Bekijk het origineel

Geen shirt van H&M, maar een jurk met een verhaal

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Geen shirt van H&M, maar een jurk met een verhaal

5 minuten leestijd

NIJMEGEN. Vintage is hip. Jongeren struinen soms kringloopwinkels en rommelmarkten af op zoek naar dat ene jurkje uit de jaren zeventig. Ondertussen hebben ouderen hun kasten vaak volhangen met kleding die ze al jaren niet meer dragen.

Zaterdagmorgen, 11 uur. In de hal van zorgcentrum OBG Nijmegen staan overal rekken en tafels vol kleurrijke kleding en accessoires. Oud en jong krioelt door elkaar. De meeste ouderen hebben zich als verkoper opgegeven, na een oproepje in een plaatselijke krant. Veel jongeren –vooral twintigers en dertigers– komen af op een berichtje op Facebook waarin de verkoop van vintagekleding werd aangekondigd.

Het initiatief om ouderen in zorgcentra hun kleding te laten verkopen aan jongeren komt van Bureau Twintig. Dat is een collectief van drie jonge ondernemers uit Nijmegen die zich normaal gesproken bezighouden met het organiseren van debatten en congressen over maatschappelijke thema’s. „Dit is dus iets heel anders”, zegt Koen van Vliet. „Al zou je dit wel een maatschappelijk project kunnen noemen. Het is echt onze bedoeling dat jongeren en ouderen met elkaar in gesprek gaan.”

Dat is in ieder geval gelukt, stelt hij vast. „Je merkt dat veel mensen het tegenwoordig leuker vinden om een jurk met een verhaal te kopen dan een shirtje van de H&M waar iedereen in loopt. Vintagekleding is bovendien vaak van goede kwaliteit. Er werd vroeger vast ook wel rommel geproduceerd, maar die heeft de jaren niet overleefd.”

Het idee van Bureau Twintig is zo simpel, dat Van Vliet verbaasd is dat het niet eerder is bedacht. „We zagen in de stad overal vintagewinkeltjes opduiken. Intussen wordt er in Nederland steeds meer bezuinigd op ouderen. Zij hebben vaak heel veel kleren in de kast hangen waarvoor jongeren best wat willen betalen. Die dingen hebben we gecombineerd.”

Behalve kleren zijn er ook sjaaltjes, tasjes, ceinturen, kettingen schoenen en hier en daar zelfs wat woonaccessoires te koop. Mannenkleding is er vrijwel niet. „Vrouwen hebben meestal meer kleren dan mannen”, verklaart Van Vliet. „En de kleding die mannen eenmaal hebben dragen ze vaak helemaal af tot die versleten is.”

Zogeheten kledingcoaches gingen bij ouderen thuis langs om hen te adviseren over de prijs die ze voor hun spullen konden vragen. Jolijn, die een van de vintagewinkeltje in de Nijmeegse binnenstad runt, vertelt dat de meeste ouderen geneigd waren om te veel te vragen. „Ze zijn aan hun spullen gehecht en hebben er zelf destijds veel voor betaald. Dan vinden ze 20 euro voor een jurk een prikkie. Maar jongeren zijn gewend om niet zo veel voor kleding te betalen.” De coaches hielpen ook bij het uitkiezen van geschikte kleding om te verkopen. „Je merkt dat ouderen meestal niet weten wat op dit moment hip is.”

Bureau Twintig heeft inmiddels al vanuit verschillende steden vragen gekregen of ze daar ook zoiets willen organiseren, vertelt Van Vliet. „Dat zijn we niet van plan. Maar anderen zijn natuurlijk vrij om in hun eigen buurt of stad iets met ons idee te doen.”

Een 71-jarige vrouw zit met haar kleindochter bij een rek met kleren. Ze heeft op elk kledingstuk een briefje bevestigd waarop wat bijzonderheden staan. „De stippeljurk heb ik gedragen tijdens het huwelijk van mijn broer, dat was in 1989. Het vroor verschrikkelijk die dag”, dat soort informatie.

Een crèmekleurige jurk met mintgroene accenten heeft ze ooit gekocht bij een „dure winkel.” „Hij kostte wel over de 100 gulden”, vertelt ze. Vandaag hangt er een prijskaartje van 25 euro aan. „Ik heb deze jurk heel veel gedragen, maar hij is nog als nieuw. Kun je zien wat voor kwaliteit het is. Maar mijn dochter en mijn kleindochter dragen het niet. Die lopen liever in een spijkerbroek en een shirtje.”

Jongeren die hier komen, vinden het juist leuk om wat meer te weten over de kleren die ze kopen, ervaart ze. Al heeft ze sinds de markt om 10 uur openging nog niet veel verkocht. „Tot nu toe één jurk. Voor dit pakje komt straks nog iemand terug. En deze jurk heeft iemand gepast, maar die was te groot.”

Op dat moment meldt zich een nieuwe klant. Een jonge moeder vist de crèmekleurige jurk uit het rek en houdt hem voor zich. „Hij is prachtig!” zegt ze tegen de verkoopster. Ze wenkt haar man – met staartje, en een kind van een paar maanden op zijn arm. „Vind je het wat?” Even later komt ze uit de geïmproviseerde pasruimte naar buiten. „Hij past goed, toch?” zegt ze stralend terwijl ze voor de spiegel een rondje draait. Zij is in ieder geval verkocht. En de jurk ook.

Overigens zijn het niet alleen jongeren die met een buit naar huis gaan. Verschillende bewoners van OBG Nijmegen zijn op de drukte afgekomen en snuffelen gezellig mee in de rekken. En ook de verkopers zelf nemen een kijkje tussen de spullen van anderen. „Er zitten nog best leuke dingen bij”, zegt een vrouw met een rollator tegen een andere vrouw op leeftijd. „Inderdaad. Ik heb mijn man gevraagd om even achter mijn kraampje te gaan staan, zodat ik zelf ook nog even kan rondlopen.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 28 april 2015

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

Geen shirt van H&M, maar een jurk met een verhaal

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 28 april 2015

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

PDF Bekijken