Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De lutheranen, een kleine minderheid

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De lutheranen, een kleine minderheid

2 minuten leestijd

AMSTERDAM. De lutherse gemeenschap verkeert in een moeilijke positie, aldus dr. Sabine Hiebsch. De onderzoekster zei prinses Beatrix zaterdag dan ook „zeer erkentelijk te zijn dat zij het symposium van de 425-jarige evangelisch-lutherse gemeente Amsterdam wilde bijwonen.

Zesduizend mensen herbergde de oude lutherse kerk aan het Spui ooit. Anno 2013 zijn dat er „veel minder”, merkte dr. Hiebsch richting de 75-jarige prinses op. „Maar ook toen er nog zo veel mensen in deze kerk zaten, vormden de lutheranen al een godsdienstige minderheid, in Amsterdam en elders. Gelukkig is de lutherse traditie goed verankerd in de kerkorde van de Protestantse Kerk in Nederland. Maar de lutherse gemeenschap verkeert in een moeilijke positie.”

Minderheid of niet, de Amsterdamse lutheranen vormden in hun beginjaren (1588-1605) zeker geen „teruggetrokken, zich wat timide opstellende gemeenschap”, gaf dr. Gerard van Manen, kenner van het lutheranisme, in zijn lezing aan. „Luthers Amsterdam groeide uit tot een zelfbewuste, leidinggevende gemeente.” En de kerk die zij in 1633 in gebruik konden nemen, is voor velen een „landmark in de Amsterdamse binnenstad”, voegde drs. Martin L. van Wijngaarden, predikant van de evangelisch-lutherse gemeente in Rotterdam, hieraan toe. „Ook het interieur en het gebruikte avondmaalsgerei mogen op diverse punten letterlijk en figuurlijk beeldbepalend heten.”

Kunsthistorica Laura Roscam Abbing wees de aanwezigen op de acht „brunailles” op de balustrade van het orgel. Deze in 1692 door Hendrick Tiedeman geschilderde voorstellingen verbeelden christelijke deugden. Ze vormden een harmonieus geheel met het orgel van Johannes Duytschot – dat in de negentiende eeuw werd vervangen door een instrument van J. F. Witte.

Dr. Hiebsch, verbonden aan de W. J. Kooiman-J. P. Boendermaker Lutheronderzoeksplaats die de Vrije Universiteit sinds 2011 kent, vertelde over de ”avondmaalsloodjes” die lutherse gemeenten tot in de eerste helft van de negentiende eeuw hanteerden. In de week voorafgaand aan het avondmaal had een voorbereidingsdienst plaats, waarin een „boetpredikatie” werd gehouden en communicanten drie vragen dienden te beantwoorden. „Als bewijs van deelname hieraan werd een avondmaalsloodje uitgereikt.”

De loodjes maakten het Woord tastbaar, zei dr. Hiebsch. „Men ontving het loodje als symbool voor het Woord van de vrijspraak, om vervolgens in het avondmaal het vleesgeworden Woord te ontvangen.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 11 november 2013

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

De lutheranen, een kleine minderheid

Bekijk de hele uitgave van maandag 11 november 2013

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken