Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Boedapest, parel aan de Donau

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Boedapest, parel aan de Donau

10 minuten leestijd

De hoofdstad van Hongarije, Boedapest, wordt wel het Parijs van het Oosten genoemd. Een levendige miljoenenmetropool waar het laagland van de poestas en de heuvels van Boeda elkaar ontmoeten. Maar ook een smeltkroes van Romeinse, christelijke, Moorse, Habsburgse en communistische invloeden. En waar het gedachtegoed van Calvijn nog tastbaar aanwezig is.

Bijna halfelf. Het wordt een prachtige dag. Op het Vörösmartyplein spuiten versteende leeuwen heerlijk koel drinkwater. Hier start over enkele minuten een toeristische oriëntatietocht, georganiseerd door Free Walking Tours.

Het woordje ”Free” heeft de betoverende betekenis van gratis. „Maar een vrijwillige gift aan het eind is uiteraard meer dan welkom”, grijnst de jonge gids in zijn welkomstwoord. „Jullie komen hier aan als individuele reizigers, maar aan het einde van onze wandeling door Boedapest nemen we als vrienden afscheid.” Dat belooft wat!

De opkomst is massaal, daarom worden de deelnemers verdeeld over verschillende gidsen. Mijn begeleidster heeft een onuitspreekbare Hongaarse naam: „Zeg maar Mary.”

Kettingbrug

Door Pest gaat het in de richting van de Donau. Aan de overzijde liggen de heuvels van het stadsdeel Boeda. Oorspronkelijk vormde deze rivier een van de grenzen van het Romeinse Rijk. Archeologische overblijfselen herinneren daar nog aan.

Tot halverwege de 19e eeuw waren Boeda en Pest volledig gescheiden door de Donau. Pas als in 1849 de Kettingbrug als eerste vaste brug wordt voltooid, komt er een einde aan die waterscheiding. Een nieuwe stad ontstaat: Boedapest. De Kettingbrug, ontworpen door de Brit William Tierney Clark, is een fraaie, ruim 300 meter lange hangbrug die steunt op twee pijlers. Met aan weerszijden vier forse stenen leeuwen die de wacht betrekken.

Vloedgolf

Verder wandelend door het laaggelegen Pest brengt gids Mary ons een paar woordjes Hongaars bij. „Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog hebben de Russen ons met veel geweld bevrijd van de Duitsers.” Mary gebaart met haar vingers om ”bevrijd” tussen aanhalingstekens te zetten. Veel gebouwen, ook in Boeda, zijn in puin geschoten. Maar daar is niets meer van te zien.

Ze vertelt ook over een andere catastrofe, een eeuw eerder: „Op 15 maart 1838 trad de Donau onverwacht buiten zijn oevers en zette Pest tot 3 meter onder water.” Mary legt uit dat na een zeer strenge winter er een grote ijsprop stroomopwaarts in de Donau was ontstaan, die het water tegenhield. Toen deze prop ging smelten en doorbrak, kwam er een vloedgolf van water op Boedapest af, die de lager gelegen delen vrijwel volledig verwoestte. „Zestigduizend mensen werden dakloos en 153 burgers verdronken.”

Als reactie werden de kaden langs de rivier flink verhoogd en de binnenstad van Pest werd een meter hoger herbouwd. „Talrijke bordjes op de muren laten nu nog zien hoe hoog de Donau toen kwam. Sommige ook met de Duitse tekst ”Wasserhöhe”, want Hongarije was onder de Habsburgse overheersing behoorlijk verduitst.”

Stefanusbasiliek

Na de vloed werden veel nieuwe, monumentale panden gebouwd. In 1851 begon men met de bouw van de St.-Stefanusbasiliek, de grootste kerk van Boedapest, die ruimte moest bieden aan 8000 kerkgangers. In 1868 ging het echter mis. Door constructiefouten stortte de koepel volledig in. Met grote vertraging kon de neorenaissancekerk in 1906 alsnog worden ingewijd.

Het resultaat mag er zijn. Alle bekende Hongaarse schilders en beeldhouwers van die tijd werkten eraan mee. De gids leest de Latijnse tekst voor die in het timpaan boven de ingang is aangebracht: ”Ego sum via veritas et vita”. Geen van de deelnemers weet de betekenis – „Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven.” Iemand vermoedt dat het een uitspraak van koning Stefanus is. Er lijkt geen interesse om er meer van te weten. Die is er wel voor de tip van Mary dat je via een wenteltrap naar het dak kunt gaan en dan beloond wordt met een fantastisch uitzicht rondom over Boedapest.

Sisi

Vanaf de 18e eeuw kwamen de Hongaren, als gevolg van een toenemend nationaal bewustzijn, een aantal keren tevergeefs in opstand tegen de Oostenrijkers. In 1867 echter kregen zij in de nieuw gevormde Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie een redelijk gelijkwaardige status. Elisabeth, de echtgenote van keizer Franz Joseph I, beter bekend als Sisi, was al keizerin van Oostenrijk, maar werd nu ook koningin van Hongarije.

Op overtuigende wijze wist Sisi de onderlinge verschillen te slechten en maakte zich erg geliefd bij de Hongaren. Daarom draagt een groot park in Pest haar naam en tooien talloze hotels zich met de naam Sisi. Ook de Elisabethbrug is naar haar genoemd (in het Hongaars heet zij Erzsébet). „Haar standbeeld kun je vinden in een parkje bij deze brug”, weet onze gids. „Er kwam ook een Franz Josephbrug, maar die hebben de communisten later omgedoopt in Vrijheidsbrug.”

Aan de overkant van de Donau is de skyline van Boeda te zien: een fraai decor met links de hoge Gellertheuvel met de Citadel en het communistische vrijheidsmonument en rechts de Burchtheuvel. „De oorspronkelijke middeleeuwse burcht is er niet meer. Wel verrees op die plek het immens grote koninklijk paleis. Daar is nu de Nationale Galerie vol Hongaarse kunstschatten in ondergebracht.”

We lopen over de groengeverfde Kettingbrug, het symbool van de vereniging van Boeda en Pest. Aan niets is meer te zien dat deze zware ijzeren constructie, met duizenden dikke klinknagels bijeengehouden, tegen het einde van de oorlog door vluchtende Duitse troepen tot ontploffing werd gebracht en in het kolkende water verdween.

We klimmen de 70 meter hoge Burchtheuvel op. Enkele oudere deelnemers gebruiken de in 1870 in bedrijf genomen funiculaire, de historische kabelbaan. Boven ontrolt zich een werkelijk fantastisch uitzicht over Boedapest. Het markante witte parlementsgebouw, beeldbepalend voor de stad, ligt aan onze voeten. „Het ontwerp is duidelijk geïnspireerd door het Londense parlementsgebouw”, zegt Mary. „De centrale, donkerrode koepel heeft een hoogte van 96 meter, net zo hoog als de koepel van de Stefanusbasiliek. Zouden kerk en wereld hier in evenwicht zijn? In ieder geval verwijst het getal 96 naar het millenniumfeest dat Hongarije in 1896 vierde.”

Ze legt uit dat het toen de duizendste verjaardag was van de verovering van het land door de voorouders van de Hongaren, de Magyaren. „Toen werd ook metrolijn M1 in gebruik genomen, de eerste van de vier metrolijnen die Boedapest rijk is, en ook de eerste op het vasteland van Europa. De lijn, nog in de oorspronkelijke staat en inmiddels geplaatst op de Werelderfgoedlijst van Unesco, brengt de reizigers naar het uitgestrekte Heldenplein rond het Millenniummonument, eveneens opgericht in 1896. Op de hoge zuil staat de aartsengel Gabriël uitgebeeld, omdat hij de paus in het jaar 1000 zou hebben geadviseerd Stefan I het koningschap over Hongarije te verlenen.” Hier stonden ook de duizenden bij de Hongaarse Opstand in 1956.

Matthiaskerk

We wandelen verder door het burchtcomplex, een kleine stad op zich, en staan plots voor de oogverblindend mooie Matthiaskerk, eveneens een van de symbolen van Boedapest. Oorspronkelijk bouwde koning Stefan I op deze plek in 1015 de gotische Onze-Lieve-Vrouwekerk. Doordat de populaire koning Matthias hier tweemaal trouwde, kreeg de kerk de naam Matthiaskerk. Na de machtsovername door de Turken werd het bedehuis in 1541 omgebouwd tot moskee. „Dat gebeurde binnen 24 uur”, zegt de gids. Pas in 1686, nadat de Turken waren verjaagd, werd het gebouw weer als kerk in ere hersteld. Hoogtepunt was hier de kroning op 8 juni 1867 van keizer Franz Joseph en de geliefde keizerin Elisabeth als koning en koningin van Hongarije.

De kerk is door de eeuwen heen vele malen verwoest, verbouwd en uitgebreid, met als resultaat een bouwkundig allegaartje. Daarom is de Matthiaskerk in 1896 weer zo veel mogelijk teruggebracht in de gotische staat van weleer. Vooral de veelkleurige mozaïeken met Zsolnaydakpannen geven de verder witte kerk een bijzonder cachet.

Gids Mary wijst ten slotte –want hier is het eindpunt van de wandeling– op het Vissersbastion net voor de Matthiaskerk. Een Walt Disneyachtig bouwwerk met leuke torentjes en doorkijkjes naar de benedenstad. En heerlijke plekjes om de inwendige mens te versterken. Wat ook wel mag na een wandeltocht van meer dan drie uur.

Dit is het eerste deel in een drieluik over Boedapest. Donderdag deel 2: Joods leven in Boedapest.


Calvijn op het Kálvin tér

Peinzend kijkt Calvijn met een Bijbel in zijn hand naar de pas gerestaureerde Templom Reformatus, de neoklassieke hervormde kerk in het hart van Pest. Zijn standbeeld staat sinds kort op het Kálvin tér, Hongaars voor Calvijnplein. De deur van de kerk is open, het orgel speelt en er klinkt een lied op de melodie van Psalm 118. Onverwacht en ontroerend.

Binnen bevindt zich een grote preekstoel, omgeven door vier forse Korinthische zuilen. Het interieur is sober, het Woord staat hier centraal.

Het godshuis dateert van 1830. Na de grote overstroming in 1838 werd de kerk herbouwd en kreeg ze haar markante toren.

Pal naast de hervormde kerk bevindt zich de Gaspar Karoli- universiteit, genoemd naar de Hongaarse vertaler van de Bijbel (de Karoli-Bijbel, vergelijkbaar met de Statenvertaling). Dr. ir. Jan van der Graaf, toenmalig secretaris van de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk, kreeg hier in 1994 een eredoctoraat aan de 150 jaar oude theologische Raday-faculteit, die in het begin van de jaren 90 werd geïntegreerd in de toen gestarte universiteit.

Nog twee Calvijnkerken

Boedapest telt nog twee andere Calvijnkerken. In het noorden van Pest staat langs de oever van de Donau de grote Dankbaarheidskerk, in de vorm van een Griekse tempel. Deze werd in 1940 in gebruik genomen. Aan het eind van de jaren dertig, in een tijd van diepe armoede, aanvaardde de gemeente dankbaar een forse startgift van de Nederlandse hervormde predikant W. Dekker, die erg met hen begaan was.

Haar eigen predikant, Albert Bereczky, was eveneens uit het goede hout gesneden. Toen Adolf Eichmann eind 1944 alle Joden in Boedapest naar Auschwitz wilde deporteren, wist deze pastor in goede samenwerking met de Zwitserse diplomaat Carl Lutz duizenden Joden te redden van de gaskamers.

De derde Calvijnkerk bevindt zich aan de overkant van de Donau, pal onder de Burchtheuvel. Dit in 1896 gebouwde godshuis heeft een bijzonder fraai uiterlijk met zijn ranke, 46 meter hoge toren en het piramidevormige dak, bedekt met veelkleurige Zsolnaytegels. Helaas blijkt de kerk vanwege restauratiewerkzaamheden niet toegankelijk.

De Ruyter

In de 16e eeuw, toen de Reformatie ook in Hongarije doorwerkte, beheersten de Habsburgers het westen van het land, terwijl in het oosten de Turken (Ottomanen) de macht uitoefenden. Anders dan de rooms-katholieke Habsburgers deden de Turken geen moeite om de protestantse Hongaren te bekeren tot –in dit geval– de islam. Mede daardoor kon in het oosten de Reformatie tot grote bloei komen. Op de grondleggende synode te Debrecen van 1567 werden de Heidelbergse Catechismus en de Tweede Helvetische Confessie als belijdenisgeschriften aangenomen.

Toen de Ottomanen eenmaal verdreven waren, maakte de Contrareformatie zich ook daar sterk. Predikanten die niet vluchtten, liepen kans tot galeislaven te worden veroordeeld. Overal in Hongarije is de naam bekend van admiraal Michiel Adriaansz. de Ruyter, die predikanten van de galeien bij Napels bevrijdde.

Pas na de uitvaardiging van het Tolerantie-edict in 1867 door keizer Josef II kwam er meer godsdienstvrijheid. Op dit moment is, ondanks de turbulente ontwikkelingen daarna, de Hongaarse Hervormde Kerk na de Rooms-Katholieke Kerk de grootste geloofsgemeenschap van Hongarije, met circa 2 miljoen leden (20 procent van de bevolking). Voor de Contrareformatie was overigens nog 80 procent van de bevolking hervormd.

Dit is het eerste deel in een drieluik over Boedapest. Donderdag deel 2: Joods leven in Boedapest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 27 juli 2015

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Boedapest, parel aan de Donau

Bekijk de hele uitgave van maandag 27 juli 2015

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken