Bekijk het origineel

Zestien verschillende uniformen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Zestien verschillende uniformen

6 minuten leestijd

Opnieuw staat de krijgsmacht voor een enorme ceremoniële klus. Ruim 9000 militairen zijn aanstaande dinsdag betrokken bij de uitvaart van Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Juliana der Nederlanden.

Toen vorige week zaterdag zijn mobiele telefoon rinkelde, wist M. Bruggeman, hoofd bureau ceremonies van de Koninklijke Landmacht, genoeg. Operatie "Willem de Zwijger" ging weer van start.

De vorige uitvaart van een lid van het Koninklijk Huis is nog maar anderhalf jaar geleden. De krijgsmacht was toen na afloop "ongelooflijk tevreden" over het verloop van de gebeurtenis. "Het ging precies zoals we hadden gepland", zegt Bruggeman.

In totaal werden bij de uitvaart van prins Claus 9000 militairen ingezet, van wie 800 in ceremonieel tenue. Langs de 13,2 kilometer lange route van de rouwstoet stonden militairen aan weerszijden van de weg. Diezelfde aantallen worden nu weer gehaald. Ter vergelijking: tijdens het huwelijk van prins Willem-Alexander en Máxima in februari 2002 waren bijna 2000 militairen in actie.

De militairen zijn afkomstig van de Koninklijke Landmacht (circa 5000), de Koninklijke Marine (circa 2000) en de Koninklijke Luchtmacht (circa 1800). Ook krijgt de Koninklijke Marechaussee (circa 800) een aantal taken toebedeeld.

Voor het Depot Ceremoniële Tenuen en Sabels (DCT) in Rijswijk betekenden de afgelopen dagen flink doorwerken. De militairen dragen op de dag van de uitvaart zeker zestien verschillende ceremoniële uniformen en vele daarvan zijn deze week door het DCT gepast en klaargemaakt.

Zo kwamen leden van het 11e Tankbataljon uit Oirschot langs. Zij zullen op de dag van de uitvaart de erewacht vormen bij Paleis Noordeinde, waar de prinses sinds afgelopen woensdag ligt opgebaard. Ook het Trompetterkorps Bereden Wapens zal dinsdag in cavalerietenue bij Paleis Noordeinde staan.

Behalve de uniformen voor het 11e Tankbataljon en het Trompetterkorps Bereden Wapens verzorgt het DCT ook de tenues van de Gele Rijders, de Jagers, de Grenadiers, de Fuseliers, zes Studenten Weerbaarheden en de Koninklijke Marechaussee. Deze zijn tijdens de uitvaart terug te zien in de stoet, op de Markt in Delft en bij Paleis Noordeinde.

Met het passen van de kleding zijn de militairen er nog niet. "Ze nemen een sabel en een hoofddeksel mee, zodat ze daar nog tot dinsdag mee kunnen oefenen", aldus hoofd van het depot F. Paulissen.

Als de uniformen goed passen, hangen de militairen ze voorzien van een nummer aan grote rekken. Maandag worden ze door twee opleggers overgebracht naar de sporthal aan de Brasserskade in Delft, waar de erewacht bijeenkomt.

Wapen

Voor de krijgsmacht is de uitvaart van prinses Juliana een enorme operatie. Alle ogen zijn op de militairen gericht.

De laatste tocht van de oud-koningin gaat dinsdag langs 6000 militairen, afkomstig uit het hele land. Volgens plan staat er in Den Haag en in Delft om de 2 meter een geüniformeerde soldaat. Buiten de steden neemt elke 6 meter een militair positie in. Ze zijn voorzien van een ongeladen wapen.

De erewacht voor Paleis Noordeinde bestaat uit honderd militairen van de Koninklijke Landmacht en het Trompetterkorps Bereden Wapens. De erewacht op de Markt in Delft bestaat uit 524 militairen van verschillende krijgsmachtdelen, onder anderen militairen van het Korps Mariniers en de Marinierskapel der Koninklijke Marine.

De route van de rouwstoet bestaat uit twee delen: eerst van Paleis Noordeinde naar het Instituut Defensie Leergangen (IDL) in Rijswijk en vervolgens van het IDL naar het centrum van Delft.

In het laatste deel van de rouwstoet zijn 817 militairen opgenomen. Het betreft het ere-escorte van de Cavalerie (te paard), het bereden ere-escorte van de Koninklijke Marechaussee (te paard), de Koninklijke Militaire Kapel, de Luchtmachtkapel en twee ere-compagnieën van elk krijgsmachtdeel.

De stoet beweegt zich voort met gepaste militaire snelheid: 112 passen per minuut. Met name over de nauwe grachten in Delft is het passen en meten. Knelpunten in de route zijn er net voor het einde, als de draai van de Oude Delft naar de Nieuwstraat moet worden gemaakt.

In Delft staan twee saluutbatterijen van de 11e afdeling Rijdende Artillerie opgesteld. Deze negentig militairen van de Gele Rijders vuren met acht 25-pondkanonnen iedere minuut van het moment dat de rouwstoet Delft nadert tot en met het moment van bijzetting een schot af.

Precisie

Ook worden veteranen bij de uitvaart ingezet. De militairen verzamelen zich op de dag van bijzetting vroeg in de morgen op vier locaties. Met bijna 200 bussen worden ze vanaf het Feyenoord-stadion in Rotterdam, de Sporthal aan de Brasserskade in Delft, de Frederikskazerne en de Waalsdorpervlakte in Den Haag naar verschillende locaties gebracht. De bereden escortes verzamelen zich in de omgeving van Waalsdorp.

Al dat vervoer moet dinsdag dwars door de toch al drukke ochtendspits in de Randstad. Op- en afritten of zelfs complete snelwegen zijn afgesloten.

De uitvoering dinsdag zal er een zijn met militaire precisie. Alles is tot op de seconde in draaiboeken vastgelegd. Bij de uitvaart van Claus ging alles exact op tijd. Kritieke punten zijn weer de tientallen paarden in de stoet en hoe zij reageren op de omgeving, de hoeveelheid publiek en onvoorziene omstandigheden op de route.

Een toeschouwer was de vorige keer onder de indruk van het militaire vertoon. "Het was mooi van eenvoud. Zonder militairen zou zo'n uitvaart nooit zo veel indruk maken."

KADER

De lijkkoets die het lichaam van prinses Juliana naar de Grote Kerk in Delft brengt, is onder meer gebruikt voor de uitvaart van koningin-moeder Emma, prins Hendrik in 1934, prinses Wilhelmina in 1962 en prins Claus in 2002.

Bij de uitvaart van koningin-moeder Emma is een zwarte uitmonstering gebruikt. Voor prins Hendrik en prinses Wilhelmina is het rijtuig in wit uitgevoerd. Bij de uitvaart van prins Claus kregen koets en paarden de paarse kleur. Bij de paarden bleven de manenkappen achterwege.

Het onderstel van de lijkkoets is afkomstig van een Coupé d'Orsay, die in 1871 aan het Koninklijk Huis is geleverd. In 1886 is het rijtuig voor Koningin Emma omgebouwd tot een gewone coupé, waarbij het onderstel gehandhaafd bleef. Een belangrijke technische verandering betreft de mogelijkheid van het in- en uittillen van de kist. Voorheen was dat een moeizame handeling. Na de renovatie is het mogelijk de koets zowel van achteren als van opzij te beladen.

In 1920 is de kast van de coupé vervangen door een houten plankier. In nauw overleg met koningin Beatrix is in 1993 een nieuwe opbouw en nieuwe bekleding ontworpen. Het rijtuig is grijs gelakt. Voor op het rijtuig bevindt zich een eenzitsbok. De stoffering van de opbouw en de bok bestaat uit paars laken met een galon van zilverdraad langs de randen.

Op de hoeken van het dak staan witte pluimen van struisvogelveren. Boven op het dak is een vergulde koningskroon bevestigd. Deze kroon is afkomstig van de glazen koets.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 27 maart 2004

Reformatorisch Dagblad | 43 Pagina's

Zestien verschillende uniformen

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 27 maart 2004

Reformatorisch Dagblad | 43 Pagina's

PDF Bekijken