Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

In een gammel bootje de Noordzee over

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

In een gammel bootje de Noordzee over

Historica Agnes Dessing ploos honderden verklaringen van Engelandvaarders uit

6 minuten leestijd

Goed en bloed stelden enkele honderden Nederlanders tijdens de oorlog in de waagschaal voor een oversteek naar Engeland. De één nam een kano, de ander een gammel motorbootje of een houten sloep. Wat waren hun drijfveren? "Een mix van vaderlandsliefde, zucht naar avontuur, trouw aan het koningshuis en problemen thuis", aldus de Haarlemse historica Agnes Dessing. Woensdag promoveert ze op een studie naar de 1700 Engelandvaarders, onder wie een handjevol vrouwen.

Toen Dessing tien jaar geleden aan haar onderzoek begon, was haar beeld van de Engelandvaarders vooral bepaald door het populaire jongensboek van de protestantse auteur Klaas Norel. Die schreef over fiere kerels met een onbaatzuchtige liefde voor Oranje. Nadat ze in Londen uit handen van koningin Wilhelmina hoge onderscheidingen hadden ontvangen, keerden ze terug naar Nederland. Als geheim agent verrichtten ze de ene heldendaad na de andere.

De film over het leven van mr. Erik Hazelhoff Roelfzema, "Soldaat van Oranje", uitgebracht in de jaren zeventig, versterkte dat eenzijdige imago. Nuancering is op haar plaats, zegt historica Dessing. Jarenlang ploos ze honderden verklaringen uit van Nederlanders die na aankomst in Engeland door diverse inlichtingendiensten werden verhoord. De Engelandvaarders vormden een uiterst gemêleerd gezelschap en werden gedreven door uiteenlopende motieven, is haar conclusie. "Het beeld dat Norel en Roelfzema schetsen is niet onwaar, maar het is niet het enige. De werkelijkheid is kleurrijker", zegt ze.

In haar proefschrift volgt Dessing (1954) de Engelandvaarders op de voet, niet alleen tijdens hun gevaarlijke tocht naar Engeland, maar ook in de periode ervoor en erna. Het boek kreeg een pakkende titel: "Tulpen voor Wilhelmina". Hij verwijst naar de oversteek van vijf marineofficieren en ingenieurs in april 1942. Een van de mannen had van zijn Katwijkse vader een speciaal cadeau voor de Koningin meegekregen: een grote bos oranje tulpen.

Verhoord

Volgens Dessing ondernamen 1700 mensen tijdens de oorlogsjaren vanuit Nederland met succes een vluchtpoging naar Engeland. De meesten werden na aankomst uitgebreid verhoord door Nederlandse en Britse inlichtendiensten om eventuele Duitse spionnen te ontmaskeren. Na de screening volgde in de regel een ontmoeting met koningin Wilhelmina. Velen ontvingen een onderscheiding en kregen daarna een opleiding voor militaire dienst aangeboden. Nogal wat Engelandvaarders kwamen bij de marine en de landmacht terecht. Een minderheid ging naar de RAF.

Dessing wijdt een apart hoofdstuk aan de beweegredenen van de ballingen. Vaderlandsliefde was volgens haar een belangrijke drijfveer, maar niet de enige. Velen voelden zich gedrongen om actief mee te helpen aan de kant van de geallieerden. "Wat ook meespeelde was een behoefte aan verandering en de wens om iets van de wereld te zien. Tegelijk waren er enkele "pushfactoren": het optreden van de Duitsers, dat na verloop van tijd steeds grimmiger werd, het wegvoeren van Joden, de kans op tewerkstelling in Duitsland. En sommigen hadden problemen thuis: hun verloving was verbroken. Om gevoelens van teleurstelling te compenseren kwam een overtocht naar Engeland in beeld."

Degenen die het besluit hadden genomen de hielen te lichten, konden kiezen uit grofweg drie sluiproutes: met een bootje de Noordzee oversteken, clandestien reizen via België en Frankrijk naar Spanje en Portugal of aanmonsteren op een kustvaarder die het neutrale Zweden zou aandoen. Veruit de meesten, in totaal 985 personen, kozen voor het zuidelijke traject, 528 mensen namen de Scandinavische route en 172 Engelandvaarders vertrokken vanaf de Nederlandse stranden. Een klein deel had de actie met hulp van het verzet voorbereid. De meesten vertrokken in een klein, zelfstandig opererend groepje.

Hachelijk avontuur

De route over zee was de kortste, maar zeer zeker ook de gevaarlijkste. Van Den Helder tot Vlissingen zijn tal van Nederlanders in het diepste geheim in de weer geweest met het organiseren van een bootje en een uitrusting. De meeste pogingen werden ondernomen vanuit Noordwijk, Katwijk en Scheveningen. De Engelandvaarders gingen op reis met een vissersbootje, een houten sloep of een motorboot. Na een dag of twee kwam de Engelse kust in zicht. Al dan niet met hulp van de Britse kustwacht of marine zetten zij voet aan wal.

Op vrijwel alle Engelandvaarders heeft de tocht volgens Dessing "een onuitwisbare indruk" gemaakt. De oversteek was voor hen een hachelijk avontuur. "We kregen ineens veel water en er was wind. Het werd een nare nacht", tekende de onderzoekster op uit de mond van de gebroeders Han en Willem Peteri, die op 18 september 1941 in een nietige kano naar Engeland peddelden. Midden op de Noordzee werden ze door twijfel en angst overvallen. Uiteindelijk wisten ze zonder kleerscheuren de overkant te bereiken.

Roeien naar Engeland viel niet mee, maar een haperende buitenboordmotor was ook niet alles. Andere opvarenden kampten met zeeziekte. Engelandvaarder Ton Loontjes waagde in november 1941 de oversteek. Na drie dagen op zee was hij volslagen gedesoriënteerd. "Daar zag ik, een flink stuk uit de kust, een bootje met één man erin. Een visser. Welke taal zou hij spreken, Engels of Frans? Want we wisten echt niet waar we zaten na 68 uur ellende op de Noordzee. "Are you English?" schreeuwde een van ons. "Yes", riep de man terug. Het was het mooiste "ja" dat ik ooit van mijn leven heb gehoord."

Lang niet iedereen bereikte de overkant. Dessing heeft bijna 600 personen getraceerd die in hun vluchtpoging strandden, 28 van hen zijn spoorloos verdwenen op zee. "Ik sprak een vrouw die na de oorlog nog jaren heeft gewacht op een levensteken van haar zoon. Tevergeefs. Dat is verschrikkelijk." Bijna 350 Engelandvaarders werden aangehouden door Duitse grenswachten en patrouillevaartuigen. Ongeveer de helft overleefde de oorlog, de overigen werden gefusilleerd of kwamen om in het concentratiekamp.

Vrouwen

Onder de 1706 Engelandvaarders die Dessing met naam en toenaam heeft opgetekend, zijn welgeteld 48 vrouwen. Ruim de helft van hen was gehuwd en ondernam de reis samen met de echtgenoot. De anderen weken uit naar Engeland om hun diensten aan de regering aan te bieden. Zo wilde Ida Veldhuyzen van Zanten als pilote de vijand te lijf. Zij was in het bezit van haar vliegbrevet en had voor de oorlog als stewardess bij de KLM gewerkt. "Ik kon niet tegen de vernedering van de Duitse bezetting", vertelde ze enkele jaren geleden aan Dessing.

Waren Engelandvaarders heroïsche figuren? Dessing aarzelt. "Ze waren in elk geval ondernemend. De één doorzag de risico's beter dan de ander. Voor mij staat vast dat er een complex aan factoren heeft meegespeeld bij het besluit om naar Engeland te gaan. Van belang was ook dat je de mogelijkheden had om te vertrekken. Je moest geld hebben. En je moest ook, als je via de zuidelijke route ging, een aardig woordje Frans kunnen spreken."

Mede n.a.v. "Tulpen voor Wilhelmina, De geschiedenis van de Engelandvaarde rs", door Agnes Dessing; uitg. Bert Bakker, Amsterdam, 2004; ISBN 90 351 2640 8; 469 blz.; 19,95.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 september 2004

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

In een gammel bootje de Noordzee over

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 september 2004

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken