Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Unieke vondsten bij opgraving Colmschate

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Unieke vondsten bij opgraving Colmschate

2 minuten leestijd

COLMSCHATE - Tijdens archeologisch onderzoek tussen de Zweedsestraat en de Grote Ratelaar in Colmschate, gemeente Deventer, zijn belangrijke historische vondsten gedaan, waaronder ijzerovens uit de Romeinse tijd.

De gemeente Deventer meldde gistermiddag de vondst van drie voorraadkuilen uit de middenbronstijd (1800-1050 v. Chr.). In deze kuilen werden granen en ander voedsel opgeslagen. Verder zijn er diverse sporen uit de vroege ijzertijd (800-500 v. Chr.) aangetroffen.

In totaal zijn zes ijzerovens uit de laat-Romeinse tijd (omstreeks 300 na Chr.) gevonden. Deze vondst bewijst dat de inheemse bevolking van Colmschate de kennis bezat om uit moerasijzererts ruw ijzer te winnen. Hiervoor bouwde men kleine, ronde ovens met lemen wanden. De ovens, in feite de oudste hoogovens in Nederland, werden gestookt met houtskool en hebben een maximale doorsnede van 0,75 meter en een hoogte van 1 à1,5 meter.

In de omgeving van de ovens zijn tientallen kilo's ijzerslakken, het afval van ijzerproductie, aangetroffen. Het houtskool dat in de ovens gestookt werd, produceerde men in de directe omgeving. Bij de ovens zijn meilerkuilen opgegraven, waarin hout tot houtskool gebrand werd.

Behalve ijzer verwerkten de bewoners van het gehucht Colmschate in deze periode ook brons. Bij het onderzoek zijn veel fragmenten van smeltkroesjes aangetroffen. Hierin werden Romeinse producten, zoals munten, omgesmolten om onder andere sieraden te vervaardigen. Andere opvallende vondsten uit de Romeinse tijd zijn de restanten van erfafzettingen en een dierbegraving. Aardig is de vondst van een mensentand in een afvalkuil.

Tot de late Middeleeuwen lag tussen Colmschate en Deventer een laag en nat gebied. In 1345 legde men de Snipperlingsdijk aan, die al snel de belangrijkste verbindingsroute tussen Deventer en het oosten werd. Evenwijdig aan de Holterweg is een strook met tientallen karrensporen opgegraven. De oudste scherven uit deze sporen dateren uit de periode 1200-1280. Kort hierna is over de sporen een laag grijs zand aangebracht om de weg beter begaanbaar te maken. Haaks op de weg zijn sleuven van enkele meters lang gegraven. Deze dienden waarschijnlijk om regenwater af te voeren en karren binnen de gebaande weg te houden.

Haaks op de Holterweg is een Duitse loopgraaf uit de Tweede Wereldoorlog teruggevonden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 juli 2005

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Unieke vondsten bij opgraving Colmschate

Bekijk de hele uitgave van woensdag 6 juli 2005

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken