Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Dubbel genieten voor leden The Amsterdam String Quartet

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Dubbel genieten voor leden The Amsterdam String Quartet

6 minuten leestijd

Zestien snaren, 4 strijkers en 200 muisstille luisteraars. De start van het eerste tournee van The Amsterdam String Quartet is veelbelovend. De musici gaven deze maand in Apeldoorn een visitekaartje van formaat af met hun nieuwe strijkkwartet voor oude muziek. Niets voor niets eindigde de concertreeks in het Amsterdamse Concertgebouw.

De vier zijn niet over één nacht ijs gegaan. Altviolist Simon Murphy: "Spelen in een strijkkwartet is een van de moeilijkste vormen van kamermuziek. De magie van het strijkkwartet -samen heel fragiel en subtiel kunnen musiceren- ontstaat niet zomaar. Voor ons komt daar nog bij dat we zo authentiek mogelijk willen zijn, in feite een dubbele specialisatie dus. We hebben daarom drie jaar lang veel tijd gestoken in de opbouw van ons ensemble: muziek maken, praten over interpretaties en onbekende composities uitpluizen. En wat het belangrijkste is, het klikt tussen ons. Pas toen we dát merkten, zijn we met elkaar in zee gegaan."

De vier leden van The Amsterdam String Quartet zijn gepokt en gemazeld in de oude muziek. Eerste violist Alida Schat is concertmeester van The Amsterdam Baroque Orchestra, tweede violist John Wilson Meyer is medeoprichter van The Locke Consort, altviolist Simon Murphy is artistiek leider en dirigent van The New Dutch Academy, terwijl Thomas Pitt eerste cellist van onder andere The Gabrieli Consort is.

"Het bevreemdde ons dat er in Nederland, een van de toonaangevende landen op het gebied van oude muziek, een op authentieke instrumenten spelend strijkkwartet ontbrak", vertelt de Australische altviolist. "Met ons ensemble willen we het kwartetrepertoire uit de periode 1750-1850 een nieuwe impuls geven. En een mooie aanvulling vormen op de Nederlandse muziekwereld. Overigens zijn er ook in het buitenland nauwelijks dergelijke strijkkwartetten."

Wijn

Als één ding duidelijk wordt tijdens het optreden van The Amsterdam String Quartet is het wel het speelplezier van de kwartetleden. Concerten zijn wat Murphy betreft geen saaie bedoeling. "In de achttiende eeuw was muziek maken volgens mij een kruising tussen onderwijs en entertainment. Wij moeten met al onze kennis uit die tijd niet steriel en overdreven verantwoord gaan zitten doen. Dat is minder authentiek, omdat het leven daardoor uit de muziek gaat.

Als tweede generatie oudemuziekspecialisten hebben we andere mogelijkheden dan de pioniers. Vroeger werd van musici die in een oude fabriek speelden wel eens gedacht dat ze niet goed genoeg waren voor het Amsterdamse Concertgebouw. Nu is zoiets meer geaccepteerd. Ik wil overigens niet altijd in stille concertzalen spelen, maar ook eens in zoiets als een wijnlokaal optreden, waar de sfeer relaxed is. Zo'n salonachtige setting staat dichter bij de achttiende-eeuwse praktijk: musiceren terwijl de aanwezigen met een glaasje wijn in de hand luisteren en af en toe converseren. Dat lijkt me sprankelend, refreshing. Je bereikt op die manier mensen die niet zo snel naar een concertzaal zullen gaan."

Dubbel genieten

The Amsterdam String Quartet voert niet alleen kwartetten van grootheden zoals Haydn, Mozart en Beethoven uit, maar haalt ook minder bekende componisten zoals Schmitt voor het voetlicht. "We doen wetenschappelijk onderzoek naar de eerste Weense school en naar de Parijse vioolschool van eind achttiende, begin negentiende eeuw. Parijs, een onontgonnen terrein, levert fantastische strijkkwartetliteratuur op."

Enthousiast: "Prachtige muziek spelen én nieuwe composities ontdekken: dat is dubbel genieten. Het onderzoek naar speeltechnieken, instrumenten, strijkstokken en snaren uit de achttiende eeuw biedt nieuwe inzichten. Dergelijke gegevens combineer je met wat je weet van het leven uit die tijd. Dan komt er kleur in de muziek, komt een compositie tot leven. Het is erg spannend hiermee bezig te zijn.

Een voorbeeld uit de achttiende eeuw. Een groep Londense musici had Concerto Grossi van Corelli besteld, een uiterst populaire componist in die tijd. Nog op de dag dat de muziek per schip arriveerde, werd een orkes t samengesteld en heeft men elk van de twaalf concerten zo'n tien keer achter elkaar gespeeld. Die fascinatie onderga ik ook regelmatig."

Murphy ziet het als zijn taak om ontdekkingen met het publiek en met collega's te delen: "Via concerten, workshops of bijvoorbeeld een combinatie van een lezing en een recital. Muziek uit de tweede helft van de achttiende eeuw ademt geloof in de toekomst. Die boodschap ruik je nu nog als je de partituur openslaat. Heel inspirerend. Dat wil ik delen met het publiek."

Mode

Muziek zo authentiek mogelijk uitvoeren is een nobel streven. Maar hoe weet je of je op de goede weg bent? Kom je ooit in de buurt van de achttiende-eeuwers? Murphy stelt zich nuchter op: "De uitvoeringspraktijk was destijds aan mode onderhevig en veranderde snel, bijvoorbeeld in het maken van allerlei versieringen. Een jonge hond speelde anders dan een meer klassiek ingesteld musicus. Je zult in de eenentwintigste eeuw dus een gemiddelde tussen die speelstijlen moeten vinden. Veel informatie bieden allerlei rond 1750 verschenen boeken, die behalve een goede techniek ook een dito smaak en stijl willen bijbrengen.

In elk geval proberen we met gebruikmaking van historische bronnen de achttiende-eeuwse muziektaal zo veel mogelijk als onze moedertaal te spreken. Binnen de grenzen van die taal kun je je naar eigen smaak vrijheden veroorloven. Daar is niets mis mee, want ook eeuwen geleden had elke musicus zijn eigen persoonlijkheid. Beheers je die oude taal niet, dan overschrijd je echter al snel grenzen."

Hoe anders klinkt een strijkkwartet dat op authentieke instrumenten speelt? "Een moderne strijker heeft andere ideeën over toonvorming. Tegenwoordig is het vibrato de basis van een toon, terwijl dit in de achttiende eeuw slechts iets extra's, een versiering was. Dit laatste in combinatie met darmsnaren en een andere intonatie geeft een verheldering van de klank. We proberen meer gebruik te maken van de natuurlijke kleuren van een strijkinstrument. Een achttiende-eeuwer zou de hedendaagse speelmanier als agressief ervaren: de tonen zouden hem iets te hoog en te doordringend klinken."

Ongezond

The Amsterdam String Quartet heeft de eerste helft van het Nederlandse tournee erop zitten. Begin mei zijn ze weer te horen. Maar daar blijft het niet bij. "Jaarlijks zo'n zes tournees in binnen- en buitenland zou mooi zijn. Enkel in een strijkkwartet spelen is voor mij ongezond, ik wil het contact met andere muziekgezelschappen niet verliezen."

Met collega-musici blijft Simon Murphy knokken om zo dicht mogelijk bij de bron te komen. Wanneer is hij tevreden? "Als Bach, Händel en Mozart geraakt zouden zijn wanneer ze ons hoorden spelen. Als ze zouden reageren: "Wauw, cool." Oké, deze interpretatie is ook een optie."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 31 januari 2005

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Dubbel genieten voor leden The Amsterdam String Quartet

Bekijk de hele uitgave van maandag 31 januari 2005

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken