Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Van verre gezien en verblijd

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Van verre gezien en verblijd

4 minuten leestijd

"En Abraham noemde de naam zijns zoons () Izak."

Genesis 21:3

"Izak", zo horen we de honderdjarige Abraham zeggen. Geeft Abraham zijn zoon een naam, zoals ouders dat door alle eeuwen heen doen? Heeft hij voor de geboorte nagedacht over de naam en dan, na de geboorte, is een van de eerste dingen de naam van het kind die klinkt? Nee, Izak is niet de naam die uit Abrahams of Sara's gedachten is voortgekomen. De naam die door de tent wordt geroepen, is de naam die God aan dit kind gaf voor dat nog iets van dit kind leefde. De naam die klinkt is een preek van de Heere in één woord: Izak.

Om die preek te kunnen verstaan, is het nodig te weten wat de naam betekent. Izak wil zeggen: hij lacht, hij verwekt lachen, hij verwekt blijdschap. Gaat het dan om de blijdschap die de geboorte van een kind met zich meebrengt? Nee, het gaat om een andere blijdschap, een vreugde vanwege Gods genade.

Abraham heeft toen hij van God hoorde dat de zoon geboren zou worden, gelachen en tegelijk zijn knieën gebogen. De toezegging van God, de aanstaande vervulling van Gods belofte heeft Abraham in verwondering doen knielen voor God, vol van vreugde vanwege het wonder. God ging voort met Zijn genadewerk, ondanks de ontrouw van Abraham, ondanks al Abrahams pogingen om de weg te banen naar het Zaad, de Zaligmaker van zonden. Toen heeft God Abraham opdracht gegeven die komende zoon Izak te noemen (Genesis 17:18). Kent u die verwondering, die vreugde dat de Heere tot een mensenkind, een adamskind buiten het paradijs, vol van zonden, eigen bedoeling, eigen wegen wil spreken?

Sara, zijn moeder, heeft ook gelachen toen ze hoorde van de komst van dit kind. Haar lach was zo anders dan Abrahams lach. Haar lach was vol van spot. Wat heeft ze gevreesd toen de Heere haar in dat lachen onderzocht. Bevend heeft ze geloochend dat ze gelachen heeft (Genesis 18:15). Het hemels oordeel klinkt: Gij hebt gelachen. Ze heeft God, Die niet liegen kan, in Zijn almacht aangetast. Uit zo iemand kan toch nooit meer één vrucht voortkomen. Te veel, te zwaar gezondigd, onmogelijk om nog ooit zalig te worden, toen en vandaag!

Ondanks de ontrouw van Abraham en de spot van Sara gaat God door met het vervullen van Zijn belofte en schenkt Hij waar geen verwachting meer over is van de mens deze lachverwekker, vreugdeverwekker.

Als Sara dat ziet, zingt zij haar lofzang, zoals eeuwen later Maria God groot maakt vanwege de hemelse vreugde die God schenkt in de Zaligmaker van zonden, in de Zaligmaker van haar zonden. Sara zingt het uit: God heeft mij een lachen gemaakt en al die het hoort zal met mij lachen. Blijdschap, omdat God in de lijn van Izak zal zorgen voor de Zaligmaker van haar zonden. Dan overziet het geloofsoog van Abraham en Sara in de toepassing van de naam Izak in hun hart en hun leven de eeuwen. Christus getuigt daarvan: "Abraham, uw vader, heeft met verheuging verlangd, opdat hij Mijn dag zien zou; en hij heeft hem gezien, en is verblijd geweest" (Johannes 8:56). In het licht van die vreugde verbleekt alle aardse blijdschap. Daar waar u als verloren mensenkind iets mag ontvangen van de toepassing van het werk van de meerdere Izak, daar deelt u vandaag in die hemelse vreugde, verwondering. Ook voor mij in Hem!

Is dat vanzelfsprekend in het leven van een kerkganger, in de tent van Abraham? Och, zie hoe Izak Ismaël tot lachen verwekt. In spot wijst hij Gods daden af. Hij heeft die Verlosser, Die uit Izak zal voortkomen, niet nodig. Vreselijk om zo te sterven, eeuwig te laat! Zie, hoe ze de meerdere Izak tijdens Zijn omwandeling op aarde omringen, in Zijn kruisoffer omringen. Spot en hoon zijn zijn deel. Gesteld tot een val en opstanding. Nog kan Hij echter vanwege Zijn overwinning een spotter, als de moordenaar aan het kruis, doen delen in de grote blijdschap door Zijn genade. Genade waarmee Hij een mens van dood levend maakt en brengt bij deze Zaligmaker.

Is uw gebed: Schenk mij, arme zondaar, die genade, verwek die vreugde?

Ds. L. Terlouw, Barendrecht

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 november 2005

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Van verre gezien en verblijd

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 november 2005

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken