijn van nederige hoogmo ed. Ik heb er bezwaar tegen als mensen thuis in alle luxe leven terwijl ze niets over hebben voor de dienst van God. Soberheid is prima, maar waar ligt de grens? Dan moet je die grens ook thuis trekken."

Ros: "Anderzijds. als je een kerktoren bouwt van een half miljoen die geen functie heeft, dan moet je er goed over nadenken of dat echt zo moet."

Vroegindeweij: "De bouwcommissie heeft de plicht om de gemeente op dit soort dingen te wijzen. Het is dan ook belangrijk dat in zo'n commissie personen zitting hebben die iets van de bouw afweten."

Ros: "Het wijzen op deze zaken behoort zeker ook tot de verantwoordelijkheid van een architect. Het is voor mij nog steeds de klassieke taak van een architect om het hele bouwproces te begeleiden."

Evers: "Een totaalplan is belangrijk. Soms heb je een prachtig gebouw, maar dan zijn de stoelen niet om op te zitten. Ik ben zelf ook interieurarchitect en probeer altijd één plan te leveren, inclusief de parkeeroplossing en het tuinplan."

Ros: "Als er bij bouwprocessen bezuinigd wordt op de bouwvoorbereiding, krijg je vaak moeilijkheden."

Vroegindeweij: "Een architect verdient zichzelf terug omdat hij het gehele proces beheert. Als de gemeente zelf plannen maakt, hebben ze negen van de tien keer een probleem. Dan kost het de kerk uiteindelijk zelfs geld."

Zijn er nooit conflicten tussen architecten en kerkelijke gemeenten?

Ros: "Ik heb ze persoonlijk niet meegemaakt. Als je goed luistert, hoeven er geen conflicten te zijn. Het is wel van belang dat de architect zijn werk zorgvuldig doet. Daarom moet je als architect niet te veel kerkbouwprojecten tegelijkertijd hebben. Dan vraag je om problemen, dan breng je het vak van architect in diskrediet. Overigens is voor het voorkomen van problemen een slagvaardige bouwcommissie onmisbaar."

Evers: "Ik werk al jaren binnen verschillende kerkverbanden met kerkenraden en commissies. Er kunnen gemakkelijk problemen ontstaan als te veel personen bij zo'n karwei worden betrokken.

Hoe groot mag een kerk zijn?

Vroegindeweij: "Ik vind een kerk van 700 zitplaatsen meer dan voldoende, althans dat heeft mijn voorkeur.Daarbij zie ik dan het liefst dat de kerkzaal de vorm van een vijfhoek heeft. Een dominee moet de gemeente kunnen overzien en dat gaat minder goed als de kerk te groot wordt, welke vorm de kerkzaal dan ook heeft. Het ligt wat anders wanneer een kerk een regiofunctie heeft. In een aantal gevallen is een grote kerk dan gewoon nodig."

Evers: "Voor mij ligt de bovengrens tussen de 500 en 1000 zitplaatsen."

Ros: "Als je een ontwerp maakt, waarbij de afstand van de kansel tot aan de laatste rij maximaal 25 meter is, kun je op een verantwoorde manier een kerk maken waarin 1500 mensen rondom de kansel zijn geschaard. De vraag hoe groot een kerk in téchnisch opzicht kan zijn, is daarmee beantwoord.

De vraag hoe groot een kerk mág zijn, is voor mij geen architectenzaak. Waar is een gemeente mee gebaat? Bij een grote kerk, waarin zo veel mensen samenkomen dat ze elkaar nauwelijks zien, laat staan kennen? Of bij twee kleinere kerken, waar meer sprake kan zijn van ontmoeting en gemeentebeleving?"

Evers: "Het is zaak dat een kerkgebouw laat zien dat er een gemeenschap samenkomt."

Ros: "Daarmee raken we de essentie van het kerkgebouw. Een protestants kerkgebouw is geen gewijde ruimte, maar een plaats waar de gemeente rondom het Woord samenkomt, waar het Woord verkondigt wordt. Een architect is wel in staat om een kerkgebouw te ontwerpen. Het ligt echter niet binnen zijn bereik om ervoor te zorgen dat het ook echt een bedehuis wordt."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 2003

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 2003

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken