Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Stille Week in een opgejaagde wereld

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Stille Week in een opgejaagde wereld

9 minuten leestijd

De Stille Week ligt alweer goeddeels achter ons. In de wereld was het niet stil. Het lawaai en het rumoer, het geweld en de misdaad gingen onverminderd voort. Wat betekent een Stille Week voor christenen?

In de kersttijd wandelde een jongetje aan de hand van zijn vader door een drukke winkelstraat in Amsterdam. Toen ze een kerk passeerden, met op de deur een aankondiging van een kerstsamenkomst, zei het jongetje tegen zijn vader: "De kerk doet ook al aan Kerst." Trefzeker wordt hier de verwereldlijking van het kerstgebeuren aangegeven. In de kersttijd wil de wereld vooral zelf gecreëerde harmonie, met sfeer en licht. Dan moet het vooral ook vrede zijn, maar er is geen vrede. Kanonnen moeten even zwijgen, maar ze zwijgen niet. De vrede die alle verstand te boven gaat (Filippenzen 4:7), is een vrede die de wereld niet kent, zegt Jezus (Johannes 14:27). Zo kent de kerk ook een stilte die de wereld niet kent. Wat betekent een Stille Week voor christenen?

De Bijbel kent geen voorschriften voor het houden van christelijke feestdagen, wel een opwekking om "vierdagen" te vieren (Nahum 1:15). Zo kreeg ook Pasen een plek in de oudchristelijke kerk, als vierdag om de opstanding van Christus te vieren. Vooral ten tijde van keizer Constantijn in de derde en vierde eeuw kregen de vierdagen hun beslag. Op het concilie van Nicea (325) werd de paasdatum vastgesteld: de zondag na de volle maan in de lente. De Goede Vrijdag werd gevierd als "pascha der kruisiging", ziende op het Paaslam dat voor ons is geslacht.

Zo kreeg de hele week voor Pasen een gedenkwaardig karakter. Deze week begon met Palmzondag, de dag waarop werd herdacht dat Jezus op een ezel Jeruzalem binnenreed, onder hosannageroep van de schare. De donderdag daarop was er de gedachtenis aan de voetwassing en het laatste avondmaal. En in de dagen daarop maakte men zich de kruisiging, de begrafenis en de opstanding van Jezus indachtig. De Stille Week werd derhalve een preludium op het hoge feit van Pasen.

Robin Daniël besteedt in zijn boek "This Holy Seed (Geloof, hoop en liefde in de vroege kerken van Noord-Afrika)" uitvoerig aandacht aan de tijd vóór en van de paasdagen bij de eerste christenen. In de tijd voor Pasen in het algemeen werden de kerkelijke doctrines bestudeerd. Jaarlijks preekte bijvoorbeeld Augustinus in die tijd meermalen per week. Hij sprak persoonlijk met allen die gedoopt wensten te worden en wees er met nadruk op dat zij niet meer mochten voortgaan in "heidense immoraliteit, corrupte praktijken of de verdorvenheden van het theater of de arena."

De laatste week voor Pasen werd ook een week van berouw, boetedoening en vasten. In die laatste week werden degenen die gedoopt zouden worden punt voor punt meegenomen in het Onze Vader. De nadruk lag op de bede "Vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren".

De paaszondag begon al op zaterdagavond, met schriftlezingen. Die lezingen begonnen bij de schepping, bij het verhaal van Adam en Eva in het paradijs, kregen een vervolg met de doortocht van het volk Israël door de Rode Zee en de geschiedenis van Jona, en liepen uiteindelijk uit op het getuigenis aangaande de dood en de opstanding van Christus. Na de paaspreek volgde een groot doopfeest, met aflegging van de belijdenis van het geloof. Dit werd gevolgd door de oplegging der handen om de Heilige Geest te ontvangen en de viering van het avondmaal.

Zo was in de oude kerk de Stille Week een luisterrijk gebeuren. Enerzijds doorgebracht in diepe verootmoediging, anderzijds in hooggestemde lofzegging.

Stoutigheden

In de loop van de geschiedenis is het niet allemaal zo gebleven. Ook de Stille Week werd om zo te zeggen vaak opgeborgen in de hooggestemde liturgie in de kerk van Rome. De Reformatie ging daarom soberder om met de vierdagen. In de Dordtse Kerkorde (1618) kwam bijvoorbeeld de Goede Vrijdag nog niet als gedenkdag voor omdat deze tot de zogenaamde "paapse stoutigheden" behoorde. Nochtans werd in de protestantse traditie regelmatig teruggegrepen op de Stille Week bij de eerste christenen en kreeg ook Goede Vrijdag een plek als gedenkdag. Toen de synode van de Nederlandse Hervormde Kerk in 1853 een aanbeveling deed uitgaan om op Goede Vrijdag een kerkdienst te houden met avondmaalsviering, werd in vrijzinnige gemeenten vooral de nadruk gelegd op een gekruisigde Jezus Die aan Zijn idealen ten onder was gegaan. Derhalve vielen afgescheidenen met betrekking tot de viering van Goede Vrijdag hier en daar weer terug op Dordt. Het avondmaal werd dan zeker niet gevierd. Ik las dat bij "de afgescheidenen" in Voorthuizen pas in 1949 voor het eerst een Goede-Vrijdagdienst werd gehouden.

Genoeg over de geschiedenis. Vandaag is het geen punt meer of Goede Vrijdag een gedenkdag moet zijn. Al blijft alom de kerkgang (aanmerkelijk) achter bij de kerkdiensten op de eerste paasdag. En ook de Stille Week als geheel is, de ontwikkelingen bij Rome ten spijt -daar "goede week" geheten-, niet teloorgegaan.

De Stille Week ligt alweer goeddeels achter ons. In de wereld was het niet stil. Het lawaai en het rumoer, het geweld en de misdaad gingen onverminde rd voort. De wereld kent geen stilte. Hoe het in de kerk was? Dat is aan ieder persoonlijk ter beoordeling. Want de kerk, dat zijn we zelf. Wat wel opvalt is dat in de Stille Week (kerkelijke) activiteiten de laatste jaren meer en meer stilvallen. Als ik hier een persoonlijke noot mag inbrengen: Mijn eigen agenda is dit jaar volstrekt blanco, en dat niet alleen op eigen initiatief. In het algemeen zal dat niet kunnen. Het leven gaat voort, ook het op allerlei terreinen geagendeerde leven. Ieder heeft echter daarin toch een zekere mate van vrijheid.

Dan nog is het de vraag hoe de invulling van agendalege dagen eruit ziet. Niemand zal de hele dag in meditatie en gebed (kunnen) doorbrengen. Nochtans mag ook vandaag gelden dat er meer wordt gebeden en gemediteerd "met de pet op dan met de pet af". Wat houdt ons christenen in deze dagen bezig? Vaak wordt in preken in de lijdenstijd het volgende lied geciteerd: "Leer mij, o Heer, uw lijden recht betrachten". De laatste strofe van dit lied luidt: "Laat mij, o Heer, uw wond're wijsheid prijzen, dwaasheid en ergernis voor wereld-wijzen, laat mij uw kruis dat sterken zwakheid noemen, als sterkte roemen."

Begrafenis

Vandaag (letterlijk) mag de meditatie gericht zijn op het graf van Jezus, maar ook op onze eigen begrafenis. De Stille Week kwam op Stille Zaterdag tot een voltooiing. Er is stof tot overdenking te over. Jozef van Arimathea spaarde kosten noch moeiten om Jezus eervol te begraven. Vrouwen kwamen bij het graf met zalven en specerijen, Maria Magdalena voorop. Stof tot nadenken over de vraag hoe we onze doden "de laatste eer" zullen bewijzen. Jezus lag in een graf waarin nog nooit iemand was gelegd. En Hij was in een fijn linnen gewaad gewikkeld.

Op de valreep van de evangeliën wordt door Johannes gemeld dat Nicodemus er ook bij kwam. Johannes had eerder al opgetekend dat hij 's nachts van Jezus had vernomen dat God Zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven, opdat ieder die in Hem gelooft, eeuwig zal leven. Hij kwam bij het graf, voorzie n van mirre en aloë.

In 't stille graf zingt niemand Godes lof, zegt Psalm 115. Maar daar blijft het niet bij: "Maar onze tong zingt, tot in eeuwigheid, des Heeren lof, Zijn roem en majesteit. Looft God, de bron van 't leven." Bij het graf van Jezus dient te worden bedacht, zegt de Heidelbergse Catechismus, dat Hij waarlijk gestorven is, en dat de dood van de Zijnen slechts een afsterving van de zonden en een doorgang tot het eeuwige leven is. Bij het graf van Jezus heerste niet de stilte van het graf. Daar lag geen lijk, maar een Lichaam. In de verwachting van de dag van de opstanding. Zo liggen in het graf van de Zijnen ook geen lijken maar lichamen die "aan het heerlijk lichaam van Christus gelijkvormig zullen worden" (H.C. antwoord 57).

Gas terugnemen

Maar er is meer dan het persoonlijke. Een christen leeft ook in levensverbanden. Hoe stil is dan een Stille Week in een voortrazende wereld? Zouden christenen in de organisaties of bedrijven waarin zij verantwoordelijkheid dragen ook geen tekenen mogen geven van wat een Stille Week voor hen betekent? Zouden christelijke organisaties in hun activiteiten niet even pas op de plaats moeten maken of gas terug moeten nemen om aan mensen persoonlijk (meer) ruimte te geven voor stilte? Het (wereld)nieuws gaat door. Maar zouden christelijke media in de Stille Week niet terughoudend moeten zijn met het brengen van nieuws en niet vooral de vinger moeten leggen bij wat het grote Goede Nieuws in de geschiedenis is? Bij Christus Die, om met een boektitel te spreken, "De Zin van de geschiedenis" is. Omdat kruis en open graf het centrum van de geschiedenis vormen? Men kan zich intussen ook niet voorstellen dat brandhaarden van het kerkelijke leven in deze week worden opgestookt. Laat de christelijke pers dan maar zwijgen. Opdat er gevulde stilte zij.

Het meest schrijnende ter overdenking in de Stille Week is dat het Lichaam van Christus bloedt uit duizend wonden. Daarover mag in de week waarin we het lijden van Christus herdenken wel de meeste verootmoediging zijn. Aan de scheuringen in de geschiedenis mogen we toch niet en nooit wennen. Zeker niet als we bedenken dat Christus met een verheerlijkt Lichaam opstond en dat Hij als het Hoofd van Zijn ene gemeente boven is.

Ook vandaag zijn er velen in de wereld die naar stilte hunkeren. Stiltecentra verrijzen op de meest ongedachte plekken. Zoals echter voor vrede geldt dat Christus die niet geeft zoals de wereld die geeft, zo geldt het ook voor echte stilte. Dan geldt vooral wat we van Elia bij de Horeb lezen. Daar kwam de Geest niet in een storm of aardbeving, maar in het suizen van een zachte stilte. Echte stilte komt dan ook niet geruisloos. Ze komt hoorbaar, in ritselingen van de Geest.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 26 maart 2005

Reformatorisch Dagblad | 44 Pagina's

Stille Week in een opgejaagde wereld

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 26 maart 2005

Reformatorisch Dagblad | 44 Pagina's

PDF Bekijken