Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Kibbelen over kangoeroes

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Kibbelen over kangoeroes

Dierenbeschermers in Australië gruwen van "wrede" jacht op springers

9 minuten leestijd

Een "botsing van culturen" met als inzet de kangoeroe. In Australië is het een bekend verschijnsel. Dierenactivisten gruwen van de commerciële jacht op deze "prachtige dieren", terwijl boeren en vleesfabrikanten afschotquota graag verhoogd zien teneinde "de pest" te bestrijden. "Wetenschappelijk vastgestelde feiten" moeten uitsluitsel geven over wie gelijk heeft, vinden vertegenwoordigers van beide partijen.

"Klop gerust bij Michael aan, hij ontvangt je graag en zal je alles laten zien." John Kelly, directeur van de Kangaroo Industry Association of Australia (KIAA), reageerde heel vriendelijk op een verzoek om een rondleiding in een verwerkingsfabriek voor kangoeroevlees. En ook Michael Mulligan, directeur van de Southern Game Meat in Brisbane -een van de grootste verwerkers van kangoeroevlees in Australië- klonk in eerste instantie gastvrij toen hem het verzoek om een afspraak bereikte. Voor alle zekerheid wilde hij toch even de website van de krant bekijken - je weet maar nooit wat je binnenkrijgt. Enkele dagen later belde Mulligan op om op hoge toon mee te delen dat alle afspraken waren geschrapt.

"De krant waarvoor u werkt staat bol van sensationeel nieuws, met schreeuwende koppen en negatieve berichten over de kangoeroe-industrie." Enkele vragen en tegenwerpingen -onder meer of hij wel de juiste krant voor zich had- zetten geen zoden aan de dijk. Met een "mijnheer, ik groet u" legde hij de hoorn erop. De commerciële jacht op Australiës nationale symbool, de kangoeroe, is kennelijk een buitengewoon gevoelig onderwerp.

Nu gaat het ook niet om een paar dode skippy's per jaar. In 2004 gold een afschotquota van maar liefst 4,4 miljoen kangoeroes - het merendeel wordt bejaagd in de deelstaten Queensland, New South Wales (NSW) en West-Australië. De afgelopen tien jaar zijn in totaal ruim 30 miljoen dieren afgeschoten. En dat zijn officiële cijfers; hoeveel dieren er illegaal zijn omgelegd, is niet bekend. Het vlees gaat vooral naar het buitenland -Rusland is een belangrijke afnemer-, de huid vindt in Europa aftrek, met Duitsland en Italië als belangrijkste kopers. In Australië zijn ze niet enthousiast over kangoeroevlees; daar verdwijnt het als katten- en hondenvlees in blikjes.

Overigens is de vleesindustrie niet de enige drive achter de jacht op kangoeroes. Dat zijn ook veeboeren en schapenhouders; en die zijn er nogal wat down-under. In 2004 telde Australië 22 miljoen runderen en 106 miljoen schapen. De boeren klagen over de vraatzucht van kangoeroes op hun weidegronden en eisen jaarlijks afschot. Ter vergelijking: het aantal kangoeroes wordt geschat op 30 tot 40 miljoen.

Toch wil niet iedereen op het platteland van de kangoeroes af. Zoals Roly Mack, die samen met zijn vrouw Andy een prachtig zelfgebouwd landhuis bewoont in Nullo Mountain, een streek zo'n 300 kilometer ten noordwesten van de stad Sydney. Ik rijd erheen met Richard Jones, oud-parlementariër in New South Wales, al heel zijn leven dierenactivist en dus ook fel tegenstander van de commerciële jacht op kangoeroes. Wie "deze prachtige dieren in hun natuurlijke omgeving ziet", zo verzekert Jones, "zou zijn standpunt direct begrijpen." Op zijn uitnodiging breng ik een nacht door in het landhuis van zijn vrienden Roly en Andy. "Het aantal kangoeroes dat daar is te zien, is echt uniek."

Lange rit

De tocht erheen vergt een autorit van ruim drie uur, waarbij het indrukwekkende landschap van de Blue Mountains ten westen van Sydney plaatsmaakt voor eindeloze uitgedroogde grasvlakten. Met enige regelmaat zijn er kangoeroes te zien, zij het als dodelijke verkeersslachtoffers langs de weg. De aankomst bij het huis van Roly en Andy is kort voor de avondschemering. Dat is mooi getimed, want kangoeroes zijn echte schemer- en nachtdieren. En jawel, in de weilanden rond het huis krioelt het ervan. Vele tientallen zogenaamde "eastern grey's" -oostelijke grijze kangoeroes- grazen er in groepjes, af en toe opkijkend naar de twee menselijke indringers, om er met grote sprongen vandoor te gaan zodra die te dichtbij komen.

"Er springen er hier zeker 300 rond", vertelt Andy. "Dat zijn er natuurlijk veel te veel, maar wij kunnen het niet over ons hart verkrijgen de dieren af te schieten." Van de buren heeft ze nog geen klachten gehoord van overlast.

Nationale pest of trots

Tegenstanders van de jacht op kangoeroes zijn natuurlijk allereerst gewoon fervente dierenliefhebbers. Ze maken deel uit van netwerken en organisaties zoals Voiceless, de Australian Animal Rights Network, of, zoals Jones, de Australian Wildlife Protection Council. Mensen die zo in de huid van dieren zijn gekropen dat het vanzelfsprekend is dat bejaging ook hen pijn doet. En als er dan ook nog commerciële motieven schuilgaan achter zo'n afschotcampagne is er helemaal geen begrip meer.

In feite is er sprake van een botsing van culturen: de een spreekt over kangoeroes als "pest" voor boeren en vindt dat er jaarlijks grote aantallen moeten worden "geoogst"; de ander heeft het over Australiës "nationale trots", die ook nog eens een hoog aaibaarheidsgehalte kent. In hun boek "Kangaroos, Myths and Realities", dat vorig jaar uitkwam, hebben de tegenstanders van de jacht al hun (wetenschappelijke) kennis en ervaringen bijeengebracht om hun standpunt te onderbouwen.

Richard Jones -een van de auteurs- typeert het afschot als "een buitengewoon wrede slachting" waarbij geen pottenkijkers worden geduld. David Nicholis, die zich in het boek voorstelt als een "voormalige commerciële kangoeroejager" is het met Jones eens. Hij wijst op de manier waarop kangoeroejongen -"joey's" in Australisch jargon- worden afgemaakt, nadat hun moeders zijn geschoten: meestal door hun kop tegen een boom te slaan. Jongen die al met hun moeder meehippen, zijn sowieso ten dode opgeschreven zodra zij is weggevallen.

De biologe Ingrid Witte schrijft dat hier schijn bedreigt: de diertjes lijken zelfstandig, maar zijn voor hun voedsel (moedermelk) en bescherming nog altijd op hun moeder aangewezen. "De kans dat ze alleen overleven is nihil." Witte schat dat de afgelopen tien jaar zo'n 12 miljoen vrouwtjeskangoeroes zijn afgeschoten; goed voor 3 miljoen verweesde jongen.

Overigens geven jagers ook zelf de voorkeur aan mannetjes, althans wanneer het de rode kangoeroe betreft. Ze zijn groter, hebben meer vlees en brengen dus meer geld op. Nicholis hekelt die selectie van de grootste en sterkste als ondermijning van de soort omdat zo "de genetisch sterkste mannetjes" verdwijnen, terwijl die juist voor gezonde nakomelingen zorgen.

Voor Richard Jones zijn de jaarlijks vastgestelde afschotquota's -elke deelstaat doet dat voor zich- een bron van ergernis. Vaststelling van de quota's gebeurt op basis van de totale populatie kangoeroes, zegt hij, maar niemand weet precies hoeveel er zijn. Vooral in tijden van droogte sterven veel kangoeroes een natuurlijke dood en ook het verkeer eist dagelijks zijn tol. "Dan is het zaak om de overgebleven aantallen goed in te schatten", vindt ook Rheya Linden (Australian Animal Rights Network). Zij spreekt in haar bijdrage van "guesstimate", een schatting die meer met gokken dan met tellen te maken heeft.

Al deze dierenliefhebbers halen de kangoeroes uit het beklaagdenbankje van de boeren. "De dieren krijgen de schuld van overbegraasde weidegrond", aldus bioloog Daniel Ramp, "maar veeboeren zouden er beter aan doen hun veestapel in te krimpen, of simpelweg hun bedrijf te verplaatsen naar een minder door droogte en overbegrazing geteisterd gebied."

Dit is het zesde verhaal in een serie over Australië


"Ik weet niet wat u bedoelt"

Kangoeroes danken hun naam letterlijk aan een communicatieprobleem, of liever gezegd, een taalbarrière. Toen de Britse kapitein Cook in 1770 het nieuw ontdekte continent verkende, stuitte hij op de voor hem wonderlijke dieren. "Wat zijn dat voor beesten?" vroeg hij aan een inboorling, een Aborigine. Die was het Engels niet machtig en reageerde met: "Ik weet niet wat u bedoelt" - in zijn taal: "Gan-ga-roe." Cook bleef zijn vraag herhalen en kreeg steeds dezelfde reactie. Uiteindelijk wist Cook het: dit zijn kangoeroes.

Australië is het land van de kangoeroes, maar vooral ook van de buideldieren, "marsupials" in het Engels. Het land/continent telt 140 soorten die tot deze groep zoogdieren behoren. Kenmerkend is dat de vrouwtjes een huidplooi hebben die als een draagzak voor een jong fungeert. De bekendste buideldieren zijn natuurlijk de kangoeroes, maar ook koalabeertjes, de Tasmaanse duivel (een soort marter), diverse soorten mollen en muizen, hebben zo'n buidel.

Kangoeroes -Australiërs spreken simpelweg over "roes"- behoren tot de familie van de macropoden, grootvoetigen: allemaal hebben ze ijzersterke en lange achterpoten waarmee ze grote sprongen kunnen maken. Het snelheidsrecord staat op naam van een oostelijke grijze kangoeroe: 64 kilometer per uur. Kampioen hoogspringen is de rode kangoeroe, althans het mannetje. Hij springt -opgejaagd door jagers- over een hek van ruim 3 meter. Bij het springen hoeven de dieren zich niet extra in te spannen om adem te halen. Hun maag bonst bij elk sprong tegen de onderkant van de longen, waardoor die worden leeggepompt, en vervolgens volgezogen als de maag terugvalt. Op het land kunnen kangoeroes hun lange achterpoten niet afzonderlijk bewegen, ze doen dat wel als ze zwemmen.

Eigenlijk moet je verschil maken tussen kangoeroes, wallaby's en wallaroes (bergkangoeroes). Kangoeroe is dan de verzamelnaam voor de grote grazers onder de macropoden: de rode kangoeroe -met een hoogte van 2 meter en een gewicht van 90 kilo de grootste- en de oostelijke en de westelijke grijze kangoeroe. Wallaby's zijn een stuk kleiner (maximaal 25 kilo), maar hebben wel dezelfde leefgewoonten. Wallaroes zijn anders, dat zijn echte rotsbewoners.

Wachtstand

Er zijn 63 soorten kangoeroes, wallaby's en wallaroes. Verder zijn er nog boomkangoeroes, quokka's, pademelons, bettongs, ratkangoeroes, haaskangoeroes en potoroes.

Opvallend is de korte draagtijd bij kangoeroes (en wallaby's en wallaroes) - ruim dertig dagen. Na die tijd gaat de ontwikkeling van het borelingetje, dat dan niet groter is dan een wesp en nog geen 1 gram weegt, verder in de buidel. Daar hecht het zich vast aan een van de tepels.

Het vrouwtje wordt direct na geboorte van haar jong meestal weer bevrucht, maar de ontwikkeling van de bevruchte eicel stagneert zolang er een jong in de buidel wordt verzorgd. Sterft dat diertje, of verlaat het de buidel, dan gaat de ontwikkeling van het eitje weer verder. Kangoeroes kunnen dus moeder zijn van drie generaties tegelijk: een jong dat op eigen benen staat maar nog bij de moeder blijft, een jong in de buidel en een embryo dat in de baarmoeder wacht tot het verder kan groeien. Bij de rode kangoeroe blijft het jong zeker 235 dagen in de buidel. De moederkangoeroe ontwikkelt twee soorten melk: voor het jong in de buidel en voor het jong dat als bewoner direct na hem zal komen.

Kangoeroes trekken in groepen over de Australische grasvlakten, althans 's avonds, 's nachts en 's ochtends vroeg. Overdag zoeken ze beschutting tegen de hitte. Kangoeroes zijn voor veel Australiërs reden om tegen de avondschemering niet meer in hun auto te stappen: de kans op een botsing is dan levensgroot.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 31 oktober 2006

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Kibbelen over kangoeroes

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 31 oktober 2006

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken