Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Filips diep geschokt over Beeldenstorm

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Filips diep geschokt over Beeldenstorm

4 minuten leestijd

De Beeldenstorm. Het woord suggereert een enorme menigte mensen die overal in Nederland de kerken en kloosters binnendrong en alles wat rooms-katholiek was kort en klein sloeg. De werkelijkheid is genuanceerder, aldus Arie Trouwborst, docent aan de Pieter Zandt scholengemeenschap te Kampen.

De "Beeldenstorm", het tiende venster van de historische canon, behoort bij het voorspel van de Nederlandse Opstand. "Ik begin bij 1550", vertelt de geschiedenisdocent, "en schets de politieke, godsdienstige en sociaaleconomische situatie in die tijd. De zware geloofsvervolgingen van de protestanten en de armoede van veel mensen zorgden in de zomer van 1566 voor een kruidvat."

"Op 5 april van dat jaar", doceert Trouwborst verder, "boden zo'n 400 lage edelen aan de landvoogdes Margaretha van Parma een smeekschrift aan. Zij vroegen haar onder andere de godsdienstwetten te verzachten. Reden daarvoor was niet zozeer medelijden met de protestanten, hoewel de edelen de brandstapels afwezen. Het ging de edelen vooral om de inbreuk op hun eigen privileges. Zij mochten in hun gebied rechtspreken, maar door de inquisitie werden zij nu opzijgezet."

Margaretha van Parma beloofde de edelen moderatie en dat gaf de protestanten moed, aldus de Kampense docent. "Rondtrekkende predikers hielden hagenpreken, godsdienstoefeningen in de openlucht. In augustus liep een hagenpreek in Steenvoorde in de zuidelijke Nederlanden uit de hand. De luisteraars bestormden een nabijgelegen klooster."

Trouwborst benadrukt dat het niet alleen om protestanten ging. "Voor veel beeldenstormers was hun geloof inderdaad het belangrijkste motief. Maar er deden ook anderen mee, uit onvrede over hun armoede tegenover de rijkdom van de kerk en de geestelijkheid. Zij wilden hun gram halen."

De Beeldenstorm verspreidde zich over Vlaanderen, Brabant en Holland. Hoewel het er soms stormachtig aan toe ging, suggereert het woord "storm" volgens de docent te veel. "Het was geen enorme bevolkingsstroom die de kerken binnendrong en alles kort en klein sloeg. Het waren vooral kleine groepjes die het land door trokken. En de beeldenstormers konden ook heel ordelijk te werk gaan. In de Noordelijke Nederlanden, toen het vuur er al een beetje uit was, verwijderden ze de beelden en schilderijen vaak netjes en brachten die naar een opslagplaats."

De hedendaagse beeldvorming over deze gebeurtenissen is nogal eens negatief. Protestanten worden weggezet als fundamentalisten die waardevolle kunstschatten hebben vernietigd. Wellicht heeft die beeldvorming een rol gespeeld toen bij de totstandkoming van de canon een aantal christenhistorici voorstelde om het venster "Beeldenstorm" te vervangen door "hagenpreken".

Volgens Trouwborst ligt het er maar aan welke insteek kiest. "Kies je voor de godsdienstige omwenteling in die dagen, dan is hagenpreken beter. Maar neem je de politieke gebeurtenissen als uitgangspunt, dan is de Beeldenstorm een goed item. En tenslotte vul je het venster toch zelf in."

De Beeldenstorm heeft de zaak van de protestanten in de 16e eeuw bepaald geen goed gedaan, aldus Trouwborst. "Eerst konden zij nog rekenen op sympathie van het rooms-katholieke volk en de edelen, omdat die de zware vervolgingen afwezen. Maar nu dachten velen: Zo hoeft het nu ook weer niet."

Filips II, de Spaanse vorst van de Nederlanden, was diep geschokt. "Hij was een heel gelovige rooms-katholiek en kon dit niet over zijn kant laten gaan", vertelt de docent.

Filips II verving Margaretha van Parma door de hertog van Alva. Die richtte een speciale rechtbank op, de Raad van Beroerten, om alle Beeldenstormers te straffen. Er werden ongeveer 1100 executies uitgevoerd.

De bekendste slachtoffers zijn de graven Egmont en Horne. Zij hadden volgens Trouwborst als hoge edelen met de Beeldenstorm niets te maken. "Alva gebruikte de Raad van Beroerten om hen uit de weg te ruimen en zo de weg vrij te maken voor de centralisatiepolitiek van Filips II. Op korte termijn was het effect van de Raad van Beroerten grote verbijstering onder het volk. Maar door de komst van Alva naar ons land nam de spanning alleen maar verder toe. De tijd werd rijp voor een opstand. Die opstand kwam er, geleid door Willem van Oranje, die in 1566 naar Duitsland was gevlucht."

In deze rubriek worden vensters uit de historische canon belicht. Volgende keer: Willem van Oranje.

De "Roomse boom" wordt omgehakt. Illustratie Atlas van Stolk, Rotterdam

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 17 november 2008

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Filips diep geschokt over Beeldenstorm

Bekijk de hele uitgave van maandag 17 november 2008

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken