Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Zin geven aan een onzinvak

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Zin geven aan een onzinvak

Waardering voor kunst en cultuur bijbrengen loont de moeite

8 minuten leestijd

Ongerust en wantrouwend. Zo reageerden veel ouders op de invoering van het verplichte vak ckv 1 in het reformatorisch voortgezet onderwijs. Ze vonden het cultuurvak te veel eer voor zaken waar "geen droog brood" mee te verdienen valt. Maar volgens Jan Simonse, kunstcoördinator op de Pieter Zandt Scholengemeenschap te Kampen, zijn de reserves tegen het vak inmiddels weggenomen.

De spraakverwarring over het vak ckv is acht jaar na invoering nog steeds groot. Dat is niet verwonderlijk, want het vak bestaat uit maar liefst drie varianten. De eerste variant betreft de verplichte culturele vorming die alle leerlingen in het voortgezet onderwijs krijgen. Op havo en vwo gebeurt dat onder de naam ckv 1. Vmbo'ers krijgen het vak kunstvakken 1. De combinatie ckv 2 en ckv 3 bestaat echter ook. Bovenbouwleerlingen van havo en vwo die het profiel cultuur en maatschappij kiezen, moeten deze vakken volgen. Ckv 2 is het theorievak, dat alle kunstdisciplines behandelt. Ckv 3 is het doevak: tekenen, handvaardigheid of muziek. Een gesprek met Simonse over het voor alle leerlingen verplichte vak ckv 1.

Een cultuurinjectie, zo noemt Simonse ckv 1. In een zeer beperkt aantal lesuren moet hij jongeren voor de rest van hun leven waardering voor kunst en cultuur bijbrengen. Geen eenvoudige opgave, aangezien de meeste leerlingen van mening zijn dat ckv 1 een onzinvak is.

Ze worden daarin volgens de ckv-docent gevoed door het thuisfront. "Veel ouders vroegen zich bij de invoering van ckv 1 af wat hun kinderen met zo'n kunstvak moesten. Men staat in onze kring vaak argwanend tegenover cultuur. Zeker in onze regio heerst een grote cultuurarmoede. Er zijn er die nog nooit aan cultuuruitingen buiten de eigen kring hebben deelgenomen."

De culturele vorming in de reformatorische gezindte is eenzijdig, aldus Simonse. "Op muzikaal gebied gebeurt er heel wat. Velen leveren zelf hun bijdrage aan deze tak van cultuur. Maar vaak komt men niet verder dan het plaatselijke zangkoor. En wat te denken van ons orgelcultuurtje. Dat wil ik niet afkraken, maar er is meer dan dat."

Wat er dan nog meer is, wil Simonse zijn leerlingen bijbrengen tijdens de ckv-lessen en excursies. Op school leren de leerlingen iets over muziek, schilderkunst, literatuur, beeldhouwkunst en architectuur in elke periode van de kunstgeschiedenis: Middeleeuwen, Renaissance, Barok, Romantiek en moderne tijd. Met deze kennis moeten de scholieren de praktijk in.

Volgens het eindexamenprogramma ckv 1 moeten havo-leerlingen hebben deelgenomen aan zes en vwo'ers aan tien culturele activiteiten. Ervaringsverslagen daarvan vormen het kunstdossier van de leerling, waarmee het vak wordt afgesloten. Om de leerlingen een handje te helpen, organiseert de Pieter Zandt drie ckv-dagen met diverse excursies. Maar elke leerling moet ook drie keer zelfstandig op pad.

Simonse kijkt daarbij niet zo krap: "Als ze naar een muziekuitvoering in de buurt willen, vooruit! Ik ben al blij als ze gaan. Want in de ervaring ligt de essentie van het vak. Je moet kunst en cultuur dicht bij de leerlingen brengen. Ze moeten het zelf zien, doen, ervaren. Laat ze bijvoorbeeld zelf fotograferen. Dan springt de vonk wel over."

Beloonde moeite

Pubers enthousiast maken voor cultuur is niet eenvoudig, geeft de docent toe. "Kunst is nu eenmaal niet makkelijk grijpbaar, niet snel en flitsend. Al in de tweede of derde week van het schooljaar staan gregoriaanse gezangen op het programma. Je moet dan niet gefrustreerd raken als leerlingen zeggen dat ze het lelijk vinden." Maar enthousiasmeren is ook niet onmogelijk. "Neem Esscher. Afgezien van de op exacte vakken georiënteerde leerlingen roept de hele klas: Saai, saai! Maar als je er een video bij vertoont waarin de kunstenaar wordt nagespeeld, vindt na twintig minuten bijna iedereen het leuk."

Ckv 1 geven kost dus inspanning. Maar de moeite wordt beloond, aldus Simonse. "Na een aantal maanden zijn de meeste leerlingen toch wel losgeweekt van de gedachte dat ckv 1 een onzinvak is. Een groot deel van de leerlingen ontwikkelt zich verder op cultureel gebied. Je ziet hen terug bij ckv 3. En als je hen later nog eens tegenkomt en vraagt wat ze aan het vak ckv 1 hebben gehad, blijkt dat ze oog hebben gekregen voor kunst en cultuur. Als ik hen heb leren kijken naar kunst, heb ik mijn doel bereikt."

Simonse ziet dat ook de ouders een andere houding hebben aangenomen tegenover het vak. "Ckv 1 heeft bestaansrecht gekregen. Toen het vak net was ingevoerd, hielden we voorlichtingsavonden. Nu niet meer, omdat er te weinig ouders op afkomen. Blijkbaar zijn we erin geslaagd de reserves tegen ckv 1 weg te nemen. Maar belangrijk is ook dat de houding van de achterban ten opzichte van de cultuur de achterliggende jaren behoorlijk is veranderd. Men krijgt meer oog voor de cultuur buiten de eigen kring. Deze ontwikkeling gaat schoorvoetend, maar is wel waar te nemen."

Geen dans

Dat neemt niet weg dat de culturele en kunstzinnige vorming van leerlingen nog steeds om een principieel verantwoorde aanpak vraagt, aldus Simonse. De Pieter Zandt heeft, evenals de meeste reformatorische scholen, een eigen lesmethode ontwikkeld om onderwerpen die niet overeenkomen met de identiteit van de school te omzeilen. "We behandelen niet alle kunstdisciplines. Dans komt helemaal niet ter sprake. Drama komt marginaal aan bod als we Shakespeare behandelen. En als leerlingen zelf op pad gaan voor ckv 1 mag de activiteit die ze bezoeken niet strijdig zijn met de identiteit van de school.

De onderwijsinspectie doet hier niet moeilijk over. Ze heeft begrip voor onze standpunten. Als we maar goede vervangers hebben voor de onderwerpen die we overslaan." Bij het keuzevak ckv 2 ligt dat anders. Daar moeten bepaalde identiteitsgevoelige onderwerpen behandeld worden omdat ze in de eindtermen zijn vastgelegd. Maar op de Pieter Zandt wordt geen ckv 2 gegeven. "De overheid heeft het nog niet verplicht gesteld. Ik vermoed dat ze nog wat terughoudend is vanwege de ethische aspecten van het vak. Veel weet ik er echter niet van af. Omdat er zo veel over gesteggeld wordt, ben ik nog niet dieper in de materie gedoken."

In afwachting van verdere ontwikkelingen blijft Simonse met veel enthousiasme ckv 1 geven. "Het is een fantastisch vak. Ik geef ook Engels, maar als ik moest kiezen, zou het ckv 1 worden."

Dit is het tweede deel in een serie over ckv in het reformatorisch onderwijs. Volgende week een interview met docenten Henk en Anneke Roozemond over ckv 2.

KADER 1

Begrip

Wat vindt de Inspectie van het Onderwijs van de uitspraken van Simonse? Melanie Cramer-Mulder, persvoorlichter: "De opmerking dat de inspectie niet moeilijk doet als een school de onderwerpen dans en drama vervangt door iets anders, komt voor rekening van de geïnterviewde. Wij hebben daar wel een kanttekening bij. Als een school niet alle kunstdisciplines een plaats geeft binnen ckv 1, is dat een eenzijdige invulling van het vak en niet overeenkomstig de bedoeling ervan. Bovendien spreken de exameneisen ook over het aanbieden van een spreiding van culturele activiteiten over de verschillende kunstdisciplines, waaronder dans en drama. Maar de inspectie schrijft niet precies voor om welke activiteiten het moet gaan binnen ckv 1. In die zin hebben we er dus geen bemoeienis mee. In onze optiek is dat wat anders dan dat we daar niet moeilijk over zouden doen. Dat alles laat onverlet dat we wel begrip hebben voor het standpunt van de reformatorische scholen."

KADER 2

Kennismaking

Hoe reageren ouders op het vak ckv? Nel van de Fliert uit Barneveld, moeder van Brandien (havo 5, Van Lodensteincollege): "Het leuke van dit vak vind ik dat het leerlingen de gelegenheid biedt kennis te maken met die kant van de cultuur waar we in onze gezindte meestal onbekend mee zijn. De oude meesters kent bijna iedereen, maar op moderne kunst rust toch een beetje een taboe. Terwijl we heus niet alle moderne kunst hoeven te veroordelen. Veel abstracte kunst moet je bijvoorbeeld leren waarderen en dat kost tijd en inspanning. Het is ook goed dat jongeren, binnen bepaalde grenzen, geleerd hebben wat de moderne cultuur te bieden heeft voordat ze in een onchristelijke omgeving verder studeren. Trouwens, ook nu al wordt er tijdens de reis van school naar huis een aanval gedaan op hun principes."

KADER 3

Scholieren vertrouwd maken met kunst en cultureel erfgoed. Dat had het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen in 1997 op het oog met de introductie van het vak culturele en kunstzinnige vorming (ckv). De invoering ervan ging in het reformatorisch voortgezet onderwijs niet zonder slag of stoot. Acht jaar later bieden nog steeds niet alle scholen het vak in zijn volle breedte aan.

Tijd om de balans op te maken. Hoe pakken reformatorische scholen de culturele vorming van leerlingen aan? Hoe belangrijk is het vak? En waar zitten de knelpunten? Vandaag deel 2: een gesprek met docent Jan Simonse over ckv 1.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 12 september 2005

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Zin geven aan een onzinvak

Bekijk de hele uitgave van maandag 12 september 2005

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken