Bekijk het origineel

Herrie om een hoogvlieger

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Herrie om een hoogvlieger

9 minuten leestijd

De JSF blijft de gemoederen bezighouden. Het gevechtsvliegtuig valt veel duurder uit dan geraamd, waarschuwt de Algemene Rekenkamer. Ondanks grote financiële risico's wil het kabinet doorgaan met de JSF. De aanschaf lijkt bijna onvermijdelijk. Herrie om een hoogvlieger.

Een ronkende presentatie, waarin de "opportunities" en "efforts" over elkaar heen rollen. JSF-programmadirecteur Tom Burbage slaagt er met beeld en geluid eenvoudig in om zo'n 200 symposiumgangers te boeien. "Nederland heeft met de JSF een kans om een hoofdrol te blijven spelen in de internationale gemeenschap", betoogt de tweede man van het Amerikaanse Lockheed Martinconcern.

De chique Haagse Sociëteit De Witte is de uitvalsbasis voor een bijeenkomst afgelopen dinsdag rond de ontwikkeling van de Joint Strike Fighter. Het etablissement, recht tegenover het ministerie van Defensie en op steenworp afstand van de Amerikaanse ambassade, doet goede zaken dankzij de JSF-lobby. Behalve een keur aan Nederlandse defensiebedrijven zien ook de Amerikanen het nut in van hun aanwezigheid. Dat de tweede man van Lockheed zijn opwachting maakt, onderstreept dat meer dan dunnetjes.

Massage

Defensiebedrijven staken de achterliggende maanden behoorlijk wat energie in het 'masseren' van Haagse politici. CDA, VVD en LPF waren al voor de JSF, maar vanwege de krappe meerderheid die het kabinet in de Tweede Kamer heeft, kreeg vooral de PvdA een beurt. Overigens tot nu toe zonder resultaat. De partij zegt zelfs in haar verkiezingsprogramma niet meer mee te willen doen aan de koop van het Amerikaanse toestel.

Iemand die zich geen zorgen maakt over het PvdA-standpunt is Ben Droste, voorzitter van het NIVR, een instituut voor lucht- en ruimtevaartontwikkeling. "Ga maar eens na hoe de PvdA in het verleden heeft geopereerd bij vergelijkbare deals. Met de koop van de Starfighter en de F-16 draaide de partij uiteindelijk bij. Ik ben niet zo bang dat de PvdA uiteindelijk de stekker uit de Nederlandse JSF-bijdrage trekt. De belangen zijn daarvoor te groot, ook voor wat betreft werkgelegenheid."

Toch lijkt de JSF een potentiële splijtzwam. Nauwelijks een maand voor de verkiezingen is er voor politici weinig manoeuvreerruimte. Of je bent voor de JSF, of je bent tegen. Nederland moet zich echter realiseren dat de JSF "serious business" is, zegt Lockheedtopbestuurder Burbage. "Wil je het toestel later alsnog kopen, dan is dat veel duurder. Nederlandse bedrijven doen nu volop mee aan de ontwikkeling van de JSF. Als Nederland uit het project stapt, zou dat een grote erosie betekenen van de Nederlandse industriële ontwikkeling."

Pluspunt

De boodschap van Burbage is de afgelopen jaren met grote regelmaat herhaald door vertegenwoordigers van Lockheed en van de grootste Nederlandse onderaannemer: Stork. De machinefabriek, die door het opslokken van voormalige failliete Fokkeronderdelen een flinke luchtvaartpoot kent, spaarde de achterliggende jaren kosten noch moeiten om de pluspunten van de JSF-deelname te benadrukken.

De Amerikanen hebben een slimme constructie opgezet voor landen die overwegen het geavanceerde gevechtsvliegtuig aan te schaffen. Potentiële klanten kunnen in eerste instantie deelnemen aan de ontwikkeling van de JSF als zij een paar honderd miljoen dollar op tafel leggen. Nederland betaalt voor deze SDD-fase 800 miljoen dollar. Als tegenprestatie gunt de vliegtuigfabrikant deelnemende landen lucratieve orders.

Een verplichting tot aankoop betekent dit nog niet. De luchtvaartindustrie raakt op deze manier echter nauw betrokken bij het project. Lockheed heeft inmiddels voor 700 miljoen dollar aan orders voor Nederland verstrekt. Uiteindelijk kan ons land 6 tot 9 miljard dollar aan de JSF verdienen, blijkt uit berekeningen van de Universiteit van Tilburg.

Nederland moet vervolgens besluiten of zij ook intekent op de fase van de productie en doorontwikkeling van de JSF. Een kleine meerderheid van 88 Kamerleden stemt waarschijnlijk volgende maand in met dit zogeheten PSFD-traject. Daarin reserveert Nederland voor 3 miljoen dollar per jaar alleen nog maar een plaatsje op de productielijn. Ook dit schept nog geen verplichtingen.

Fuik

In 2009 staat Nederland voor de keus: kopen of niet kopen. Omzet, werkgelegenheid en knowhow van de luchtvaartindustrie staan dan zo nadrukkelijk op het spel, dat er nauwelijks een weg terug is. Schaft Nederland geen toestellen aan, dan kan de industrie verder fluiten naar nieuwe opdrachten. "Mocht Nederland afhaken, dan lopen de productiecontrac ten nog een tijdje door. Maar we gaan natuurlijk wel op zoek naar andere leveranciers", aldus Dana Pierce van Lockheed Martin. Door deze fuikconstructie loopt de druk om tot aankoop over te gaan steeds verder op.

Dat de keus voor de JSF bijna onomkeerbaar is, hoeft niet per se verkeerd te zijn, zegt defensiespecialist prof. dr. Ko Colijn van de Erasmus Universiteit Rotterdam. "Uiteindelijk krijgen we het beste toestel voor de beste prijs. De Europese alternatieven zijn toch echt van het tweede garnituur." Dat het kabinet zegt het toestel nog niet te kopen, is volgens Colijn echter onzin. "In de defensiebegroting van 2005 staat al dat meedoen aan de ontwikkeling ook betekent dat Nederland het toestel aanschaft. Dus toen was de regering er al uit."

Nederland is volgens Colijn tot nu toe voor de Amerikaanse wapenlobby een gemakkelijke prooi. "Allerlei invloedrijke Nederlandse instituten en organisaties zijn al in een vroeg stadium op het spoor van de JSF gaan zitten. Dat heeft de Amerikanen veel werk bespaard. Het is als het ware de zoveelste variant van het poldermodel. Maar dat heeft ook veel voordelen. Door de vroegtijdige inschakeling profiteert de Nederlandse industrie maximaal. Het is bijna een injectie in de economie."

Risico's

De Algemene Rekenkamer zorgde deze week voor de nodige opschudding bij voor- en tegenstanders van het gevechtsvliegtuig. De JSF valt veel duurder uit dan geraamd, verklaarden de rekenmeesters in een kritisch rapport. "Nederland loopt belangrijke financiële risico's met deelname aan de ontwikkeling van de JSF."

Volgens prof. Sweder van Wijnbergen, hoogleraar overheidsfinanciën en voormalig secretaris-generaal op het ministerie van Economische Zaken, bevestigt de Rekenkamer dat de risico's aan de JSF reëel zijn. "Regering en parlement zijn daar destijds blind voor geweest. Risico's bij zulke grote projecten vallen altijd de verkeerde kant uit."

Prof. dr. Bart Vos van de Universiteit van Tilburg is niet geschrokken van de gesignaleerde risico's. Eerder deed hij onderzoek naar de effecten van de JSF voor de Nederlandse industrie. "Zulke technologisch hoogwaardige projecten brengen altijd risico's met zich mee. Daarmee zegt de Rekenkamer niets nieuws. Aan de JSF zit echter ook een groot aantal positieve aspecten."

De Rekenkamer becijferde dat de ontwikkelingskosten sinds 1996 al met ruim 80 procent zijn gestegen. De kosten zouden van 4,5 miljard euro voor 114 JSF's uit 1999 zijn toegenomen tot 14,6 miljard voor 85 toestellen in 2006.

"Dat is appels met peren vergelijken", reageert Vos. "De Rekenkamer vergelijkt de aanschafprijs van 40,4 miljoen euro per stuk uit 1999 met de aanschafprijs én de exploitatiekosten over dertig jaar van 170,6 miljoen euro per stuk uit 2006. Zo'n vergelijking is tendentieus." Van de 800 miljoen dollar die Nederland in de ontwikkelingsfase van JSF zou terugverdienen, komt volgens de Rekenkamer niet meer dan 310 miljoen dollar terug. Vos: "De ontwikkeling staat niet stil sinds het peilmoment dat de Rekenkamer als uitgangspunt neemt. Het Nederlandse bedrijfsleven heeft op dit moment al 700 miljoen dollar aan compensatieorders binnengesleept."

Stekker eruit

Van Wijnbergen verwacht niet dat de industrie veel orders zal mislopen, mocht Nederland nu uit de JSF stappen. "Als Stork echt zulke hoogwaardige technologie ontwikkelt, kopen de Amerikanen die toch wel."

Nederland kan zijn investeringen dubbel en dwars terugverdienen als de industrie inderdaad de 6 tot 9 miljard dollar aan de JSF terugverdient, zoals 'Tilburg' heeft becijferd. Van Wijnbergen gelooft daar niet in. "De cijfers van de Rekenkamer wijzen iets anders uit. Tilburg verwart omzet met winst. Leuk dat zo'n hoogleraar daar wat bijklust, zijn studie is betaald door de defensie-industrie. Nederland gaat echt geen 9 miljard verdienen aan de JSF. We moeten daarom zo snel mogelijk de stekker uit het project trekken."

Erg onverstandig, reageert zijn collega Vos. "Nederland verliest miljarden door zich nu terug te trekken. Lockheed Martin gaat dan op zoek naar andere leveranciers. We hebben de afgelopen jaren veel geld geïnvesteerd in de JSF en als land een goede positie in het project verworven. Binnenkort begint de bouw van het toestel. Dan kunnen we oogsten."

Nederland aast op motoren

De bouw moet nog beginnen. Nederland aast echter nu al op het onderhoud van honderden JSF-motoren. Rome en Den Haag slaan daarbij de handen ineen.

Een groot aantal Europese landen hikt aan tegen de vervanging van hun gevechtsvliegtuigen. De huidige generatie F-16's, Harriers en Tornado's is binnen vijf tot tien jaar uitgevlogen. De JSF gooit hoge ogen als mogelijke opvolger. Het beste toestel voor de beste prijs, denkt Defensie.

Nederland overweegt 85 stuks aan te schaffen. In de Europese regio hebben ook Engeland (150 stuks), Italië (150), Turkije (110), Noorwegen (48) en Denemarken (48) belangstelling. Sinds kort toont ook Spanje interesse. Aan het geavanceerde gevechtsvliegtuig hangt een prijskaartje van zo'n 45 miljoen euro. Geen wonder dat potentiële klanten proberen iets terug te verdienen van deze miljardeninvestering. Italië en Nederland hebben elkaar hierbij gevonden in een bijzonder samenwerkingsverband. Onder de naam "IT/NL Production&Sustainment" maken de twee zich sterk voor een Europese logistieke instandhoudingsketen van het Amerikaanse toestel. Italië aast daarbij op de assemblage van de JSF, Nederland op het motorenonderhoud.

Ook nieuwe jachtvliegtuigen vragen onderhoud. "Het is een grote valkuil als elk land dat afzonderlijk gaat uitvoeren", zegt generaal-majoor E. H. Evers van de Koninklijke Luchtmacht. Waarschijnlijk ontstaan op een aantal locaties in Europa onderhoudscentra voor de JSF. Enerzijds daartoe gedwongen door kostenbesparing, anderzijds daartoe uitgenodigd door standaardisering van luchtvloten.

Defensie beschikt over de nodige kennis van en ervaring met de reparatie en modificatie van straaljagermotoren. Op de vliegbasis Woensdrecht krijgen jaarlijks tientallen F-16-motoren een grote beurt. Met het uitfaseren van deze toestellen, droogt het werk langzaam op. Een nieuwe miljoenenorder is daarom dringend gewenst. "Zo'n JSF-klus levert honderden mensen voor duizenden manjaren werk op", verzekert commodore mr. S. van Groningen van de vliegbasis.

Tot nog toe heeft alleen Italië toegezegd de motoren te laten invliegen naar Brabant. Defensiekringen rekenen echter zonder meer op het binnenhalen van opdrachten van andere Europese landen. "We moeten alleen nog even bewijzen dat we goed zijn."

Ook NIVR-voorzitter Ben Droste van het instituut voor vliegtuigontwikkeling maakt zich geen enkele zorg. Nederland blaast al een "geconcentreerd en gestructureerd" deuntje mee in de ontwikkeling van de JSF. Motorenonderhoud sluit daar naadloos op aan.

De belangstelling voor motorenonderhoud past in het streven om van Nederland een knooppunt van vliegtuigonderhoud te maken, de Maintenance Valley. Voor de JSF-motoren werken Defensie en DutchAero, het voormalige Philips Aerospace, samen in een publiek-private samenwerking. "Defensie is niet gewend om commerciële onderhandelingen te voeren", verklaart Van Groningen.

Nederland kan zich nog even warmdraaien voordat de jacht op het motorenonderhoud begint. Eerst moeten hier en daar nog even wat aankoopbonnen worden getekend.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 14 oktober 2006

Reformatorisch Dagblad | 48 Pagina's

Herrie om een hoogvlieger

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 14 oktober 2006

Reformatorisch Dagblad | 48 Pagina's

PDF Bekijken