Bekijk het origineel

Gewapende strijd IRA lijkt na 35 jaar voorbij

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Gewapende strijd IRA lijkt na 35 jaar voorbij

4 minuten leestijd

BELFAST (ANP/AFP) - Het Noord-Ierse vredesproces is nooit goed op gang gekomen, maar daarin lijkt nu verandering te komen. Na een bittere gewapende strijd van 35 jaar heeft het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA) de wapens ingeleverd. Een overzicht:

1970-1971: Het Ierse Republikeinse Leger (IRA) neemt de wapens op.

1972-1979: De IRA pleegt talloze aanslagen, onder meer na Bloody Sunday, als Britse militairen veertien deelnemers aan een mars voor burgerrechten doodschieten. De IRA doodt onder anderen de oom van de Britse koningin Elizabeth, Lord Mountbatten.

1973-1974: Eerste voorzichtige pogingen tot een machtsdeling tussen protestanten en katholieken. Het Akkoord van Sunningdale loopt, na een algemene staking van protestanten, op niets uit.

1981: Tien IRA-gevangenen overlijden in de gevangenis na een hongerstaking. In de volgende jaren pleegt de IRA aanslagen tot in Londen. Doelwit zijn onder meer de ambtswoning van de premier en een hotel in Brighton op het moment dat de Conservatieven daar hun congres houden.

1991: Verscheidene partijen beginnen onderhandelingen, maar Sinn Fein, de politieke tak van de IRA, doet niet mee.

1992: Politiek keerpunt: in Londen komen voor het eerst na de Ierse deling van 1921 politici uit Ierland en Noord-Ierland samen. In Dublin beginnen onderhandelingen tussen de Britse en de Ierse regering over de kwestie Noord-Ierland.

1997: Nadat de IRA een bestand heeft afgekondigd, wordt Sinn Fein, de politieke vleugel van de IRA, toegelaten tot het in 1996 begonnen vredesoverleg van alle betrokken partijen. De echte doorbraak. Voor het eerst zit de grootste protestantse partij in Noord-Ierland, de Ulster Unionist Party van David Trimble, aan één tafel met Gerry Adams van Sinn Fein. De Democratische Unionistische Partij van de radicale dominee Ian Paisley, die tegen elke concessie aan de katholieken is, blijft weg.

1998: In april rolt er een vredesakkoord uit de onderhandelingen, de Goede-Vrijdagakkoorden. Die worden in mei met ruime meerderheid aanvaard door zowel Ieren als Noord-Ieren. Ze voorzien in een regionaal parlement (108 zetels) met beperkte bevoegdheden, een ministerraad en een raad die zich bezighoudt met de relatie tussen Ulster en Ierland. Het parlement kan alleen besluiten nemen met een meerderheid van 70 procent om te voorkomen dat de protestantse meerderheid steeds de katholieke minderheid overstemt.

1999: In januari bereiken de protestantse en de katholieke leiders in Noord-Ierland een akkoord over een regering van tien ministersposten (met Sinn Fein), maar het cruciale punt, de ontwapening van de terreurgroepen, blijft onopgelost. In december komt het regionaal parlement voor het eerst bijeen.

2000: Na de publicatie in januari van een vernietigend rapport van de internationale commissie die moet toezien op de overeengekomen ontwapening van de IRA stelt Londen het parlement op non-actief. Eind mei hevelt Londen het directe bestuur over Noord-Ierland over naar de provincie. De IRA belooft betere samenwerking met de ontwapeningscommissie.

2001: De unionistische Noord-Ierse premier Trimble neemt in juli ontslag, omdat de IRA niet meewerkt met ontwapening. In oktober maakte het Ierse Republikeinse Leger bekend dat het begonnen is met de ontwapening. In november wordt Trimble opnieuw gekozen tot eerste minister.

2002: In april maakt de IRA bekend aan de tweede fase van de ontwapening te zijn begonnen. Een spionageschandaal maakt echter een voorlopig eind aan het protestants-rooms-katholieke zelfbestuur. In oktober neemt Londen het beheer van de provincie weer in handen. Dezelfde maand zegt de IRA de contacten met de ontwapeningcommissie te hebben verbroken.

2003: In november hebben verkiezingen voor de Assemblee plaats. De uitkomst is weinig hoopgevend, omdat radicale partijen als de DUP en Sinn Fein winnen. De patstelling wordt niet doorbroken.

2004: Een poging van de Britse premier Blair, zijn Ierse collega Ahern en de Amerikaanse president Bush het vredesproces weer vlot te trekken, loopt op niets uit. Het controleren van de ontwapening door de IRA blijkt opnieuw een struikelblok.

2005: Blair en Ahern verklaren in februari tezamen dat de criminele activiteiten van de IRA een obstakel vormen voor het vredesproces. De organisatie wordt in verband gebracht met een bankoverval waarbij 38 miljoen euro buit werd gemaakt en met de moord op een katholieke man. De IRA reageert door te zeggen dat al zijn vredesvoorstellen van tafel zijn gehaald. In april dringt Sinn Fein-leider Gerry Adams er bij de IRA op aan de wapens neer te leggen. Het wordt tijd deel te nemen aan het politieke vredesproces. Op 28 juli beveelt de IRA de gewapende strijd te staken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 27 september 2005

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Gewapende strijd IRA lijkt na 35 jaar voorbij

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 27 september 2005

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken