Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vruchten

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vruchten

5 minuten leestijd

"En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden."

Handelingen 2:42

"En zij", dit zijn degenen die zaligmakend in het hart getroffen zijn door de prediking van Petrus. Petrus zegt eerder: "Laat mijn woorden tot uw oren ingaan." Verder dan tot in het oor heeft Petrus het niet kunnen brengen. De bediening van de Heilige Geest is nodig om het Woord via de voorpoort tot in het hart te brengen. Eenmaal heeft de duivel via de voorpoort contact gezocht bij Eva om in haar hart te komen, en het is hem gelukt om haar wil gaande te maken, om te eten van de verboden vrucht met alle gevolgen van dien. Hier zien we het tegenovergestelde. De bediening van Gods heilig Woord wordt door de zaligmakende bediening van de Heilige Geest zodanig gezegend dat het vruchten van geloof en bekering voort mag brengen.

Een van die vruchten is toch liefde tot Gods Woord en de leer die daarop gegrond is. Deze leer, waarin God op het hoogst verheerlijkt, de mens op het diepst vernederd en de zondaar op het bondigst vertroost wordt, werd door de apostelen gebracht. In deze leer waren de apostelen grondig onderwezen en zielsbevindelijk geoefend. Deze leer was geen uitvinding van de apostelen, maar van God in Christus door de Heilige Geest verklaard in de harten van Zijn volk.

"Hetgeen van den beginne was, hetgeen wij gehoord hebben, hetgeen wij gezien hebben met onze ogen, hetgeen wij aanschouwd hebben en onze handen getast hebben van het Woord des levens", dat verkondigen wij u. "En zij waren volhardende." De kanttekening zegt daarvan: dat is krachtig, standvastig met lijdzaamheid aanhoudende. "Hoe wonderbaar is Uw getuigenis! Dies zal mijn ziel dat ook getrouw bewaren."

Een tweede vrucht die genoemd wordt, is: "en in de gemeenschap." De Heilige Geest bindt samen, het vlees maakt scheiding. De onderlinge gemeenschap vloeit voort uit de voorbede van Christus. "Ik kom tot U. Heilige Vader, bewaar ze in Uw Naam, die Gij Mij gegeven hebt, opdat zij één zijn gelijk als Wij."

Die geestelijke leden zijn één in geloof, hoop en liefde. Ziet, hoe lief ze elkander hebben. Zij kunnen, als het leven in dadelijke oefening mag zijn, de Heere niet missen, maar ook elkander niet. Zij waren eendrachtelijk volhardende in het bidden en smeken. Dan is er geen verwijten van elkaar, maar draagt elkanders lasten en vervult alzo de wet van Christus. Liefde is de vervulling der wet.

Een derde vrucht is de breking van het brood. Dit ziet op de liefdemaaltijden die aan de bediening van het heilig avondmaal voorafgingen. Ook Paulus schrijft daarover in 1 Korinthe 11, maar daar in een waarschuwende zin vanwege de wantoestanden die er toen waren. Maar in een goede zin beoefend, werd het goede van veld en vee in onderling samenzijn aangewend terwijl er goed en recht van God gesproken werd. De rijken mochten aan de armen mededelen van het overvloedige door God hun geschonken. De liefde voerde heerschappij en zo mochten zij ook gebruikmaken van het heilig avondmaal.

Die Mijn vlees eet en Mijn bloed drinkt, die blijft in Mij, en Ik in hem. En dan te bedenken dat er zeker onder hen geweest zijn die meegeschreeuwd hadden: "Zijn bloed kome over ons en over onze kinderen." Dit hebben zij eerder in bittere vijandschap uitgeroepen.

En in korte tijd zijn ze zo doorwond en verslagen geworden dat zij onderwerpen gemaakt zijn om Zijn bloed te kennen tot wassing en reiniging van al hun vuile zonden. O, wat God toch vermag om ze van vijanden totvrienden, en van vloekers tot bidders te maken.

Een vierde vrucht die genoemd wordt is: "en in de gebeden." Het gebed wordt wel de adem van het geestelijk leven genoemd. Wel een bewijs dat zij met alle ontvangen weldaden geen zelfvoldane, bekeerde mensen geworden zijn, maar ellendigen en armen, die op de naam des Heere zullen betrouwen. Zij hebben bij de voortduur Christus mogen benodigen als Profeet, Priester en Koning.

Het gebed is niet alleen plicht maar bovenal voorrecht en vrucht van het nieuwe leven. "Laat ons dan met vrijmoedigheid toegaan tot den troon der genade, opdat wij barmhartigheid mogen verkrijgen, en genade vinden om geholpen te worden ter bekwamer tijd." Als we, zowel persoonlijk, huiselijk als kerkelijk, ons zouden onderzoeken of we daar in de praktijk van ons leven nog wat van mogen beoefenen. Hoe ver is alles weg. Wie had ooit kunnen denken dat het met de kerk in haar zichtbare openbaring zover zou komen zoals het nu gesteld is. Dat de klacht van de profeet Jeremía de onze mocht zijn: "Och, dat mijn hoofd water ware en mijn oog een springader van tranen! Zo zou ik dag en nacht bewenen de verslagenen der dochter mijns volks."

Ds. D. Monster, Barneveld

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 2004

Reformatorisch Dagblad | 19 Pagina's

Vruchten

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 2004

Reformatorisch Dagblad | 19 Pagina's

PDF Bekijken