Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Oorlog was Taylors hobby

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Oorlog was Taylors hobby

Tijdens een verzoeningsfeest liet Taylor zijn rivaal vermoorden

3 minuten leestijd

MONROVIA (ANP) - De Liberiaanse ex-president Charles Taylor heeft heel wat uit te leggen aan het Speciaal Hof voor Sierra Leone (SCSL). De nu 58-jarige Charles Ghankay Taylor schepte behagen in het voeren van oorlogen en schuwde daarbij wreedheden op grote schaal niet. Hij is onder meer aangeklaagd wegens misdaden tegen de menselijkheid.

Als zoon van Liberianen van Amerikaanse oorsprong had de eind januari 1948 in Arthington, Liberia, geboren Taylor een bevoorrechte positie. Zijn familie, voortgekomen uit in de negentiende eeuw vrijgelaten Amerikaanse slaven die Liberia stichtten, behoorde tot de elite in het het West-Afrikaanse land. Na zijn schoolopleiding kon hij net als veel andere Americo-Liberianen gaan studeren in de Verenigde Staten.

Na zijn terugkeer naar Liberia speelde Charles Taylor gedurende bijna 25 jaar een centrale rol in het politieke en militaire spel in Liberia. Zijn carrière begon in 1979. President William Tolbert benoemde hem dat jaar tot hoofd van het overheidsbureau voor financiën. Toen sergeant Samuel Doe in april 1980 een staatsgreep pleegde tegen de uiterst impopulaire kliek van Americo-Liberianen, koos Taylor verrassend de zijde van Doe.

Hij mocht op zijn post blijven, maar de relatie liep vier jaar later toch stuk. Doe beschuldigde Taylor ervan miljoenen te hebben verduisterd. Taylor vluchtte naar de VS, waar hij in de gevangenis belandde. Het lukte hem echter te ontsnappen. Hij keerde terug naar Afrika en begon een opstand tegen het corrupte en bloeddorstige regime van Doe.

Op kerstavond 1989 trok Taylor met zijn mannen Liberia binnen. Tot veler verrassing en deels door de incompetentie van de militaire machthebber Doe kreeg hij al snel een groot deel van het land onder controle. Zijn rivaal liet hij in 1990 tijdens een verzoeningsfeest vermoorden. De inname van Monrovia werd echter verhinderd door Nigeriaanse vredestroepen, gesteund door Sierra Leone.

De flamboyante Taylor was woedend op dat laatste land en zwoer wraak. In 1991 stuurde hij een groep van honderd man naar de diamantstreek van Sierra Leone en bezette uiteindelijk via zijn stroman Foday Sankoh en het Revolutionair Verenigd Front (RUF) bijna de helft van het land. De burgeroorlog kostte uiteindelijk ongeveer 200.000 mensen het leven. Onbeschrijfelijke wreedheden werden begaan door alle partijen in het conflict.

Taylor moet zich voor het SCSL onder meer verantwoorden voor uitroeiing, het terroriseren van de burgerbevolking, seksueel geweld op grote schaal, het verminken van mensen, het rekruteren en inzetten van kindsoldaten, ontvoeringen, dwangarbeid, plunderingen, brandschatting en aanvallen op VN-blauwhelmen.

Ondanks de vele allianties die Taylor wist te smeden in eigen land en met opstandelingen in Sierra Leone, kon hij in Liberia de zaak niet in de hand houden. De rebellen die eensgezind Doe hadden verdreven, raak-ten onderling slaags en de dic-tator werd uiteindelijk op alle fronten teruggedrongen door de andere krijgsheren in het land. Toch kon hij in 1995 de hoofdstad Monrovia binnentrekken.

Het leverde hem een plaatsje op in het collectief overgangspresidentschap. Vrije parlements- en presidentsverkiezingen volgden, waarin Taylor aan het langste eind trok. De machtswellust van Taylor werd er echter niet door bevredigd en hij stortte zich in een nieuw oorlogsavontuur.

Met een smoes stuurde hij ex-leden van het RUF samen met het Liberiaanse leger buurland Guinee binnen. De strijd verliep voorspoedig en binnen de kortste keren bezetten Taylors troepen een derde van het land, maar het betekende ook het begin van het einde.

Washington had weinig waardering voor zijn actie in Guinee. De VS stuurden militaire hulp en de indringers moesten de aftocht blazen. Intussen werd in Guinee de LURD (Liberianen Verenigd voor Verzoening en Democratie) opgericht en bewapend. Die nam de strijd in Liberia tegen Taylor op.

Die begon op zijn beurt een terreurcampagne om de rebellen te verslaan en te voorkomen dat zij steun kregen van de lokale bevolking. Deze tactiek werkte niet en de LURD won snel terrein. In augustus 2003 verdween Taylor in ballingschap naar Nigeria.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 21 juni 2006

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Oorlog was Taylors hobby

Bekijk de hele uitgave van woensdag 21 juni 2006

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken