Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een handdruk die niets betekende

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Een handdruk die niets betekende

9 minuten leestijd

Voor het eerst in maanden schudden premier Benjamin Netanyahu en de Palestijnse president Mahmud Abbas vorige week elkaar de hand. Dat gebeurde bij de begrafenis van de Israëlische staatsman Shimon Peres, die vorige week woensdag op 93-jarige leeftijd overleed. Maar de handdruk is nog geen teken van hoop.

Abbas zei tegen Netanyahu dat het lange geleden was dat ze elkaar hadden gezien. Inderdaad: ze schudden elkaar voor het laatst de hand op een klimaatconferentie in Parijs, november vorig jaar. En een bezoek van Abbas aan Israël was nog langer geleden: september 2010.

Netanyahu toonde zich formeel blij met de komst van Abbas naar Peres’ begrafenis. „Ik waardeer het heel erg, namens ons volk, en namens ons”, zei hij. Zijn vrouw Sara Netanyahu voegde eraan toe: „Ik zie ernaar uit u in ons huis te ontvangen.”

Op verzoek van de familie van Peres kreeg de Palestijnse leider een plaats op de voorste rij. Abbas nam met zijn bezoek aan Jeruzalem een risico. Het bezoek leverde hem namelijk kritiek op onder de Palestijnen. Toch kreeg hij, los van de vriendelijke woorden, geen verdere attentie van Netanyahu of andere Israëlische politici. De Amerikaanse president Barack Obama corrigeerde dat door tijdens zijn toespraak op te merken dat de presentie van de Palestijnse leider herinnert aan „de onafgemaakte zaak van vrede.”

De waarheid is dat de handdruk geen betekenis had. Netanyahu en Abbas wantrouwen elkaar diep, net zoals vele Israëliërs en Palestijnen diepe argwaan jegens elkaar koesteren. Beide partijen hebben zowel de letter als de geest geschonden van de akkoorden die ze sinds 1993 hebben gesloten.

Israël heeft met de bouw van nederzettingen aan de andere kant van de grens van vóór juni 1967 de piketpaaltjes op de grond letterlijk verplaatst. Zo blijft er steeds minder ruimte over voor de staat die de Palestijnen willen oprichten.

Bij de Israëliërs is het geloof in de ander in rook opgegaan door barbaarse terreuraanslagen en de aansporingen tot geweld in de Palestijnse media en sociale media. Ook zijn velen ervan overtuigd dat de Palestijnen om nationalistische en religieuze redenen geen staat voor Joden kunnen dulden in het Midden-Oosten.

En dan zijn de Palestijnen ook nog een keer diep verdeeld. De islamitische Hamaspartij wil dat de banier van Allah weer over heel Palestina gaat wapperen.

Bemiddelaars

Ondanks het wantrouwen heeft Netanyahu gezegd vredesbesprekingen te willen hervatten. Deze moeten volgens hem bilateraal zijn, zonder voorwaarden vooraf. Maar dat is geen reëel vertrekpunt.

Beide partijen voeren al sinds 1993 overleg, zij het met tussenpozen. Ze hebben echter bewezen er zelf niet uit te komen. Nieuw overleg zal slechts een nieuwe reeks bijeenkomsten van delegaties in afgesloten kamertjes betekenen. Daarbij zullen deze op hun standpunten blijven staan en de kloof niet kunnen en willen overbruggen. Daarom is betrokkenheid van een sterke derde partij onontbeerlijk.

Na het mislukken van het intensieve overleg tussen Israëlische en Palestijnse delegaties in 2013 en 2014 heeft de Amerikaanse regering geen nieuwe poging meer ondernomen om het vredesproces te herstarten. Maar andere partijen probeerden het afgelopen jaar het vacuüm op te vullen. De Franse regering hoopt eind dit jaar nog een vredesconferentie te organiseren. Ze zal Jeruzalem en Ramallah vragen delegaties te zenden. Afgelopen zomer zei ook de Egyptische president Abdul Fatah al-Sisi te willen helpen bij het reanimeren van het vredesoverleg.

Ook Rusland wil helpen. Het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken zei dat Israëlische en Palestijnse delegaties bereid zijn elkaar in Moskou te ontmoeten voor „gesprekken.” Op het eerste gezicht lijkt er wat voor het Russische initiatief te zeggen. Washington is druk bezig met de presidentsverkiezingen en de wisseling van de regering. Rusland heeft zijn presentie in het Midden-Oosten al versterkt. Maar de internationale reputatie van Rusland is op het ogenblik slecht door zijn houding in Oost-Europa en de oorlog in Syrië.

Netanyahu zelf lijkt vooral te voelen voor een regionaal proces. Eerst zou Israël de relaties met de gematigde soennitische landen willen verbeteren, en pas daarna zou Israël een regeling kunnen treffen met de Palestijnen. Maar dit is een doodlopende weg. Een land als Saudi-Arabië bijvoorbeeld zal geen diplomatieke betrekkingen met Israël openen als Israël geen stappen zet op het Palestijnse pad.

Supermacht

Het is al met al toch aan de Amerikanen om een hoofdrol te spelen. Dat kan in 2017 gebeuren of daarna. De VS zijn een supermacht en worden in Israël het minst gewantrouwd. De EU en Rusland kunnen een bijrol vervullen door steun te bieden aan het proces of waar nodig praktisch te helpen.

De regering-Obama heeft overigens ook nog de kans wat te doen. President Bill Clinton somde in december 2000, vlak voor zijn aftreden, ook nog zijn „parameters” op, die de contouren aangaven van een vredesoverkomst. Die hielden in dat er een Palestijnse staat zou worden gesticht op circa 95 procent van de Westelijke Jordaanoever. Palestijnen zouden ter compensatie grond krijgen in Israël.

Het plan van Clinton houdt in dat circa 80 procent van de Israëliërs in de nederzettingen zou kunnen blijven wonen. De Joodse wijken in Jeruzalem zouden bij Israël blijven, de Arabische wijken naar Palestina gaan. De Tempelberg had onder Palestijnse bestuur moeten komen, de Westelijke Muur (Klaagmuur) had bij Israël moeten blijven. De Palestijnse vluchtelingen in de verstrooiing mochten niet naar Israël, wel naar Palestina.

Zal Obama, voordat hij op 20 januari de deur van het Witte Huis achter zich dichttrekt, eveneens zijn richtlijnen bekendmaken? Of zal de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties een resolutie aannemen die de contouren aangeeft voor de oplossing van het conflict?

Van beide partijen zullen hoe dan ook pijnlijke concessies worden gevraagd. Ze zullen namelijk niet alles kunnen krijgen wat ze willen. Israël zal zich terug moeten trekken uit het grootste deel van de Westoever om daar een Palestijnse staat toe te staan. De Palestijnen zullen Israël moeten erkennen als Joodse staat, akkoord moeten gaan met demilitarisatie en af moeten zien van het recht op terugkeer voor Palestijnse vluchtelingen naar Israël.

Geen visie

Het meest waarschijnlijke scenario is echter dat de onderhandelingen helemaal niet worden hervat. Of dat ze wel zullen worden hervat, maar nergens toe leiden. Een probleem is niet alleen het gebrek aan compromisbereidheid aan beide zijden, de regering-Netanyahu heeft ook geen visie. Ze weet niet waar het allemaal heen moet.

Dat geluid werd vorige week nog eens onomwonden verwoord door een voormalig hoofd van de Mossad, Efraim Halevy. Hij zei in een interview met de krant Ha’aretz dat er geen beleid wordt ontwikkeld met betrekking tot de Palestijnse kwestie. De regering heeft alleen besloten om aan de Westoever vast te houden. Ook wil ze zorgen dat de dingen niet uit de hand lopen. „Eén ding is duidelijk: Israël heeft geen veelomvattend plan”, zei Halevy.

Aan de ene kant wil Netanyahu volgens Halevy een Groot-Israël, aan de andere kant is hij niet in staat daaraan vast te houden. Als er een uitbraak van geweld plaatsvindt, weet Netanyahu niet hoe hij daarop moet reageren. „Ons vermogen om de situatie in de hand te houden wat de veiligheid betreft, verslechtert.”


Naar een kabinet van nationale eenheid?

Het wemelde halverwege deze week van de berichten in de Israëlische media dat de Likudpartij van premier Benjamin Netanyahu coalitiebesprekingen heeft gevoerd met de leider van de Zionistische Unie, Isaac Herzog. Weinigen hechten geloof aan de ontkenningen van Herzog dat er besprekingen waren geweest.

De nieuwszender Kanaal 10 meldde dat er een belangrijke doorbraak was bereikt. In de afgelopen dagen heeft Herzog geprobeerd de Knessetleden van zijn Arbeidspartij en van Tzipi Livni’s Hatnua, die samen de Zionistische Unie vormen, ertoe te bewegen aan de regering deel te nemen.

Tzipi Livni (Kadima) zou minister van Buitenlandse Zaken worden en Herzog het hoofd van het onderhandelingsteam met de Palestijnen, vicepremier en minister van Regionale Samenwerking. Verder zou het ministerie van Cultuur en Sport naar de Arbeidspartij gaan. Dat is nu in handen van Miri Regev van Likud, die het voortdurend aan de stok heeft met de culturele elite van het land.

De krant Ha’aretz meldde dat Netanyahu zijn coalitiegenoten al heeft gepolst over coalitiedeelname van de Zionistische Unie. Deze zouden er geen bezwaar tegen hebben. Herzog kampt echter wel in eigen gelederen met zware tegenwind. Partijprominenten zoals Amir Peretz en Erel Margalit zeggen dat Netanyahu moet worden vervangen en niet gesteund. Zij hebben alle vertrouwen in de Likudleider verloren.

Dat Netanyahu uitbreiding van zijn kabinet wil is logisch. Momenteel steunt zijn coalitie op 67 van de 120 zetels. Als hij de onderhandelingen met de Palestijnen heropent, zal een aantal volksvertegenwoordigers de coalitie verlaten. Het diplomatieke proces kan voorkomen dat de Verenigde Staten een resolutie in de Veiligheidsraad van de VN steunen die de nederzettingen veroordeelt of de kaders aangeeft van een oplossing van het Israëlisch-Palestijnse conflict.

Israëlische media speculeren dat de regering van nationale eenheid na de Joodse feestdagen eind deze maand zal aantreden.


Tijdlijn vredesproces

Geschiedenis

1987-1993: Eerste intifada (Palestijnse opstand). Deze leidt tot toenemend bewustzijn dat er iets gedaan moet worden aan de Palestijnse kwestie.

September 1993: Het eerste Osloakkoord. Israël en PLO erkennen elkaar en beloven onderhandelingen over zelfbestuur.

Mei 1994: Akkoord over Palestijns zelfbestuur in Gaza en Jericho.

September 1995: Oslo II-akkoord over verdere terugtrekking van het leger uit Palestijnse bevolkingscentra.

Juli 2000: De onderhandelingen in Camp David in de VS over een permanent akkoord mislukken.

December 2000: De Amerikaanse president Clinton stelt „parameters” op die de contouren aangeven voor een vredesregeling.

2006: Hamas wint de verkiezingen. Deze Palestijnse partij eist de vernietiging van Israël.

2013-2014: Negen maanden van intensief overleg onder toezicht van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, John Kerry. Het overleg mislukt.

Mogelijk scenario’s

Eind 2016: Een Veiligheidsraadresolutie veroordeelt de nederzettingen en/of geeft in grote lijnen aan hoe een oplossing eruit moet zien.

Eind 2016-begin 2017: Een internationale conferentie in Parijs of Moskou. Deze moet de start vormen van een nieuwe overlegronde tussen Israël en de Palestijnen.

2017 of later: Een poging van de Amerikaanse regering van Hillary Clinton of Donald Trump om het vredesoverleg te hervatten.

2016 en later: Voortgaande stagnatie van het vredesproces. Palestijnen houden autonomie in hun enclaves. Golven van geweld volgen elkaar op. Groeiende steun onder Palestijnen en in het buitenland voor een eenstaatoplossing, met volledige burgerrechten voor de Palestijnen.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 8 oktober 2016

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Een handdruk die niets betekende

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 8 oktober 2016

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken