Bekijk het origineel

Werken terwijl het dag is

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Werken terwijl het dag is

Ds. Elie Feindouno: Laten we de islamitische reus niet onderschatten

9 minuten leestijd

Formeel heeft Guinee een neutrale overheid. De realiteit is minder fraai. De moslims geven er de toon aan, christenen worden gedoogd. Ds. Elie Feindouno, voorzitter van de grootste protestantse kerk in het land: "Ik vraag me vaak af hoelang zendelingen nog welkom zijn in Guinee."

Haarscherp staat de Faisal-moskee afgetekend tegen een dreigende wolkenhemel. Kosten noch moeite werden gespaard bij de realisatie van het islamitische godshuis. Het is tegelijk een van de weinige gebouwen van formaat in Conakry. De hoofdstad van Guinee, gelegen op een schiereiland, heeft nog altijd het karakter van een verzameling aan elkaar gegroeide Afrikaanse dorpen. Een samenraapsel van armoedige bouwsels, voor het overgrote deel aan onverharde wegen.

Het kerkgebouw van de Eglise Protestante Evangélique vormt één geheel met het lint van wankele woningen, winkeltjes en kramen langs een rommelige asfaltweg in de binnenstad. Een paar opgeschoten knapen sleutelen op het terrein voor de kerk aan een aftandse brommer. Enkele oudere vrouwen zitten onder een afdak te breien.

In het stenen optrekje voor de kerk kwijt Elizabeth Zoumanigui zich van haar taak voor de Guinese afdeling van United Bible Societies (UBS). Vanuit haar depot in Conakry vinden de Bijbels hun weg. "Vorig jaar hebben we er 10.000 verspreid." De depothoudster participeert ook in een comité van protestanten, rooms-katholieken en anglicanen dat zich ten doel heeft gesteld het Woord van God onder moslims te verbreiden. Via de kerken. "Die proberen we bewust te maken van hun verantwoordelijkheid. In elk gezin zou een Bijbel moeten zijn."

Zelfstandig

De Eglise Protestante Evangélique (EPE) ontstond uit het zendingswerk van de evangelicale Christian and Missionary Alliance (CMA), die sinds 1918 in Guinee werkt. Aanvankelijk uitsluitend in de Forest, het oerwoudgebied in het zuidoosten van het land. De grondslag van de EPE, met 70.000 leden de grootste protestantse kerk van Guinee, komt overeen met die van de zending waaruit ze voortkwam. Het kerkverband heeft een eigen theologisch opleidingsinstituut, in Telekoro, dat grotendeels door de CMA wordt gefinancierd.

Sinds 1962 functioneert de EPE zelfstandig. De noodzaak om op eigen benen te staan, werd buitengewoon urgent toen dictator Sékou Touré in 1967 alle zendingswerkers in Guinee opdracht gaf het land te verlaten. Na zijn overlijden, in 1984, ontdekten tal van zendingsorganisaties het West-Afrikaanse land en ontstond naast de EPE een scala van evangelische kerken.

Het was een situatie die volgens ds. Elie Feindouno, voorzitter van het landelijk bestuur van de EPE, voor de nodige verwarring zorgde. "Aan de bijbelschool in Telekoro is altijd veel aandacht besteed aan de bestrijding van onbijbelse leringen. Onze predikanten hadden het idee dat alle kerken die naast de EPE ontstonden, vals waren. Inmiddels weten we da t dat lang niet altijd het geval is. Wel heeft elke zendingsorganisatie haar eigen achtergrond. Dat werkt door in de kerken die eruit ontstaan."

Samenwerking

Vrijwel alle bijbelgetrouwe kerken en zendingsorganisaties in het West-Afrikaanse land werken samen binnen de Association des Eglises et Missions Evangéliques de Guinee (Aemeg). Ook binnen dit orgaan werd ds. Feindouno tot voorzitter verkozen. De argwaan van de EPE ten opzichte van andere kerken is verdwenen. "Het komt nu voor dat men onze hulp vraagt bij het openen van een zendingspost of het opzetten van evangelisatiewerk. Centraal staat voor ons dat er alleen redding is door Jezus Christus. Met alle kerken en zendingsorganisaties die dat belijden, voelen we ons verbonden."

Ook uit praktisch oogpunt is samenwerking dringend gewenst, constateert de vooraanstaande EPE-predikant. "Het komt nog steeds voor dat bijbelgedeelten worden vertaald in de tweede taal van een etnische groep. Door een goede afstemming kun je dergelijke fouten voorkomen. Er zijn momenteel concrete plannen om binnen de Aemeg een nieuwe afdeling te stichten die zich gaat bezighouden met het coördineren van activiteiten en het bundelen van informatie. Om dubbel werk te voorkomen."

Verleidelijk

Van de Eglise Protestante Evangélique zelf zijn dertien zendelingen actief in andere taalgebieden binnen Guinee. Belangrijkste hinderpaal in het zendings- en evangelisatiewerk is volgens ds. Feindouno de populaire Afrikaanse opvatting dat de verschillende religies wegen naar hetzelfde doel zijn. "Voor de Kisi is dat via de voorouders, voor andere stammen via geheiligd water, voor de moslims via het naleven van de voorschriften van Mohammed, voor de christenen via het geloof in Jezus. Het is verleidelijk om daarin mee te gaan, maar de EPE doet dat zeer bewust niet. Wij verkondigen Jezus Christus als de enige weg, waarbij we zo mogelijk wel aansluiten bij bepaalde elementen in de religie van de stam waaronder we werken. Zo noemen we Jezus Christus in de verkondiging onder de Kisi de voorvader bij uitstek, Die gestorven is maar ook weer is opgestaan. De praktijk heeft geleerd dat je bij moslims erg voorzichtig moet zijn met het zoeken van aansluiting bij hun denken en handelen. Er zijn kerken geweest die matjes op de grond gingen leggen. Dat werd door moslims onmiddellijk geïnterpreteerd als een terugkeer naar de islam."

Moslims

De relatie tussen christenen en moslims in Guinee typeert de kerkelijke leider als een beheerste oppositie. "We gaan niet met elkaar op de vuist, maar er zijn wel degelijk spanningen. Vooral wanneer moslims overgaan tot het christendom. Enerzijds erkent men dat christenen rechtvaardiger zijn dan moslims, aan de andere kant reageren de meeste moslims heel fel als familieleden christen worden. We zien daar in onze eigen kerk soms schrijnende voorbeelden van. Ouders van een meisje dat tot bekering is gekomen, hebben de kerkelijke leiders zelfs bij de staat aangeklaagd. Dat proces hebben ze overigens verloren, want volgens de grondwet is de overheid van Guinee neutraal."

Die neutraliteit wordt onderstreept door het feit dat christelijke kerken zendtijd op radio en televisie ontvangen. Dat neemt volgens Feindouno niet weg dat de christelijke kerken in werkelijkheid slechts worden gedoogd. "Er is hier een machtige islamitische liga. Die krijgt van de staat jaarlijks een subsidie van 2 miljard Guinese frank (ongeveer 900.000 euro, HdV), terwijl de kerken geen cent krijgen. Als je regeringsfunctionarissen daarop wijst, is het antwoord: "Dan moet je je maar tot de islam bekeren." De neutraliteit is schijn. Dient een islamitische organisatie een dossier in, dan wordt het meteen getekend. Dient een christelijke organisatie een dossier in, dan laat men het zo lang mogelijk liggen."

Islamitische reus

Om druk te kunnen uitoefenen, vormden de protestanten, rooms-katholieken en anglicanen van Guinee een gezamenlijk platform. Toen eind 2000 rebellen uit Liberia en Sierra Leone ook in Guinee strijd ontketenden, nam de Guinese overheid het voor het eerst serieus. "De regering was ten einde raad en smeekte ons om te bidden voor de vrede van het land."

Toch is de voorzitter van de EPE niet optimistisch gestemd. De ruimte die de overheid van Guinee biedt voor zendingswerk, komt in zijn ogen voort uit opportunisme. "Zendingsorganisaties verrichten ook sociaal werk. Daarom is men zo toeschietelijk. Biedt een ander meer, dan krijgt die de ruimte."

De groeiende geldstroom uit de Arabische wereld vervult de Guinese predikant dan ook met zorg. "Laten we de islamitische reus niet onderschatten. Ik vraag me vaak af hoelang zendelingen nog welkom zijn in Guinee. We moeten werken nu het dag is."

Dit is de eerste aflevering in een serie van drie artikelen. Morgen op pag. 2: "Verkondiger van de enige weg".

KADER 1

Een officier als theologiestudent

Hoewel het merendeel van de studenten van het ITEC uit de Eglise Protestante Evangélique komt, staat de vierjarige opleiding ook voor leden van andere kerken open. Voorwaarde om te worden toegelaten, is een aanbeveling van de predikant van de plaatselijke gemeente. De kosten van de opleiding worden grotendeels door de EPE gedragen.

Het aantal studenten, van wie slechts een deel de opleiding voltooit, ligt momenteel op twaalf. Julien Sâa Kamano, als onderofficier werkzaam op een kazerne in Conakry, volgt de theologische studie om in het gesprek met collega's over het christelijk geloof beslagen ten ijs te komen. Zijn moslimchef biedt hem alle ruimte om de opleiding te volgen. "Toen de rebellen uit Liberia en Sierre Leone in 2000 het land binnenvielen, werd ik zelfs vrijgesteld van uitzending om m'n studie aan het ITEC te kunnen voortzetten. Terwijl ik daar niet eens om had gevraagd, ik heb er alleen voor gebeden."

Zijn officiële functie combineert Kamano inmiddels met die van geestelijk verzorger. "Ik spreek met collega's over de Bijbel, lees soms een paar verzen en bid met hen. Als militairen ziek zijn, zoek ik ze thuis op. Een van de vragen die ik vaak krijg, is hoe een christen militair kan zijn. Dan zeg ik dat het mij niet gaat om het doden van mensen, maar om het bewaren van vrede. En dat het nog belangrijker is om in vrede met God te leven. Het is echt een wonder dat ik van mijn superieuren de ruimte krijg om daar vrijuit over te spreken."

KADER 2

Theologische kadervorming in Conakry

Om kadervorming binnen de gemeente te bevorderen, startte de Eglise Protestante Evangélique in 1998 een parttime theologische opleiding: het Institut de Théologie Evangélique de Conakry (ITEC). Directeur van het instituut is ds. Jonas Lamah, predikant van een van de EPE-gemeenten in Conakry. Zelf studeerde hij na zijn opleiding in Telekoro aan de bijbelgetrouwe Faculté de Théologie Evangélique van Bangui, in de Centraal-Afrikaanse Republiek.

Zijn medestudenten verklaarden de begaafde rector van het ITEC destijds voor gek, toen hij een academische landbouwkundige opleiding afbrak om theologie te gaan studeren. Zelf heeft hij er nog geen dag spijt van gehad. "In materieel opzicht had ik het veel beter kunnen hebben, maar stond ik weer voor de keus, dan deed ik het opnieuw."

Initiatiefnemer van het ITEC was een predikant van de EPE die aan de vrije gereformeerde faculteit in het Zuid-Franse Aix-en-Provence studeerde. Specifiek voor het instituut is dat er ook oude talen worden gedoceerd, met name in het laatste jaar. De opleiding is ondergebracht in een schamel gebouwtje naast de hoofdkerk van de EPE in 's lands hoofdstad. De complete bibliotheek vult amper twee boekenkasten.

Momenteel wordt gewerkt aan een nieuw onderkomen in een buitenwijk van Conakry, met financiële steun van de Duitse organisatie Hilfe für Brüder. Een belangrijk deel van het lesprogramma wordt verzorgd door gastdocenten, voor een deel van buiten de EPE. Ds. Lamah neemt behalve het rectoraat de vakken Hebreeuws en Grieks, kerkgeschiedenis, zendingsgeschiedenis, christelijke ethiek en traditionele Afrikaanse religies voor zijn rekening.

Belangrijkste doelstelling van het ITEC is toerusting van gemeenteleden voor zendingswerk. Dat ideaal komt volgens ds. Lamah tot nu toe weinig uit de verf. "De studenten die we hebben afgeleverd, zijn predikant in een bestaande EPE-gemeente geworden. In de eerste plaats vanwege het tekort aan predikanten. In de tweede plaats door gebrek aan visie op zending binnen onze kerk. Daardoor is er ook weinig bereidheid tot financiële ondersteuning van zendelingen die onder een andere taalgroep gaan werken."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 januari 2004

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Werken terwijl het dag is

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 januari 2004

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken